Skip to main content

...............................................................................................................

.......................................................
NIEUWS WO2
ACHTERGRONDEN
BEZETTING NL
CURIOSA VAN DE OORLOG
DOSSIER KLAAS FABER
DOSSIER MARKTPLAATS
FOTO'S
JODENVERVOLGING
LANDOORLOG
Indië
Rede van Miltenburg Indié
LUCHTOORLOG
OORLOGSDAGBOEK
OVERZICHT WO2
VANDAAG GEBEURD
ZEEOORLOG
Memobord gastenboek
Indie-45-50
marktplaats-fotos
Leestafel
marai
INDEPERS
 N I E U W S  -   W O 2  . T K 

  L  A  N  D  


O  O  R  L  O  G







 V E R V O L G     V A N    V O O R P A G I N A  




Boek over zwarte doodgraver van Margaraven verschijnt 5 oktober



MARGRATEN, 26-09-2014 - 70 jaar geleden – op 10 november – werd in Margraten de eerste Amerikaanse soldaat begraven. Over de zwarte doodgravers die dat werk deden verschijnt op 5 oktober nu een Nederlands boek: Van Alabama naar Margraten.



Foto rechts: Higgins ontvangt na een plechtigheid de Amerkaanse vlag opde erebegraafplaats Margarten in 2009.


Auteur is Mieke Kirkels, die één van de doodgravers, de zwarte sergeant Jefferson Wiggins bezocht en interviewde.


Higgins, aanvankelijk een analfabeet die nooit zijn school had afgemaakt omdat zijn vader een arme boerenknecht was,  had intussen een baan als professor geworden.


MiekeKirkels is projectleider van “Akkers van Margraten” en heeft in die functie de na-oorlogse geschiedenis van de gemeente cadierenKeer,waarin Margartenligt, op bijzondere wijze leren kennen.  Met veel ooggetuigen van de aanleg van de Amerikaanse begraafplaats heeft zij gesprekken kunnen voeren.


Het geweld van de oorlog de duizenden doden maakten grote indruk op Wiggins, vertelde hij al in 2010 aan de Nederlandse journalist Remco Reiding. ,,Ongeveer 260 brothers in arms kwamen in een dorp terecht, een dorp waar geen van ons ooit van had gehoord. Wij waren 19-jarige boerenjongens, die nooit verder waren geweest dan drie, vier mijl van de katoenvelden van Alabama. Ik had in mijn leven maar één dode gezien: mijn zus die op 11-jarige leeftijd was gestorven.’’

Jefferson Wiggins, een 19-jarige zwarte sergeant uit Alabama, begroef duizenden doden begroef hij, allemaal blank. Toen de oorlog voorbij was en de strijd voor vrijheid en gelijkheid in Europa was beslecht, keerde Wiggins terug naar Alabama, waar hij als neger weer achterin de bus moest zitten.

Foto rechts: Jefferson Wiggins in 1942, voorste rij derde van rechts.


Het verhaal van Wiggins schenkt ook meer aandacht aan de rol van de 900.000 zwarte Amerikanen bij de bevrijding van Europa, de rassenscheiding in het Amerikaanse leger en de positieve invloed van de oorlog op het zelfbewustzijn van de Afro-Amerikaanse gemeenschap.


Zo bestonden er succesvolle afdelingen van de luchtmacht, bekend als de Tuskegee Airmen, oftewel  332nd Fighter Group en de 477th Bombardment Group van de United States Army Air Forces(USAAF). De naam werd ontleend aan de plaats van het vliegveld, Tuskegee in de gesegregeerde staat Alabama, waar ook een zwarte universiteit was. In die staat werd ook Higgins geboren.
http://en.wikipedia.org/wiki/Tuskegee_Airmen

Op 5 november wordt het boek in het provinciehuis van Limburg in Maastricht gepresenteerd. Voor de presentatie komt de  weduwe van Wiggins naar Nederland. Ook de Amerikaanse ambassadeur geeft acte de présence. Namens de Stichting Russisch Ereveld is Remco Reiding aanwezig. Wiggins zelf kwam op 9 januari 2013 te overlijden. Het boek is te bestellen via http://www.vanalabamanaarmargraten.nl. Wie er snel bij is, ontvangt het voor 18,50 euro plus 3,75 euro verzendkosten. Na 1 november bedraagt de prijs 19,95.









Lage onderscheiding voor vermoorde Ambonnese verzetsman Hukom



EDE - 8-011-2013 - UPDATE 9-11-2013 - Een Nederlands militair en verzetsstrijder uit Sumatra is eindelijk geëerd, maar met een lage onderscheiding. Burgemeester Cees van der Knaap van de gemeente Ede reikte maandag 4 november 2013 het Mobilisatie-Oorlogskruis uit aan zijn dichters, mevrouw Irene G.C. Westerik-Hukom en mevrouw. Edith E.S. Schenke-Hukom.


Zij namen de postuum toegekende eervolle onderscheiding in ontvangst namens hun vader Sgt 1ste klasse Inf. van het Koninklijk Nederlands Indische Leger (KNIL) en moedig verzetsstrijder Frits (Ventje) Segfried Gustaaf Hukom. Het kruis is een vrij lage onderscheiding voor een militair die door de vijand na executie geëxecuteerd is..




Frits (Ventje) Sefried Gustaaf Hukom was tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederlands- Indië betrokken bij het verzet  tegen de Japanse bezetting op o.a. Sumatra.

Eind 1942 werd hij door verraad door de Kempétai ( Japanse Mil. Politie) in zijn woning te Padang (Sumatra’s Westkust) gevangengenomen.

De familie heeft hem daarna nooit meer teruggezien.Sgt. I Frits Hukom, had deel uitgemaakt van de  zg. “Sluippatrouille” behorende tot de verzetsorganisatie “de Rode zakdoek” (Sapu Tangan Merah), die werd geleid door wijlen Sgt. I  J.A. Pattinama.

Na onmenselijke folteringen te hebben ondergaan, werd Sgt. I Frits Hukom, te samen met o.m. Sgt. I  Koos Pattinama naar Singapore overgebracht en aldaar in april 1943 geëxecuteerd.


Na voordracht en bemiddeling van luitenant-kolonel b.d. Jac. Z. Brijl heeft het ministerie van Defensie alsnog het kruis toegekend aan de moedige sgt. I Frits Hukom. Het bijbehorend certificaat herinnert aan zijn verzetsstrijd.

Het verzet in Indonesië was aanzienlijk gevaarlijker dan in Nederland, omdat de Japanners verzetsmensen vrijwel altijd vermoordden, ongeacht hun de omvang of de reikwijdte van activiteiten. Er zijn niet alleen diverse mannen onthoofd, maar ook vrouwen.

Volgens de auteur S.A. Lapré in zijn boek 'Nederlands Indië 1940-1950 in kort bestek' waren daar naar schatting 25.000 verzetsmensen: Van hen
zijn 10.000 gesneuveld bij schermutselingen, ter plaatse vermoord of vermoord na gevangenname; 15.000 leden van het verzet werden gevangengenomen door de Japanse Kempeitai; van deze 15.000 overleden 7.000 tijdens verhoren; 5.000 werden geëxecuteerd (meestal: onthoofd); 3.000 werden veroordeeld tot gevangenisstraf; van deze 3.000 in gevangenschap overleden 2.000 in de gevangenis; uiteindelijk overleefden slechts  1.000 de oorlog. Dat was 1 op de 25.

Deze onderscheiding kan nog steeds worden toegekend, maar volgens Brijl weten weinig oudgedienden dit. De criteria van deze ondwerscheiding zijn  intussen aangepast, zodat het kruis ook uitgereikt kan worden aan verzetsmensen uit Indië.


In een toelichting zegt overste Brijl dat soldaat Hukom inderdaad een hogere onderscheiding had verdiend, gezien zijn inzet en zijn onthoofding. Maar voor het toekennen van tenminste  het Verzetsherdenkingskruis, het Verzetskruis, het Bronzen Kruis of de Militairfe Willemsorde zijn levende getuigen nodig. Overste Brijl wijst erop, dat het voor de nabestaanden vooral gaat om eerherstel en het inlossen van een ereschuld. Voor hen is de exacte naam van de onderschediing minder belangrijk.


Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de Ambonnese sergeant I Frits Hukom in Nederlands-Indië betrokken bij het verzet tegen de Japanse bezetting op onder meer Sumatra.  Op het bijbehorende Certificaat wordt verder melding gemaakt van zijn belangrijke rol in de verzetstrijd op Sumatra.




UPDATE 9-11-2013 Overigens was de vader van Frits, Sgt 1e klasse Infanterie KNIL Semuel Hukom, drager van de Militaire Willemsorde, zo meldt de website Museum Maluku.. Toen Semuel Hukom nog Ambonees Fuselier was bij het KNIL te Atjeh, werd aan hem op 3 juni 1901, bij Koninklijk Besluit  no. 126 de Militaire Willemsorde 4de klasse (Ridder) toegekend voor zijn moedig optreden in het jaar 1900 te  Atjeh. De acties van het koloniale leger daar richtten zich o.m. tegen de burgerbevolking, zoals bleek uit de brieven van Hendrik Colijn de latere premier die daar in die tijd ook diende..






Bevrijdingsmuseum Zeeland

verwerft unieke amfibische Buffalo -

enige in Nederland



NIEUWDORP, 4-11-2013 - Het Bevrijdingsmuseum Zeeland in Nieuwdorp heeft een voor Nederland volkomen uniek oorlogsvoertuig verworven, dat voor Zeeland een belangrijke rol speelde.


Foto rechts: de Buffalo bij aankomst in Vlissingen.Optisch is hij in goede staat.


Het gaat om de Buffalo, een 17 ton wegend amfibievoertuig op rupsbanden dat o.m. werd gebruikt bij de geallieerde landing op Walcheren.


Volgens historicus Hans Sakkers zou de cruciale Slag om de Schelde voor de toegang tot Antwerpen veel langer geduurd hebben zonder deze voertuigen. Dit is het eerste exemplaar dat in Nederland komt sinds de oorlog.

Het voertuig werd in oktober-november 1944 vrijwel uitslutiend gebruikt tijdens de Slag om de Schelde. Walcheren stond onder water, en dit was het enige voertuig dat zonder problemen van land naar water en omgekeerd kon.

De investering wil het museum nog niet bekend maken, maar het gaat om een zeer zeldzaam voertuig in redelijke staat en dat kan al gauw 50.000 euro kosten. Een van de hoofdsponsoren is Gerard Valkier.

Deze Buffalo, van het type LVT-4, was tot voor enkele jaren nog in rijdende staat en komt van het museum For Freedom in Knokke in België.


Foto links: de rupsbanden van de Buffalo, met de aparte gegolfde flappen voor de voortstuwing in het water.


Het museum bezit al een Engelse documentatieset van de Buffalo en er is ook een extra motor plus versnellingsbak bij geleverd, plus enkele andere onderdelen en benodigdheden.

De Buffalo zal plaats krijgen in de nieuw te bouwen expositiehal van het bevrijdingsmuseum. Die vormt een onderdeel van het nieuwe Bevrijdingspark, de uitbreiding waarmee het museum nu bezig is.


Het voertuig begon donderdag aan zijn reis uit België en naar Vlissingen, waar het opgeslagen is.

Het voertuig was in het Amerikaanse leger bekend als 'Landing Vehicle Tracked', LVT. Het is 8 m lang bij 3,25 breed en 2,50 hoog, en daarmee op een geschutskoepel na ruwweg even groot als een doorsnee tank. Er konden 18 man en een jeep in en de bewapening was meestal met 2 machinegeweren.

Enkele versies hadden ook een landingsklep aan de achterzijde. Er zijn er bijna 19.000 van gebouwd, die vooral bij de eindeloze campagne op eilanden in de Pacific inzet hadden, zoals bij het beroemde Iwo Jima.


Foto links: de Buffoes op het strand van Walcheren in oktober-november 1944, tijdens de zware Slag om de Scheldt. Daar bleken ze vrijwel onmisbaar.


De Buffaloes werden ook wel aangeduid als 'amtanks' - amfibische tanks. Kenmerkend is dat aan de rupsbanden regelmatig geplaatste kleine dwarsflappen zitten, die voor de voortstuwing in het water zorgen.

De rol van de Buffalo in Zeeland is volgens het museum niet te onderschatten, omdat wegens de grote inundaties de toegang voor andere voertuigen, inclusief tanks, uiterst moeilijk was. In lopende staat kosten deze voertuigen rond 100.000.


Volgens Kees Traas van het Bevrijdingsmuseum zijn ze in Zeeland op 5 plaatsen ingezet, en bovendien nog in Wesel bij Nijmegen. Er zijn er in 100 in Zeeland gebruikt. Het museum zou nog graag een amfische jeep oftewel GPA willen hebben, om zo compleet mogelijk beeld van de oorlog in Zeeland te bieden.


Een ander amfibisch rupsvoertuig, de kleinere Amerikaanse Weasel, is al in het bezit van het museum en zal worden uitgeleend voor de expositie 'De oorlog in 100 voorwerpen' die volgend voorjaar in de Kunsthal staat.

Er bestaan er nog maar weinig van waardoor Buffalo's gewilde objecten voor musea zijn. Dankzij een sponsoractie heeft Traas de Buffalo kunnen aankopen.


Foto rechts: een brencarrier past net nog in een Buffalo. Deze foto is van de vorige eigenaar, het For Freedom-museum in Knokke.


De Buffalo wordt nu gerestaureerd en het publiek kan hem nog niet bezichtigen. In mei 2015, 70 jaar na de bevrijding, komt hij in de expusitie in het Bevrijdingspark in Nieuwdorp, dat dan wordt geopend.

Over enkele weken komt de genie van de Landmacht bij wijze van oefening het nieuwe terrein van het Bevrijdingsmuseum klaarmaken. Dat zal 6 weken in beslag nemen.









Laatste onbekende Poolse soldaat

in Breda geïdentificeerd



door Eddy Kokelenberg
BREDA, 15-10-2013 - Een als "onbekende" begraven soldaat op het Pools militair ereveld in Breda is geïdentificeerd. Na bijna 70 jaar blijkt dat het  Edward (Eddy) Jerzy Cieslar (uitspr: Tsjeslar) is. Hij was 18-jaar toen hij stierf en werkte toen in een Nederlandse verzetsgroep.


Foto rechts: Cieslar in Duits uniform. Hij had eerste bij de Lufwaffe gediend, deserteerde en werd verzetsstrijder in Nederland.

De hervonden Cieslar krijgt op 27 oktober speciale aandacht tijdens de jaarlijkse herdenking van de bevrijding van Breda, die door de Polen geschiedde.

Historicus Jos van Alphen (81) uit Dorst heeft zijn naam gevonden. Hij zocht 30 jaar zocht naar de naam van de laatste onbekende soldaat op dit Poolse ereveld in Breda. Mede dankzij de Gelderse heemkundige Jan Oonk kon hij de naam van de Pool terugvinden. Daar zat ook een opvallende geschiedenis aan vast.

Heel bijzonder
"Ik had nooit verwacht dat ik dit nog zou oplossen. Het is echt bijzonder dat dit is gelukt'', aldus Van Alphen tegen Omroep Brabant.Edward Cieslar werd in 1926 geboren in de Poolse provincie Silezië, die door de Duitsers geannexeerd was.


Als 13-jarige halen de nazi-Duitsers hem uit zijn school als dwangarbeider in Duitsland. De Duitsers maakten er een regel van, zolveel mogelijk Polen in te schakelen in hun eigen economie. Toen hij oud genoeg was, werd hij ingelijfd bij de Fallschirm Panzer Divison 1 Hermann Göring van de Luftwaffe en kwam terecht op de Kromhout kazerne in Utrecht.

dat zinde hem slecht, zo blijkt uit een toelichting van van Aalphen. Daarom deserteerde Cieslar eind mei 1944 met zijn dienstmaat Mateus Lorenzini uit het Duitse leger. Ze deden dat met enige bravoure, door open en bloot in uniform en gewapend het terrein van de kazerne af te lopen. Al een week later vingen de bezetters hen weer en werden de twee deserteurs ter dood veroordeeld. Opnieuw kondnen ze ontkomen, nu natuurlijk nog gemotiveerder dan eerst. En ook deze maal grepen de Duitsers hen opnieuw, maar konden ze toch weer ontsnappen.

Onderduiken was de enige optie, maar dat moet niet simpel geweest zijn om een adres te vinden en de Nederlanders van hun goede bedoelingen te overtuigen. Helaas is onbekend hoe hem dat gelukt is. De twee sluiten zich aan bij een verzetsgroep van Jan van den Broek uit Voorthuizen. Bekend als ze zijn met de militaire situatie, stelen ze enkele keren wapens en munitie uit hun voormalige kazerne in Utrecht. Daarmee bezorgen ze hun verzetsgroep niet alleen hun eerste wapens, maar ook een bewijs van vertrouwen.

Maar het bleef riskant. Cieslar trekt zich terug en duikt onder bij boer Jan Holkenborg in het Achterhoekse Mariënvelde. Een dochter des huizes, destijds 10 jaar, herinnert zich hem.

Maar tegen het eind avnd e oorllgolieop het fout. Cierlar werd verraden en gedood op het erf van boer Holkenborg. Die heeft nooit zijn echte naam gehoord, en daarom wordt Cielsar als 'onbekende Pool' begraven in Ruurlo en in 1962  als 'onbekende soldaat' op het Poolse ereveld in Breda. Zijn Poolse achtergrond was gelukkig wel duideljk geworden.






Airborne Museum start project Airborne Memories

OOSTERBEEK, 18-04-2013 - Zaterdag 4 en zondag 5 mei starten het verhalenproject ‘Airborne Memories’, de innovatieve Verhalensecretaire en een geheel vernieuwde website van het Airborne Museum Hartenstein in Oosterbeek.

Ook dit jaar staan de inwoners van Oosterbeek en hun verhalen over de Slag om Arnhem weer centraal in de Verhalenstoel.

Het verhalenproject gaat uit van burgerparticipatie waarin het museum nauw samenwerkt met Welzijnsorganisatie Solidez in Oosterbeek en omgeving. Vrijwilligers interviewen medebewoners over hun ervaringen tijdens en na de evacuaties in 1944. Meer dan 150.000 mensen moesten huis en haard verlaten in Anrhem en omgeving.

Dit project wordt mede mogelijk gemaakt door de gemeente Renkum (Ooserbeek). Het verhalenproject vormt mede de basis voor de tijdelijke tentoonstelling Airborne Memories – van huis en haard die in april 2014 wordt geopend.

Op zaterdag 4 mei vindt van 12:00-12:30 uur de feestelijke opening plaats. Er komt ook een nieuwe website, die ook een platform wordt burgers. Naast de eerder interviews worden ook verhalen en herinneringen van burgers aan de evacuatie na de Slag om Arnhem hier geplaatst.Het platform is volgens het museum voor iedereen.

In de zg. ' Hall of Fame'  kunnen bezoekers luisteren naar de verhalen van de gasten die in de nieuwe Verhalenstoel plaatsnemen. Tevens is er gelegenheid om uw eigen verhaal en herinnering aan de Slag om Arnhem en de evacuaties in de nieuwe Verhalensecretaire in te voeren. Er zijn geen extra kosten aan het programma verbonden, bezoekers betalen alleen de reguliere entreeprijs.





20e editie van Bussum Bridgehead start 10 mei


BUSSUM, 05-04-2013 - De Bussumse Stichting Militair Depot organiseert dit jaar de 20e editie van het vrijheidseve- nement “Bussum Bridgehead”, een evenement met landelijke bekendheid en internationale deelname. Het evenement vindt plaats op 10, 11 en 12 mei.


Foto rechts: een als Candese soldaat uigedoste liefhebber bij een geschutstrekker. Foto Bussum Bridgehead.


Het bestuur van de Stichting Militair Depot zal optreden als “Camp Staff Netherlands District” en zal wederom het oudste deel van het terrein van de vm. legerplaats Crailo omvormen tot een geallieerd doorgangskamp in het zojuist bevrijde Nederland in 1945.


De naoorlogse eenheden en displays zullen worden onder- gebracht in het modernere gedeelte van het oefendorp.


Op vrijdag 10 mei vindt de Veteranendag van zes gemeenten, Bussum, Naarden, Huizen, Muiden, Wijdemeren en Weesp,  op het terrein plaats. Een introductie tot de veteranendag door de burgemeesters is hier te vinden.  De zaterdag daarna wordt de traditionele vrijheidstocht met militair-historische voertuigen door de regio gereden. Op zondag 12 mei is Camp Bridgehead voor het publiek geopend. Bridgehead beslaat de periode van 1940 tot 1997.


Daarnaast worden er demon- straties gegeven en wordt er soep gemaakt in de veldkeuken. Ook vinden er optredens plaats van entertainers, zoals Paul en Natasha Harper, Big Band Blow en de Seaforth Highlanders of Holland Memorial Pipes and Drums.


Foto rechts:

een Chevrolet-vrachtwagen ion Bussum tijdens |Bridgehead rondrit in het centrum 2009.


Historische voertuigen zijn beschikbaar om een ritje over het terrein te maken, een messtent verzorgt drankjes en snacks en er is een historische NAAFI-kantinewagen, die koffie en thee schenkt. Bijzonder is een “roadblock”, een door- gangspost, zoals de UNIFIL-soldaten die in Libanon bouwden.

Deelnemers

De deelnemers zijn de leden van een groot aantal re-enact- ment verenigingen uit binnen- en buitenland. Re-enactment is een van de meest effectieve manieren om de militaire geschiedenis van Nederland en de geallieerden weer te geven.


Binnen dat kader krijgen onder meer de Tweede Wereldoorlog, Nederlands-Indië, de missies in Korea, Libanon en het voormalige Joegoslavië een voor veteranen en publiek herkenbare plaats. Op het oefenterrein Crailo worden langs een tijdlijn de diverse perioden belicht. Ruim 200 deelnemers met ruim 60 historische voertuigen en veel ander materiaal laten zien hoe het in “hun” periode was. Historische juistheid en kwaliteit staan daarbij hoog in het vaandel. De Koninklijke Landmacht en diverse militaire musea stellen materieel beschikbaar.


Bussum Bridgehead, een van de grootste historisch-militaire evenement van Nederland, zoekt nog sponsors. Neem dan contact met op. Enige informatie over sponsoring vindt u hier. De sponsors vindt u hier.





Duitse lintjes voor drie Nederlandse militairen

DEN HAAG, 02-04-2013 (NAGEKOMEN) - Drie Nederlandse militairen hebben Duitse onderscheidingen ontvangen voor hun werk bij het opsporen en idetificeren van Duitse soldaten uit WO2.

 Geert Jonker, Patric van Aalderen en Els Schiltmans, waren op 20 maart 2013  bij een ontvangst bij de Duitse ambassadeur in Den Haag. Deze drie soldaten vormen de eenheid Bergings- en Identificatiedienst van de Koninklijke Landmacht (BIDKL) in Soesterberg.

Foto rechts: Onderscheiding voor (v. links) adjudant-onderofficier Geert Jonker, sergeant-majoor Patric van Aalderen en sergeant der 1. klasse Els Schiltmans
(© Ambassade/Wandelt)


Zij ontvingen zij uit handen van de Duitse defensie-attaché een onderscheiding van de Bundeswehr. Het hoofd van de eenheid, adjudant-onderofficier Geert Jonker, kreeg het Erekruis van de Bundeswehr in Brons, sergeant-majoor Patric van Aalderen en sergeant der 1e klasse Els Schiltmans ontvingen beide de Eremedaille van de Bundeswehr.

In opdracht van de Duitse minister van Defensie Thomas de Maizière eerde luitenant-kolonel Joachim Schmidt hiermee het uitstekende werk van deze drie soldaten die zich al jarenlang bekommeren om het bergen en identificeren van stoffelijke resten van bij toeval in ongemarkeerde graven in Nederland aangetroffen gevallenen uit de Tweede Wereldoorlog.Luitenant-kolonel Schmidt benadrukte in zijn laudatio dat met het eren van de drie soldaten tevens dank wordt betuigd aan het Nederlandse leger, omdat ondanks de grote bezuinigingen wordt vastgehouden aan het voortbestaan van deze belangrijke eenheid en daarmee aan deze intens humanitaire taak.

Aan de ceremonie namen naast vertegenwoordigers van het Nederlandse ministerie van Defensie en het Commando Landstrijdkrachten ook een grote delegatie van het Opleidings- en trainingscentrum Logistiek (OTC) uit Soesterberg deel, de instantie waaronder het BIDKL valt. Defensie-attachés uit de VS en Groot-Brittannië, het beheerder-echtpaar Voigt van het Duitse soldatenkerkhof Ysselsteyn en Hans-Hermann Söchtig, het hoofd van de Deutsche Dienststelle, de voormalige Wehrmachtsauskunftsstelle uit Berlijn, waren eveneens te gast. Als verrassing had de commandant van OTC Logistiek, overste Henny Bouwman, ook familieleden van de drie soldaten meegebracht.

De laudatio voor de drie soldaten vindt u hier:

Laudatio [pdf, 129.04k]






Grootste kanon uit Engeland op reis naar Spoorwegmuseum

UTRECHT, 26-03-2013 - Het grootste kanon uit Engeland, een zg. houwitser van 17 m lang, reist momenteel per vrachtwagen naar het Spoorwegmuseum. Het gevaarte weegt 200 ton en diende in de oorlog als kustverdediging. Het  kan 20 km ver schieten en is gebouwd in 1920, zo meldt het Britse ministerie van Defensie.

In de Britse kazerne ‘Camp Larkhill’ bij Stone Henge en het grootste Britse schietkamp, Salisbury Plains, startte maandag het opladen van deze L1 houwitser. Het geschut was gemonteerd op een spoorwegwagon met 32 wielen. Naar verwachting arriveert dit enorme geschut dinsdagavond per vrachtwagen bij het Spoorwegmuseum en wordt woensdag op zijn plek in een nieuwe tentoonstelling over spoorwegen en oorlog getakeld.


De houwitser is een kanon dat in een boog over verdediging heen schiet. Dit kanon vormt het pronkstuk van de tentoonstelling ‘Sporen naar het front’. Deze zal aanstaande zaterdag 30 maart 2013 feestelijk worden geopend met een dag vol activiteiten.

De L1 Houwitser is het zwaarste kaliber (18 inch, 46 cm) spoorweggeschut ter wereld dat nog bewaard is gebleven. In totaal zijn er 5 kanonnen van dit type gebouwd. Het wapen was niet op tijd klaar  voor de Eerste Wereldoorlog en werd daarom opgeslagen.

Pas in 1921 werd het  kanon tevoorschijn gehaald voor proefschieten. Om dergelijk groot geschut te verplaatsen waren er treinonderstellen nodig. De meeste van deze kanonnen werden geplaatst op onderstellen uit de Eerste Wereldoorlog.

Na de Duitse inval in van Frankrijk werd al het verplaatsbare geschut in Engeland in gereedheid gebracht om de Britse kust te beschermen tegen een Duitse invasie. Daar sto0nd dit kanon tot 1943.


Uiteindelijk werden de kanonnen nooit voor dit doel gebruikt.In de jaren 60 belandden ze uiteindelijk op de schroothoop. De L1 bleef bewaard en is nog enkele malen voor oefeningen gebruikt. De L1 Houwitser is een bruikleen van het Royal Artillery Historical Trust in Groot-Brittannië. Het kanon stond opgesteld op het grootste Britse artilleriekamp.

Sporen naar het front
In het kader van 300 jaar Vrede van Utrecht organiseert het Spoorwegmuseum vanaf 340 maart 2013 de tentoonstelling ‘Sporen naar het front’. De tentoonstelling toont de invloed de spoorwegen hadden op de manier van oorlogsvoeren en hoe de verschillende treinen werden ingezet bij gewapende conflicten.

Over de rol die de spoorwegen speelden bij de ontwikkeling van steden, economie en mobiliteit is veel geschreven. Dat de spoorwegen ook een revolutie in de oorlogsvoering veroorzaakten, is minder bekend.

In WO2 speelden de Nederlandse, Duitse, Sowjetrussische en vooral de Amerikaanse en Canadese spoorwegen weinig bekende hoofdrollen. De VS had nooit een rol van betekenis in de oorlog kunnen spelen zonder inzet van zijn uitgebreide spoorwegnet en het bijbehorend materieel; voor de Sowjet-Unie gold hetzelfde. Dit land kreeg o.m. locomotieven uit de VS.

Veldslagen tussen vijandelijke legers konden door de aanvoer van manschappen, wapens en voedsel veel langer duren dan in de eeuwen ervoor, zich op meerdere fronten tegelijk afspelen en een grootschaliger karakter krijgen.

Sporen naar het front’ bestaat uit een groot aantal (internationale) bruiklenen, waaronder oorlogslocomotieven, legertreinen en ander oorlogsmaterieel.

Zaterdag 30 maart organiseert Het Spoorwegmuseum een speciale openingsdag met tal van activiteiten. Binnen speelt het Fanfarekorps der Genie, op het buitenterrein zorgen re-enacment groepen voor verschillende historische demonstraties.Daarbij is ook het materieel van de groep ‘Keep them rolling’ present, die voertuigen uit WO2 in rijdende staat houdt. Om 14.00 uur zullen de groep de  ‘Vestingschutters’ zorgen voor een passend openingsmoment. Het Spoorwegmuseum is geopend van 10.00 tot 17.00 uur, iedereen is welkom. Er gelden normale entreetarieven.





Het kanon in het Spoorwegmuseum. Een dummygranaat van 1200 kg ligt eronder. Foto A. Graaff.





Spoorwegmuseum: een Duitse stoomlok uit de oorlogsserie 52; op de wagen een Amerikaanse Sherman-tank. Foto A. Graaff





De Duitse lok uit de oorlogsserie52, nu bezit van de Veluwse Stoomtrein Maatschappij. Foto A. Graaff.





Hetd rijfwerk van de Duitse lok uit de oorlogsserie5 2. Foto A. Graaff.







Rusland herdenkt 70 jaar cruciale overwinning

op nazi's bij Stalingrad


STALINGRAD, 2-02-2013 - Zaterdag zal het 70 jaar geleden dat de Duitsers officieel capituleerden in Stalingrad, de stad waar zij zes maanden om vochten. Deze slag in het zuidwest-Rusland vormde een keerpunt in de Tweede Wereldoorlog. Gisteren is de slag nagespeeld door acteurs. In deze slag werd in feite de oorlog gewonnen.

Zaterdag start president Poetin de officiële viering in de stad, nu Wolgograd geheten. Voor de feestelijkheden noemen de Russen de stad weer enkele dagen Heldenstad Stalingrad. Er zullen nog 900 Sowjet-veteranen uit 1942 en 1943 aan de opening deelnemen. In Rusland is de verering van veteranen belangrijk.

Foto rechts: de Duitse veldmaarschalk Paulus, verliezer van de Slag om Stalingrad

De Russische staat geeft ook een cadeautje: de veteranen en toenmalige inwoners , de 'Kinderen van Stalingrad', krijgen 5000 roebel (ongeveer 125 euro) voor hun dienst. De herdenking van de slag geschiedt met wetenschappelijke conferenties, lezingen van historici en kunstfestivals. Behalve in Stalingrad vinden ook vieringen plaats in Moskou en Sint-Petersburg.

In juli 1942 vielen de nazi's met een leger van 250.000 man de belangrijke industriestad Stalingrad aan, daarbij geholpen door 140.000 Roemenen, 220.000 Italianen en 200.00 Hongaren. De slag werd gewonnen door de overmacht van de Sowjets:


  •     1,4 miljoen Sowjet-soldaten tegenover 900.000 Duitse-Asmogenheden,
  •     900 Sowjet-tanks tegenover 130 Duitse,
  •     1.500 vliegtuigen tegenover ruim 700 Duitse.


Foto links: de slag nagespeeld. De Duisters geven zich over - foto dd. 2 februari 2013.


Hoewel de Duitsers en hun bondgenoten grote delen van de stad veroverden, hield het Rode Leger stand, mede op uitdrukkelijk direkte orders van Stalin. De Sowjets begonnen onder maarschalk Chuikov (Russich Чуйко́в, ook wel gespeld als Tsjoejkov, niet te verwarren met Zuikov of Zjoekov) een groot tegenoffensief  en heroverden de stad.


Op het slagveld stierven zeker 1,7 miljoen militairen, en een enorm Duits leger onder veldmaarschalk Paulus gaf zich met hem over. De slag staat te boek als een van de bloedigste uit de moderne oorlogsgeschiedenis. Het was ook een belangrijke veldslag, na de capitulatie boekten de Duitsers geen overwinningen meer  aan het Oostfront. De Sowjet-Unie kon de weg naar Berlijn inslaan.

De Sowjets noemnde de omsingeling van het Duitse 6de leger onder veldmaarschalk Paulus de Operatie Ur-anus (Russisch: Операция Уран; Operatsija Oeran) . Deze begon op 19 november 1942 en eindigde op 23 november 1942. De Duitse legers werden in november 1942 ingesloten bij Stalingrad.


Foto links: maarschalk Tsjoeikov, overwinnaar van Stalingrad.


Hitler had veldmaarschalk Paulus op de dag vóór z'n overgave nog tot veldmaarschalk bevorderd, in de wetenschap dat een Duitse veldmaarschalk zich nog nooit aan de vijand had overgegeven maar eerder zelfmoord zou plegen of zou vechten tot het bittere eind, zoals Hitler wilde.


Uiteindelijk capituleerde Paulus op 31 januari 1943, hoewel  Hitler het hem verschillende keren had verboden om om dat te doen. Het Duitse leger van Paulus moest zich uiteindelijk overgeven. De strijd had volgens Paulus 400.000 Duitse soldaten het leven gekost.

Onder het bewind van Nikita Chroetsjov werd de naam Stalingrad in 1961 veranderd in Wolgograd, naar de rivier waaraan de stad ligt. Chroetsjov bekritiseerde de dictatuur van Stalin en beschuldigde hem van zware misdaden, waaronder het vermoorden van duizendne vermeende tegenstanders. Het hernoemen van de stad Stalingrad was onderdeel van zijn 'destalinisatiebeleid'. Woensdag ontving de Russiche regering een petitie om de stad opnieuw naar Stalin te vernoemen met 50.000 handtekeningen.

Te beginnen op zaterdag zitten er op de bussen van het openbaar vervoer portretten van Josef Stalin in Wolgograd, Sint-Petersburg en Tsjita. Het initiatief is controversieel, sommige Russen menen dat de massamoordenaar Stalin geen publiek podium mag krijgen, omdat hij tijdens zijn schrikbewind honderdduizenden mensen liet vermoorden of naar het grootste systeem van concentratiekampen ter wereld stuurde, de Goelags. 

Als moordzuchtig dictator leidde hij de Sowjet-Unie het het Rode Leger ten tijde van de Tweede Wereldoorlog. Het was Sowjetsoldaten verboden zich terug te trekken en speciaal daarvoor opereerden direkt achter het front overal eenheden die vluchtende soldaten moesten executeren. De Sowjet-Unie was het echter, die de Duisters versloeg en de geallieerden - waartoe de Sowjet-Unie behoorde - de overwinning bezorgde. Dat kostte de Sowjet-Unie 20 miljoen doden, maar dan welk land dan ook.


Foto onder: op 2 februari 1943 zwaait een Sowjet-soldaat met een vlag om de overwinning te vieren.










Eerste platformbijeenkomst Grebbelinie druk bezocht



RENSWOUDE, 29-01-2013 - Afgelopen vrijdagmiddag was de eerste bijeenkomst van het Platform Grebbelinie. Dagvoorzitter burgemeester van Bunschoten Melis van der Groep riep de volle zaal met ondernemers, vrijwilligers, bestuurders en bewoners op tot samenwerking en co-creatie op de Grebbelinie.


‘Wij zijn samen met u het Platform Grebbelinie’ benadrukte Van de Groep ‘Door samen in gesprek te gaan ontstaan de beste ideeën en nieuwe projecten!’

Vervolgens bezocht de groep het verdedigingswerk aan de Engelaar aangelegd in 1799. Daarna kwam de opening van het onlangs herstelde en vernieuwde verdedigingswerk Fort Daatselaar (ill. rechts).


Dat vormde het startsein voor een nieuwe periode waarin het platform zoekt naar meer mogelijkheden  herstel en beheer in de Grebbelinie, zo meldt Projectbureau Vallei & Heuvelrug.


Mevrouw Pennarts stipte aan dat dit project precies viel in de visie van de provincie Utrecht namelijk het verbinden, vernieuwen en versterken van het landelijk gebied. Daarbij sprak ze haar waardering uit voor de betrokkenheid van zoveel mensen en organisaties die in de Grebbelinie actief zijn.

Neutel benadrukte dat de totstandkoming van dit sleutelproject een voorbeeld was van co-creatie op de Grebbelinie. Bovendien heeft het geleid tot een betere natuurlijke balans.


Op en rond het fort is nu bijzondere flora en fauna te vinden. Burgemeester Dekker vertelde trots dat Fort Daatselaar nu zichtbaarder is en veel beter bereikbaar voor het publiek.


Foto links: het fort is nu geheel met bomen begroeid. Oorsponkelijk was dat niet zo, en de bomen zullen grotendeels oeten verdwijnen.


In historische kledij verzorgden Amersfoortse Stadskanonniers met drie kanonschoten voor een knallende opening van Fort Daatselaar. De middag werd afgesloten in De Dennen met een indrukwekkende filmtrailer ‘Mei 1940, 5 dagen oorlog geen schot gelost’ van studenten van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht. 















Eigen historische canon voor commando's



ROOSENDAAL, 8-1-2013 - Het Nederlandse Korps Commandotroepen (KCT), ontstaan ti9jdens WO2 in Engeland,  heeft een eigen historische canon. 


Commandant kolonel Jan Swillens presenteerde de nieuwe publicatie over de geschiedenis van de commando’s vanmiddag, tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst van het KCT in Roosendaal, zo meldt het ministerie van Defensie..


Eind vorig jaar publiceerde het historisch instituut van defensie, het NIMH, ook een canon van de Prinses Irenebrigade.


De historische canon is geschreven door medewerkers van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH). De webapplicatie ontsluit in tekst, beeld én geluid de belangrijkste tradities en hoogtepunten uit de geschiedenis van het Korps in circa 50 ‘vensters’.

Er is aandacht voor de oorsprong van de Nederlandse speciale eenheden ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, voor het bijzondere karakter van de commandotroepen, voor hun tradities en gebruiken en voor hun identiteit.

Verder behandelt de canon thema’s als de opleidingen en specialismen, verdiensten van commando’s door de jaren heen en recente inzet van wat inmiddels Special Forces is gaan heten in conflictgebieden als de Balkan, Irak en Afghanistan.InfanterieDe afgelopen jaren heeft het NIMH al canons gemaakt voor de infanterieregimenten van de Limburgse Jagers en de Fuseliers Prinses Irene. Er volgen meer overzichten, waaronder binnenkort een canon voor het infanterieregiment Johan Willem Friso.

Het Korps Commandotroepen werd opgericht op 22 maart 1942, zo meldt het NIMH. Eigenlijk gebeurde er op die dag weinig bijzonders: geen ceremonie, geen fanfare en zelfs geen Koninklijk Besluit. Sterker nog, waarschijnlijk was niemand zich ervan bewust dat het de geboortedag van het KCT was.
Maar misschien hadden die 48 vrijwilligers van de Koninklijke Nederlandse Brigade ‘Prinses Irene’ wel een vermoeden. Zij doorstonden een strenge selectie en begonnen op 22 maart 1942 aan de vooropleiding van het Commando Basic Training Centre in Achnacarry (Schotland). Dat is de gebeurtenis die het ontstaan van de Nederlandse commandotroepen markeert.

Nederlandse commando’s? Waarom eigenlijk? In 1940 bezette het Duitse leger de hele kustlijn van de Noordkaap tot aan de Frans-Spaanse grens. Het Duitse cordon was toen nog zwak, maar het Britse leger ook. Het was herstellende van ‘Duinkerken’. Een groot offensief in West-Europa om Duitsland te verslaan was nog lang niet aan de orde.

Om contact te houden met de vijand, voerden Britse commando’s raids uit op havens en militaire installaties langs de kust. Tijdens zulke operaties voelden de Britten het gemis aan mensen die het land kenden en de taal spraken. Dat zou de samenwerking met het lokale verzet tegen de Duitse bezetter ook veel eenvoudiger maken.

Daarom werd, naast de bestaande Britse commandobataljons, in 1942 het No. 10 (Interallied) Commando geformeerd. Dat was een echte multinationale eenheid, met acht troops en minstens evenzoveel nationaliteiten. Alleen de leiding was in handen van Britse officieren. Het bataljon zou uitgroeien tot de grootste Britse commando-eenheid, maar trad nooit als eenheid op. De commando’s uit de troops werden ‘op afroep’ bij andere eenheden gedetacheerd.

No. 2 (Dutch) Troop  telde uiteindelijk ongeveer 85 man. De Nederlandse commando’s konden worden ingezet bij een raid op de Nederlandse kust, maar daar kwam het niet van. Het geduld van de commando’s werd maandenlang getart, maar uiteindelijk kwam de troop toch in actie. Maar een operatie in Nederland liet nog even op zich wachten.




Bernhard wilde 200 jonge Nederlandse SS-ers laten afmaken

AMSTERDAM, 14-11-2012 - Prins Bernhard wilde werkelijk aan het einde van de oorlog in België 200 gevangen jonge Nederlandse SS-ers zonder enig proces laten executeren. Dat zou een grove oorlogsmisdaad hebben opgeleverd. Dankzij de weigering van zijn ondergeschikte officieren om Bernhards opdracht uit te voeren, is deze moordpartij toen niet doorgegaan.

Er is nu extra bewijs opgedoken voor het relaas van dr L. de Jongs in zijn 'Koninkrijk' in 1980 (populaire editie dl 10a-I p259-260-noot 2) dat prins Bernhard de Prinses Irene Brigade opdracht gaf om 200 SS'ers te laten doodschieten. Dit komt uit een nieuw opgedoken dagboek van kolonel P.L.G. Doorman dat woensdagavond te zien was in EenVandaag.

Het dagboek kwam enkele weken terug in handen van de twee auteurs Mick Peet en Eric Varekamp van de historische strip 'Agent Orange', een al jaren lopende serie over Bernhard.  De auteurs  kregen het dagboek van een bewonderaar, een antiquair, vlak voordat zij het jongste deel van hun strip zouden laten drukken. Hun strip verschijnt donderdag.

Bij de tv-rubriek EenVandaag bevestigde voormalig NIOD-hstoricus en Bernhard-kenner Gerard Aalders de aannemelijkheid van het dagboek op dit punt. Al eerder had voormalig directeur dr L. de Jong hetzelfde gegeven voor waar aangenomen.

Amerikaanse militairen in Hasselt in België hadden in september 1944 de 200 SS-ers gevangen genomen. Dit waren grotendeels leden van de Nederlandse Landstorm die ook lid waren van een Jeugdstorm-compagnie, Waffen-SS-ers, dus relatief jonge mannen, volgens De Jong in zijn 'Koninkrijk' met minimale strijdlust.

De prins was sinds 3 september bevelhebber geworden van alle Nederlandse Strijdkrachten.


Foto rechts: een beeld uit de strip 'Agent Orange', die donderdag 15-11-2012 verschijnt.


Hij liet op 10 september 1944 weten dat de SS-ers moesten worden overgedragen aan de Prinses Irene Brigade, die enige actieve geuniformeerde Nederlandse militaire eenheid die toen in België meestreed met de andere geallieerden. Toen al had Bernhard de bedoeling om hen de kogel te laten geven.

Doormans handgeschreven dagboek kwam aan het licht bij onderzoek door de makers van de stripserie  'Agent Orange'. Zij kregen het in de schoot geworpen door een antiquair die het op de kop had getikt. Het verhaal over de executie opdracht staat te lezen in het vijfde deel van de stripserie over Prins Bernhard dat morgen verschijnt.

Het executie-fragment uit het dagboek van kolonel P.L.G. Doorman:

(...) Met ZKH botert het ook al niet. Deze laatste wil hem nl. de gevangen genomen Ned. SS soldaten uitleveren om ze dood te schieten. Steef heeft dit geweigerd. Wil ze wel doodschieten, doch alleen na een behoorlijk "proces".

Overigens was de politiek van SHAEF, dat iedereen, die in een D. uniform gevangen werd genomen, behandeld zou worden als "prisoner of war". Na den oorlog kan dan elke Regeering doen wat zij wil.

Doch de Prins is hier fel tegen. Vreest dat ze ons zullen ontgaan. Zou met Biddle Smith hebben geregeld dat ze reeds nu worden afgestaan. Ik vind dit alles een onprettig gedoe. Hoewel ze volkomen verdienen doodgeschoten te worden.

In een interview met Jaap van Meekren van AVRO’s Televizier in 1980 deed de prins het bericht over zijn opdracht tot executie af als 'een grap'.

De grap kwam van de oprichter van de brigade, jonkheer Beelaerts van Blokland, die Bernhards opmerking volgens Bernhard verkeerd had opgevat.

Uit het fragment van kolonel Doorman blijkt echter dat het geen grap was. De prins keerde zich 'fel tegen' een reguliere krijgsgevangenschap van
de SS-ers met bijbehorend proces omdat hij vreesde was dat ze de dans zouden ontspringen. Maar kolonel De Ruyter van Steveninck van de Prinses Irene Brigade weigerde de opdracht van Prins Bernhard uit te laten voeren.


“We mogen met z’n allen van geluk spreken dat het niet gedaan is. Gewoon zonder proces 200 mensen neerschieten, dat kan natuurlijk niet, zelfs niet in tijden van oorlog”, aldus Bernhard-kenner Gerard Aalders vanavond in EenVandaag. De 200 SS’ers zijn uiteindelijk als krijgsgevangen naar Amerika getransporteerd.


Foto links: de nieuwe editie van Agent Orange


Kolonel Doorman bekleedde in de oorlog ded functie van Chef van de Staf van de bevelhebber der Nederlandse Strijdkrachten. De Prinses Irene Brigade was een formatie Nederlandse militairen samengesteld uit Engelandvaarders en anderen in mei 1940 konden ontkomen. Ook waren lid Nederlanders in het buitenland die als dienstplichtige bij de brigade hun dienden of als vrijwilliger.







In Polen zeldzame Britse Valentine-tank gevonden




WARSCHAU, 25-20-10212 - In Polen is in de rivier de Warta een zeldzame Britse Valentine-tank gevonden.


Foto rechts: de Valentine, waarschijnlijk een Mark-III.


Het wrak lijkt ihn goede staat te zijn is vandaag vrijwel uit de rivier getrokken. Er bestaan nog maar drie werkende exemplaren.

De Warta is een rvier in westelijk Polen. Vermoedelijk is de tank in de winter van 1944 bij het oversteken door de Sowjets door het ijs gezakt. De middelzware tank schijnt  in goede staat te zijn.

De tank werd ontworpen en aanvankelijk gebouwd door Vickers-Armstrong, die het ontwerp voor 14 februari 1938 (Valentine's day) in moesten dienen - vanwaar de naam.


Het was één van de 1388 Canadese en 2394 Britse Valentines die door de geallieerden als oorlogshulp aan de Sowjets werden geleverd. Verzamelaar Jacek Kopczynski leidt de opgraving. Hij zei in de Poolse kranten dat hij verwachte na een restauratie van twee of drie jaar de tank helemaal op te kunnen knappen.

In dit geval gaat het om een Mark X. De tank woog ongeveer 15 ton, had een bemanning van 4 en dit model had een kanion van 57 mm. De afmetingen waren 5,40 m lang, 2,60 breed en 2,20 hoog, wat voor een tank beperkt is.


Foto rechts: de Valentine in de Warta, bijna helemaal uit de modder getrokken.


Er waren bij deze versie dieselmotoren tot 210 pk ingebouwd en de topsnelheid was ongeveer 25 km, met een bereik van ongeveer 160 km.


Van alle versies samen werden er bijna 10.000 exemplaren gebouwd, waarvan de laatste versies zoals de Archer tot in de jaren '50 dienst deden in het Britse leger.





Poolse ambassadeur onthult monument voor Polen in  Oosterhout


OOSTERHOUT, 23-10-2012 - Op zaterdag 27 oktober a.s. vindt vanaf 10.30 uur op het Pools Militair Ereveld op de begraafplaats aan de Veerseweg in Oosterhout de traditionele herdenking plaats van de bevrijding van Oosterhout, nu 68 jaar geleden, onder leiding van generaal Maczek (foto rechts). Er wordt ook een monument voor de Poolse inzet in Oosterhout onthuld.

De Poolse ambassadeur in Nederland, de heer Jan Borkowski, Oosterhouts burgemeester Stefan Huisman en een oud-strijder van de 1e  Poolse Pantserdivisie, de heer Szczerbinski, verrichten amen de onthulling.Het monument heet “Overbruggen” en is van Paul Elshout. Het herinnert aan de Poolse offers.

Bij de bevrijding van de regio Oosterhout heeft de 1e Poolse Pantserdivisie onder leiding van generaal Maczek een belangrijke rol gespeeld. Een aantal Poolse strijders sneuvelden toen, en 30 hebben hun laatste rustplaats op het Ereveld in Oosterhout.


Dit jaar draagt deze herdenking een bijzonder karakter. Het is ook 120 jaar geleden dat generaal Maczek werd geboren; in 2012 wordt ook het 70-jarig bestaan gevierd van de 1e Poolse Pantserdivisie.

Wegens het bijzondere karakter van de herdenking, zal er een grote (militaire) delegatie uit Polen aanwezig zijn, inclusief een groep oud-strijders en een erepeloton (met een vaandelwacht) dat saluutschoten zal afvuren. Ook zullen er weer de Poolse kinderen van het Doven- en Slechthorendeninstituut, genoemd naar generaal Maczek uit Bydgoszcz aanwezig zijn, die samen met schoolkinderen van basisschool “Rubenshof” bloemen bij de graven zullen leggen. De Harmonievereniging Oosterhout o.l.v. Ad van Dun zal deze plechtigheid muzikaal opluisteren.

Oosterhouter Wadec Salewicz, zoon van een Poolse bevrijder, liep al jaren rond met het idee om op het Poolse Ereveld een monument in de vorm van een kunstwerk op te richten.


Dit idee is opgepakt door bovenstaande stichting, die er het afgelopen halfjaar in is geslaagd genoeg fondsen te verzamelen om deze droom waar te maken.


Foto links: de 1ste Poolse pantserbrigade op de markt in Oosterhout, datum mogelijk 1944. De tanks zijn Shermans.


Beeldend kunstenaar Paul Elshout kreeg de opdracht en ontwierp een monument bestaande uit een basis van graniet met daarop aangebracht een bronzen sculptuur van een “bruggenbouwer”, als ode aan de Poolse bevrijders.


Volgens Elshout verwijst deze “bruggenbouwer” tevens naar heden en toekomst, om tussen de volkeren om vrede, vrijheid en veiligheid te bewerkstelligen.

In deze stichting is bovendien het idee geboren om ten behoeve van de hoogste groepen van de basisscholen een educatief project op te zetten.


De bedoeling is dat het terugblikt op de bevrijding van Oosterhout door o.a. de Polen, maar ook en vooral ingaat op de vraag wat zij zélf kunnen bijdragen aan vrede, vrijheid en veiligheid, te beginnen in de eigen omgeving.

Het is de bedoeling dat dit project, waaraan o.a. wordt meegewerkt door de Oosterhoutse historica Dr. Cock Gorisse en het Generaal Maczek Museum in de komende maanden z’n beslag krijgt. Op de website van de Nederlandse aanhang van de divisie is veel informatie over hun geschiedenis te vinden.





'Operation Antwerp X': vanavond op Canvas


BRUSSEL, 23-10-2012 - Canvas zendt vanavond om 21u10 een documentaire uit over de geheime '' Operation Antwerp X'. Deze vormde de grote Amerikaanse inspanning om een goedwerkende verdediging op te zetten tegen de V1s en V2s.


Dit geheime project bestond uit toen moderne radarsystemen en een groot aantal luchtafweerbatterijen. Deze opereerden overigens deels in Nederland in de buurt van Steenbergen.

De V1s werden in dat stadium van de oorlog - Antwerpen werd op 4 september 1944 bevrijd - vanuit Nederland afgeschoten op de stad, de enige grote vastelandhaven in West-Europa in geallieerde handen. Bovendien waren Londen en Luik ook doelen, en ook daar werd de verdediging geïntensiveerd.


Dat hielp. De vliegende bommen leken aanvankelijk onkwetsbaar, maar bijvoorbeeld het Amerikaanse 184th AAA Battalion wist tussen 9 november en 21 december 1944 alleen al 61 V1s uit te schakelen.


Na de eerste pogingen lukte het om bijna alle V1s neer te schieten die nog op Antwerpen afkwamen. Volgens het boek "Antwerpen 50 Jaar Bevrijd" werden 4,883 V1s afgeschoten en slechts 211 kwamen aan. Van het totaal zouden 2,394 Antwerpen geraakt hebben.


In de documentaire trekt de Belgische presentator Sven Speybrouck naar het leegstaande art-decohotel Grand Veneur in Keerbergen bij Mechelen, dat het hoofdkwartier van Operation Antwerp X was. Ooit was het een meisjesinternaat en later was tennisster Björn Borg er nog te gast.


Foto links: een buitgemaakt, intacte V1 die hier tentoongesteld wordt in Antwerpen.


Vanuit dit hotel werd de grote en ultrageheime militaire operatie Antwerp X gecoördineerd onder leiding van de Amerikaanse generaal Clare Armstrong (die niet eens een biografie heeft op Wikipedia, en er is evenmin een afbeelding van hem te vinden op het web).



De Britse radarvrouw Ida France, de Antwerpse historicus Koen Palinckx, militair historicus Luc De Vos en enkele pakkende Antwerpse getuigenissen brengen het vrij onbekende oorlogsverhaal van 'Operatie Antwerp X' weer tot leven.

Deze documentaire werd gerealiseerd met medewerking van: Audio Visuele Dienst van de Belgische Koninklijke Landmacht, British Pathé, De Botermolen Keerbergen, De Witte Meren Keerbergen, Katoen Natie, NARA, Stadsarchief Antwerpen en Stampe & Vertongen Museum Deurne.


Er is een goed samenvattend artikel gepubliceerd door militairen van de anti-aircraft-eenheden. Er waren ongeveer 20 eenheden actief bij dit project. Hier is de lijst, gekopieerd van Skylighter, de site van het 225th Searchlight Batallion.


  • Headquarters Battery, 50th AAA Brigade
  • Headquarters Battery, 56th AAA Brigade
  • Headquarters Battery, 17th AAA Automatic Weapons Group — awarded the Belgian Fourragere for action in the defense of Antwerp
  • Headquarters Battery, 30th Group
  • Headquarters Battery, 45th AAA Group
  • 125th AAA Gun Battalion (Mobile)
  • 126th AAA Battalion (Mobile)
  • 136th AAA Gun Battalion (Mobile)
  • 150th AAA Operations Detachment
  • 184th AAA Gun Battalion (Mobile)
  • 405th AAA Gun Battalion (Semi-Mobile)
  • 407th AAA Gun Battalion (Semi-Mobile)
  • 494th AAA Gun Battalion (Semi-Mobile)
  • 495th AAA Gun Battalion (Semi-Mobile)
  • 519th AAA Gun Battalion (Semi-Mobile)
  • 601st AAA Gun Battalion — probably outfitted with 90-mm guns.
  • 605th AAA Gun Battalion (Semi-Mobile)
  • 740th AAA Gun Battalion (Semi-Mobile)
  • 787th AAA Automatic Weapons Battalion — shuttled between Steenburgen*, Holland and Antwerp to cover several of the so-called "buzz-bomb lanes" leading to the port. At Steenburgen* the 787th was situated to shoot down V-1s as they headed across the North Sea to French targets. Their weapons were the 40-mm Bofors gun and quad-50 machine guns.
  • 789th AAA Automatic Weapons Battalio


 
567 doden door één raket

Op 16 december 1944 raakte een V2-raket - helaas nauwelijks door de luchtafweer tegen te houden vanwege zijn veel grotere snelheid dan die van de V1 - de cinema Rex in Antwerpen, foto rechts.


De explosie zorgde ervoor dat het dak naar beneden kwam en op de toeschouwers viel. Daarnaast ontplofte de ketel van de verwarming, waardoor sommige vastzittende slachtoffers levend verbrandden. In totaal vielen er door die ene raket 567 dodelijke slachtoffers. Er raakten er nog 291 mensen gewond.


De raket beschadigde de bioscoop en 130 omliggende huizen. Naar aanleiding van de raket op de bioscoop verbood de burgemeester om alle publieke evenementen.


Hiermee wilde hij voorkomen dat er nog eens met één bom zoveel dodelijke slachtoffers zouden vallen. Dit was één vand e laatste V2s die Antwerpen raakte - de aanvoer uit Duitsland stokte en het afvuren vanuit Wassenaar werd steeds moeilijk door geallieerde luchtaanvallen.




*: bedoeld wordt: Steenbergen, (red.)







Irenebrigade: nieuwe canon en beëdiging

DEN HAAG, 12-10-2012 - Op vrijdag 26 oktober worden in Hedel de nieuwkomers van het Garderegiment Fuseliers Prinses Irene, de voormalige Prinses Irenebrugade uit de oorlog, beëdigd. Dit gebeurt bij het oorlogsmonument in Hedel, dat o.m. herinnert aan de gevechten die de brigade hier leverde..

Nieuwkomers worden ongeveer eens in de veertien maanden beëdigd. De beëdigingen worden altijd gehouden op plekken waar het Garderegiment een hechte band mee heeft, de zogeheten vaandelplaatsen.

Dit zijn: Kollumsplaat. Tilburg en Hedel, drie plekken waar de Irene Brigade in de Tweede Wereldoorlog een rol heeft gespeeld. In Hedel vocht ook kapitein Willem de Roos van de brigade en kreeg voor zijn optreden daar de Militaire Willemsorde.

Bij de installatie van nieuwkomers krijgen zij ook allemaal het invasiekoord (foto rechts) op hun linkerschouder. Dit blauw-rode koord wordt altijd door veteranen uitgereikt en bevestigd. Het koord herinnert aan de start van de actieve dienst van de brigade in augustus 1944, toen de brigade in Normandië aan land kwam.

Canon
Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) heeft begin deze maand de  historische canon van het regiment Garderegiment Fuseliers Prinses Irene (GFPI), de opvolgers van de Prinses Irene Brigade uit de oorlog, gepubliceerd.

Professor dr. Ben Schoenmaker van het NIMH overhandigde de digitale canon op aan regimentscommandant luitenant-kolonel Henk de Boer tijdens het jaarlijkse diner van het regiment.

De canon biedt een overzicht van de geschiedenis van de brigade, te beginnen in de oorlog in Groot-Brittannië, tot heden.Hij dient als vraagbaak voor iedereen die interesse heeft in het verleden van het jongste garderegiment.
Het NIMH schreef de canon in nauwe samenwerking met het regiment.

De canon bevat 14 hoofdstukken oftewel vensters. De regimentscanon staat op de website van Defensie bij het NIMH, geschiedenis en historische canons od klik op de link rechts op de pagina.

Over de Prinses Irenebrigade zijn de afgelopen jaren nog twee boeken verschenen. Dat is Een dapper man - Kap. W.L. de Roos (1906 – 1986), een biografische monografie van dr G. Borrie, historicus, voormalig oorlogsvrijwilliger van de brigade en gepensioneerd burgemeester van Eindhoven.

Verder Child of the 20th Century - De memoires van Brigademan Abbie Lipschutz, Hij woont nu in Houston Texas en heeft z\ijn mémoires in eigen beheer uitgegeven. Te bestellen via zijn site: www.abbielibschutz.com, en deze auteur biedt garantie:. “Money Back Guarantee if not satisfied”,

Foto links: koningin Wilhelmina spreekt met een soldaat van de brigade, nog in Engeland, mogelijk in Wolverhampton tijdens de oorlog. Geheel rechts staat lt-kolonel De Ruyter van Steveninck, toen de commandant van de brigade.





V-fonds subsidieert Liberation Route  met € 215.000

DEN BOSCH, 11-10-2012 - Het V-fonds oftewel veteranenfonds uit Den Bosch subsidieert de geplande Liberation Route Normandië-Berlijn met 215.000 euro. Dat staat in het overzicht van subsidies dat het V-fonds vandaag publiceert. Het RBT KAN heeft volgens zijn directeur Jurriaan De Mol 4 projectaanvragen ingediend bij de EU.

Voor het gewenste Oorlogsmuseum in Nijmegen heeft het V-fonds nog geen gelden beschikbaar gesteld, maar zal dat eventueel doen als er een concrete aanvraag komt.

In Nijmegen hebben de initiatiefnemers van het nieuwe museum nu een fabrieksgebouw, voorheen de Vasim, eigendom van de gemeente, op het oog.

Of de gemeente dit beschikbaar wil stellen, is nog niet duidelijk, maar burgemeester Bruls is positief over het project..

De Liberation Route is een voorlichtend historieproject van het regionale toeristenbureau Arnhem Nijmegen (RBT KAN). Doel is dat de gehele westelijke route van 3.000 km die de geallieerden in 1944 en 1945 hebben afgelegd,  zichtbaar te maken van Normandië tot Berlijn via Arnhem-Nijmegen.

In Nederland zijn al flinke delen in Brabant en Gelderland daartoe voorzien van plaquettes en zg. luisterkeien, stenen met daarin een geluidsinstallatie voor een dramatische toelichting bij plekken waar de actie zich afspeelde.

Het Gelderse deel van de Liberation Route ontstond in 2008, op initiatief van de oorlogsmusea in Oosterbeek en Groesbeek en het RBT KAN. De organisatoren hebben nu plannen voor een complete Europese Liberation Route die klaar moet zijn op 6 juni 2014, bij de viering van 70 jaar D-day, tijdens de herdenking op de stranden van Normandië. Er is o.m. contact het het Mémorial in Caen, het belabgrijkste oorlogsmuseum in Normandië dat president Hollande op 6 juni 2012 bezocht, en met de regio Normadie, een Franse overheidsinstelling, zo zegt directeur Jurriaan de Mol van het RBT KAN.

Martin Schulz, voorzitter van het Europees Parlement, kreeg afgelopen dinsdag in Brussel een presentatie van de plannen. Hij heeft daar positief op gereageerd. Schulz noemde het  ‘Eén van de belangrijkste projecten van dit moment’.

Of er nu ook uit Brussel geld beschikbaar komt, is nog even afwachten. Het Nederlandse plan heeft de steun van Dr. Gundula Bavendamm, directeur van het Geallieerden Museum in Berlijn. Zij zei tegen het RBT KAN: 'Without a multi perspective approach no transnational extension of the LRE is possible. It is a precondition for European cooperation.'

Op dinsdag 2 oktober 2012 is de luisterplek van de Liberation Route in Huissen in gebruik genomen. Daar is nu een hoorspel te beluisteren. Van 2 tot 5 oktober 1944 werden Huissen en Doornenburg gebombardeerd, waarbij 150 doden vielen en grote schade ontstond.

Dit is de 126ste luisterkei/luisterplek die in Nederland functioneert. Na de regio Arnhem Nijmegen, de Veluwe en Noord-Brabant sluiten in 2012 en 2013 ook het Rivierenland en de Achterhoek aan.



Presentatie Liberation Route Europe in Brussel



NIJMEGEN, 4-10-2012 - De nieuwe burgemeester Bruls van Nijmegen gaat in Brussel de plannen voor Liberation Route Europe in Brussel presenteren.

Dat is de historische documentatieroute die door de regio Arnhem-Nijmegen is ontwikkeld. De bedoelIng is deze route met luisterkeien en infoplaquettes uit te breiden van Normandiër via Nederland naar Berlijn.

Burgemeester Bruls treedt dan in Brussel op als gastheer tijdens de Brusselse Open Days, een jaarlijks promotie-evenement voor steden en regio’s van de Europese Commissie. Nevendoel is het verduidelijken van het belang van Europese samenwerking rondom het thema Tweede Wereldoorlog.

In 2014 en 2015 is het 70 jaar geleden dat West-Europa vanuit Normandië bevrijd werd. Via Normandië, Parijs en België ging het door Nederland en Duitsland uiteindelijk naar Berlijn.

In september 1944 vond eerst de Operation Market Garden plaats en later de voorbereidingen voor operatie Veritable,  het Rijnlandoffensief in het voorjaar van 1945. Daarbnaast moesten de geallieerden zich omnverwacht tweer stellen tegen de laatste grote Duitse aanval rond Bastogne. De Liberation Route wil zich concentreren op de route via Nederland.

Doel van de Europese Liberation Route is om in 2014 vanaf de Normandische stranden door geheel West-Europa voor het publiek een documentatieroute te creëren. Langs deze route krijgen geïnteresseerden informatie over de plaatselijke gebeurtenissen vanaf D-day tot aan de overgave van Nazi-Duitsland.

In de Stadsregio Arnhem-Nijmegen is hier al op kleine schaal mee gestart, met infopanelen en zogeheten luisterstenen. Tijdens de Open Days in Brussel zal de aftrap gedaan worden van dit plan.

Het programma op 9 oktober in Brussel bestaat o.m. uit een uitgebreide presentatie met toelichting en een bijdrage van de voorzitter van het Europese Parlement, Martin Schulz. Daarnaast vindt er een paneldiscussie plaats met als thema: From Memory to History, over de betekenis van de Tweede Wereldoorlog voor het hedendaags Europa.

Hier doen behalve de heren Bruls en Schulz ook de plaatsvervangend ambassadeurs van Nederland en Amerika bij de EU, vertegenwoordigers van musea in Berlijn en Normandië, en de president van de regio Basse-Normandie aan mee.

In Nijmegen zijn op 12 september 4 luisterkeien in gebruik genomen als onderdeel van de Liberation Route. Deze staan de het monument de Schommel, waar een kleutrschool door het Amerikaans ebombardement getroffen werd met 24 kinderen en 8 zusters als dodelijke slachtoffers, bij de Waalkade, het Valkhofpark naast de Waalbrug en op de hoek van het op de hoek Joris Ivensplein-Kronenburgerpark.



Oorlogsdagboek in Helmond opgedoken


HELMOND, 3-10-2012 - In Helmond is een oorlogsdagboek opgedoken, net toen de jaarlijkse herdenking van de bevrijding

'Zou deze dag ook ons de zo vurig begeerde, hernieuwde vrijheid brengen?' Dat schreef een Helmondse brandwacht bij de Vlisco-textielfabriek in Helmond op de ochtend daags voor de bevrijding in september 1944. De hele plaats wacht op de komst van de Britse soldaten, omdat bekend is dat zij uit geland zijn en in de richting van Helmond oprukken.

De herdenking werd dinsdagavond in Helmond bijgewoond door onder meer enkele oorlogsveteranen. Nieuwe getuigenverslagen duiken nu zelden meer  op. Maar Eindhovenaar George Sorber ontving enkele jaren terug een doos vol oorlogsspullen van een overleden Helmondse tante. In de doos trof hij een beschrijving van de laatste uren voor de bevrijding, doorgebracht op het fabriekscomplex van Vlisco.

Het keurig getypte verslag werd geschreven door een onbekende brandwacht, die ondertekende met een onleesbare handtekening. De vader van de overleden tante bewaard het verslag al die jaren en hij was één van de brandwachten uit het verslag. Helaas was hij niet beschikbaar om de auteur aan te duiden.

De heer Sorber, de huidige eigenaar, besefte jarenlang niet dat hij dit dagboekje bezat. Hij ontdekte het pas onlangs.



Daders grootste Italiaanse massamoord in Duitsland vrij

STUTTGART-ROME, 2-10-2012 - Bij de massamoord in Sant' Anna di Stazzema in Noord-Italië werden op 12 augustus 1944 door een SS-divisie 560 mensen, onder hen vrouwen, mannen en 107 kinderen onder de 14 jaar, vermoord.

In 2007 heeft het militaire tribunaal in La Spezia 17 Duitse SS-ers wegens deze moord tot levenslang veroordeeld. Maar de openbare aanklager in Stuttgart heeft maandag bekendgemaakt, het onderzoek te staken en geen vervolging in te stellen. Het uitleveringsverzoek van de Italiaanse justitie wordt niet gehonoreerd.

Foto rechts: enkele tientallen doden na de massamoord.

Dit opmerkelijk besluit is gegrond op de mening, dat het niet vast te stellen is wie van de 17 beschuldigde SS-ers precies wat heeft gedaan. Wel staat vast dat deze divisie deze massamoord heeft gepleegd.

Vast staat volgens het OM wel, dat de beschuldigden aanwezig waren. Het ging om de 16de  SS-Panzergrenadierdivision "Reichsführer SS" (die Reichsführer was Himmler).

De openbare aanklager in Stuttgart heeft 10 jaar onderzoek verricht. Ook stelt de aanklager dat het niet duidelijk is, of deze daad berustte op een voornemen de burgers te doden.

Dezelfde eenheid heeft echter nog andere oorlogsmisdaden op haar naam staan. Daaronder is het grootste van Italië, dat van Marzabotto, waar ongeveer 770 mensen - en ook hier weer vooral vrouwen en kinderen, plus 5 priesters - vermoord werden.

De verantwoordelijke officier was de vooralige kleermaker en postbeamte  Max Simondie voor deze daden door een Brits tribunaal ter dood veroordeeld werd, maar begenadigd werd en in 1954 vrijkwam. Hij leefde tot 1961. Hij werd bij verstek ook in Bolgna door de Italianen ter dood veroordeeld.

Foto links: het monument voor de gevallenen in Sant'Anna di Stazzema.

Het kon volgens de aanklager ook gaan om het bestrijden van partizanen of het ophalen van mannen voor de Arbeistseinsatz. Louter lidmaatschap van de divisie volstaat niet als bewijs, zo stelt de aanklager.

Volgens de historicus dr Lutz Klinkhammer van het Deutsche Historisches Institut in Rome ging het om een 'systematische vernietigingsaktie'.

De minister van justitie van Baden-Württemberg, Rainer Stickelberger, erkende dat het niet gelukt was de daders ondanks grote inspanningen tot rekenschap te brengen. Hij uitte wel begrip voor de families van de slachtoffers.






Herbegrafenis Britse veteraan in Oosterbeek

OOSTERBEEK/ARNHEM, 02-10-2012  -  Aanstaande woensdag vindt er een herbegrafenis plaats op de Airborne Begraafplaats in Oosterbeek.

Het gaat om de Britse soldaat Lewis Curtis, die in de Tweede Wereldoorlog deelnam aan de Slag om Arnhem. Zijn stoffelijk overschot kwam in 2003 aan de oppervlakte bij bouwwerk in de Arnhemse nieuwbouwwijk Schuytgraaf.

Curtis maakte deel uit van het 4e en 5e bataljon Wiltshire Regiment (kortweg: de Wilts), dat zwaar heeft gevochten aan de zuidzijde van Arnhem, vóór de beroemde John-Frostbrug die de geallieerden in september verloren (de 'brug te ver') als aflossing voor Amerikaanse luchtlandingstroepen.

Toen de Wilts in oktober weer werden afgelost door Amerikaanse infanteristen hadden zij al ruim 70 man verloren. Van hen worden er nog altijd 18 vermist, aldus een woordvoerster van de gemeente Arnhem tegen de Telegraaf. Zij waren namelijk door hun kameraden begraven, maar dat gebied lieten de Duitsers onderlopen, zodat de graven verdwenen. Het regiment nam ook deel aan de landingen in Normandië en aan de operatie Market Garden.

Aan de herbegrafenis van Curtis neemt een Britse militaire delegatie deel, onder wie de 87-jarige veteraan Robert Purver. Deze heeft in september 1944 zelf bij Arnhem gevochten. Ook familieleden van Curtis reizen af naar Oosterbeek.

In de middag heeft in Schuytgraaf bij het Wiltshire Monument, opgericht in 2010, de jaarlijkse herdenking van de strijd in 1944 plaats. Daar wordt stilgestaan bij de strijd van de Wilts tijdens de Slag om Arnhem in 1944. De ceremonie begint om 14.30 uur bij het monument, bij De Buitenplaats aan de Marasingel in Arnhem.

Het regiment werd in 1959 opgeheven. Het vocht in 1900 tijdens de Boerenoorlog in Zuid-Afrika nog tegen de aan Nederland verwante Boeren bij de Oranjerivier, maar werd bij Rensburg door de Boeren verslagen.




Onbekende Kampfgruppe Chill hield geallieerden 4 maanden op in Brabant in 1944


DRUNEN, 1-10-2012  - Volgens een nieuw boek heeft de relatief oibekende Duitse generaal Kurt Chill (1895-1976) een hoofdrol gespeeld in de strijd tegen de geallieerden in 1944 in Noord-Brabant. Hij wist de opmars van de geallieerden 4 maanden te vertragen.

Dat is kort samengevat de conclusie van historicus Jack Didden uit Drunen in zijn studie:  Fighting Spirit. Kampfgruppe Chill and the German recovery in the west between September 4 and November 9, 1944, a case study



Jack Didden onderzocht in zijn proefschrift of deze stelling klopt en stelt twee vragen: waarom vocht het Duitse leger door tot het bittere einde en wat of wie bepaalt de slagkracht van een militaire eenheid? Volghens Didden, leraar Engels uit Waalwijk, lijkt het erop dat alle eenduidige verklaringen sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog als antwoord op de eerste vraag, niet kloppen.


Op 4 september 1944 werd Antwerpen bevrijd door Britse troepen.

De toegang tot Duitsland leek een kwestie van tijd, het einde van de oorlog in Europa leek nabij.

Twee dagen later was de Duitse verdediging weer even taai als de maanden daarvoor in Normandië, dat veel meer tijd en moeite had gevergd dan verwacht.

Bij die ommekeer lijkt een geïmproviseerde eenheid onder leiding van Generalleutnant Kurt Chill, de Kampfgruppe Chill, een sleutelrol te hebben gespeeld.


De situatie was complexer en het antwoord schuilt volgens Didden in een combinatie van angst, hoop, sociale binding en vooral plichtsbesef. Ook blijkt de efficiëntie van een militaire eenheid minder af te hangen van moreel, sterkte en bewapening dan tot nu toe gedacht. De rol  van de leidinggevenden van bataljons- tot divisieniveau blijkt wel bepalend te zijn.

Vandaag is de auteur op dit onderwep gepromoveerd aan de universiteit van Nijmegen. Didden onderzocht 7 jaar lang Chill en zijn gevechtsacties in het najaar van 1944, de tijd dat de geallieerden vanuit België oprukten naar Nederland en bovendien de grootste luchtlanding uit de wereldgeschiedenis uitvoerden, Operation Market Garden. Deze operatie mislukte onder meer dor hevige Duitse tegenstand.

Begin september 1944 hadden de geallieerden Antwerpen ingenomen  Het Duitse 15de leger zat ingesloten bij Brugge. De enige kans op ontsnapping van deze 100.000 man lag in de oversteek van de Westerschelde vanuit Zeeuws-Vlaanderen naar Walcheren, waarna deze Duitsers alleen nog via Zuid-Beveland en Bergen op Zoom konden ontsnappen. Het Albertkanaal tussen Antwerpen en Hasselt was intussen bezet dor de Amerikanen, maar niet krachtig. Volgens dr L. de Jong in zijn 'Koninkrijk' lieten de geallieerden de kans lopen om Bergen op Zoom in te nemen en zo dit leger in te sluiten op Walcheren.

Didden ziet echter een actievere rol voor de Duitsers. Hij vindt dat zijn onderzoek nieuw licht werpt op de geallieerde opmars in Brabant en dat Chill die ernstig vertraagde. Dat leidde ertoe, dat volgens Diddens de Tweede Wereldoorlog door Chills tegenaanvallen langer, mogelijk zelfs vier maanden.

Jack Didden raadpleegde archieven in binnen- en buitenland: geheime rapporten en landkaarten van de meestal voorzichtige veldmaarschalk Montgomery (foto links, bedenker van Market Garden) maar ook verhoren van krijgsgevangenen.

Didden stelt o.m., dat de strijd in Noord-Brabant eind 1944 veel bepalender was voor het slot van de Tweede Wereldoorlog dan tot nu toe is aangenomen. Hij meent dat de rol van Generalleutnant Chill nog voldoende uit de verf is gekomen.

Antwerpen
Eind zomer 1944 ontstond er een gat in het Duitse front in België, rond Antwerpen. Het Duitse 15e leger zat rond Brugge vast terwijl het Duitse 7e leger bij Maastricht lag. De geallieerden hadden, na anvankelijk fors oponthoud in Normandië, de laatste maand goede vorderingen in Frankrijk en België germaakt en hadden Antwerpen bereikt.

De Duitsers moesten steeds meer terugtrekken, in dit geval op bevel van Hitler, alleen weigerde generaal Chill daaraan mee te werken, omdat hij besefte dat terugtrekken en hergroepen veel tijd zou kosten, terwijl het gat gedicht onmiddellijk moest worden. Chill verzmalde daarom uiteenlopende vluchtende soldaten en voegde hen samen tot Kampfgruppe Chill.

Zo onstond een geïmproviseerde divisie van tussen de 6.000 en 10.000 man, compleet met zelfrijdende kanonnen, een tiental tanks en elite-eenheden (Fallschirmjäger).

Het lukte
Chill volgens Didden om er het beste van te maken en  tegenstand te bieden op het juiste moment en de juiste plaats, mede dankzij zijn superieure leiderschap van deze Oostfrontveteraan.

Eindhoven
Dan steken de geallieerden de grens onder Eindhoven over, half september '44. De eerste grote operatie is Market (de landhelft van Market Garden) in Oost-Brabant. Chill kan echter het 15de leger uit Zeekland inzetten en valt aan, tot verrassing van de Amerikanen en Britten.

Bij Sint-Oedenrode tussen Eindhoven en Den Bosch blokkeren zijn mannen 44 uur lang de route naar Nijmegen, Hell's Highway. Volgens Didden wordt dit zelfs de nekslag voor de hele geallieerde operatie.

Begin oktober trachten de geallieerden via Goirle onder Tilburg snel op te rukken naar Den Bosch en Nijmegen en ook hier grijpt Chill in. Dat lukt hem ook in de bloedige Slag om Woensdrecht, waar het 15de Duitse leger uit Zeeland ontsnapt, via Steenbergen het Hollands Diep over. De slag duurde 10 dagen en vernietigde aan geallieerde bijna het gehele Black Watch regiment van de Candian 5th Infantry Brigade.

Vrijwel steeds slaagde Chill erin gaten in het front te dichten. Daardoor verwierf hij bijd e Duitsers de bijnaam de brandweerman, 'Feuerwehr'. De strijd was overigens niet goedkoop voor de Duitsers: volgens Fighting Spirit sneuvelden er zeker 4100 Duitsers in Noord-Brabant in najaar 1944, terwijl de geallieerden er bijna 90% minder verloren.

Didden vraagt zich in zijn studie ook af wat er zou zijn gebeurd als de geallieerden het Ruhrgebied al in najaar 1944 hadden veroverd en niet in maart 1945. Zijn conclusie is helder: het zou veel slachtoffers hebben gescheeld. In de hele Tweede Wereldoorlog (1939-1945) sneuvelden naar schatting 5,2 miljoen Duitse militairen.

Ruim de helft van de Duitse militaire doden viel in de laatste maanden van de oorlog. Ware de oorlog eerder voorbij, dan waren de concentratiekampen eerder bevrijd en de Hongerwinter was er mogelijk nooit geweest. Het liep heel anders, mede door gemotiveerde en snelle legereenheden van Kampfgruppe Chill.

Eind dit jaar komt er een publieksversie van de studie Fighting Spirit over de bevrijding van Brabant in de boekhandel.





Duitse hoogleraar: Duitsland heeft al veel betaald aan Griekenland


MANNHEIM, 24-09-2012 - Volgens professor Heinz Richter, Griekenlandkenner van de universiteit van Mannheim hebben de Duitsers al diverse herstelbetalingen aan Griekenland verricht.

De Griekse vraag naar Duitse herstelbetalingen is echter al jaren populair. Volgens de Financial Times Duitsland duiken er om de paar jaar nieuwe berekeningen op. Op dit moment schrijft de Griekse pers over een bedrag van 300 miljard euro. Maar er zijn geen herstelschulden meer volgens dat de Duitse overheid en historici .

Volgens professor Heinz Richter, hoogleraar moderne Griekse geschiedenis, is de zaak al diverse malen tussen Griekenland en Duitsland besproken. Professor Richters wijst er echter op dat de Grieken nalatigheid zijn behandeld met de betalingen.

Direct na de oorlog, is hen 30.000 ton industriële goederen is toegekend. Prof Richter: "10.000 ton in 1950 in het Engels schepen gingen naar Griekenland - maar kwamen nooit aan",  De rest stond twee jaar te roesten in de haven van Hamburg en werd vervolgens verkocht aan de Britten. Het geld bereikte nooit Athene.

In 1953 verleende Bonn 200 miljoen Duitse mark investeringskrediet - een verkapte herstelbetaling, die nooit als zodanig erkend is. Ten slotte ontving Griekenland 115 miljoen Duitse mark voor eerherstel van de nazi-misdaden. Maar ook dit geld kwam nooit in zijn geheel in GriekenLAnd terecht.

Met de herziening van de vraag naar herstellingen tracht Athene volgens de Financial Times tijd te winnen, en het volk gerust te stellen.  De Griekse vice-minister van financiën Staikouras is nu de motor achter de activiteiten en het maandag aangekondigde onderzoek naar vorderingen op Duitsland. De resultaten worden verwacht tegen het einde van het jaar. Dat geeft ook Griekse familieleden van vele duizenden Duitse slachtoffers slachtoffers de tijd om hun nog niet afgehandelde claims weer in te dienen.

Zie vorig bericht: 12-09-2012 - scroll naar beneden



Flinke belangstelling voor herdenking Market Garden



OOSTERBEEK, 24-09-2012 - De 68ste herdenking van de Operatie Market Garden, die zich tussen 17 en 25 september 1944 afspeelde, is voltooid. De laatste bijeenkomst vond zondagmorgen plaats op de oorlogsbegraafplaats in Oosterbeek, waar 1750 Britten en Polen liggen. Er namen 100 hoogbejaarde veteranen en vele honderden belangstellenden en ruim 1750 schoolkinderen aan deel - bij elk graf één, om bloemen te leggen.

Market Garden omvatte, naast het grondoffensief, de grootste geallieerde luchtlanding uit de geschiedenis, bij Arnhem.

Bijna 1.000 parachutisten brachten zaterdag met een sprong op de Ginkelse Heide in Ede de oorlogsdagen in herinnering.

Foto rechts: de herdenking op het ereveld in Oosterbeek. Een Poolse officier staat bij het monument op de begraafplaats, naast hem het Poolse vaandel van de 1ste Onafhankelijke Poolse Parachutistenbrigade met de versierselen van de Militaire Willems Orde. Klik op de foto voor de video van Omroep Gelderland.

Dat evenement trok volgens het ministerie van Defensie 75.000 bezoekers, onder wie de commandant landstrijdkrachten luitenant-generaal Mart de Kruif

Voor de grootschalige dropping hebben België, Duitsland, Engeland, Polen en de Verenigde Staten C-130 Hercules transportvliegtuigen, Transall C-160 toestellen en oude Dakota’s ingezet. Vanaf vliegbasis Eindhoven dropten die de militairen uit de verschillende landen.

Uit Nederland deden ongeveer 100 parachutisten van onder meer het 11 Infanteriebataljon Garderegiment Grenadiers en Jagers mee. Er zijn ook mannen gedropt afkomstig uit Canada en Italië.

Airborne Monument

Meer dan 60 oud-strijders kwamen vrijdagavond al naar het Airborne Monument in Arnhem om de kameraden van weleer de laatste eer te bewijzen met onder meer het leggen van een krans.De Operation Market Garden was voor Nederland na de Duitse en de Japanse aanvallen de grootste militaire gebeurtenis uit de oorlog.
De Brits-Canadees-Pools-Amerikaanse operatie mislukte echter door slecht weer, logistieke problemen en onverwacht sterke Duitse tegenstand. Bovendien leidde de operatie tot represailles door de Duitse bezettingsmacht.

Foto links: Britse veteranen tijdens de herdenking in Oosterbeek. Klik op de foto voor een videoverslag van Omroep Gelderland.

Op bevel van gouverneur Seyss-Inquart werden alle voedseltransporten naar het westen van Nederland geblokkeerd, met catastrofale gevolgen. Op 17 september 1944 was daarnaast al een algemene spoorwegstaking in werking getreden.

Het zuiden van Nederland werd eind 1944 wel bevrijd en de frontlijn liep ongeveer langs de grote rivieren. De winter 1944-45 was echter zeer koud, de rivieren en het IJsselmeer vroren zelfs dicht. Door de koude en de oorlog konden zowel over land als water geen voorraden naar het westen.

Daardoor stierven meer dan 20.000 Nederlanders in de Randstad de hongerdood, met de bevrijding in zicht. Ook buiten de Randstad vielen nog honderden doden en gewonden onder de Nederlandse bevolking, vooral door verhevigde Duitse represailles na aanslagen van het verzet. Door Market Garden sneuvelden er van de 30.000 deelnemende geallieerde militairen 18.000.




Veteranen herdenken ook dit jaar Market Garden
in Oosterbeek

OOSTERBEEK, 17-09-2012 - UPDATE 20-09-2012 - Ook dit jaar nemen Britse en Poolse veteranen deel aan de herdenkingen van de Operation Market Garden, de mislukte poging tot een geallieerde doorbraak die op 17 september 1944 begon en duurde tot 25 september 1944, en waarbij ongeveer 20.000 parachutisten en 15.000 luchtlandingsmanschappen betrokken waren.

Foto rechts: de herdenking op de Airborne begraafplaats in Oosterbeek, vorig jaar 2011.


Bij het Airborne Monument in Oosterbeek is maandagochtend de jaarlijkse herdenking van de Slag om Arnhem en de Operation Market Garden met een kranslegging van start gegaan.

Vandaag is het 68 jaar geleden dat zo'n 10.000 geallieerde parachutisten landden op en rond de Ginkelse Heide bij Ede. Vanavond worden bij het Airborne monument in Heelsum ook kransen gelegd zoals elk jaar.

In de loop van de week zal Market Garden op diverse plekken rond Arnhem worden herdacht. Ook dit jaar nemen daaraan volgens de organisatie ongeveer 70 veteranen en hun familieleden deel. De meesten van hen zullen pas woensdag of donderdag aankomen.

http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/e/e4/Operation_MARKET-GARDEN_-_82.Airborne_near_Grave.jpgDit weekeinde arriveren in het gebied een enkele honderden hoogbejaarde geallieerde oud-strijders uit de hele wereld, die bij de plechtigheden aanwezig willen zijn. Woensdag start de jaarlijkse vijfdaagse internationale jeugdconferentie over oorlog en vrede. De organisatoren willen de jeugd in 2014 bij de 70ste herdenking een hoofdrol geven.


Foto links: de landing van de 82nd Airborne Division bij Grave. Deze divisie ontving voor zijn grote inzet uit Nederland de Militaire Willemsorde; die eer viel ook de Poolse 1e Onafhankelijke Parachutistenbrigade

Programma

Hier volgt het programma van de Stichting Airborne Herdenkingen. Bij de John Frostbrug in Arnhem op het Airborne Monument Plein in Arnhem vindt vrijdag 21 september 2012 om 19 uur een herdenking plaats die altijd veel belangstellenden trekt. Op die plek liep de geallieerde opmars vast.

In aansluiting daarop houdt de gemeente een ontvangst voor belangstellenden, onder hen veteranen. In Oosterbeek is die dag een bloemlegging bij het monument van de provincie Gelderland bij het Airborne Museum Hartenstein. In dat pand bevond zich het Britse hoofdkwartier tijdens de strijd bij Arnhem.

Zaterdag 22 september 2012 vindt op de hei bij Ede de traditionele jaarlijkse paradropping plaats. Dit keer nemen ongeveer 1000 parachutisten deel. Ze springen uit historische Dakota's en ook uit moderne Hercules vliegtuigen van de Luchtmacht. Aan die sprongen
nemen tegenwoordig ook Duitsers deel. In verband met de herdenkingen zijn er omleidingen en wegafzettingen. Op zaterdag 22 september 2012 vindt op het Stadhuisplein in Oosterbeek de jaarlijkse taptoe plaats, die om 19 uur begint.

Op zaterdag 22 september 2012 organiseert Driel om 15 uur weer de traditionele herdenking voor de Poolse bevrijders van die plaats, de Poolse 1e Onafhankelijke Parachutistenbrigade onder leiding van generaal Stanislaw Sosabowski, die van veldmaarschalk Montgomery later de schuld van het mislukken van Market Garden kreeg. Om 17 uur is er in Driel de kranslegging bij het Engineers Monument, Drielse Rijndijk, Arnhem/Driel.

Zondag 23 september 20120 begint met de traditionele kerkdienst in Oosterbeek om 9 uur. Op de Airborne Begraafplaats in Oosterbeek daarna de geallieerde herdenkingsdienst plaats. Daar zijn begraven de 1700 Britten en Polen die sneuvelden in de regio (er sneuvelden ook Amerikanen, maar die zijn centraal op Margraten begraven of gerepatrieerd).

Er komen altijd ambassadeurs of andere vertegenwoordigers van de betrokken landen naar deze herdenking, maar dit jaar geen leden van het Britse koninklijk huis. De herdenkingsdienst eindigt met een 'fly past', een eresaluut van militaire vliegtuigen. Om 16 uur sluiten de herdenkingen met de kranslegging bij het Air Despatch Monument, Van Limburg Stirumweg in Oosterbeek.

Op 1 september 2012 vond al de eendaagse Airborne Wandeltocht plaats in Oosterbeek, waaraan dit jaar ruim 33.000 mensen deelnamen. Vorig jaar was dat ruim 34.000.


 Programma Stichting Airborne Herdenkingen 2012 

Maandag 17 september
09:00 - Kranslegging - Oosterbeek
19:00 - Kranslegging - Heelsum

Woensdag 19 september
20:00 - Opening Allied Youth Conference - Oosterbeek

Donderdag 20 september
18:00 - Jaarvergadering Airborne Herdenkingen - Oosterbeek

Vrijdag 21 september
09:30 - Bloemlegging - Oosterbeek
19:00 - Herdenking - Arnhem
20:00 - Ontmoetingsbijeenkomst - Arnhem

Zaterdag 22 september
10:00 - Luchtlandingen - Ede
15:00 - Herdenking - Driel
17:00 - Kranslegging - Driel
19:00 - Taptoe Oosterbeek (fotor echts)

Zondag 23 september
09:00 - Kerkdienst - Oosterbeek
11:00 - Herdenkingsdienst - Oosterbeek
16:00 - Kranslegging - Oosterbeek



Recordaantal hobbysoldaten herdenken Market Garden in Heeswijk


HEESWIJK, 14-09-2012 - Dit weekend wordt de Operation Market Garden herdacht, de geallieerde luchtlanding bij Eindhoven en Arnhem van 17 tot 25 september 1944.

Ongeveer 130 hobbysoldaten van onder meer de US-Airborne werkgroep van Living History Group Holland doen dit weekend mee aan een fors evenement "Dropzone-A1 Heeswijk" ter herdenking van de Operation Market Garden in Heeswijk bij Den Bosch

Dit aantal is volgens de organisatie een record, temeer daar het niet om een speciaal jubileumjaar gaat. De deelnemers komen uit bovendien uit 6 Europese landen: Engeland, België, Spanje, Zwitserland en ook Duitsland. De organisatie heeft verder extra publiciteit naar scholen in de regio gemaakt.
 
Het evenement vindt plaats In het weekend van 14, 15 en 16  september 2012. Op 17 september 1944 landden bij Kasteel Heeswijk tussen den Bosch en Veghel ca. 700 parachutisten, van de Amerikaanse 101ste Airborne Division, Dit was tijdens de start van operatie “Market Garden”.

De hobbysoldaten of re-enactors hebben een Tweede-Wereldoorlog-kampement ingericht met authentieke tenten, voertuigen, kleding, wapens, communicatieapparatuur en dergelijke. Deze activiteiten vinden plaats in en om Kasteel Heeswijk.

Het evenement biedt behalve het kampement enkele andere activiteiten.

Op vrijdag 14 september om 13.00 uur vindt er een herdenking plaats bij het Airborne monument nabij het Kasteel in aanwezigheid van de Amerikaanse Militair Attaché. Deze ceremonie is algemeen toegankelijk.

Op zaterdag 15 september zal een origineel Amerikaans troepentransportvliegtuig, een C-47 oftwel Dakota, de parachutisten aanvoeren. Tussen 14.30 en 16.30 uur zullen dan 45 parachutisten springen met een ronde bolparachute. Deze sprongen vinden plaats bij buurtschap Kameren in Heeswijk, nagenoeg op de originele dropzone.

Filthy 13
Ook zullen er veteranen van de 101st Division onder wie veteraan Jack Warner, vooralig lid van de 'Filthy Thirtteen', een onderdeel van de divisie dat achter vijandelijke linies objecten onklaar moest maken. Op deze eenheid werd het verhaal van de 'Dirty Dozen' gebaseerd. Verder ook veteraan John Primerano die destijds ca. 100 meter van het Kasteel is geland.

Het kampement is geopend voor publiek;
- Zaterdag 15 september   10.00 – 14.00 uur en, na parachutespringen, 16.00 – 19.00 uur
- Zondag 16 september     10.00 – 16.00 uur

De toegangsprijs is 1 euro p.p., kinderen t/m 12 jaar gratis.

Foto onder: Market Garden was en is nog steeds de grootste luchtlandingsoperatie uit de wereldgeschiedenis. Er werden 20.000 soldaten per parachute bij Eindhoven/Best (US 101st Airborne Div.) en bij Arnhem/Nijmegen (US 82nd Airborne Div., Polen, Britten) neergelaten en 14.500 per zweefvliegtuig afgezet. De operatie onder leiding van veldmaarschalk Montgomery mislukte door selcht weer,  en onvoorziene en sterke Duitse tegenstand en een te grote spreiding van de parachutisten.







Griekenland wil alsnog 6 miljard schadevergoeding

van Duitsland

ATHENE, 11-09-2012 - UPDATE 12-09-2012 - In Nederland werd tijdens de oorlog maar één dorp grotendeels vernietigd : Putten. De jaarlijkse herdenking daar is geen sinecure: er stierven ruim 550 Puttense mannen in het concentratiekamp Neuengamme en het gedenkpark ligt midden in het dorp.


In Griekenland vernietigden de Duitsers tijdens de oorlog honderden dorpen, en vermoordden zij vaak ter plaatse vele duizenden mensen - mannen, vrouwen, ouderen, kinderen. Volgens de Grieken is de rekening van 6 miljard daarvoor nog steeds niet voldaan.


Foto rechts:

het monument voor de ongeveer 1.000 geëxecuteerden in het daarna verwoeste dorp Kalavryta op de Peleponessos. Het dorp werd herbouwd, een schadevergoeding verwachten veel familieleden nog steeds.

Foto Guy Desbogries/Wikipedia.

Voor de Grieken is kennelijk de maat nu vol en moeten de Duitsers die rekening eindelijk helemaal gaan betalen. Dat de Grieken nu beginnen terug te slaan, komt niet uit de lucht vallen.


Foto links: sommige Griekse kranten beelden kanselier Merkel steevast af in nazi-uniform.


Al jaren klagen vooral gewone burgers, familieleden van getroffenen over het uitblijven van Duitse herstelbetalingen - en die geluiden zwellen nu door de economische crisis sterk aan, zowel bij links als rechts. Nu gaat die hele beweging een versnelling hoger en komt ook de Griekse staat in het geweer tegen Duitsland. Ruim 70 jaar na de oorlog gaat de Griekse staat nu in haar archieven zoeken naar onbekende schade die nazi-Duitsland heeft aangericht tijdens de Tweede Wereldoorlog, zo meldt het ANP.


Kreta

Veel van die schade is in Griekenland zelf uiteraard overbekend: op Kreta bijvoorbeeld werden tientallen dorpen vernietigd en zo'n 3.000 burgers - onder hen soms ook ouderen en vrouwen, standrechtelijk vermoord door Duitse militairen - meestal trouwens geen SS-ers.


Drie namen zullen zodoende in de komende tijd waarschijnlijk regelmatig vallen: Kreta, Distomo, voor buitenlanders het bekendst omdat er ook kinderen werden vermoord, en van Kalavryta (foto boven), het grootste Griekse 'Putten'.


Daar werden alle mannen boven de 12 jaar - zeker 674 en mogelijk 1430 in getal, dat is niet geheel zeker -  doodgeschoten, terwijl het dorp en 25 dorpen eromheen werden verwoest.

Foto links: een groep Griekse mannen uit het dorp Kondomari op Kreta, vlak voor hun executie. De mannen beseffen mogelijk niet dat zij binnen een half uur dood zullen zijn. Deze executie werd door een Duitse Kriegberichterstatter geheel gefilmd. Zie ook de foto geheel onder.


Schatting

De Griekse staat gaat nu een nieuwe schatting maken voor nieuwe betalingen van Duitsland aan Griekenland,  zo stelde het Griekse ministerie van Financiën maandag. Griekenland heeft eerder bekendgemaakt dat het zich het recht voorbehoudt om een claim van bijna 6 miljard euro bij Duitsland neer te leggen.


De Grieken stellen dat zij in de jaren 50 gedwongen zijn met een te kleine compensatie genoegen te nemen. Dat had ook te maken met de geringe politeke invloed die Griekenland bezat als klein en arm Middellandsezeeland.

Het armlastige Griekenland moet zoals bekend drastisch op overheidsuitgaven bezuinigen om in aanmerking te komen voor financiële hulp van de EU. Veel Grieken houden de grootste financiële macht in de EU, Duitsland,  verantwoordelijk voor deze zware bezuinigingen.

De Duitsers vielen Griekenland aan in het voorjaar van 1941, en veroverden het land binnen enkele weken in het verlengde van de overval op het toenmalige koninkrijk Joegoslavië.


Er waren wel Britse troepen in Griekenland, maar in dat stadium van de oorlog waren zij nog niet krachtig genoeg om de massale, moderne en sterk gemechaniseerde Duitse militaire macht te weerstaan. 


Foto rechts: op 26 april 1941 stonden de Duitse bezetters  op de Akropolis in Athene.


Op 26 april 1941 (foto rechts)  stonden de Duitsers zodoende op de Akropolis. De Griekse bevolking was echter sterk anti-Duits en het land leende zich met zijn uitgestrektheid en heuvels goed voor een partizanenstrijd. Die verhardde heel snel en hield niet meer op.

Nederland

In Nederland is de tragische Griekse oorlogsgeschiedenis nauwelijks bekend. Er is echter via Kreta een verbindende factor: de Duitse parachutistengeneraal Kurt Student.


Hij leidde op 5 mei 1940 de ernstig mislukte luchtlandingen op Den Haag en Rotterdam, waarbij hij honderden vliegtuigen verloor, 1200 man gevangen raakten, op de vlucht moest en bijna gevangen werd. Op Kreta achtten de Duitsers een luchtlanding in 1942 opnieuw het juiste middel, en ook dit keer leidde dat tot enorme verliezen, hoewel de verovering van het eiland lukte.


Generaal Student (foto links)  leidde ook die aanval, en hun grote verliezen brachten de Duitsers al binnen dagen tot snel escalerende wandaden tegen de burgerbevolking als vergelding voor de aanslagen van gewapende burgers - op dat moment nog niet georganiseerd in een partizanenverband. Enkele Grieken hebben een aparte Wiki gemaakt over het Duitse optreden op Kreta, met o.m. een lijst van wandaden en slachtoffers. Maar het bleef niet bij Kreta. Student stond wel terecht voor een Brits militair tribunaal in Lüneburg in 1946 en kreeg als opdrachtgever van bijvoorbeeld de moorden in Kondomari op Kreta 10 jaar, waarvan hij er 5 uitzat. Hij stierf op 88-jarige leeftijd in 1978.

Distomo

Eén van de bekendste massamoorden in Griekenland is die van Distomo (foto links, het monument), vlakbij Delphi. Op 10 juli 1944 vermoordde de 4. SS-Polizei-Panzergrenadier-Division in Distomo 218 mensen: mannen, vrouwen en onder hen ook 34 kinderen.


De aanleiding was de dood van 3 Duitse soldaten door een beschieting door partizanen. Nog op 23 juni 1997deed het Bonner Landgericht een uitspraak over deze zaak om de juiste toedracht vast te stellen. In oktober werd Duitsland door een Griekse rechtbank in Livadia veroordeeld tot 37,5 miljoen euro schadevergoeding.


De toenmalige Griekse regering werkte echter niet mee, en werd in 2003 door het Europees Hof voor de Mensenrechten daarvoor veroordeeld. Daaropvolgende civielrechtelijke procedures in Duitsland leverden tot in de hoogste instantie niets voor de betrokken Grieken op.


Daarna werd een poging ondernomen de vergoeding via een procedure in Italië los te krijgen. Ded Italiaanse rechtbank erkende in 2008 deze mogelijkheid, maar het Internationaal Gerechtshof in Den Haag verwierp deze zaak in januari 2012.

De uiterst wrede aanpak maakte Distomo tot de bekendste Griekse oorlogstragedie. Voor de betrokken familieleden leeft die zaak nog altijd. Op 9 maart 20120 hield dr Anestis Nessou uit Wuppertal in nota bene Düsseldorf een lezing over deze aanspraken.


Foto rechts: Duitsers laden een motor met zijspan in een driemotorige Ju-52 voor de landing op Kreta.


\Maar de internationale situatie is niet zonder meer gunstig voor dergelijke zaken. Italië verloor dit voorjaar een zaak tegen Duitsland bij het Internationaal Hof van Justitie in Den Haag.


De reden daarvoor was dat privéaanspraken van burgers door eerdere na-oorlogse verdragen tussen Duitsland en Italië over reparatiebetalingen, deze aanspraken onmogelijk maakten.

Aan de andere kant zijn er vooral bij zaken van roofkunst talloze gevallen, waarin eerdere, beperkende nationale overeenkomsten na 10 of 20 jaar toch buiten werking gesteld werden.


Familieleden, meestal kleinkinderen van de beroofden, kregen en krijgen puur op morele gronden toch nog een - vaak forse - vergoeding. En in Nederland en andere landen lopen deze zaken nog steeds, en het eind lijkt nog niet in zicht.

De Grieken willen nu een schatting maken voor nieuwe herstelbetalingen die Duitsland nog aan Griekenland zou moeten doen. Dat stelde het Griekse ministerie van Financiën maandag. Griekenland heeft eerder bekendgemaakt dat het zich recht voorbehoudt om een claim van bijna 6 miljard euro bij Duitsland neer te leggen. 


Foto rechts: De Duitse opmars met de Panzer II - zeker niet de krachtigste of meest onkwetsbare Duitse tank ooit, maar in combinatie met de Stuka en de gemechaniseerde infanterie voor het Griekse leger onverslaanbaar.


De Grieken stellen dat zij in de jaren 50 gedwongen zijn met minder compensatie genoegen te nemen dan waar zij recht op hebben. Dat had ook te maken met de geringe politieke invloed die Griekenland kon doen gelden als klein en arm Middellandse-Zeeland.

Het geplaagde Griekenland moet zoals bekend drastisch economisch op overheidsuitgaven bezuinigen om in aanmerking te komen voor financiële hulp. Veel Grieken houden de grootste financiële macht in de EU, Duitsland,  verantwoordelijk voor de zware bezuinigingen. 


Foto onder: de mannen van de foto boven, vlak na hun executie. Een soldaat is kennelijk bezig hen een hoofdschot te geven.









NIOD ontvangt uniek frontdagboek Henk Feldmeijer


AMSTERDAM, 20-06-2012 - Het NIOD heeft het frontdagboek van Henk Feldmeijer ontvangen.

De instelling zegt daar zeer verheugd over te zijn.  SS-kolonel Feldmeijer was ‘voorman’ van de Nederlandse SS.

In dit dagboek staan Feldmeijers ervaringen aan het Oostfront tussen 11 juni 1942 en 21 februari 1943, zo meldt het NIOD.Het dagboek is volgens het NIOD een uniek egodocument en geeft een zeer persoonlijk inzicht in het leven van één van de meest prominente collaborateurs uit de Tweede Wereldoorlog.


Foto rechts: Feldmeijer in Den Haag. Op zijn pet de wolfsangel, het symbool van de Nederlandse SS.


Het is historicus Bas Kromhout die dit dagboek op het spoor is gekomen. Hij is onlangs gepromoveerd op het proefschrift Henk Feldmeijer en de Nederlandse SS. Tijdens zijn onderzoek ontdekte hij volgens het NIOD een aantal nieuwe bronnen, waaronder een tot dusver onbekend frontdagboek van Feldmeijer.


Kromhout: ,,Dit unieke document stelt de onderzoeker in staat in de huid van een Nederlandse SS’er aan het oostfront te kruipen. Behalve aan de strijd zelf besteedt Feldmeijer onder meer aandacht aan de constante jacht op voedsel, de luizen en het vuil, de behoefte aan berichten van thuis, de verveling en de frustratie.”

Henk Feldmeijer (1910-1945), zoon van een Groningse beroepsmilitair, sloot zich in 1933 aan bij de NSB. De rebelse jonge student wis- en natuurkunde ontwikkelde zich in de loop van de jaren dertig tot beloftevol jong kaderlid binnen de beweging van ingenieur Mussert. In de oorlog raakte Feldmeijer verder verwijderd van de in zijn ogen gematigde ‘burgerman’ Mussert en vond hij aansluiting bij de radicale, Groot-germaanse richting binnen de NSB, die een opgaan van Nederland in Duitsland voorstond.

Feldmeijer werd met steun van de Höhere SS- und Polizeiführer (HSSPF) Hanns Albin Rauter op 9 september 1940 geïnstalleerd als ‘voorman’ van de Nederlandse SS, een Nederlands filiaal van Himmler’s SS-organisatie. Feldmeijer was een overtuigd SS-er en werd in toenemende mate door de Duitse bezetter beschouwd als een serieus alternatief voor de gematigde Mussert en in SS-termen ‘rasonzuivere’ Rost van Tonningen.

Nadat Feldmeijer in 1943 terugkeerde van het Oostfront, werd hij radicaler, raakte vaker in conflict met Mussert en greep naar steeds rigoureuzere middelen. Zijn betrokkenheid bij de zogenaamde Aktion Silbertanne – een serie sluipmoordaanslagen van Nederlandse SS’ers op leden van het verzet in 1943-1944 – was hiervan een van de meest sprekende voorbeelden. Op 22 februari 1945, op weg naar het front, werd de 34-jarige Feldmeijer nabij Raalte dodelijk getroffen door een geallieerde bommenwerper.

Het oorlogsdagboek van Feldmeijer is vanwege de Wet Bescherming Persoonsgegevens beperkt openbaar en kan na toestemming van het NIOD worden ingezien op de studiezaal.




Herbegrafenis op Ereveld Grebbeberg


RHENEN, 14-06-2012 - Twee Nederlandse soldaten die omkwamen tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn herbegraven op het Militaire Ereveld De Grebbeberg, zo meldt het ministerie van Defensie.


De soldaten Teunis van Wijk (35) en Adriaan de Zeeuw (29) sneuvelden beiden op 11 mei 1940, kort na de Duitse inval. Hun nabestaanden hebben verzocht hun stoffelijke resten over te brengen naar het Ereveld.


De 35-jarige soldaat Van Wijk was landbouwer van beroep en diende als dienstplichtige bij het 1e Bataljon van het 34e Regiment Infanterie. Hij sneuvelde in Dordrecht tijdens een aanval van Duitse troepen.


Soldaat De Zeeuw was bakkersknecht en maakte na de mobilisatie deel uit van de Staf van het 3e Legerkorps. Hij diende bij een Veldpostpeloton in Culemborg en kwam om om het leven tijdens een beschieting door een Duitse duikbommenwerper. Foto Defensie.


De nabestaanden van Van Wijk en De Zeeuw deden een verzoek aan Defensie om de resten over te brengen naar het militaire ereveld. Een pantserinfanteriebataljon draagt de beide soldaten donderdag naar hun laatste rustplaats, in het bijzijn van nabestaanden.Rode baretten herdenken invasie D-Day





Nederlandse rode baretten herdenken invasie D-Day



SAINTE-MÈRE-ÉGLISE, 12-06-2012 (NAGEKOMEN) - Nederlandse militairen hebben in Normandië deelgenomen aan de herdenking van D-Day, zo meldt het ministerie van Defensie.

Met een parachutesprong boven het vermaarde Normandische plaatsje Sainte-Mère-Église hebben militairen van de 11de Luchtmobiele Brigade op D-Day, woensdag de geallieerde invasie van 6 juni 1944 herdacht.

Foto rechts: de Rode Baretten tijdens de herdenking op het plein van Sainte-Mère-Église op 6 juni 2012, D-Day, in Normandië. Op de achtergrond de bekende kerk, waaraan de parachute met de pop hangt. Foto Defensie.

Het Normandische dorpje, achter Utah Beach in de Amerikaanse aanvalssector, maakte op 6 juni 1944 om 01:55 een luchtlanding mee.


Daarbij werden vele Amerikaanse para's van de 82nd Airborne Division gedood; één terwijl hij met zijn parachute aan de kerktoren hing. Als monument hangt er sindsdien een parachute met een pop aan de kerktoren (foto linksonder). Deze divisie verloor in Normandië  5.245 doden en werd later dat jaar ook bij Grave gedropt in het kader van Operation Market Garden.

De huidige herdenkingssprong, samen met para's uit de VS, Frankrijk, Duitsland en het VK, vormde een van de vele plechtigheden waaraan de rode baretten en militairen van 17 Pantserinfanteriebataljon Garderegiment Fuseliers ‘Prinses Irene’ de dagen rond D-Day hebben deelgenomen.


Op 5 juni 2012 kwam in Arromanches, ook on Normandië, traditioneel een groep voormalige Engelandvaarders van de Prinses Irene Brigade bijeen onder leiding van Engelandvaarder en.generaal-majoor b.d. Rudi Hemmes (foto rechts) om D-Day te gedenken. De brigade had aan D-Day overigens niet deelgenomen, maar kwam op 8 augustus 1944 in Frankrijk aan.

Eerder was er een kranslegging bij het monument ‘Iron Mike’ in het nabije La Fière voor de 82nd Division door onder anderen luitenant-kolonel Michael van den Berg, de adjunct-defensieattaché in Parijs. De Nederlandse militairen namen ook deel aan een herdenking bij het oorlogsmonument in het dorpje Graignes, waar zeer zwaar is gevochten en door de SS enkele oorlogsmisdaden zijn gepleegd.


Juist vóór 6 juni vond er ook een herdenking plaats op de grote Duitse militaire begraafplaats in het nabije dorpje La Cambe, waar 21.114 Duitse soldaten liggen. Ook daaraan heeft de Nederlandse delegatie van militairen deelgenomen.





Santa Fe Event 2012 dit jaar in Liberty Park Overloon

OVERLOON, 11-06-2012 - In Liberty Park in Overloon vindt dit jaar voor het eerst het Santa Fe Event 2012 plaats. Het bestaat uit enkele tientallen legervoertuigen uit WO2, die in het weekend van 16 en 17 juni 2012 demonstraties geven.

Er is ook een openluchttheater waar 2x per dag een parade met uitleg wordt gehouden. Anders dan bij Militracks, het evenement met militaire voertuigen dat  Liberty Park zelf organiseert, zijn hier voornamelijk geallieerde voertuigen present; bij Militracks vooral Duitse.

De organisatoren van Sante Fe noemen het 'een historische locatie, maar vooral een prachtige plek met ongekende mogelijkheden om een fantastisch 'living history' spektakel op te zetten voor de inwoners van Oost-Brabant en Noord-Limburg.'  Liberty Park biedt ruimte voor een rondrit van ongeveer 2 km door ruig en geaccidenteerd bos met veel heuveltjes en met veel plaats voor het publiek.

Meerijden kan op diverse voertuigen tegen betaling; jeeps e.d. € 5, halfrups € 10 en op de tanks voor € 40 p/p. De rondritten vinden 3x per dag plaats rond 11, 13 en 16 uur. Er zijn ook namaak-gevechten en wapendemonstraties. Er zullen ook tanks rijden. Klik hier voor het programma van Santa Fe Event 2012 op 16 en 17 juni 2012.




  K O R T    N I E U W S 
donderdag 7 juni 2012 - 1 bericht      


Dick Winters
In Sainte-Marie-du-Mont aan de Normandische kust werd een beeld onthuld van de Amerikaanse majoor Dick Winters. Hij leidde vanaf zijn landing op Utah Beach bij het dorp in Normanië op D-Day een compagnie Amerikaanse parachutisten, de Easy Company, van de 101st Airborne Division.

Zijn ervaringen staan min of meer in het boek 'Band of Brothers' van Stephen Ambrose. Steven Spielberg maakte daar ook een tv-serie van, die onder meer in Nederland is uitgezonden. Winters vocht ook in de Betuwe tijdens Market Garden. Hij vocht daarna nog in Bastogne, waar de Amerikanen zeer zware verliezen leden.

In 2006 publiceerde hij nog zijn eigen autobiografie 'Beyond Band of Brothers' . Winters werd o.m. benoemd tot ereburger van Eindhoven in 2007. "Er waren veel Dick Winters", zei voormalig gouverneur Tom Ridge van Pennsylvania, die het beeld onthulde door er een parachute in camouflagekleuren vanaf te trekken. Pennsylvania is de staat waar Winters op 2 januari 2011 op 92-jarige leeftijd overleed. Bij de onthulling waren nog vier veteranen van de Easy Company.



Margraten herdenkt Amerikanen


MARGRATEN, 22-05-2012 -   De herdenking van gevallen Amerikaanse soldaten op de begraafplaats te Margraten, vindt dit jaar op zondag 27 mei 2012 plaats. Dit is als elk jaar op de zondag voor Memorial Day (de laatste maandag in mei). De plechtigheid wordt georganiseerd door de American Battle Monuments Commission (ABMC). De Amerikaanse ambassadeur neemt altijd deel aan de plechtigheid.

In Margraten zijn 8301 Amerikaanse militairen begraven. Zij vielen deels bij de bevrijding van Zuid-Limburg, waarbij de Amerikanen als eerste bevrijders tijdens de oorlog Nederlands grondgebied betraden. Op 12 september 1944 was Eijsden in Z-Limburg de eerste plaats in Nederland die na de Tweede Wereldoorlog bevrijd werd, door een afdeling van het Amerikaanse XIX legerkorps.

Er liggen echter ook Amerikanen die in Duitsland of België vielen. In Duitsland is geen officiële Amerikaanse begraafplaats met soldaten uit WO2. Ruim 176.000 gesneuvelde Amerikaanse militairen hebben een benoemd graf. Nederland telt 450 andere plaatsen waar geallieerden begraven zijn.

Er wordt nu in  de gemeente Eijsden-Margraten gewerkt aan het opzetten van een Margraten Memorial Center. In maart verscheen verder het boek 'Margraten Boys', een geschiedenis van oorlogskerkhof Margraten. Dat alle graven op het oorlogskerkhof nog altijd verzorgd worden door vrijwillige burgers, trok de aandacht van een schrijver, de Australische Belg Peter Schrijvers, die deze adoptietraditie onderzocht. 

Er is sinds 6 jaar jaarlijks een gratis memorial concert, dat vorig jaar in september 3.000 mensen trok. The Netherlands American Cemetery and Memorial, zoals de begraafplaats officieel heet, is de enige Amerikaanse militaire begraafplaats in Nederland.








 

I N D E X
Scrol naar beneden



23-10-2012
Poolse ambassadeur onthult monument voor Polen in  Oosterhout

23-10-2012
'Operation Antwerp X': vanavond op Canvas

12-10-2012
Irenebrigade: nieuwe canon en beëdiging

11-10-2012 
V-fonds subsidieert Liberation Route  met € 215.000

4-10-2012
Presentatie Liberation Route Europe in Brussel

3-10-2012
Oorlogsdagboek in Helmond opgedoken

2-10-2012
Daders grootste Italiaanse massamoord in Duitsland vrij

02-10-2012
Herbegrafenis Britse veteraan in Oosterbeek

1-10-2012 
Onbekende Kampfgruppe Chill hield geallieerden 4 maanden op in Brabant in 1944

24-09-2012
Duitse hoogleraar: Duitsland heeft al veel betaald aan Griekenland

24-09-2012
Flinke belangstelling voor herdenking Market Garden

14-09-2012
Recordaantal hobbysoldaten herdenken Market Garden in Heeswijk

12-09-2012
Griekenland wil alsnog 6 miljard schadevergoeding van Duitsland

20-06-2012
NIOD ontvangt uniek frontdagboek Henk Feldmeijer

14-06-2012
Herbegrafenis op Ereveld Grebbeberg

12-06-2012
Nederlandse rode baretten herdenken invasie D-Day

11-06-2012
Santa Fe Event 2012 dit jaar in Liberty Park Overloon

K O R T  N I E U W S
  donderdag 7 juni 2012 - 1 bericht     


22-05-2012 
Margraten herdenkt Amerikanen