Skip to main content

...............................................................................................................

.......................................................
NIEUWS WO2
ACHTERGRONDEN
Achtergronden 2014
Achtergronden 2013
Achtergronden 2012
Achtergronden 2011
Aanslagen op Hitler
10 vragen over de oorlog
Boekenlijst WO2
Boere: Aken-blog
Churchill
Curaçaose stakers 1942
D-day 2014
Dossier Vorden 2013
Dossier Wulff en Gauck
Gauck niet-Faber wel
Euthanasie
Februaristaking
Gauck PERS
Geschiedvervalsing
Grijs verleden
Herzberg-lezing
Hilversum oorlog
Koninkrijk - De Jong
Market Garden 2014
Mein Kampf h1
Mein Kampf h2
Mgr Lampert: onthoofd
Rode Kruis
Roofkunst
Roofkunst links
Troostmeisjes
Verliezen WO2 per land
WO1 - De machine
Colofon
70 jaar bevrijding
Onderduyik
Churchill pers
BEZETTING NL
CURIOSA VAN DE OORLOG
DOSSIER KLAAS FABER
DOSSIER MARKTPLAATS
FOTO'S
JODENVERVOLGING
LANDOORLOG
LUCHTOORLOG
OORLOGSDAGBOEK
OVERZICHT WO2
VANDAAG GEBEURD
ZEEOORLOG
Memobord gastenboek
Indie-45-50
marktplaats-fotos
Leestafel
marai
INDEPERS

N I E U W S  -   W O 2  T K 

  




  A   C   H   T   E   R   


  G  R  O  N  D  E  N  


v a n     d e

O  O  R  L  O  G    2 0 1 3




Codekraker Alan Turing ontvangt postuum gratie en eerherstel




LONDEN, 24-12-2013 - Koningin Elizabeth II heeft de Britse wiskundige Alan Turing (23 juni 1912 – 7 juni 1954) postuum gratie verleend. Turing, beschouwd als de grootste kraker van nazi-Duitse militaire geheimschriften tijdens de oorlog, kreeg in de jaren '50 veroordeling voor homosexuele daden (toen nog verboden in de UK). Turings werk bekortte volgens historici en hoge militairen de oorlog met minstens 2 jaar.


De veroordeling is nu officieel ongedaan gemaakt, via het zg. 'Royal Prerogative of Mercy'. Al jaren drongen Britse professoren en politici daar op aan en in juni van dit jaar maakte de Britse regering bekend een officieel voorstel te hebben ingediend.

"Alan Turing was een bijzondere man die een hoofdrol speelde in de redding van dit land tijdens de 
Tweede Wereldoorlog", zei premier Cameron vandaag. In 2012 werden overal in de westerse wereld herdenkingen gehouden van Turing en zijn werk, vanwege zijn 100ste geboortejaar.

Tijdens de oorlog ontwikkelden Turing en zijn medewerkers een constante wijze om de onbreekbaar geachte Enigma-codeermachine (foto links) van de nazi's te kraken. 


Deze was al in 1932 door de Polen gekraakt, maar latere Duitse verbeteringen deden dat werk goeddeels teniet. Turing werkte op het landgoed Blechtley Park in Buckinghamshire, zo'n 80 km boven Londen, de strikt geheime codeerschool van de Britse geheime dienst. 


Dankzij de daar ontwikkelde Turingmachine, de zg. 'bombe' konden de geallieerden de geheime boodschappen van nazi-Duitse onderzeeërs blijven ontcijferen. Dit project droeg bij de geallieerden de codenaam 'Ultra'. 


U-Boote

De nazi-onderzeeërs dreigden de cruciale aanvoer van grondstoffen, voedsel, wapens zoals tanks en andere goederen zoals vrachtwagens naar Engeland en de Sowjet-Unie lam te leggen, terwijl de nazi's ook de toenamlige grootste raffinaderij ter wereld, Curaçao, met hun onderzeeërs aanvielen. Dankzij Ultra kon op de U-Boote de overwinning behaald worden.


Churchill
Winston Churchill zei tegen koning George VI: "It was thanks to Ultra that we won the war.". Kolonel (Group Captain) F. W. Winterbotham haalde de geallieerde opperbevelhebber Dwight D. Eisenhower, aan, die heeft gezegd dat Ultra 'beslissend' was voor de geallieerde overwinning. 


Sir Harry Hinsley, de officiële historicus van Britse spionage  tijdens de oorlog, vond dat Ultra de oorlog bekortte "by not less than two years and probably by four years"; en dat het bij het ontbreken van Ultra onzeker zou zijn hoe de oorlog afliep (die vaststelling lijkt in het licht van de Sowjet-inspanning bij het verslaan van de nazi's niet houdbaar).


Turings bombe (een replica in Bletchley Park, foto rechts) is een voorloper van de moderne computer. Volgens deskundigen en politici na de oolrog zorgde zijn werk er voor dat de oorlog ongeveer een jaar korter was en heeft Turings werk op die manier werden duizenden levens gered. 

Turing, ook wel aangeduid als de 'Einstein van de wiskunde', stierf in 1954 op amper 41-jarige leeftijd. Hij overleed aan een cyanide-vergiftiging. Officieel luidt het dat hij zelfmoord pleegde, maar daar wordt volgens de NOS steeds meer aan getwijfeld. Na zijn veroordeling kon Turing kiezen uit gevangenisstraf of chemische castratie. Hij koos het laatste, maar raakte zijn werk kwijt omdat zijn veiligheidserkenning werd ingetrokken en werd depressief.





Discussie rond Vrijheidsmuseum WO2 in Nijmegen loopt nog


NIJMEGEN, 5-12-2013 - Het voorgestelde Vrijheidsmuseum WO2 dat in het fabriekscomplex Vasim in Nijmegen moet ko­men, kan grote tekorten opleveren. Nijmeegse raadsleden plaatsten gisteravond in een raadsvergadering daarover kritische opmerkingen. Ook zal het plan onderwerp worden van een referendum in Nijmegen.

Op de raadsvergadering van gisteravond stelde o.m. de SP raadslid Molenaar kritische vragen, o.m. over het gat van € 150.000 op de exploitatierekening. De SP steunt een referendum over het plan en een nader onderzoek dat door de SP-fractie in de provincie is voorgesteld. De SP wil evenmin dat de gemeente moet meebetalen.

GroenLinks (GL) is bang voor een financieel zwart gat en wil een nader voorstel van B&W. Er moet nog € 8 ton aan subsidies en sponsorgelden worden zekergesteld, zo stelde GL. Ook maakt GL bezwaar tegen de eis van subsidiënt het Vfonds dat er dit jaar nog een raadsbesluit moet komen

Ook de VVD heeft zorgen zo stelde raadslid Wools, over het ontbreken van een sluitende exploitatierekening. Hij wil in het raadsbesluit laten vastleggen dat de gemeente nooit een structurele subsidie aan het project kan en zal geven. De VVD wil ook een garantie van een derde partij en een regeling dat de grond van het museum bij mislukken van het plan terugvalt aan de gemeente.

Ikea

Directeur Wiel Lenders van het National Bevrijdingsmuseum in Groesbaak is een van de initiatiefnemers van het nieuwe museum, en vindt de opmerkingen van de raadsleden over het algemeen positief.

Hij wijst erop dat er in absolute zin een algemene toename van de belangstelling voor WO2-instellingen is. Bij vrijwel alle musea en instellingen groeide het bezoek vrijwel doorlopend de afgelopen 5 jaar.

Hij ziet zijn eigen museum in Groesbeek wel als mogelijk onderdeel van het nieuwe Vrijheidsmuseum, op voorwaarde van nieuwbouw in Groesbeek.

Wat betreft het nieuwe militaire museum in Soesterberg ziet hij geen probleem, om dat daar de collectie WO2 uiterst beperkt wordt. "We hebben meer concurrentie van Ikea dan van Soesterberg" zegt Lenders.Op 18 december zal de raad over het plan stemmen, maar mogelijk wordt die datum uitgesteld vanwege het referendum.



Volgens het onafhankelijke bureau Boei, een non-profit organisatie die zich bezighoudt met herbestemmen van industrieel erfgoed kan het museum grote tekorten opleveren.

Volgens het bureau dreigt er een exploi­tatietekort van ruim 7 ton. De initiatiefnemers gingen zelf uit van een tekort van maximaal 200.000 euro. Bovendien heeft het college van B&W voorgesteld het terrein rond het geplande musem voor € 1,7 miljoen op te knappen.
 
Boei heeft het ondernemings­plan van het nieuwe museum doorgerekend in op­dracht van de huidige ondernemers gevestigd in het Vasimgebouw.

Deze groep is kritischer dan de plannenmakers van het museum. De ondernemers verwachten een groot aantal risi­co’s, die de initiatiefnemers volgens nu nog ontkennen.

Boei spreekt van een onvolledig on­dernemingsplan. Het bureau vindt onder meer dat het entreegeld van gemid­deld 9 euro dat nu het uitgansghunt van de plannenmakers is, aan de hoge kant is.

Ook vinden de onderzoekers dat de plannenmakers zich te rijk rekenen met inkomsten uit de ho­reca. Twijfels bestaan verder bij de samenwerking met andere partners voor het opzetten van gezamenlijke ma­nifestaties in de Vasim. Boei denkt dat andere partijen alleen meedoen als ze er zelf, ook financieel, van profiteren. Boei vreest zelfs voor ‘kanniba­lisme’.

Directeur Wiel Lenders van het Bevrijdingsmuseum in Groesbeek is bezig steunbetuigingen voor het museum te verzamelen. Hij is één van de initiatiefnemers, samen met het Airborne Museum in Oosterbeek en het Oorlogsmuseum Overloon. Lenders heeft volgens dagblad De Gelderlander afgelopen weekeinde de ruim 100 adhesiebetuigingen voor het nieuwe museum gebundeld.

Het plan krijgt steun van o.m. de Radboud Universiteit, het cultuurhistorisch platform Rijk van Nijmegen met 34 organisaties, de Kamer van Koophandel, het Openluchtmuseum in Arnhem en 9 landelijke herinneringscentra en musea 1940-1945. Bovendien steunen vrijwel alle hotels en bed & breakfasts het museuminitiatief.

De Nijmeegse wethouders Hannie Kunst en Henk Beerten menen volgens De Gelderlander dat de vestiging van een Vrijheidsmuseum in de Vasim de beste kans is om dit complex een nieuwe toekomst te bieden. "Zonder een Vrijheidsmuseum in dit complex komen er geen miljoenen van de provincie en het vfonds voor een vernieuwing van de Vasim."

Het complex heeft wegens achterstallig onderhoud snel een forse opknapbeurt nodig. Dat laatste kan volgens de wethouders gecombineerd worden met het museum.









SP Gelderland en provincie N-Brabant twijfelen aan Vrijheidsmuseum WO2


ARNHEM, 27-11-2013 - De Gelderse SP-fractie in de Provinciale Staten van Gelderland twijfelt aan de haalbaarheid van het geplande Vrijheidsmuseum in Nijmegen. SP-statenlid Peter de Vos (foto links, foto SP Gelderland) wenst daarom een onafhankelijk onderzoek.

ZIE OOK HET BERICHT HIERONDER DD
27-11-2013 Airborne Museum Oosterbeek neemt afstand van Vrijheidsmuseum WO2

Verder is er een discussie gestart bij de buurprovincie, Noord-Brabant, over de concurrentie met het grote oorlogsmuseum in Overloon in de gemeente Boxmeer.

Ook is er in Nijmegen een succesvolle handtekeningenactie tegen het nieuwe museum, met het doel een gemeentelijk referendum. De handtekeningenactie is een initiatief van de groep 'Bevrijd de Vasim' . Deze heeft volgens De Gelderlander dinsdag 1.833 handtekeningen van Nijmegenaren aan de gemeente Nijmegen.Er waren er 826  nodig.

Er zijn volgens de SP in Gelderland nog teveel onduidelijkheden over de haalbaarheid daarvan. De SP wil met een onafhankelijk en wetenschappelijk verantwoord onderzoek voorkomen dat de besluitvorming alleen wordt bepaald door het verhaal van de initiatiefnemers.


Foto rechts: het Vasim-gebouw, waar het nieuwe museum moet kkmen, maar dat ju nog in gebruik is bij een aantal kunstenaren en hun organisaties.

Het geplande Vrijheidsmuseum gaat niet alleen de WO2 belichten, maar ook het voorspel en de Europese samenwerking na de oorlog. Gedeputeerde Staten van Gelderland stelt voor dat de provincie 6 miljoen geeft aan het Nijmeegse museum.

Ook het Vfonds en de gemeente Nijmegen willen met ieder een dergelijk bedrag subsidie afkomen. Provinciale Staten moet nog oordelen over het voorstel.

SP-Statenlid Peter de Vos: "Een onafhankelijk onderzoek voorkomt tunnelvisie en een te rooskleurig verhaal. Er zijn al vaker onderzoeken geweest door initiatiefnemers met mooie plannen die in de praktijk dan toch tegenvielen." Volgens ramingen van de bedenkers van het plan zullen er ongeveer 200.000 bezoekers per jaar verschijnen. Museum Overloon - het grootste oorlogsmuseum van Nederland met veruit de grootste collectie op een terrein van enkele hectaren - heeft er momenteel  rond 100.000 per jaar.

Dat aantal daalt licht. Bij vrijwel alle andere oorlogsinstellingen in Nederland stijgt echter het bezoekersaantal de laatste jaren, wat wordt toegeschreven aan vooral de toenemende belangstelling van 60-plussers die ook nog eens geld en veel vrije tijd hebben.

Wat de SP betreft moet er, voorafgaande aan het onderzoek, een brede begeleidingscommissie worden samengesteld met daarin zowel de voor- als tegenstanders. Het onderzoek moet absoluut onafhankelijk zijn en van wetenschappelijke kwaliteit. De Vos: “Door verschillende partijen wordt er een `gevoel van haast` gecreëerd bij dit onderwerp. We willen voorkomen dat er onder die druk te snel besloten wordt. We willen achteraf geen verwijten zoals bij de Floriade of Orientalis krijgen. Voor de realisatie van het Vrijheidsmuseum wordt aan de provincie een aanzienlijke bijdrage gevraagd. Een goed onderzoek vooraf is dan ook essentieel.”

Met de actie wil Bevrijd de Vasim een referendum afdwingen over de verkoop van het oude industriepand van de voormalige fabriek de Vasim voor 1 euro aan de nieuwe stichting WOII, die het Vrijheidsmuseum in het pand wil vestigen. De verkoop zou het einde betekenen voor de nu gevestigde kunstenaren in het pand.

De Nijmeegse raad besluit op 4 december over het collegevoorstel om de Vasim te verkopen en of 'Bevrijd de Vasim' een referendum krijgt. Voor zo'n referendum moeten er 3.304 handtekeningen komen, waarna de raad dient te besluiten over de volksraadpleging. Dit is echter referendum niet bindend.






Barak 1b in Vught vandaag heropend


VUGHT, 27-11-2013 - Barak 1b van het concentratiekamp Vught wordt vandaag na een lange restauratie heropend. 

Martin van Rijn, staatssecretaris van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport verricht de opening.


Het is de laatste authentieke stenen barak van het voormalige SS-concentratiekamp Vught, zo meldt het huidige Nationaal Monument Kamp Vught dat op die plek gevestigd is.

Nu komt er voor het eerst ook aandacht voor de naoorlogse geschiedenis van Kamp Vught.


Daarnaast biedt het gebouw met workshopruimtes nieuwe mogelijkheden voor het educatieve aanbod van Nationaal Monument Kamp Vught. De barak werd na het einde van de oorlog gebruikt voor de opvang van Molukkers en is omgebouwd tot een tentoonstellingsruimte.

De kampbarak 1 aan de Lunettenlaan is sinds 2001 een rijksmonument. Barakdeel 1B stond leeg tot de stichting (een samenwerkingsverband van het Moluks Museum, Vughts Museum en Nationaal Monument Kamp Vught) in 2010 het recht van opstal verkreeg, zo meldt her herinneringscentrum kamp Vught. 


Foto rechts: een luchtfoto van het kamp, waarschijnlijk 10 jaar na de oorlog. Foto www.barak1b.nl.


Er is nu een vaste presentatie ontwikkeld over de geschiedenis en functies van de barak. De expositie bestrijkt vier periodes: het concentratiekamp (1943-1944), het opvangkamp voor Duitse burgerevacués uit het grensgebied (1944-1945) en het interneringskamp (1944-1949).


Sinds 1951 is een deel van het kamp in gebruik als woonoord ‘Lunetten’ voor Molukse ex-KNIL-militairen en hun gezinnen. In barak 1B komen zo de lotgevallen samen van tienduizenden mensen die in een periode van 20 jaar noodgedwongen op deze plaats verbleven.

Barak 1B is vanaf 30 november vooralsnog geopend op woensdag, zaterdag en zondag (12.00-17.00 uur); groepen op afspraak. De entree is vrij.

Directeur Jeroen van den Eijnde: “Barak 1B is één van de ‘plaatsen van herinnering’ in ons land, waar je het verleden van heel dichtbij ervaart. In barak 1B kan nu – naast het verhaal uit 1943-1944 – de vaak nog onbekende, boeiende, complexe en soms ook traumatische naoorlogse geschiedenis van deze plek worden verteld, in aanvulling op het verhaal dat we over Kamp Vught vertellen in ons herinneringscentrum.”


Foto links: de restauratie van barak 1b. Foto www.barak1b.nl.

De Stichting Barak 1B heeft sinds februari 2010  geld geworven en steun gekweekt  voor de restauratie en inrichting van dit gebouw, met een oppervlak van liefst 500 vierkante meter. Inmiddels is de stichting opgegaan in die van NM Kamp Vught, die de ‘dependance’ exploiteert.


In totaal is 900.000 euro besteed aan de restauratie van het rijksmonument, naast ruim 500.000 euro voor de inrichting van het gebouw met vaste expositie, workshopruimtes en andere faciliteiten. Het Vfonds in het nabije Den Bosch was hierbij de belangrijkste financier met een bijdrage van 800.000 euro.

Voor de barak is een aparte website opgezet: www.barak1b.nl.







Airborne Museum Oosterbeek neemt

afstand van Vrijheidsmuseum WO2



MALDEN,23-11-2013 - Het Oosterbeekse Airborne Museum heeft neemt afstand van haar aanvankelijke betrokkenheid bij de ontwikkeling van het geplande Vrijheidsmuseum WO2 Nijmegen.


Foto rechts: het Airborne Museum in Oosterbeek.


Dat blijkt onder meer uit antwoorden die de Renkumse D66 van B&W ontving over de rol van het museum binnen dit plan en een artikel in het Oosterbeeks blad Hoog en Laag.

Directeur Jan Hovers van het Airborne Museum bevestigt de stap. In 2010 ontwikkelden het Airborne Museum ‘Hartenstein’, het Nationaal Bevrijdingsmuseum 1944-1945 in Groesbeek en het Oorlogsmuseum in Overloon het plan voor een nieuw overkoepelend oorlogsmuseum in Nijmegen.


In overleg met het Vfonds en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport onderzochten de drie musea de haalbaarheid van een nieuw museum.

Het mogelijke Vrijheidsmuseum WO2 heeft nu een eigen bestuur onder voorzitterschap van kol. b.d. Louis Timmermans uit Malden. Een verdere samenwerking sluit Hovers niet uit. Voorzitter Timmermans bevestigt desgevraagd de visie van Hovers. Hij verwacht dat het plan voor het museum doorgaat en dat binnen twee of drie weken de provincie Gelderland en de gemeente Nijmegen zullen besluiten of zij het nieuwe museum zullen steunen of niet. Onder de afgevaardigden bestonden nog vragen en kritiek.

Volgens Hovers heeft het Airborne Museum 3 jaar bijgedragen aan het onderzoek. In Oosterbeek komt de nadruk nu te liggen op 2014, wanneer de Slag om Arnhem 70 jaar geleden is en er veel activiteiten plaatsvinden. Ook starten het museum de bouw van een nieuwe ruimte voor wisseltentoonstellingen en komen er met de Gemeente Arnhem nieuwe plannen rond het informatiecentrum bij de John Frostbrug en de Eusebiuskerk in Arnhem, beide belangrijke punten in de herdenking van de slag.


Foto links: kol. b.d.Timmermans.

Kol. Timmermans van het Vrijheidsmuseum WO2 zegt dat de voorgestelde exploitatiebegroting op basis van een geschatte 200.000 bezoekers per jaar voor het nieuwe museum uitkomt op een tekort van 1,5 ton per jaar. Dit aantal bezoekers is tweemaal zoveel is als het grote museum Overloon, dat de grootste particuliere collectie uit WO2 bezit, inclusief tanks en vliegtuigen, maar erg afgelegen ligt bij Venray zonder station in de buurt.

Kol. Timmermans verwijst ook naar bijv. het bezoekersaantal van een nieuw museum als Beeld en Geluid in Hilversum, dat in 2012 al 250.000 haalde. Vrijwel alle oorlogsinstellingen zien over de afgelopen drie jaar hun bezoek stijgen.

Kol. Timmermans zegt ook nog geen plannen te hebben voor overname van delen van de collectie van het gesloten Legermuseum en het gesloten Militaire Luchtvaart Museum, waarvan de grootste delen van de collectie op het gebied van WO2 niet tentoongesteld worden maar opgeslagen liggen of afgestoten zullen worden.





Totaal 46.000 Joodse gevangenen in Hollandsche Schouwburg

AMSTERDAM, 20-11-2013 - Zeker 46.104 Joodsemensen zaten tijdens de oorlog gevangen in de Hollandsche Schouwburg in Amsterdam. Dat stelt een boek over het gebouw dat dinsdag is verschenen.


Het getal was niet eerder bekend over dit theater, dat voor de nazi-Duitsers diende als verzamelcentrum van gearresteerde Joden die cvandaar naar Westerbork werden gezonden.

Conservator Annemiek Gringold onderzocht de Hollandsche Schouwburg als deportatieplek. De nazi's gebruikten het theater in de binnenstad van Amsterdam van 20 juli 1942 tot 19 november 1943.

Van kamp Westerbork gingen de mensen naar de vernietigingskampen in het oosten. Het ging zowel om Joden uit Amsterdam als van buiten de hoofdstad. Lange tijd bestonden er alleen schattingen over het aantal Joden dat gevangenzat, uiteenlopend van 18.000 tot 80.000 personen.

De Amsterdamse Joodse bvolking bedroeg in 1940 bij het uitbreken van de oorlog 75.000 mensen, eentiende van de totale Amsterdamse bevolking. Waarom er maar een deel van de Amsterdamse Joden in de schouwburg terecht kwam is niet duidelijk. Gringold onderzocht archieven en transportlijsten, waardoor een nauwkeuriger aantal duidelijk werd.

Ook was lange tijd mistig hoeveel dagen de Joden in de Hollandsche Schouwburg doorbrachten. Gringold ontdekte dat de gearresteerden gemiddeld 5,6 dagen bleven in 'het voorportaal van de dood'. Dat gebeurde overigens onder mensonterende omstandigheden. Het gebouw was bovendien niet berekend op overnachtingen, er viel geen dagklicht in, het was er bedompt. Alleen achter was een kleine binneplaats, waar foto's van bestaan. De sanitaire voorzieningen waren ontoereikend, waardoor de donkere rekwisietenruimte en de orkestbak soms werd gebruikt voor hun ontlasting.





Nog 2 oorlogsslachtoffers mogelijk na 71 jaar geïdentificeerd dankzij DNA



LOENEN, 14-11-2013 - Mogelijk worden er nog 2 oorlogsslachtoffers geïdentificeerd dankzij DNA-ondferzoek. Dat blijkt uit een toelichting van het Landelijk Bureau Vermiste Personen van de politie. Zij waren in een graf van 4 mensen gevonden, waarvan er één, Guus van Batum, is geïdentificeerd.


Op lijsten van de Sicherheistdienst staan vier mensen als op die dag, 24 juli 1942, geëxecuteerd. Volgens teamleider Irma Schijf heeft één van hen geen familie en zal dus waarschijnlijk niet geïdentificeerd worden. De zoektocht van de politie naar mannelijke verwanten gaat verder.


Foto rechts: het Muiderpoortstation middenin in Amsterdam-Oost.


Enkele dagen terug werd, 71 jaar na zijn dood, een onbekend slachtoffer van de Tweede Wereldoorlog alsnog geïdentificeerd. Het is Guus van Batum, geboren in 1899 , een Amsterdamse machinist .


Doordat een familielid van hem DNA afstond kon uitgevonden worden wie hij was, zo heeft de werkgroep Vermiste Personen Tweede Wereldoorlog vastgesteld. Het graf van Guus van Batum op het ereveld in Loenen is onlangs in het bijzijn van zijn nabestaanden hernoemd. Het bericht over Van Batum werd al op 7 november gepubliceerd. 


Amsterdammer Guus van Batum werd in december 1941 hij gearresteerd voor medeplichtigheid aan diefstal uit een distributiekantoor in Amsterdam-Oost en overgedragen aan de Duitse Sicherheitsdienst. Het nazi-Duitse Obergericht in Nederland veroordeelde hem in april 1942 ter dood. Hij werd gevangen gezet in het Oranjehotel, het huis van bewaring in Scheveningen.


Op 24 juli 1942 meldde de nazi-Duitse bezetter dat het vonnis was voltrokken. Als extra straf voor de familie kreeg deze niet te horen waar Van Batum was begraven. Dat blijkt nu in Den Haag te zijn geweest, op de Waalsdorpervlakte.


Foto links: Gerard Putter, die in 2009 werd geïdentificeerd.


Na de oorlog was er geen naam te vinden bij dit stoffelijk overschot. Van Batum hoorde tot een groep van 28 ter dood veroordeelden waarvan de identiteit onbekend was. Daarom werden deze slachtoffers als 'onbekende Nederlander' herbegraven op het Ereveld in Loenen. Van Batum is de vijfde persoon van deze groep sinds 2009 waarvan nu bekend is geworden  wie hij was.


Uit documenten blijkt dat op 24 juli vier Nederlanders zijn geëxecuteerd. Van Batum moet een van hen zijn geweest. De identificatie van Van Batum is nu wel gelukt, omdat de onderzoekers DNA van zijn nu 83-jarige zoon konden gebruiken. Het Landelijk Bureau Vermiste Personen van de politie hoopt de identiteit van de 3 andere geëxecuteerden te achterhalen. Het bureau zoekt daarom familieleden van deze slachtoffers.


De Werkgroep Vermiste Personen Tweede Wereldoorlog heeft in 2009 de eerste van de 28 onbekende Nederlanders, die liggen begraven op het Ereveld in Loenen, geïdentificeerd door middel van DNA-onderzoek. Dit was de eerste keer dat een Nederlands slachtoffer van de Tweede Wereldoorlog is geïdentificeerd met behulp van DNA-analyse.


De Werkgroep Vermiste Personen Tweede Wereldoorlog bestaat uit medewerkers van het Korps landelijke politiediensten (KLPD), DNA-afnemers van de regiopolitiekorpsen IJsselland en Brabant-Noord, specialisten van de Bergings- en Identificatiedienst van de Koninklijke Landmacht en medewerkers en vrijwilligers van het Nederlandse Rode Kruis.

Op basis van hulpverzoeken van families van vermisten op Nederlands grondgebied onderzoekt de werkgroep vermissingszaken uit de Tweede Wereldoorlog. Nog ongeveer 600 vermissingszaken zijn onopgelost gebleven.

De werkgroep roept nabestaanden op van vermisten, waarvan men het vermoeden heeft dat deze op de Waalsdorpervlakte zijn gefusilleerd en die nog geen contact hebben gehad met het Rode Kruis, om zich te melden bij het Rode Kruis, afdeling Oorlogsnazorg, Postbus 28120, 2502KC Den Haag of via het e-mailadres vermistepersonenWO2@redcross.nl. .

De tot dan toe onbekende Nederlander was de verzetsman G.M.T. (Gerard) Putter. Het laatste wat over de heer Putter bekend was, is dat hij gevangen zat in het huis van bewaring te Scheveningen, en op 1 december 1942 gefusilleerd zou zijn op de Waalsdorpervlakte.


De Bergings- en Identificatiedienst van de Koninklijke Landmacht (BIDKL) voerde de opgraving uit en het onderzoek aan de stoffelijke resten uit. Vrijwilligers van het Nederlandse Rode Kruis onderzochten de geschiedenis en legden het contact met de nabestaanden. De Oorlogsgravenstichting verleende de benodigde toestemming om het graf te openen.


Het DNA van de familie werd afgenomen door medewerkers van verschillende regionale Politie-eenheden. Het Nederlands Forensisch Istituut voerde met succes het DNA-verwantschapsonderzoek uit, dat werd gefaciliteerd door het Landelijke Bureau Vermiste Personen van de politie.











Internationale herdenking WO2 vindt plaats voor 13de keer


HAELEN (L), 13-11-2013 - Op donderdag 14 november 2013 zal bij het Monument van Verdraagzaamheid in de Limburgse Gemeente Leudal voor de 13de keer een jaarlijkse internationale herdenking plaats vinden.


Het in 2001 opgerichte monument (foto rechts) gedenkt de meer dan 700 militairen van 11 nationaliteiten die tijdens de Tweede Wereldoorlog in dit gebied omkwamen. Het is hiermee het eerste en enige monument in Nederland waar ook Duitse en Oostenrijkse slachtoffers herdacht worden, zo meldt het organiserend comité.

Waren ze elkaar tijdens de luchtgevechten tijdens de oorlog tegen gekomen, dan had waarschijnlijk een van hen dit niet kunnen navertellen. Nu komen ze voor het derde jaar op rij samen naar dit monument om als vrienden sámen te herdenken. De ene is de Britse veteraan Harry Irons DFC (89) die als RAF staartschutter meer dan 60 missies boven Nazi Duitsland meemaakte. De ander is de Duitser Wilhelm Desinger (90), een Luftwaffe “Ace” die aan het Oostfront zeven Russische vliegtuigen neerschoot.

De laatste jaren is er niet alleen op de dag van de herdenking zelf, maar ook de , om de herdenking heen, georganiseerde “veteranenweek”. De deelnemers aan deze bijzondere week zijn niet allemaal veteraan. Ook leden van het voormalig verzet, slachtoffers van de Holocaust én jonge veteranen sluiten zich hierbij volgens het organiserend comité aan. Tijdens een bezoek aan SG St. Ursula Horn praten ze ook met de scholieren van deze middelbare school over hun ervaringen.

Dit jaar heeft de veteranenweek een speciaal “luchtmacht tintje”. Naast een bezoek aan de school vindt er, ter gelegenheid van het 100 jarig bestaan van de Nederlandse militaire luchtvaart, een bezoek plaats aan luchtmachtbasis Volkel. Tijdens de internationale herdenking die plaats vindt bij het Monument van Verdraagzaamheid op donderdag 14 november 2013 (aanvang 14.00 uur) zal, behoudens goede weersomstandigheden, een originele Spitfire een Flyby verzorgen ter ere van de gevallenen.

Het monument is gelegen naast het Bezoekercentrum Leudal, Roggelseweg 58, 6081 NP, Haelen . Zie voor meer informatie www.leudalmonument.nl






Arnhem nog niet klaar voor
jubileum Market Garden


door Eddy Kokelenberg
ARNHEM, 7-11-2013 - “Volgend jaar komen er een miljoen mensen naar de jubileumherdenking van Operatie Market Garden, en Arnhem is daar nog niet klaar voor.” Dat stelt Sabine Andeweg (foto rechts), raadslid voor D66 Arnhem.

Zij ziet tekortkomingen van het informatiecentrum bij de historische locatie van de John Frostbrug, en stelt het College vragen over de aanpak die deze ‘brug te ver’ binnen handbereik zou moeten brengen. 

Het is volgend jaar 70 jaar geleden dat de Operation Market Garden plaatsvond. De mislukte geallieerde luchtlandingsactie die duizenden burgers en militairen het leven kostte, wordt voor het eerst in 20 jaar weer groots herdacht.

De organisatie Stichting Operatie Market Garden 2014 verwacht volgens mevrouw Andeweg  van 14 tot en met 20 september volgend jaar zo’n 1 miljoen bezoekers uit binnen- en buitenland. 

D66 is van mening dat het informatiecentrum ‘Slag om Arnhem’ en de unieke historische locatie aan de John Frostbrug de huidige aanloop nu al niet op gepaste wijze kunnen ontvangen. Laat staan de aantallen voor volgend jaar.

Foto links: de John Frostbrug in Arnhem, waar de aanval tijdens de Slag om Arnhem op vastliep.

Zo ontbreken essentiële zaken als meertalige presentaties, rolstoeltoegang, wc's en een horeca-functie. Uit het antwoord op eerdere vragen van D66 blijkt dat het Arnhems College de visie van D66 onderschrijft en initiatief zou nemen. In dat jaar heeft de gemeente al € 50.000 voor verbetering beschikbaar gesteld.

Andeweg ziet nog meer mogelijkheden voor Arnhem: “Ik ben heel benieuwd naar de visie van het College op de mogelijkheid van een permanente, interactieve expositie over deze periode in de Eusebiuskerk.

Ook in het licht van het Vrijheidsmuseum WO2 dat gepland staat in Nijmegen.” Het beeld van de verwoeste Eusebiuskerk is volgens mevrouw Andeweg voor velen het symbool van de verschrikkingen die de inwoners van Arnhem ervoeren tijdens de Slag om Arnhem in september 1944 en de daarop volgende complete evacuatie van de stad.

Daarnaast speelt de oprichting van het nieuwe Vrijheidsmuseum WO2 in Nijmegen.Het zal er waarschijnlijk in 2015 komen, hoewel er nog geen algehele politieke steun voor is. 

Dat museum wordt gesteund door mede-inititaifnemer het Airbrone Museum Hartenstein in Oosterbeek (gem. Rhenen) dat weer de  exploitant is van het Informatiecentrum 'Slag om Arnhem' bij de John Frostbrug.




SS-pudding van Dr. Oetker
en de verwerking van het naziverleden

Jawohl, ook de Duitse fabrikant Rudolf-August Oetker, die van de toetjes, was een hardcore nazi. Hij nam zelfs dienst in de Waffen-SS, zo weten we uit de publiciteit rond een binnenkort te verschijnen boek. Allemaal niet zo verbazend: het bericht past in een golf van dergelijke onthullingen.


Onder de noemer Aufarbeitung is Duitsland de laatste vijf jaar bezig het naziverleden openbaar te maken. Aanvankelijk betekende die term gewoon recyclen, maar de laatste twintig jaar wordt er ‘schoon schip maken’ mee bedoeld. Eerst ging het daarbij om de DDR-geschiedenis, tegenwoordig vooral om de nazitijd.


Foto links: het hoofdkantoor van Oetker in Bielefeld.


Zo schrijft het weekblad Sternover Oetker: “Mit einer detaillierten Studie will der Nahrungsmittelkonzern Dr. Oetker seine NS-Vergangenheit aufarbeiten.”


Wat Oetker precies deed bij de SS, moeten we nog even afwachten. Het boek over de puddingmaker, van Jürgen Finger, Sven Keller en Andreas Wirsching, verscheen eind oktober onder de titel Dr. Oetker und der Nazionalsozialismus. Maar wat moet je daar als consument eigenlijk mee? Een week geen pizza’s? Een maand geen taart?


Wel is al bekend dat de oude Oetker ook slachtoffer was van de oorlog: hij verloor zijn stiefvader, zijn moeder en twee halfzusters bij een geallieerd bombardement in 1944. Tegenwoordig gaat het de familie voor de wind: behalve het levensmiddelenimperium bezitten de Oetkers een van de grootste rederijen van Duitsland, een bank en het wijnhuis Henkell-Sekt.


Foto links: ook dit beeldschone hotel aan het Vierwoudstedenmeer in Zwitserland maakte enkele decennia deel uit van het omvangrijke concern. Park Hotel Vitznau.


Verdachte straatnamen
Wie het woord Aufarbeitung googlet, krijgt bij de eerste duizend resultaten allemaal berichten over de oorlog, de nazi’s en de nieuwe openheid. Ook de Duitse Wikipedia heeft er een artikel over. Een verwante term isVergangheitsbewältigung, greep krijgen op het verleden.


Twee weken geleden besloot ook de gemeente Hannover mee te gaan doen. Daar komt nu – bijna zeventig jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog – een onderzoek naar vierhonderd verdachte straatnamen. Hannover staat niet alleen: in tal van Duitse gemeenteraden wordt heftig gediscussieerd over het nazigehalte van straatnamen, monumenten en andere eerbewijzen. Duitsland is nog lang niet klaar, al is Hitler nu wel van de meeste erelijsten afgevoerd. Dat ging zelden van harte.


Het omgekeerde evenmin. Pater Titus Brandsma, de oud-rector van de universiteit van Nijmegen die in Dachau werd vermoord, kreeg een paar jaar geleden vlak bij het kamp een eigen straat – van drie meter breed en vijftig meter lang.


Ook C&A en instanties als de Duitse geheime dienst, het ministerie van Justitie en de diplomatieke dienst durfden de duik in het troebele water al aan. Anderen aarzelen nog. Zo moeten we nog even geduld hebben voor we kennis kunnen nemen van de ongetwijfeld smakelijke onthullingen over Fanta. Dat merk werd tijdens de oorlogsjaren in nazi-Duitsland  ontwikkeld; er schijnen reclamefoto’s te bestaan met een lachende SS’er die een fles Fanta in de hand houdt. Wat je zegt een sterk merk.


Een taakje voor Nederland
Ook voor Nederland ligt er nog een taakje. Na de oorlog werden alle grote bedrijven, die stuk voor stuk met de Duitsers hadden gecollaboreerd, stelselmatig ontzien. De leiders van die ondernemingen konden natuurlijk niet gemist worden. Oud-minister Jan Donner, tot 1944 lid van de ‘accomoderende’ Hoge Raad, speelde na de oorlog naar het zich laat aanzien de hoofdrol bij het gladstrijken van die collaboratie. Hij werd de langstzittende president van de raad, van 1946 tot 1961. Dat college heeft zijn geschiedenis overigens vorig jaar al gerecycled. Nu die van Donner zelf nog.


De geschiedenis van alle Nederlandse bedrijven – grote én kleine – staat bol van toegedekte collaboratie. De historicus Loe de Jong was er glashelder over: in Nederland werkten volgens hem zeven van de tien arbeiders aan Duitse orders. Bij de scheeps- en vliegtuigbouw was dat zelfs zo’n negentig procent.


De grootste werf, de Rotterdamsche Droogdok Maatschappij, leverde de Duitsers 25 oorlogsschepen, waaronder twee onderzeeërs. Nederland was het enige land waarvan onderzeeboten aan beide zijden meevochten. Wat niet wegneemt dat Nederlanders ook relatief de meeste joden ter wereld hebben gered en van alle bezette landen de meeste onderduikers hadden.



Dit artikel verscheen op 18 oktober 2013  in Hpdetijd






Proces-Bruins stopt misschien wegens dementie

HAGEN. 6-11-2013 - Het moordproces tegen de Nederlandse SS-er Siert Bruins in Hagen stopt misschien wegens zijn toenemende dementie. Bruins' advocaat, Klaus-Peter Kniffka, heeft een verzoek daartoe bij de rechtbank ingediend.

De rechtbank heeft nu een deskundige aangewezen, die Bruins' toestand verder gaat onderzoeken. Deze zal op 22 november 2013 uitsluitsel geven. Als Bruins ongeschikt is, dan bestaat de mogelijkheid dat het proces geheel gestaakt wordt. Volgens Kniffka weet zijn cliënt op dit moment niet meer waarom hij terecht staat.

Bruins staat nu terecht voor de moord op Aldert Jan Dijkema. Hij zou hem in 1944 met eens chot in de rug in of bij Delfzijl hebben vermoord. Bruins diende toen bij de Sicherheitsdienst. Hij ontkent de aantijgingen, en tot nu toe is er geen enkele getuige van de daad zelf voor het gerecht verschenen.

Vanwege Bruins' gevorderde leeftijd, hij is nu 92, had de rechtbank al besloten dat zijn toestand gedurig door een arts beoordeeld zou worden.

Het proces tegen de reeds eerder wegens oorlogsmisdaden veroordeeld 92-jarige moordenaar loop nu ruim een maand. Diverse getuigen en slachtoffers zijn nu aan het woord egweest, maar Bruins heeft tot nu toe nog geen enkele reactie daarop gegeven - wat hem door zijn advocaat op het hart is gedrukt.

De rechtbank heeft na het verzoek van advocaat Kniffka meteen de twee zonen van Bruins, die in de zaal zaten, opgeroepen als getuigen. Volgens hen is hun vader afgetakeld in de afgelopen weken. Bruins zou volgens zijn advocaat ook twee getuigen hebben aangezien voor familieleden.

In principe zou de rechtbank op 22 november naar Nederland rezien om de zuster van het slachtoffer te horen. Zij is niet meer in staat de lange reis te maken. het verhoor zoud door een tolk worden afgenomen en daarna in de rechtzaal in vertaling ten gehore gebracht worden.






Naftaniël: paleis op Dam bezit mogelijk roofkunst, Ebay laakbaar




AMSTERDAM, 3-11-2013 - Volgens de scheidende directeur van het Centrum voor Documentatie en Informatie over Israël, Ronny Naftaniël, bezit het paleis op de Dam mogelijk van Joden afkomstige door nazi's geroofde kunstwerken.


Hij bekritiseerde ook Ebay voor het toestaan van het aanbieden van voorwerpen uit een concentratiekamp.

Dat zei Naftaniël zondagochtend in een interview op radio 1 in het programma  'Dit is de zondag' van de EO in een interview met Kefah Allush, een Nederlands journalist van Palestijnse afkomst. De aanleiding voor het interview met Naftaniel is dat hij na bijna 38 jaar stopt als directeur van het CIDI, de belangrijkste 'spreekbuis' in Nederland over de staat Israël.

Het paleis, bezit van het koninklijk huis, weigert echter onderzoekers toe te laten en heeft ook niet deelgenomen aan het onderzoek van de Nederlandse Museumvereniging. Naftaniël wijst erop dat er nog veel onduidelijkheden bestaan over de werken in deze collectie, en dat nog steeds niet alle geroofde kunstwerken in huidig Nederlands bezit zijn geretourneerd.


Zaak-Goudstikker
Een voorbeeld van slepende teruggave van roofkunst is de zaak van de grootste Nederlandse kunsthandelaar,Jacques Goudstikker. Hij verongelukte aan boord van het laatste schip dat Nederland in mei 1940 ontvluchtte. Zijn kunsthandel werd onder protest van zijn weduwe verkocht aan een gewiekste Duitse zakenman, Alois Miedl, die een groot deel van de schilderijen aan de Duitse rijksmaarschalk Göring afstond tegen 2 miljoen gulden uit de Nederlandse deviezenvoorraad. Prins Bernhard kende Miedl van voor de oorlog, en onderhield na de oorlog contacten met hem.

De weduwe Goudstikker moest een lange juridische strijd leveren om haar bezit terug te krijgen.Naar huidige maatstaven werd zij zeer slecht en onrechtvaardig behandeld. Zij wilde de kunsthandel in Amerika, waar zij woonde, niet voortzetten, en accepteerde zij in 1952 onder protest een schikking met de overheid.

Zij ontving een deel van het geld en haar bezit terug en verleende de Nederlandse overheid volledige kwijting. Wel behield ze haar rechten op Goudstikkerschilderijen die in handen van derden waren maar ze zag af van verdere procedures tegen de staat. Haar zoon en diens vrouw zagen dat anders. Maar pas in 2006 kreeg de weduwe van haar zoon Edo  (intussen overleden), Marei von Saher, 202 kunstwerken terug. Al in 1998 schreef onderzoeksjournalist Pieter den Hollander 'De zaak Goudstikker'.

Ebay
Ook reageerde Naftaniël in het programma op het nieuws dat Ebay voorwerpen uit concentratiekamp op zijn site heeft toegelaten, maar in tweede instantie de veiling ervan stopte. Naftaniël vindt dat laakbaar.

Foto rechts: een pagina met nazi-artikelen uit WO2, compleet met swastika's.

Hij wees erop dat E-Bay zulke voorwerpen nooit moet toelaten en dat verkoop ervan dient te geschieden aan een geëigende instelling als een museum, omdat deze voorwerpen, zoals een gevangenenuniform uit een concentratiekamp, teveel leed vertegenwoordigen.

Ebay heeft de deze week aangeboden voorwerpen verwijderd en aangeboden om € 30.000 dollar aan een goed doel te schenken.

Ebay stelt duidelijke beperkingen op zijn site wat betreft nazivoorwerpen. Zo zijn bijvoorbeeld Mein Kampf en plastic modellen van de Wehrmacht of van nazisoldaatjes niet zomaar toegelaten, en alle nazi-uniformen en -voorwerpen. Het aanbod van Ebay van vandaag omvat 1.720 nazi-voorwerpen.

Op Marktplaats zijn per 3 november 2013 in de afdeling Verzamelen-Militaria | Tweede Wereldoorlog  1.290 resultaten voor 'Duits'.






Dagboek van omstreden kardinaal Faulhaber openbaar



MÜNCHEN, 23-10-2013 - De Duitse Katholieke Kerk zal de complete dagboeken vrijgeven van de Münchener kardinaal, aartsbisschop Michael von Faulhaber, (foto rechts) vooral bekend vanwege zijn steun aan Hitler.


Foto rechts: de latere kardinaal, hier nog in een lagere positie in 1917 waarschijnlijk.Hij draagt ook het IJzeren Kruis dat hem tijdens WO1 werd uitgereikt toen hij hoofdaalmoezenier was.


Er verschijnt de komende jaren een wetenschappelijke uitgave van de uitgebreide dagboeken en ze worden ook online worden geplaatst, zo meldt het aartsbisdom München in een communiqué.

De dagboeken worden als historisch zeer waardevol gezien. Zij bevatten een ononderbroken reeks notities over 52.000 bezoeken en gesprekken uit de periode tussen 1911 en 1952.

Michael von  Faulhaber was van 1917 tot aan zijn dood in 1952 aartsbisschop van München en Freising. Hij liet zich regelmatig positief uit over Adolf Hitler. Hij bezocht hem in 1936 in zijn  buiten in Beieren, op de Berghof en beschreef aansluitend daarop Hitler als een man die in God gelooft.

De kardinaal had connecties in de politiek, de adel en de journalistiek in binnen- en buitenland. Zo had hij contacten met de vooroorlogse Amerikaanse president Warren G. Harding, de eerste naoorlogse Westduitse bondskanselier Konrad Adenauer en rijkskanselier Heinrich Brüning.


De kardinaal toonde tijdens zijn leven geregeld zijn sympathie voor het nazisme en Hitler. Toch werden er op hem aanslagen gepleegd door nazi's, in 1934 en in november 1938, bij de Kristallnacht. Maar na een aanslag op Hitler in Munchen door Georg Elser in 1939 zond Faulhaber bijvoorbeeld een telegram waarin hij de ‘goddelijke voorzienigheid’ prees dat de ‘Führer’ de aanslag overleefd had. 




Mit brennender Sorge ( 'Met brandende zorg') is een encycliek van paus Pius XI. Deze encycliek werd uitgebracht op 10 maart 1937.


Bijzonder is de Duitse titel, die in woord- en taalkeuze duidelijk blijk geeft van de ernst van de pauselijke gedachten.


De encycliek gaat over de toestanden van de katholieke Kerk in Duitsland en het nationaalsocialisme. Het systematische nationaalsocialisme en racisme worden in deze encycliek duidelijk veroordeeld.


Tevens wordt de totalitaire staat afgewezen indien deze zich boven de principes van het natuurrecht en de juiste moraal stelt en als absoluut wetgever. Dit is een van de weinige encyclieken die niet in het Latijn zijn geschreven.


Deze encycliek werd naar alle bisschoppen in Duitsland gestuurd om onder het volk te prediken.


Paus Pius XI heeft de encycliek niet geheel zelf geschreven, hij gaf zijn pauselijke staatssecretaris Eugenio Pacelli, de latere paus Pius XII, voor een groot deel de eer.


Deze encycliek wordt door velen beschouwd als een argument tegen de bewering dat Pius XI te weinig gedaan zou hebben om de Holocaust te voorkomen. Uit de encycliek blijkt de afkeer die de pausen Pius XI en XII hadden van het nationaalsocialisme.


De encycliek werd in Italië gedrukt en Duitsland ingesmokkeld en in het geheim aan de Duitse parochiepriesters bezorgd, zodat de geplande voorlezing ervan niet vooraf bekend werd[en door de nazi's voorkomen zou kunnen worden.

De encycliek werd op 14 maart 1937 voorgelezen en leidde tot een scherpe reactie van de nazi's. Alle bisdommen werden door de Gestapo bezocht en exemplaren werden in beslag genomen. In Koblenz werden 170 Franciscanen gearresteerd.



Hij beoordeelde de nazi's op hun afkeer van de Sowjet-communisten, een afkeer die hij deelde. Op 12 september 1943 ondertekende hij een gezamenlijke bischoppelijke brief tegen het doden van mensen van andere rassen.


Toch beschouwde de RK-kerk hem als een verzetsheld. Hij schreef onder meer een deel van de pauselijke encycliek ‘Mit brennender Sorge’ (1937) over de onderdrukking van de RK-kerk onder het nazi-regime, en waarin het nazisme en het nazi-racisme worden veroordeeld.

Een belangrijke vraag is hoe de kardinaal dacht over de herhaalde ernstige vervolgingen van katholieken en priesters.


De nazi's deporteerden niet alleen vele tientallen priesters naar kampen, maar hebben ook een aantal van hen, soms zelfs vooraanstaand, vermoord.


Daaronder bijv. prof dr Titus Brandsma, de voormalige rector van de universiteit van Nijmegen, in Dachau vermoord en de filosofe en non dr Edith Stein, die in Limburg uit haar klooster werd gedeporteerd en in Auschwitz vermoord.


Ook is belangwekkend hoe Faulhaber omging met de zeer uitdrukkelijk antinazistische bisschop Van Galen uit Münster.







Oud-gevangene Neuengamme publiceert herinneringen

NUNSPEET, 23-10-2013 - Op 26 oktober 2013 krijgt oud–gevangene Jan van der Liet het eerste exemplaar van zijn boek over zijn oorlogsgeschiedenis. Hij verbleef in het kamp Neuengamme. Van der Liet krijgt het boek op de jaarlijkse contactdag van de stichting Vriendenkring Neuengamme in Lunteren.

Neuengamme was een Duits concentratiekamp tijdens de Tweede Wereldoorlog, waar bijna 7.000 Nederlanders gevangen zaten. Het kamp werd in 1938 geopend als steenfabriek van de plaatselijk SS.


Het groeide uit tot een complex van een hoofdkamp met 92 buitenkampen waarin uiteindelijk ruim 104 duizend gevangen uit 28 landen zaten. Door het onmenselijke regime in het kamp, overleden 55 duizend gevangenen.

Onder hen waren verzetsmensen, communisten, anti-Duitse politiemensen en de 601 mannen uit Putten die werden meegenomen als vergelding voor de aanslag van de Puttense verzetsbeweging.


Van slechts 1193 Nederlandse gevangenen –mannen en vrouwen- is zeker dat ze het hebben overleefd. Tot de overlevenden behoren onder meer de later bekend geworden journalist W.L. (Boebie) Brugsma, hoofdredacteur van de Haagse Post,  en de Amsterdamse psychiater A. van Dantzig.

In 1993 is de Stichting Vriendenkring Neuengamme opgericht. Deze helpt onder meer de nabestaanden van slachtoffers van Neuengamme bij het zoeken naar informatie over hun familieleden of vrienden en om bekendheid te geven aan de geschiedenis van dit relatief onbekende kamp.


Tijdens de jaarlijkse contactdagen van de Stichting Vriendenkring Neuengamme heeft oudgevangene Jan van der Liet de afgelopen jaren op indrukwekkende wijze verteld over zijn ervaringen,onder andere in de concentratiekampen Amersfoort, Neuengamme, Husum en Bergen - Belsen. De stichting heeft deze lezingen in een boek gebundeld.


Op 26 oktober 2013 geeft Van der Liet zijn laatste lezing, vanwege zijn leeftijd, en hij krijgt het eerste exemplaar van zijn gebundelde lezingen overhandigd.








NIOD onderzoekt onterechte erfpacht van Joodse burgers na 1945



AMSTERDAM, 21-10-2013 - Het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies, start in opdracht van de gemeente Amsterdam een onderzoek naar de onterechte erfpachtheffingen.


Foto rechts: aan de Andres Bonnstraat waren enkele adressen waar de geemente recht op heffing meende te hebben.


In maart van dit jaar ontdekte een journalist van Het Parool deze zaak. Dat leidde tot onmiddellijke ophef, en de gemeente Amsterdam liet bij monde van de burgemeester Van der Laan weten dat dit rechtgezet zou worden. Hij stelde in juli dat de ontvangen erfpacht met rente terugbetaald zou moeten worden.


Deze waren door de gemeente opgelegd aan teruggekeerde Joodse burgers na 1945.  Ongeveer 5.000 Joden van de 104.000 gedeporteerden overleefden de holocaust en keerden naar Nederland terug, waar zij geen warm welkom kregen en vaak in financiële en maatschappelijke problemen raakten.

Leden van de commissie zijn de directeur van het Anne Frankhuis, Ronald Leopold, een lid van het Centraal Joods Overleg, dan Ronny Naftaniel, Eron Wolf, Fred Salomon  van de Liberaal Joodse Gemeente, en J. Markuszower.

Doel van het onderzoek is om duidelijkheid te verschaffen over het handelen van de gemeente inzake de erfpachtheffingen. Er is een wetenschappelijke begeleidingscommissie gevormd en een maatschappelijke klankbordgroep.


Onduidelijk is om hoeveel gevallen het gaat, en welke bedragen er mee zijn gemoeid. Het bleek al snel, dat het niet alelen om erfpacht ging maar ook om enkele andere gemeentelijke belastingen en heffingen. Deze waren opgelegd aan mensen omdat zij volgens de gemeentelijke administratie in een Amsterdams huis hadden gewoond, en nooit waren uitgeschreven. In vele gevallen waren de betrokkenen gevlcht, plotseling gedeporteerd of ondergedoken.

Ook bleek dat in veel gevallen hun huizen waren afgebroken, vaak al tijdens de oorlog in de hongerwinter van 1944, toen vrijwel de gehele Jodenbuurt leeg stond en voor de overige Amsterdammers als één van de laatste bronnen van brandhout diende. Leegstaande huizen werden gestript en stortten vaak als gevolg daarvan in.






C O M M E N T A A R 


Gerommel in Rome

DOOR ARTHUR GRAAFF


ROME, 18-10-2013 - UPDATE 19-10-2013 - Een dode SS-er, Joden en de paus: een rommelige combinatie.  Deze week was er gesol met het lijk van een overleden SS-er, de 70ste herdenking van de grote Romeinse Jodendeportatie en uitspraken van de paus  En er werd ook nog een Wehrmachtsoldaat tot levenslang veroordeeld.


Foto rechts: paus Franciscus I


Begin van de week overleed de SS-officier Priebke op 100-jarige leeftijd. Hij had in Rome huisarrest vanwege zijn aandeel in de moord op ruim 300 willekeurige Romeinen tijdens de oorlog. Dat huisarrest was een lachertje.


Priebke stierf, en het gesol met zijn lijk begon. Tientallen betogers trachtten te voorkomen dat het lijk naar de kerk werd gebracht en maakten duidelijk dat hij niet in Rome, of beter: heel Italië begraven moet worden. Zijn we in de dood niet allemaal gelijk? Dat ligt in het geval van nazi's wat gevoelig, zoals dit jaar ook weer bleek in Vorden.

Priebkes lijk is intussen uit de kerk gehaald door het leger, de paus wil hem geen kerkelijke begrafenis gunnen en intussen vond ook de 70ste herdenking van één van de grootste deportaties van Romeinse Joden plaats.


Wehrmachtsoldaat krijgt levenslang voor moord op 117 Italiaanse krijgsgevangenen op Kefalonia

ROME - UPDATE - 20-10-2013 - In Rome is donderdag een 90-jarige Duitse ex-militair, Alfred Stork, bij verstek tot levenslang veroordeeld voor zijn rol bij de executie van 117 Italiaanse militairen. Die werden in 1943 doodgeschoten op het Griekse eiland Kefalonia.

De militaire rechtbank in Rome acht bewezen dat Stork lid was van het vuurpeloton. Stork bekende eerder in Duitsland dat hij bij de executies betrokken was, hij weigerde dat echter voor de rechter te herhalen.

Stork was gelegerd op Kefalonia. Italië tekende in september 1943 een wapenstilstand met de geallieerden. De Italiaanse militairen die  Kefalonia bezetten, moesten besluiten of ze aan nazi-Duitse zijde wilden blijven vechten.

Vrijwel alle Italianen weigerden dat en dat leidde tot gevechten met de Duitsers, waarbij ruim 1.000 doden vielen. Nog eens 5.000 Italiaanse krijgsgevangenen werden geëxecuteerd.

De openbare aanklager startte vorig jaar een zaak tegen Stork wegens betrokkenheid bij de executies. Storks advocaat had vrijspraak gevraagd, omdat zijn cliënt volgens hem alleen bevelen uitvoerde.

Stork was afwezig bij het proces. Hij leeft in het dorp Kippenheim in het Zwarte Woud.
 
De paus sprak over die deportatie donderdag zijn deelnemening uit: van de 1000 Romeinse Joden die werden afgevoerd, overleefden slechts 16 het. Jodenvervolging was overigens onder het fascisme van Mussolini geen belangrijke dreiging.


In totaal werden tijdens de drie oorlogsjaren in Italië zo'n 12.000 mensen gedeporteerd. Voor hen en hun nabestaanden nog altijd een enorme ramp, maar vergeleken met andere landen weinig.


Uit het kleine Nederland waren het er 102.000, uit België 36.000, uit Frankrijk 90.000 die niet terugkeerden

Na de oorlog bedankte de rabbi van Rome de toenmalige paus Pius XII uitvoerig voor zijn hulp en steun. Volgens het toneelstuk van de Duitser Rolf Hochhuth deden de paus en de RK-kerk echter veel te weinig voor hun redding, collaboreerde bijna.


Maar vorig jaar bleek dat dat toneelstuk ontsproten was aan de geheime dienst van de DDR.


Het laatste woord is er nog niet over gezegd, maar wellicht dat er nu onder paus Franciscus een keer meer helderheid komt over wat de kerk wel of niet deed. Er zijn in ieder geval heel wat priesters, bisschoppen en vorig jaar november zelfs nog een Italiaanse kardinaal, Dalla Costa, door de staat Israël onderscheiden als Jodenredders.

En Erich Priebke zal vrijwel zeker in Duitsland begraven worden. Daar zijn SS-ers, dead or alive, nog altijd welkom.








Minister Bussemaker opent

Verzetsmuseum Junior



AMSTERDAM, 16-10-2013 - Minister Jet Bussemaker van Cultuur heeft vanmiddag in Amsterdam het nieuwe Verzetsmuseum Junior geopend.


Foto recvhts: minister Bussemaker drukte als openingshandeling een manifest af op een illegale drukpers uit de oorlog.


Zij deed dat door op een oude verzetspers een manifest af te drukken. Premier Mark Rutte zou de opening verrichten, maar hij was verhinderd door de algemene begrotingen, het akkoord en de Russische ruzies.

In dit kindermuseum kunnen kinderen vanaf 9 jaar ervaren wat hun leeftijdgenootjes in de oorlog hebben meegemaakt.


Het museum heeft vier ooggetuigen gevonden - Jan, Nelly, Eva en Henk - die model stonden voor de vier jonge hoofdpersonen in het museum, die het verhaal vertellen in allerlei video's.

Het oppervlak is met 300 m2 bescheiden, maar er is voor kinderen genoeg te doen. De entree bestaat uit een lifthok dat fungeert als 'tijdmachine',, waarin een stevige introductievideo over de oorlog wordt vertoond. Het museum biedt vervolgens een zestal interieurs van woningen van uiteenlopende mensen: verzetsmensen, Joden, maar ook collaborateurs en gewone voorbijgangers.

In al deze vertrekken wordt een beeld geschetst van het leven, vooral dat van de kinderen in dat gezien. De meest opvallend afwezige jongere is Anne Frank - maar aan haar leven is voldoende aandacht besteed. In een hoekje kunnen de jongens een bommenwerper besturen via een simulatie. Er zijn overal knoppen waar kinderen op kunnen drukken.

Boven de expositieruimte is een zaal voor ontvangst en presentatie. Het museum biedt veel speciaal gemaakte filmfragmenten plus originele objecten. De vier vertellers waren tijdens de oorlog tussen de 9 en 14 jaar. Onder hen is Jan Slomp, nu 80, de zoon van Frits de Zwerver oftewel ds Slomp, één van de belangrijke verzetsmensen die grote delen van de onderduik organiseerde.

Ook Eva Schloss-Geiringer stond model voor een figuur. Zij was een eerdere dochter van Otto Franks tweede vrouw en was een vriendin van AnneFrank voor en tijdens de oorlog. Volgens een interview op radio 1 is er nu hetzelfde aan de hand in Nederland als in 1933 in Duitsland, toen Hitler legaal de macht verkreeg. Twee dagen terug bekritiseerde de Raad van Europa Nederland wegens antisemitisme en racsisme.

Prof Hans Blom was als voorzitter van het bestuur van het Verzetsmuseum gastheer. Tot de aanwezigen behoorden o.m. Ton Heerts, voorzitter van het Vfonds dat een belangrijke bijdrage aan het museum heeft geleverd, ex-minister Hedy d'Ancona, voorzitter Jacques Grishaver van het Auschwitz Comité, Mrjam Ohringer, voorzitster van de Vriendenkring Mauthausen, prof dr Marjan Schwegman, directeur van het NIOD en drs David Barnouw, voorlichter van het NIOD.

Het bezoek aan het Verstmuseum is volgens directeur Liesbert van der Horst stabiel, hoewel het museum dit jaar geen nieuwe tijdelijke tenstoonstelling aanbiedt. De verweachting is dat gezien de stijgende aanvragen van scholen waarop het laatste jaar vooral steeds vaker een afwijzxing volgde, hetkinderbezoek flink kan stijgen.








Maastricht krijgt 50 nieuwe struikelstenen met steun van burgemeester




MAASTRICHT, 14-10-2013 - Maastricht krijgt volgende week 50 nieuwe zg. ‘struikelstenen'. Zij herinneren aan de deportatie van de ongeveer 300 Joodse Maastrichtenaren gedurende de oorlog. 


Foto rechts: de bedenker, Günther Demnig, in Werkendam in 2010. Foto Wikipedia.


De nieuwe steentjes worden op 21 en 22 oktober gelegd op diverse plaatsen voor de voormalige laatste woningen van de vermoorde Joden. Zij zijn gefinancierd uit een benefietconcert  dat op 22 mei werd gehouden in het Theater aan het Vrijthof.

Maastricht bezit al een aantal van deze monumentjes. Behalve Joden werden tijdens de oorlogsjaren ook Roma, Sinti en verzetsstrijders weggevoerd. Ook voor hun huizen komt, als alles goed gaat, een struikelsteentje in het trottoir met daarin gegraveerd de naam van de gedeporteerde, zijn geboortejaar en de datum waarop hij is vermoord.


Burgemeester Hoes zal maandag 21 oktober aanwezig zijn bij het leggen van acht steentjes in de ‘Kleine Stokstraat’, nummer 1. Van daaruit werden in 1942 8 leden van één familie weggevoerd. Hoes houdt een toespraak. Vervolgens lezen leerlingen van de basisschool gedichten voor.


Op dit moment telt Europa al meer dan 32.000 struikelsteentjes in Duitsland, Hongarije, Tsjechië, België, Nederland, Polen, Noorwegen, Italië, Oekraïne, Oostenrijk. In

Het Stolpersteine-project is een Europees herinneringsproject van de Duitse kunstenaar Gunter Demnig. Hij komt op 21 en 22 oktober naar Maastricht om de steentjes te plaatsen in aanwezigheid van enkele nabestaanden en genodigden. 


Organisator van het project is de Maasrtichter Stchting Joods Cultureel Erfgoed. Deze heeft vorig jaar een benefietconcert georganiseerd, dat ruim 6.000 euro opbracht.


Daarnaast heeft de Openbare Basisschool Binnenstad Maastricht ook een actie gehouden en een klein concert op eigen instrumenten gegeven, met kaartjes van 40 cent. Dat leverde geld op voor twee struikelstenen, die 120 euro per stuk kosten. Ook de zeer populaire jeugdboekenschrijver Jacques Vriens, auteur van zo'n 80 werken, wonend nabij Maastricht in Gronsveld, heeft een steentje gesponsord.


De school is ook aanwezig bij de installatie van de steentjes. Wat er nu verder gaat gebeuren met de fondsenwerving weet de heer Dmitri Boutylkov van de stichting nog niet. Een nieuw benefietconcert is nog niet bedacht, want dat is volgens hem erg bewerkelijk. Boutylkov rekent er wel op de de publiciteit die de huidige plaatsing zal brengen, positief werkt.


In Nederland zijn er tot nu toe in ongeveer 80 plaatsen Stolpersteine geplaatst. De plaatsing is een particulier initiatief van meestal de Joodse gemeenschap. Geleidelijk komt er ook meer belangstelling van andere zijden. De bedoeling is voor elk Joodse slachtoffer een steen te plaatsen.


Een obstakel kan zijn dat de huidige bewoners van een adres het bezwaarlijk vinden. Daar wordt meestal rekening mee gehouden. Wikipedia bezit een overzicht van de meeste tot nu toe geplaatst struikelstenen. De de gemeente Midden-Drenthe maakte de gemeente aanvankelijk bezwaren tegen de plaatsing, maar trok deze na protsten weer is. In Groningen zijn voor zover bekend voor het eerst voor verzetsmensen stenen geplaatst. Ook de gemeente Sittard-Geleen had aanvankelijk bezwaren.

Op 24 oktober volgt een plaatsing door Günter Demnig in Culemborg, en op 25 oktober in Schagen en Wierden.





Premier Rutte opent nieuwe Verzetsmuseum Junior



door Eddy Kokelenberg

AMSTERDAM, 11-10-2013 - Het nieuwe Verzetsmuseum Junior in Amsterdam wordt op woensdag 16 oktober geopend door minister-president Mark Rutte om 14.00 uur. Premier Rutte krijgt dan een rondleiding van de Verzetsbende, een klankbordgroep van kinderen die aan het Verzetsmuseum Junior adviseerde, zo meldt het museum..

Voor het publiek gaat de nieuwe afdeling op 17 oktober open. Dit is het eerste kindermuseum over de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Het Verzetsmuseum noemt de oorlog 'de aangrijpendste periode uit de recente Nederlandse geschiedenis'. Het aantal schoolkinderen dat het museum bezoekt, steeg van ruim 6.000 in 2000 tot 16.000 in 2012. De grenzen van de groei werden volgens het museum bereikt en uitbreiding werd noodzakelijk.

Het gebouw van het Verzetsmuseum Junior is een ontwerp van Hans Ruijssenaars Architecten. Erly Brugmans, bekend van onder meer de kinderopstelling Het Rijk van Heen en Weer in het Museum voor Communicatie in Den Haag, tekent voor de ruimtelijke vormgeving.

Het museale concept voor Verzetsmuseum Junior is ontwikkeld door het Verzetsmuseum op basis van de ervaringen met eerdere kindertentoonstellingen als Artis in oorlogstijd en De Ontdekking. Het kinderpanel 'De Verzetsbende' adviseerde de samenstellers.

Het Verzetsmuseum Amsterdam en het Verzetsmuseum Junior zijn gevestigd aan de Plantage Kerklaan 61.Het museum wordt gewaardeerd door buitenlandse toeristen. Tripadvisor, een Engelse website waarop internationale toeristen beoordelingen geven over toeristische attracties, heeft het Verzetsmuseum in juni onderscheiden met de Travellers’ Choice Award 2013.

Het Verzetsmuseum Amsterdam ontving in mei  een bijzondere schenking:  de kampjas van de befaamde verzetsman Pim Boellaard, en het deksel van een kist  waarin hij in concentratiekamp Dachau zijn persoonlijke bezittingen bewaarde. Op de achterzijde van het deksel heeft Boellaard een schaakbord getekend.





Eerste Puttense herdenking zonder overlevenden van razzia




PUTTEN, 4-10-2013 - De herdenking van de oktoberrazzia in Putten vond dit jaar voor het eerst plaats zonder overlevenden. Van deze razzia keerden 48 teruggekeerde van de ongeveer 660 gedeporteerden terug. Er kwamen 552 mannen om.

De herdenking bij het monument De Vrouw van Putten werd door honderden Puttenaren en belangstellenden bijgewoond


De laatste overlevende in Putten was Jannes Priem die in Duitse concentratiekampenkamp terechtkwam maar daarna terugkeerde. Volgens een online reactie leeft er in Canada nog één gedeporteerde. 


Priem (foto rechts) overleed afgelopen 22 augustus 2013. Hij legde elk jaar een krans tijdens de herdenking bij het monument in de Herdenkingshof. Zijn website was gewijd aan de razzia. Hi had ook een bokje erover geschreven.

De razzia van Putten was een represaille van de SS. In de nacht van 30 september op 1 oktober 1944 hadden leden van het Puttense verzet uit een hinderlaag bij het dorp een auto met nazi-officieren beschoten.


Een dag later namen de nazi's wraak op bevel van generaal Friedrich Christiansen. De actie werd uitgevoerd door Duitse en Nederlandse SS-ers. Ze staken huizen in brand en deporteerden mannen. De meeste slachtoffers stierven door ondervoeding, slavenarbeid of aan in vooral  kamp Neuengamme opgelopen ziekten.

Op 1 oktober 1949 onthulde koningin Juliana het monument voor de slachtoffers van de razzia. Het bestaat uit een park met 660 vierkanten, de herdenkingshof, ontworpen door prof. Bijhouwer, en een zandstenen beeld van Mari Andriessen (de 'treurende weduwe', in de volksmond 'Het vrouwtje van Putten' genoemd). Het verbeeldt een rouwende vrouw in klederdracht met een zakdoek in haar hand. Dit beeld is opgesteld in in de richting van de Oude Kerk, van waaruit de mannen werden weggevoerd.


In het tv-programma Zomergasten besteedde hoogleraar Beatrice de Graaf, afkomstig uit Putten, in 2013 aandacht aan de razzia. Zij deed in 2000 onderzoek in kamp Neuengamme en had bovendien gesproken met SS-Untersturmführer (tweede luitenant) Albert Naumann. In het gesprek in het jaar 2000 vertelde deze voormalige SS-er dat hij met twee bewakingsbataljons compagnies naar Putten waren gegaan en gaf hij voor het eerst publiekelijk toe, dat hij de razzia meemaakte. Hij woonde anoniem in 2000 de herdenking in Putten bij voor een documentaire, 'De verzoening' van Thom Verheul maar zei niet dat de razzia hem speet.

De jaarlijkse stille herdenking bij het monument wordt georganiseerd door de Stichting Oktober 44.






Amsterdam krijgt nieuw theater

voor stuk 'ANNE'



AMSTERDAM, 03-10-2013 - In Amsterdam komt een nieuw theater voor het nieuwe theaterstuk ANNE, over Anne Frank. Het nieuwe gebouw gaat 'Theater Amsterdam' heten en is al in aanbouw aan de Danzigerkade, nu nog een bedrijventerrein.


Gisteren presenteerde locoburgemeester Carolien Gehrels samen met de producenten de plannen.


FOTO RECHTS: producenten Kess Abrhams en Robin De Levita met loco-burgemeester Carolien Gehrels bij de aankondiging van de plannen, gisteren in Amsterdam. Foto Roy Beusker.


Het theater wordt opgezet en gefinancierd door het productiebedrijf Imagine Nation van Kees Abrahams en Robin de Levita, zonder subsidies. Hoeveel dit kost maken zij echter niet bekend.


Het theater komt te staan in de nieuwe wijk Houthavens in het westelijk havengebied van het IJ in Amsterdam en zou zich in april moeten openen. De fundering is al klaar, en naar verwachting van producent Cees Abrahams zal de ruwbouw eind dit jaar klaar zijn. Het nieuwe theater krijgt 740 stoelen, uitbreidbaar tot 1108. Hij motiveert de keuze voor deze plek met een verwijzing naar de milieu- en veiligheidseisen, die het tegenwoordig vrijwel onmogelijk maken een theater in een bestaande woonwijk te bouwen.


De wereldpremière van het toneelstuk ANNE staat ook gepland voor april 2014, mnet de opening van het theater. Het stuk is een initiatief van het Anne Frank Fonds in Bazel, eigenaar van o.m. het auteursrecht op Annes dagboek 'Het Achterhuis'. Voorzitter van het fonds is Annes laatste levende familielid, de Zwitserse acteur Buddy Elias, nu 88 jaar. 


Momenteel is de casting aan de gang vor de hoofdrol, zegt Abrahams. Er zijn ongeveer 10 kandidaten voor de rol van Anne. De repetities beginnen in november.

Het schrijversechtpaar Leon de Winter en Jessica Durlacher hebben op verzoek van het fonds het toneelstuk ANNE geschreven. Regisseur is Theu Boermans, regisseur van Soldaat van Oranje en artistiek leider van het Nationale Toneel in Den Haag.

Jessica Durlacher: “In ANNE vertellen we het verhaal van Anne Frank opnieuw maar nu in zijn volle breedte – zowel het verhaal van een meisje dat zich ontwikkelde tot vrouw in de laboratoriumsituatie die de onderduiktijd was, als dat van een  getalenteerd schrijfster die zichzelf en haar situatie in levensgevaarlijke omstandigheden eenvoudigweg móést proberen te begrijpen en analyseren…”

Leon de Winter: “We hopen dat deze theatervoorstelling Anne Frank zo authentiek mogelijk laat zien. Ze was een enorm talent. Toen ze vijftien werd, was ze al een groot schrijfster. Ze schreef zichzelf de volwassenheid in. Een van de dingen die ons het meest bezighielden was hoe we deze ontwikkeling in het spel tot uiting konden brengen.”

Het nieuwe theater blijft ook na de voorstelling bestaan. Er kunnen later andere internationale producties worden gespeeld.







Geslaagde première documentaire Indische Nederlanders gisteren

UTRECHT, 30-09-2013 - De documentaire 'Buitenkampers, Boekan Main, Boekan Main!' van Hetty Naaijkens-Retel Helmrich beleefde zondagavond zijn de premiere op het Nederlands Filmfestival in Utrecht. Na de vertoning gaf het publiek de film een staande ovatie.

De film belicht een relatief onbekende groep, de Indische Nederlanders. Over hun wederwaardigheden bestaan relatief weinig documenten of andere bronnen. Over de bewoners van 'Jappenkampen' weer wel, omdat die meer de beschikking hadden over papier en schrijfgerei. Volgens de maakster was de armoede van de buitenkampers groot, ook vanwege de ruim drie jaar durende hongersnood. Deze kostte ongeveer 4 miljoen Indonesiërs het leven.

In de film vertellen Indische Nederlanders hun verhaal over de Japanse bezetting. Daarna toonde het publiek regisseur Hetty Naaijkens die bij de premiere aanwezig was, zijn waardering door een minuten durend staand applaus. De film kreeg een inleiding van Moesson-redacteur Ricci Scheldwacht die de film omschreef als ‘een belangrijk stuk ongeschreven Indische geschiedenis.’

In totaal verbleven in totaal ongeveer 250.000 Indische Nederlanders tijdens de Japanse bezetting buiten de interneringskampen. Zij moesten elke dag zien te overleven en waren vaak slachtoffer van pesterijen en moordpartijen van de Japanse bezetter en Indonesische nationalisten tegen alles wat Nederlands was.

Volgens de maakster waren de Indische Nederlanders uiterst koningsgezind. Na de Japanse capitulatie op 15 augustis 1945, en het uitroepen door Soekarno van de Indonesische onafhankelijkheid twee dagen daarna, ontstond een wanordelijke periode waarin jonge Inndonesische nationalisten bloedbaden aanrichtten. De Indische Nederlanders die waren geïnterneerd, werden in die overgansgperiode, de zg. Bersiapperiode, in enkele gevallen bewaakt door hun Japanse gevangenbewaarders.




Start grootste digitale project NIOD ooit - Indische collectie



AMSTERDAM, 26-09-2013 - Het NIOD start in november zijn grootste digitale project ooit, namelijk het scannen van ruim de helft van zijn Indische collectie. Dat heeft het instituut bekendgemaakt.


Foto rechts: een notitieboek uit de Inidsche collectie.

Zodra de bewerking van de stukken begint, zullen deze voor onbepaalde tijd niet bij het NIOD in te zien zijn voor bezoekers. Hoe lang het zal duren, is niet exact bekend.

De conservering behoudt de kwetsbare collectie voor de toekomst en maakt de archiefstukken voor iedereen digitaal toegankelijk.

De Indische collectie beslaat ongeveer 60 strekkende meter. Daarvan zal ongeveer 32 meter worden geconserveerd. Het materiaal is verzameld sinds de oprichting van de Indische afdeling in februari 1946 en voor een groot deel opgebouwd uit particuliere schenkingen van repatrianten.

De collectie bestaat onder andere uit documenten met betrekking tot de bezettingstijd, waaronder administratie van Japanse internerings- en krijgsgevangenkampen en persoonlijke verslagen. Deze gegevens werden in de loop der tijd aangevuld door uitgebreide interviews die medewerkers van de Indische afdeling eind jaren veertig met repatrianten hielden die tijdens de oorlog in een Japans kamp gezeten hadden.

Daarnaast zitten er in de collectie documenten (o.a. processtukken) van geallieerde en Nederlandse opsporingsinstanties en krijgsraden voor de berechting van Japanners, zo stelt het NIOD. In Indonesië stierven tijdens de oorlog ruim 4 miljoen Indonesische burgers aan de gevolgen van Japans wanbeheer, voornamelijk door hongersnood.

Ook meldt het NIOD dat de Indische collectie rapporten en verslagen bevat van overheidsinstanties over de nasleep en financiële afwikkeling van de Japanse bezetting en over naoorlogse economische ontwikkeling van Indië/Indonesië.

Juist de diversiteit en de veelheid aan invalshoeken maakt deze collectie volgens het NIOD tot zo’n 'rijke en unieke bron' voor onderzoek naar de geschiedenis van de (Indische) Nederlanders tijdens en vlak na de Japanse bezetting.

Het NIOD digitaliseert de Indische collectie 1940-1950 met subsidie van Metamorfoze, het nationaal programma voor het behoud van papieren erfgoed.






Herdenking Oosterbeek opnieuw waardig verlopen


OOSTERBEEK, 24-09-2013 - De herdenking op de Oosterbeek Airborne War Cemetery afgelopen zondag. is vlekkeloos verlopen. De burgemeester van Renkum-Oosterbeek wil volgend jaar ook Duitse veteranen laten deelnemen aan deze herdenking. Er nemen al meestal Duitsers deel, zoals de Duitse ambassadeur.


Foto rechts: een Poolse militair tijdens de herdenking op de begraafplaats.


Ongeveer 30 Britse en Poolse veteranen van de Slag bij Arnhem woonden de herdenking bij. Alleen een 'fly past' tijdens de herdenking ging niet door omdat het zicht te slecht was. De deelnemende historische vliegtuigen, een C-47 Dakota en een Spitfire, konden niet opstijgen omdat zij moderne instrumenten voor vliegen in slecht weer ontberen.

Volgend jaar vindt er, zoals elk lustrumjaar, een grote herdenking plaats, waaraan tradtioneel leden van het Britse vorstenhuis deelnemen, meestal de kroonprins. Vanwege het protocol wordt hij dan begeleid door een lid van het Nederlands koninklijk huis.


Duitsers

Vorige week opperde burgemeester drs J.P. Gebben het plan om Duitsers te betrekken bij de herdenking. Burgemeester Gebben zei toen tegen dagblad de Gelderlander:  „Het zou mooi zijn als de laatste veteranen die nog in leven zijn, dit zouden kunnen meemaken.”

In Vorden (gem. Bronckhorst) is tot tweemaal toe in 2012 en 2013 veel tweespalt en onrust ontstaan omdat het plaatseljke comité 4 mei en de gemeente op 4 mei ook daar begraven Duitse nazi-militairen wilden herdenken. Na kritiek van vrijwel alle oorlogsinstellingen nam de gemeente afstand, maar maakte de naziherdenking niet onmogelijk, die doorging.

De uitlatingen van de burgemeester van Renkum, waar Oosterbeek onder valt, waren volgens hem „terloopse opmerkingen”. Hij maakte deze afeglopen donderdag bij de onthulling van een gedenkzuil in Oosterbeek voor het 1e Airborne Reconnaissance Squadron, een verkenningseenheid die in 1944 Britse parachutisten naar de Rijnbrug bij Arnhem moest leiden.

De burgemeester vindt dat de geallieerden die bij Arnhem streden ook de aanzet gaven voor de bevrijding van Duitsland van de naziterreur. Het Duitsland van nu is een ander Duitsland, zo zei hij in de Gelderlander. „De huidige Duitsers, die bevrijd zijn van het nazidom, horen bij de herdenking.”

Gebben wil zijn uitspraken nog  niet toelichten.Hij benadrukte zondag dat zijn uitspraken een persoonlijke gedachte betreffen en „geen officieel standpunt van het college.”

De aanwezigheid van Duitsers bij de Airborneherdenking ligt gevoelig. In 1994 leidde een soortgelijk voorstel van burgemeester Scholten van Arnhem tot veel protest. Duitse kinderen en later ook de ambassadeur van Duitsland in Nederland nemen wel deel aan de herdenking in Oosterbeek. De Oosterbeekse begraafplaats valt onder de Britse Commomwealth War Graves Commission. Of deze ook voor dit plan voelt, is onduidelijk.




NA EVACUATIE VAN 500 MENSEN IN BRESKENS WOENSDAG
Weer bom in Nijverdal; evacuatie volgt



NIJVERDAL, 20-09-2013 - Bij Nijverdal (gemeente Hellendoorn) is opnieuw een zware oorlogsbom gevonden. Daardoor reden er enkele uren geen treinen tussen Nijverdal en Wierden. Ook de provinciale weg de N35 bij Nijverdal was dicht.

Foto rechts: de reconstructie van de N35, waar het graafwerk opnieuw bommen opleverde.

Bewoners en bezoekers binnen een straal van 250 meter van de bom, kregen van de politie het advies om binnen te blijven. Er zullen nog wel meer bommen gevonden worden, omdat een bombardement uit 1945 op Nijverdal en omgeving drie dagen duurde.


De bom uit de oorlog werd gevonden bij het graven van een tunnel ten westen van Nijverdal. Rijkswaterstaat is daar bezig met het aanleggen van de combitunnel, om zo het spoor en de provinciale weg te verleggen naar buiten het dorp.


De Explosieven Opruimingsdienst heeft de Britse bom van 500 pond onderzocht en de gemeente Hellendoorn, waar Nijverdal in ligt, geadviseerd om de bom op een later tijdstip te laten ontmantelen. Vanochtend wordt de bom afgedekt met zand, er komt een wal omheen en er komen hekken plus camerabewaking.


Treinen moeten op het spoor naast de bom stapvoets rijden, tot de bom geruimd is. Die ruiming zal mogelijk op een zondagochtend plaatsvinden. De N35 en het spoor zullen dan weer worden afgezet en de bewoners in de omgeving zullen hun huis tijdelijk uit moeten. Volgens een woordvoerder van de gemeente gaat het om zo'n 250 mensen.


Het bombardement op doelen van de Duitse Luftwaffe begon op 22 maart 1945 en duurde drie dagen. Er zijn 73 mensen bij het bombardement omgekomen. In totaal zijn 85 personen gesneuveld bij alle bombardementen in de gemeente Hellendoorn, zo meldt het Memorymuseum in Nijverdal.


Foto links: twee 500 ponders, die woensdag bij Breskens werden opgeblazen. Daarvoor moesten ongeveer 500 mensen hun huis, caravan of tent uit. Foto EOD.


Wanneer de bom precies wordt ontmanteld, wordt morgen volgens de gemeente besloten.De bom wordt op een andere locatie opgeblazent, net als de vorige keer. Ook nu zullen de direct omwonenden dan tijdelijk hun huizen moeten verlaten. De politie stelt hen vanavond daarvan alvast in kennis. Nadere details zullen later deze en volgende week bekend worden gemaakt.


Het ruimen van een 500-ponder zoals die gisteravond is gevonden in Nijverdal, kost volgens RTV Oost bijna 100.000 euro. De gemeente krijgt via een regeling van het rijk zo'n 70 procent van de kosten vergoed, maar elke keer kost het de gemeente wel ruim 20.000 euro. Bij het aanleggen van de combitunnel in Nijverdal zijn al meerdere bommen uit de Tweede Wereldoorlog gevonden.

In november 2011 en augustus 2012 werden er in Nijverdal ook al twee 500 ponders gevonden bij graafwerkzaamheden voor de spoortunnel. Een woordvoerder van de gemeente Hellendoorn zegt dat het spoor bij Nijverdal in de Tweede Wereldoorlog zwaar is gebombardeerd. Er wordt dan ook rekening gehouden met de vondst van meer bommen bij de werkzaamheden aan de tunnel.







Griekse oppositie eist € 40 miljard

terug van Duitsland




ATHENE, 18-09--2013 - De grootste Griekse oppositiepartij Coalitie van Radicaal Links (Syriza) eist de terugbetaling van een gedwongen lening uit de tijd van de Tweede Wereldoorlog in Berlijn. Het gaat om een bedrag van omgerekend ruim € 40 miljard, inclusief rente.


Dat zei de voorzitter van de partij, Alexis Tsipras (foto links) vrijdag. Als zijn partij aan de macht komt, zal hij de regering in Berlijn  zeggen dat het niet kan dat Grieken als wanbetalers worden gekenmerkt. Hij ging echter voorbij aan het feit dat deGriekse overheden en ook veel burgers hun economie hebben beschadigd - waar echter minder welgestelde Grieken nu de pijnlijke gevolgen van moeten dragen.


"Het uur van de afrekening is gekomen," zei hij zijn duizenden aanhangers op een vergadering. Fragmenten van zijn toespraak waren te zien op de Griekse tv zaterdagochtend

Griekenland:
Zeer zwaar getroffen in WO2


Griekenland is één van de zwaarst getroffen landen uit WO2. Het werd door drie landen bezet: behalvve nazi-Duitsland ook Italië (dat een gematigd regime hanteerde) en in het noorden Bulgarije (dat streng tegen de Grieken optrad).


De nazi-Duitsers hadden moeite met het handhaven van hun greep op het land, omdat het  uitgestrekt en bergachtige is.

Er waren talloze partizanengroepen, met naar schatting 1,8 miljioen deelnemers ope en bevolking van ruim 8 miljoen.

Dat was ook omdat een buitenlandse bezetting voor de Grieken extra gevoelig lag aangezien het land nog in 1919-22 een agressieoorlog tegen de Turken had gevoerd om het behoud van zijn zelfstandigheid. 


De Tweede Wereldoorlog echter kostte de Grieken 500.000 doden (Nederland, met destijds evenveel inwoners: 200.000).


'Distomo' is het bekendste geval. Daarbij vermoordden de nazi-Duitsers 218 van de 1.800 burgers uit het dorp. Ook op Kteta hielden denazi-militairen huis.


Op het Wwestgriekse eiland Kefalonia vermoordden de nazi-militairen een gehele Italiaanse divisie van 5.200 man.


Kent Nederland één 'Putten'. de Duitsers hebben in Griekenland duizenden burgers vermoord als represaille tegen Griekse partizanenacties.


De bekendste partizaan was waarschijnlijk de communist en componist Mikis Theodorakis

.


In 1942 moest Griekenland moest 3,5 miljard dollar te betalen voor een gedwongen lening aan nazi-Duitsland. De nazi-Duitsers hanteerden dit systeem ook in Nederland, dat o.m. moest betalen voor de zg. 'bescherming' tegen de Sowjets toen de nazi-Duitsers de Sowjet-Unie gingen aanvallen op 22  juni 1941.

Na meer dan 70 jaar, wordt de waarde van deze gedwongen lening geschat op $ 54.000.000.000 (40.6 miljard euro) in Athene. De Duitse federale regering heeft de herstelbetalingen aan Griekenland wegens de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog herhaaldelijk afgedaan als afgewikkeld.


Begin 2003 verroordeelde het Griekse hoogerechtshof, het Aereopagi, Duitsland tot een shcadevergoeding van € 50 miljoen aan het dorp Kalavrita. Daar pleegden de nazi-Duitse miitairen op 13 devember 1943 een massamoord op 674 van de 2.000 burgers van Kalavrita op de Peleponnesos en de vernietiging van 9 dorpen in de buurt als represaille.


De regering van de Bondsrepubliek verklaarde dat het oordeel niet rechtsgeldig was. Sedert die tijd strijd Iaonnis Stamoulis, een advokaat uit Athene en voormalig EU-afgevaardigde, voor schadevergoeding.


In Zuid-Korea heeft echter een rechter enkele weken terug bepaald, dat voormalige Koreaanse dwangarbeiders ondanks staatsverdragen over de herstelbetalingen tussen Japan en Zuid-Korea, toch aanspraak kunnen maken op achterstallig salaris van de staalfabriek waar zij moesten werken.


Zie ook bericht Korea 12-07-2013 - scroll naar beneden.






Oosterbeek en omgeving verwachten 100 veteranen



OOSTERBEEK, 16-09-2013 - Deze week zullen naar verwachting  ruim 100 oorlogsveteranen deelnemen aan de 69e herdenking van de operatie Market Garden vooral in Gelderland (Oiosterbeek, Arnhem en Nijmegen), en Noord-Brabant.

Foto rechts: veteranen  tijdens de herdenking op het Oorlogskerkhof in Oosterbeek, 2012.

Dinsdag 17 september 2013 is het 69 jaar geleden dat  luchtlandingen begonnen. De geallieerden wilden met Market Garden Nederland bevrijden en de Duitse Westwall aan de noordzijde omzeilen om Duitsland binnen te vallen. De operatie liep vast Rijnbrug bij Arnhem. De bevrijders kregen deze slechts een dag in handen. De operatie mislukte.

In vooral Oosterbeek, waar zeer zwaar gevochten is, en de regio Arnhem wordt de hele week herdacht. Dinsdag vinden de eerste officiële kransleggingen plaats bij diverse monumenten. De traditionele jeugdconferentie in de oude kerk in Oosterbeek is woensdag. Vrijdagavond wordt de John Frostbrug in Arnhem enkele uren afgesloten voor verkeer voor de herdenking van de Slag om Arnhem.

Zaterdag springen honderden parachutisten uit binnen- en buitenland op de Ginkelse Hei bij Ede met aansluitend kransleggingen. Zondag worden de herdenkingen afgesloten met de officiële herdenking van de 1.680 Britse en gemenebestgraven, 73 Poolse en 3 Nederlandse graven op de Airborne Begraafplaats in Oosterbeek. Deze ceremonie wordt in liustrumjaren meestal bijgewoond door leden van het Britse en Nederlandse konijklijke huizen.

Bij het Nationaal Bevrijdingsmuseum 1944-1945 in Groesbeek vond zondagmiddag een groot bevrijdingsfestival plaats. Daar werd de bevrijding van het Rijk van Nijmegen, 69 jaar geleden, herdacht met een kindermarkt, een show van historische legervoertuigen en veel muziek. In een bustocht van 1,5 uur kon men ook langs de historische locaties van Operatie Market Garden en het Rijnlandoffensief rijden. Wandelaars konden de Euregio Vrijheidswandeling door het gebied van Market Garden en dwars door het museum maken.



Agenda Oosterbeek 15-22 september 2014


Dinsdag 17 september
- 09.00 uur
Airborne Monument, Oosterbeek, officiële kranslegging.

Informatie: gemeente Renkum (026) 33 48 111

- 19.00 uur
Airborne Monument, Bennekomseweg, Heelsum, officiële kranslegging

Informatie www.oranjedagheelsum.nl

Woensdag 18 september
- 20.00 uur
Opening 12e Airborne International Youth Conference, Oude Kerk, Oosterbeek.

Informatie (06) 12 65 07 11

Vrijdag 20 september
- 09.30 uur
Monument provincie Gelderland, naast Airborne Museum Hartenstein, bloemlegging.

Informatie (026) 35 13 100

- 10.00 uur

Concert door Szczecin Garrison Military Band, bij Airborne Museum Hartenstein.

Informatie www.airbornemuseum.nl

Zaterdag 21 september
- 14.00 uur
Start,
‘Race to the bridge’ met oude legervoertuigenTelefoonweg, Renkum naar John Frostbrug, Arnhem

- 16.00 uur
opstelling van de voertuigen bij Airborne Museum, Oosterbeek

Informatie (06) 21 90 87 15 of (06) 53 61 31 81, www.airbornebattlewheels.nl

- 20.00 uur
Raadhuisplein, Oosterbeek, 39e Taptoe.

Informatie (0317) 31 37 02, www.taptoe-oosterbeek.com

Zondag 22 september
-  9.00 uur
Oude Kerk, Benedendorpsweg, Oosterbeek, Airborne dienst


-  11.00 uur
Airborne Begraafplaats, Oosterbeek, officiële herdenkingsdienst en bloemlegging door kinderen uit de betrokken gemeenten.

Informatie: Airborne Forces Security Fund, (026) 35 13 100

-  16.00 uur
Air Despatch Monument, Van Limburg Stirumweg, Oosterbeek, kranslegging.

Informatie (026) 44 37 642

 - 16.30 uur
‘Choral Evensong’ oecumenische Engelstalige dienst Oude Kerk, Benedendorpsweg, Oosterbeek. Informatie (026) 33 91 944







Veghel volgend jaar centrum van 70ste viering Market Garden



VEGHEL, 15-09-2013 - Veghel zal volgend jaar mogelijk een miljoen bezoekers uit binnen- en buitenland krijgen. Die worden verwacht tijdens de herdenking van Operation Market Garden. In Veghel wordt dan een groot WO2-kamp nagebouwd. Dat zegt OMG2014, een bundeling van 30 organisaties met binding met de operatie.

Het zal volgend jaar 70 jaar terug zijn na het - mislukte - geallieerde offensief van maarschalk Montgomery. De actie werd uitgevoerd door Amerikaanse vliegtuigen, Amerikaanse, Britse en Poolse luchtlandingstroepen en infanterie.

Oosterbeek (gemeente Renkum) en Arnhem nemen niet deel aan de historische rondrit, maar organiseren hun eigen evenementen. Dat wordt door enkele van de betrokken organisaties betreurd.

Market Garden is nog steeds de grootste luchtlandingoperatie uit de gehele militaire geschiedenis - en dfie in mei 1940 bij Den Haag en Rotterdam was de eerste grote.


Na 70 jaar is een zeer veel bekend over de operatie, onder meer dankzij uitgebreid militair-historisch onderzoek en verslagen als die waarop 'Band of Brohters' gebaseerd is. De mislukking van de operatie werd door de Britten, m.n. maarschalk Montgomery in de schoenen van de Poolse luchtladingstroepen onder generaal Sosabowski geschoven, die intussen in Nederland volledig gerehabiliteerd zijn.

De organisatoren willen een grootschalige viering van de 70ste herdenking, Het is in september 2014 20 jaar geleden dat Operation Market Garden voor het laatst groots werd herdacht. Veghel fungeert in 2014 als centrum van een week vol activiteiten. In Veghel komt een groot basiskamp met legertenten, zoals het er in 1944 ook uitzag. Dat kamp is de hele week open voor het publiek.

Op zondag 14 september 2014 vertrekt een colonne met 600 historische militaire voertuigen vanuit het Belgische Leopoldsburg, waar de geallieerden hun strijd voor deze operatie begonnen, naar Veghel. De wee darop rijdt die colonne van Veghel naar Nijmegen. Die colonne trekt door Valkenswaard, waar op dat moment ook het bloemencorso is.

Verder springen parachutisten uit historische vliegtuigen en bij Son wordt weer een Baileybrug gebouwd. Op zaterdag 20 september 2014 trekt de stoet richting Nijmegen. Daar wordt met amfibievoertuigen onder meer de Waaloversteek bij Nijmegen nagedaan.

De viering krijgt volgens de organisatie brede steun vanuit bedrijfsleven en overheid. De Koninklijke Landmacht viert haar 200-jarig bestaan in 2014. Binnen een breed scala aan activiteiten in dit jubileumjaar ondersteunt de landmacht onder meer de viering van 70 jaar bevrijding, waarbij de herdenking van de Operation Market Garden. Daarnaast hebben bedrijven, gemeenten en de Landcomponent (Belgische Landmacht) hun medewerking toegezegd.






Spaans wetsvoorstel:

Vaste plek voor holocaust in Spaanse onderwijs

MADRID, 13-09-2013 - De conservatieve Spaanse  Volkspartij heeft onlangs voorgesteld om de shoah als verplicht onderwerp voor Spaanse scholieren te kiezen. De partij heeft daarvoor een wetswijziging ingediend. De Spaans minister van onderwijs staat er volgens commentaar in de pers positief tegenover.

Indien aangenomen, zou de voorgestelde wijziging de genocide op de Joden door nazi-Duitsland opnemen in het curriculum "in verschillende stadia van het basisonderwijs," aldus het Spaanse persbureau Europa Press donderdag. Minister van onderwijs José Ignacio Wert Ortega, eveneens van de Partido Popular, steunt de wet. Hij heeft de Federatie van Joodse Gemeenschappen in Spanje (FCJE) uitgenodigd deel te nemen in een commissie die het voorstel verder bekijkt.

In Nederland vormt de shoah al een vast onderdeel van het onderwijsprogramma, en is opgenomen in de zg. 'canon van de geschiedenis'. Guy Muller van het Centrum Informatie en Documentatie Israël is postiief over het Spaanse voorstel, al kan hij de Spaanse situatie niet goed inschatten. Hij isvoorstander van het invoeren van het onderwerp holocaust in het onderwijs van de gehele EU. Jaarlijks organiseert het CIDI een educatief seminar over het holocaustonderwijs in Israël. De inschrijving daarvoor is juist weer geopend en het seminar in december-januari biedt jaarlijks plaats aan 25 Nederlandse docenten.

In commentaren op het voorstel wordt erop gewezen dat neonazisme groeit en dat Spanje met Hongarije als met antisemitisch land in Europa geldt.

De voorgestelde wijziging van de wet tot verbetering van de onderwijskwaliteit vormt een onderdeel van een bredere inspanning. Deze heeft tot doel om meer materialen te introduceren over de preventie en de vreedzame oplossing van conflicten en waarden die ten grondslag liggen democratie en mensenrechten.

De voorzitter van de Federatie van Joodse Gemeenschappen van Spanje, Isaac Querub, noemde het voorstel "zeker een stap vooruit", maar voegde eraan toe dat de federatie graag had gezien een "meer omvattende wijziging, met uitleg van de algemene geschiedenis van het Joodse volk." "Tenzij de Holocaust in context wordt geplaatst, zal het een vertekend beeld van de geschiedenis van het Joodse volk geven," zei hij.




Legermuseum verhuist laatste objecten

DELFT, 10-09-2013 - In de eerste twee weken van september worden de laatste objecten uit het Legermuseum in Delft verhuisd. Daaronder voertuigen, zoals tanks, kanonnen en wagens van groot formaat die niet meer kunnen of mogen rijden. Daarmee is het grootste deel van de grote en waardevolle collectie ontoegankelijk geworden voor het publiek.


Foto rechts: een kanon '10 veld' wordt op een vrachtwagen geladen. Foto Legermuseum.


Vanaf maandag 2 september werden eerst de kleinere objecten uit het voormalige museumgebouw aan de Korte Geer getakeld. Deze objecten worden in containers naar Soesterberg vervoerd waar ondertussen hard aan het nieuwe Nationaal Militair Museum (NMM) wordt gebouwd.


Het Legemuseum bezal enkele belangrijke grotere objecten uit WO2. Daaronder een Amerikaans Sherman-tank.Deze stond binnen en weegt zo'n 30 ton. Ook bekend is de Renault-F17 tank (foto onder), de eerste tank in Nederland, die als proefmodel diende en leidde tot het besluit geen tanks aan te schaffen.


Deze zouden namelijk vanwege de vele waterlopen niet uit de voeten kunnen. Ook bezit het museum een Duckw amfibisch voertuig (foto onder) en een Amerikaanse halftracj van het merk White. Van dat type zijn er 50.000 exemplaren gebouwd (foto onder).


Vanaf maandag 9 september is het de beurt aan de grote objecten. Op de hoek van de Oude Delft en de Kapelsbrug wordt een 400-tons hijskraan geplaatst en worden er in het water tussen het museum en de Zuidwal pontons gelegd.

De objecten worden vanaf de museumkade op de pontons geduwd, waarna deze overvaren naar de Zuidwal.
Daar worden de objecten door de kraan van Koninklijke Saan op trekker-opleggers van de Landmacht gehesen die vervolgens naar Soesterberg afreizen.


Door dit werk is de Oude Delft tussen de Breestraat en de Zuidwal van maandag 9 t/m woensdag 11 september afgesloten voor verkeer. Overdag zullen er ook op de Zuidwal stremmingen zijn. Er blijft per richting één rijstrook beschikbaar.

Het NMM krijgt een geheel ander karakter dan het oude Legermuseum en wordt veel meer gericht op vermaak van het publiek. De aandacht voor WO2 is er gering, omdat het ministerie het nieuwe 'museum' vooral wervend gaat inzetten, zoals het ministerie zelf ook heeft verklaard. Er komt ook een tank-crossbaan. De museumfunctie verdwijnt naar de achtergrond.











Foto boven: de 'Legerdag' in de jaren '30 in het Olympisch Stadion in Amsterdam. Hier een demonstratie van 10 Veld-kanonnen. De tribuna aan de overkant lijkt nog aardig vol te zitten.

De kanonnen van 10-veld werden in 1927 bij de Zweedse Boforsfabrieken aangeschaft en waren voor die tijd zeer modern te noemen.

De spreidaffuit maakte een traverse (zijdelijkse hoekverstelling) van 60º mogelijk en het wapen had een grote elevatiemogelijkheid tot van -5º tot +42º.

Vanwege die elevatie had het stuk eigenlijk 'veldhouwitser' moeten worden genoemd. Bij de grootste lading (3 kardoezen) had het projectiel een mondingssnelheid van 750 meter per seconde en bereikte in 58 seconden een dracht van 16.300 meter.

Voor de tractie van deze kanonnen werd gebruik gemaakt van de DAF TRADO-trekker. In de meidagen van 1940 waren er 52 stukken beschikbaar. Na de capitulatie namen de Duitsers deze wapens in gebruik onder de naam '10,5 cm Kanone 335(h)'.




Proces tegen Bruins start rustig


HAGEN, 2-09-2013 - In Hagen in Duitsland is vanochtend het proces gestart tegen de Nederlandse oorlogsmisdadiger Siert Bruins, een voormalig SS-lid uit Appingedam. 


Foto rechts: de rechtbank in Hagen.


De 92-jarige wordt verdacht van de moord op een Nederlandse verzetsman Aldert Klaas Dijkema uit Bierum in 1944. De zittign duurde vandaag een half uur. Donderdag wordt hij voortgezet.


In de SS was Bruins 'Rottenführer', een lage rang te vergelijken met korporaal of sergeant. Bij de NOS wordt Bruins aangeduid als 'SS-officier'.

In de rechtszaal werd vastgesteld of Bruins' identiteit klopte, en of hij medisch geschikt was (hij loopt met een rollator). Bruins is in staat zijn rechtszaak bij te wonen.


Een arts onderzocht Bruins in opdracht van de rechtbank, en acht hem niet helemaal gezond, maar kan hij zittingen van 2 uur volhouden met daarna een pauze. Dat heeft de advocaat van Bruins, Klaus-Peter Kniffka, eerder  tegen de rechtbank gezegd.

De aanklacht werd voorgelezen. Bruins verklaarde slechts één ding: dat hij sinds 1942 Duitser is. Dit is steeds de grond geweest waarop Duitsland uitlevering van Bruins heeft geweigerd.

In het AD zegt Aldert Klaas Veldman, neef van de man die in 1944 door nazimisdadiger Siert Bruins zou zijn doodgeschoten, dat hij Bruins eng vond. Het AD: 'Hij straalde geen enkele emotie uit en hij had van die priemende oogjes', aldus Veldman. Deze neef van de vermoorde Dijkema was vandaag bij de rechtszitting in de Duitse stad Hagen tegen Siert Bruins.


Veldman: 'Toen ik in zijn ogen keek dacht ik: die man heeft geen emotie.' Het heeft volgens de neef te lang geduurd voordat Bruins voor de rechter kwam, maar hij vindt het goed dat het toch gelukt is. Veldman: 'Ik hoop dat de waarheid boven tafel komt. Het kan al wel bewezen worden dat Bruins medeplichtig is aan de moord, want hij heeft zelf gezegd dat hij erbij was.'


Wiesenthal
Volgens het Simon Wiesenthal Center is er nog een vrij-levende Nederlandse oorlogsmisdadiger. „Op de wanted-lijst van het Openbaar Ministerie (OM) staat niemand meer”, zei David Barnouw, onderzoeker aan het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD), dit weekeinde tegen het Brabants Dagblad. Ook het Openbaar zegt niets te weten van nog levende Nederlandse oorlogsmisdadigers.


Volgens directeur Effraim Zuroff van het Simon Wiesenthal Center in Jeruzalem is er nog wel één. Zuroff zei vrijdag nog een andere, vrij levende Nederlandse oorlogsmisdadiger op het spoor te zijn. Een naam noemt Zuroff niet, maar het zou een man betreffen die in Nederland woont en al eens is veroordeeld voor oorlogsmisdaden.

Zuroff ontkent desgevraagd in het Brabants dagblad dat het Jacob Luitjens is. Hij was een opvallende Landwachter die na de oorlog veroordeeld werd en omtrent wie niet zeker is of hij nog leeft. 





Kwart miljoen subsidie voor WOII-resten Nijmegen

NIJMEGEN, 02-09-2013  - Het Vfonds, grootste subsidiënt van WO2-projecten, stelt 250.000 euro beschikbaar voor het behoud van een Duitse wegversperring uit Nijmegen. Het gaat om de betonnen resten die bij de graafwerk aan de Waal werden gevonden. 


Foto rechts: een luchtafweerpost van het Nerdelandse leger bij de Waalbrug; bij  de loop van het kanon is een wegversperring zichtbaar.

Foto uit de dagen vóór de Tweede Wereldoorlog. Een Nederlandse militair bij de aspergeversperring aan de zuidkant van de brug. Stalen balken die in gaten in het beton zijn gestoken moesten verkeer en tanks op de Waalbrug tegenhouden.


Deze aspergeversperring werd door het Nederlandse leger aangelegd vanwege de Duitse dreiging en meet 12 bij 3,5 meter. Hij wordt uitgegraven. Oude foto's laten zien dat ook aan de zuidzijde van de Waalbrug deze versperring stond.

De reden voor de subsidie is de recente vondst van een Nederlandse  betonnen tankversperring, een zonaamde aspergeversperring, uit de oorlog. De gemeente Nijmegen heeft geen geld voor deze betonnen versperring. Het Vfonds wil de restanten redden, want een eerder gevonden aspergeversperring werd al gesloopt. Resten van een betonnen Duitse versperring zijn in bewaring en komen later terug op een geschikte plek.

Winter 1944 na de bevrijding van Nijmegen. Britse militairen bewaken de Waalbrug met luchtafweergeschut. Op de achtergrond is de Duitse wegversperring te zien, compleet met gaten van granaatinslagen. Winter 1944 na de bevrijding van Nijmegen. Britse militairen bewaken de Waalbrug met luchtafweergeschut. Op de achtergrond is de Duitse wegversperring te zien, compleet met gaten van granaatinslagen.

Het fonds wil belangrijk materiaal veilig stellen voor het toekomstige WOII-museum in Nijmegen, waarvan het fonds één van de belangrijkste financiers wordt. Het besluit om een kwart miljoen euro beschikbaar te stellen is volgens directeur Ton Heerts  van het fonds op de website van De Gelderlander 'een crisisbesluit'. Het werk aan de nevengeul en de verlengde Waalbrug door. Een nabije vooroorlogse bunker moest de brug tegen aanvallers beschermen.

Het Nationaal Bevrijdingsmuseum in Groesbeek liet eerder weten de betonnen versperring te willen hebben, maar geen geld voor het transport te hebben.





Grootste demonstratieveld nazi's wordt gesaneerd



NEURENBERG, 30-08-2013 - De stad Neurenberg wil het Zeppelinfeld, het terrein waar de nazi's hun grote openluchtcongressen hielden, saneren. Het terrein is officieel bekend als het 'Reichsparteitagsgelände', werd in 1933 geopend en was in oppervlak het grootste naziterrein.


Foto rechts: SS-ers in 1934, toen nog in zwarte uniformen.

Van 1933 tot en met 1938  kwamen tienduizenden nazi's hier ieder jaar ongeveer een week in september bijeen. Dit waren enorme demonstratieve bijeenkomsten, waarbij alles draaide om Hitler.

Omdat de kosten van herstel onduidelijk zijn, begint de stad met een van de 34 torens en een tiende van de tribunes van het reusachtige stadion. Deze kosten bedragen volgens de sociaaldemocratische burgemeester Ulrich Maly 3 miljoen euro.


Het gaat er niet om de bouwwerken „op te vrolijken” of iets uit de tijd van de nazi's te herstellen, maar het terrein geschikt te maken als authentieke leerplaats voor komende generaties.


'Een bezoek aan het terrein waar de nazimisdadigers bijeenkwamen, richt bij jongeren vermoedelijk meer uit dan 10 uur college', zei de burgemeester donderdag. Het terrein wordt wel gebruikt vor popconcerten of als parkeerplaats voor vrachtwagens of bussen. Hitlers spreekgestoelte dient 's-avonds als hangplek voor jongeren.


Foto links: het hek van Hitlers spreekgestoelte, nu 's avonds in gebruik als hangplek met uitzicht op geparkeerde vrachtwagens.


Naar schatting zal de sanering in totaal 60 tot 70 miljoen euro kosten. Het Zeppelinfeld is ernstig in verval en sommige delen zijn voor bezoekers verboden.

Nadat hij begin 1933 aan de macht was gekomen, liet Adolf Hitler het terrein en de omgeving ervan ontwikkelen, onder meer door Albert Speer. Het Reichsparteigelände meet 290 bij 312 meter (vroeger 362 x 378 meter, ruim 12 voetbalvelden) en bood plaats aan 320.000 mensen en 70.000 mensen op de tribunes. De bekende propagandafilm 'Triumph des Willens' van Leni Riefenstahl, gaat over de partijdagen van 1934 in Neurenberg.

In 1933 startten de nazi's hier met een massabijeenkomst van de Wehrmacht en de Reichsarbeitsdienst. In de jaren 1935-1937 werd het omgebouwd olv. Albert Speer in een paradeterrein met tribunes , met de noordoost tribune als een dominant decor .


Het is het enige voltooide gebouw in de geplande faciliteiten op dit naziterrein.

De tribunes werden afgewisseld door 34 torens met vlaggenmasten en zoeklichten. Met meer dan 150 zeer krachtige lichten werd de indrukwekkende " Kathedraal van het Licht "  (foto links) gecreëerd.

Aan de noordoostelijke kant van het veld was in 1935 grote tribuna met het spreekgestoelte. De lengte ervan is 360 en een hoogte van 20 meter, naar het voorbeeld van de oude Pergamonaltaar . Boven de zitplaatsen stond een dubbele rij pijlers achter de gehele breedte van de tribune.

Op de twee torens van de Zeppelin tribune waren vuurschalen, In het midden van de hoofdtribune bovendien een deel voor hoge gasten.  Net als bij het Luitpold Arena , was het hele systeem was gericht op dit punt , en dus op de persoon van de "leider " , waardoor het een altaar-achtig karakter kreeg . Het gebouw werd gebouwd in de jaren 1935-1937 is gemaakt van beton , baksteen en kalksteen .


Foto onder: een overzicht via Google.Hier is ook te zien dat de zuilenrij achter de grote tribune niet meer bestaat. De stad Neurenberg heeft geen plannen dergelijke onderdelen te herstellen.







Nat. Geographic: Hitler gebruikte meer verdovende middelen dan bekend

AMSTERDAM, 27-08-2013 - Hitler gebruikte meer verdovende middelen dan tot nu toe bekend. Dat blijkt volgens National Geographic Channel uit een nieuwe documentaire over hem. De hoofdpersoon van dat programma is Hitlers lijfarts, Dr Theodore Morell (1889-1948).

Hitler was, een hypochonder,  manisch depressief en leed aan Parkinson. Hij had in toenemende mate last van maagkwalen en deed vrijwel niets aan lichamelijke oefening.

Hitlers zorg voor zijn gezondheid draaide om drugs zoals cocaïne en amfetaminen. De tv-documentaire vertelt het verhaal van Hitlers drugsmisbruik, gebaseerd op recent ontdekte verslagen en brieven van zijn arts Dr Theodore Morell. De uitzending is woensdag 28 augustus om 22.00 uur.


Foto rechts: Hitler, rechts, en Morell, geheel links.


Morell diende hem uiteindelijk cocktails toe van meer dan 80 verschillende drugs. Daarin zaten ook tonicums, morfine en barbituraten, vitaminen, probiotica, soms stierensperma, rattengif en zelfs geweerolie.

In National Geographic channel's 'Nazi Underworld - Hitlers Druguse Revealed', beweert psychiater prof. Nassir Ghaemi : "Het is niet de vraag of Hitler een amfetaminverslaafde was of niet - het feit is dat Hitler een bipolaire stoornis had en amfetaminen maakte het nog erger. Dat is het probleem. Dat is nooit eerder beschreven en dat er veel zou verklaren waarom Hitler veranderde in de late jaren 30 en de jaren 40."

Maar sommige commentatoren vrezen dat deze controversiële beweringen neo-nazi's in de kaart spelen: het suggereert dat hij ontoerekeningsvatbaar was , en worden slechts gedeeltelijk verantwoordelijk was voor de miljoenen doden hij veroorzaakte. Holocaustontkenner David Irving, bijvoorbeeld, claimt dat medische fouten bij Hitler een "euforische trance ' veroorzaakte en suggereert dat hij zich niet geheel bewust was van zijn acties.

Vorig jaar kwamen in Amerika verborgen brieven en medische gegevens van Hitler aan het licht met inbegrip van medische rapporten van Hitler, gemaakt in opdracht van het Amerikaanse leger na de oorlog. Dit omvatte een 47-pagina's tellend geheim rapport gebaseerd op interviews met zes van Hitlers artsen, onder wie Morell.

Hitler ontmoette Morell - een zwaarlijvige man met een geringe persoonlijke hygiëne - dankzij zijn persoonlijke fotograaf Heinrich Hoffman, die Morell voor gonorroe had behandeld.

De Führer leed aan chronisch eczeem die geen enkele ander medisch adviseur kon oplossen. Hij had ook aanhoudende buikkrampen en erbarmelijke winderigheid. Morell genas het eczeem en schreef levende bacteriën voor die de krampen genazen en een opgetogen Hitler benoemde Morell tot zijn lijfarts - tot ergernis van zijn kring van naaste adviseurs.

Hitlers spijsverteringsproblemen dwongen hem om vegetariër te worden: niet, zoals nazi-propaganda beweerde, dat hij een dierenvriend was - wat hij overigens wel was. Maar Hitler nam zulke enorme hoeveelheden van zijn "anti-gas" pillen die hij leverproblemen en geelzucht ontwikkelde.Sommige van zijn andere artsen hebben gespeculeerd dat Hitler werd vergiftigd door Morell. Hitler wees hen af als "dwazen" en liet twee van hen overplaatsen.

De rapporten tonen aan dat Hitler ook cocaïne in poedervorm snoof om "zijn sinussen schoion te maken en zijn keel te kalmeren " en gebruikte oogdruppels aangelengd met 10% cocaïne. Morell gaf ook Hitler viriliteitsinjecties - deze bevatten extracten uit de prostaat of gemalen testikels van jonge stieren. Een andere vroege vorm van Viagra van Hitlers arts was een injectie met stierensperma.

Historicus Richard Evans van Cambridge University zegt: "Morell gaf Hitler een preparaat genaamd Testoviron, een soort testosteron, meestal voordat Hitler was van plan om een ​​nacht door te brengen met Eva Braun." "Eva Braun was jong en veel fitter. Hitler was veel ouder, lui en nam niet veel lichaamsbeweging  en ik weet zeker dat hij dokter Morell vroeg om hem te helpen voordat hij naar bed ging met Braun."

Er bestaat een goed gedocumenteerde incident toen Hitler onder invloed van drugs was, namelijk tijdens een ontmoeting met de Italiaanse dictator Mussolini. Hitler trachtte  toen te voorkomen dat Mussolini te zijn steun aan de nazi's opgaf.

Richard Evans voegt toe: "We kunnen er vrij zeker Morell enkele tabletten aan Hitler gaf toen hij Mussolini ontmoette vanwege al de beschrijvingen van hem in tijdens die bijeenkomst.

Uit Morells aantekeningen blijkt ook dat de dictator doodsbang was voor kanker, paranoïde over verkoudheid en nam andere middelen nam om zijn hoge bloeddruk onder controle te houden. Hij leed ook constant aan heesheid en liet twee keer poliepen verwijderen van zijn stembanden. Morell bleef Hitler gedurende de oorlog behandelen, on danks de afkeer van zijn collega's; zij gaven hem de schuld van de dramatische verslechtering van de gezondheid van de dictator .

Nadat dokter Morell door de geallieerden gevangen werd genomen en werd beschuldigd van misdadige nalatigheid, bekende hij het toedienen van opiaten, morfine, barbituraten en amfetaminen.

Psychiater Professor Nassir Ghaemi zegt: "Sommige van zijn Amerikaanse ondervragers vroegen zich af of hij een dubbelagent was, die probeerde Hitler zo disfunctioneel te maken dat hij niet kon winnen, en niet kon bereiken wat hij wilde." Maar andere commentatoren zeggen dat het onwaarschijnlijk is dat de geneesmiddelen een effect op Hitlers geestelijke gezondheid hadden of de uitkomst van de oorlog.

Hans-Joachim Neumann, auteur van een boek met de titel Was Hitler Ill? legt uit: "Net 48 uur voor zijn dood Hitler dicteerde zijn testament, zo helder en alert als altijd. Zijn geestelijke vermogens waren normaal. "

Neumann voegt toe: "De Joden werden niet uitgeroeid omdat Hitler ziek was, maar omdat de meeste Duitsers zijn beslissingen volgden . Hitler wist altijd wat hij deed. "




Volgend jaar boek over onbekende Vughtse heldin

AMSTERDAM, 27-08-2013 - Volgend jaar verschijnt er een boek over o.m. een relatief onbekende heldin uit de oorlog, Eelkje Timmenga-Hiemstra. Deze Vughtse organiseerde voedselhulp voor gevangenen in het concentratiekamp daar en zorgde al snel als enige voor informatie over gevangenen aan hun familieleden. 

Foto rechts: mevrouw Timmenga


Daarnaast is er nog een nieuw boek over de plaats Vught in de oorlog en loopt er bij het NIOD een expositie over overlevenden uit het kamp.

Mevrouw Timmenga is momenteel heldin van de maand op de site van het NIOD in een bijdrage geschreven door historica Inger Schaap,  medewerkster van het herinneringscentrum van kamp Vught. Historica Schaap is bezig met een boek over de hulpverlening aan gevangenen in Vught dat vermoedelijk 'Het Stationskoffiehuis' gaat heten.

Mevrouw Timmenga raakte bij de hulp betrokken door de Vughtse dames Van Beuningen en Overeem. Deze laatste raakte later vooral bekend als leidster van kamp Amersfoort aan het eind van de oorlog.

De hulp in Vught bestond aanvankelijk uit voedselpakketten voor gevangenen. Dat werd gaandeweg uitgebreid met kleding en kleine gebruiksvoorwerpen. Het NIOD bezit volgens Inger Schaap honderden bedankbrieven over mevrouw Timmenga, die ook wel aangeduid wordt als 'moeder van de gevangenen'. Zij ontving na de oorlog echter geen enkel eerbewijs.

De dameshulp in Vught richtte zich op de politieke gevangenen. Joodse gevangenen werden doorverwezen naar de Joodse Raad. Volgens onderzoekster Schaap is dit 'met de kennis van nu dit zeer pijnlijk. De dames vreesden hun toestemming kwijt te raken om de politieke gevangenen te mogen verzorgen en vermeden daarom elk risico.'

Verder is juist verschenen 'Leven naast het kamp' van Boyd van Dijk, ook over de plaats Vught. Hij is een oud-student Holocaust en Genocidestudies en  onderzocht de ervaringen van de Vughtse gemeenschap in de kampjaren.


Uit archieven, strafdossiers en gesprekken met getuigen komt naar voren hoe de inwoners van Vught nauw betrokken raakten bij het kamp - en dus ook bij de Jodenvervolging. Sommigen zetten zich in voor de gevangenen, anderen profiteerden van het kamp of pleegden ernstige misdaden. Het overgrote deel van de Vughtenaren hield zich meestal afzijdig en ging door met zijn leven.

Sinds begin augustus loopt er een foto-expositie ;'Ogen van de oorlog' over kamp Vught bij het NIOD in Amsterdam. Het gaat om portretten van 28 van de laatste overlevenden. Fotograaf Rogier Fokke (1952) bezocht met een mobiele fotostudio deze oud-gevangenen thuis, van Schiermonnikoog tot Andenne in België. Ook Tanny van de Ven, rondleider bij Nationaal Monument Kamp Vught, bezocht bijna alle mensen thuis en tekende hun herinneringen op. De oudste geportretteerde is Hebe Kohlbrugge, geboren in 1914; de jongste is Robert Engelander, geboren in 1941.


Foto onder: mevrouw Verbraeken-Blomaart, opverlevende uit kamp Vught op een foto van Rogier Fokke.








280 WO2-voertuigen komen naar Twenthe voor Rolling Steel 2013


ST-ISIDORUSHOEVE, 26-08-2013 - Aan het WO-2-evenement Rolling Steel 2013 in Twenthe doen 280 voertuigen mee, waaronder 4 Sherman tanks en een amfibisch voertuig, een zg. Dukw.. Dat schrijft organisator Keep Them Rolling. De aanmedling van voertuigern werd op 16 augustus gesloten.

Dit gratis publiekspektakel vindt plaats van vrijdag 30 augustus t/m zondag 1 september 2013 op een crossbaan waar het publiek ook mee kan rijden.


Foto rechts: het bivak in Neede in 2012. Half zichtbaar een Sherman tank. Foto KTR.


Het bivak van zal worden opgebouwd op de terreinen van crossvereniging HAMC, gelegen aan de Binnenveldweg 45 in St. Isidorushoeve. Ook het bivak en de militariabeurs zijn vrij toegankelijk voor bezoekers. 


Volgens bestuurslid Alexandre Zandbergen van KTR is dit evement waarschijnlijk het grootste in zijn soort in Nederland. Keep Them Rolling is een vereniging van liefhebbers van rijdend materieel uit WO2, en omschrijft zichzelf als 'rijdend museum'. Het Twentse evenement is het laatste voor het grote jubileumjaar 2014.


Op zaterdag en zondag worden door de deelnemers routes door de omgeving gereden. Gedurende de dag zullen er dus minder voertuigen te bezichtigen zijn. De verwachting is dat de deelnemers zaterdag weer binnenkomen vanaf ongeveer 15.00 uur en zondag vanaf circa 13.00 uur.



PROGRAMMA


Vrijdag 30 augustus

-          Aankomst deelnemers vanaf 12.00 uur.
 
Zaterdag 31 augustus 2013

-          09.30 uur: Opstellen voertuigen British/Canadian tour.

-          10.00 uur: Vertrek British/Canadian tour; vertrek van voertuigen van Britse of Canadese makelij.
Een groot deel van Nederland werd bevrijd door Engelse of Canadese strijders, tijdens deze editie van het Twente-Achterhoekweekend maken vele eigenaren van Britse of Canadese makelij hun opwachting.

-          10.30 uur: Vertrek overige WW-II voertuigen.

-          Namiddag: Wapendemonstraties van de Screaming Ducks.
Living History vereniging Screaming Ducks zal op gezette tijden uitleg geven over de wapens gebruikt tijdens de Tweede Wereldoorlog.

-          14.00 – 17.00 uur*: crosscircuit geopend.
Vele WW-II voertuigen waren uitermate geschikt voor gebruik in het veld. Het crosscircuit biedt de kans de mogelijkheden van de voertuigen te testen en te tonen.
 
Zondag 1 september 2013

-          09.30 uur: Opstellen (half)tracked voertuigen.

-          10.00 uur: Vertrek (half)tracked voertuigen.
Het Twente-Achterhoekweekend van Keep Them Rolling is het enige evenement in Nederland waar deelnemers met rupsvoertuigen in de gelegenheid zijn een tourrit door de omgeving te rijden. Circa 20 rupsvoertuigen, waaronder tanks, halftracks en Weasels, aangevuld met een aantal speciale voertuigen vertrekken voor een rit van circa 40 kilometer.
De exacte route vindt u op: http://afstandmeten.nl/index.php?id=1074517

-          10.30 uur: Vertrek overige WW-II voertuigen.
De route is beschikbaar op: http://afstandmeten.nl/index.php?id=1137359

-          12.00 – 15.00 uur*: crosscircuit geopend.
Vele WW-II voertuigen waren uitermate geschikt voor gebruik in het veld. Het crosscircuit biedt de kans de mogelijkheden van de voertuigen te testen en te tonen.

FOTO ONDER: EEN KOLONNE RUPSVOERTUIGEN IN 2012 IN NEEDE.
FOTO KTR





Docgroep ’40-’45 houdt jubileumexpositie in vestingmuseum Naarden


NAARDEN, 26-08-2013 - De Documentatiegroep ’40-’45 bestaat 50 jaar en heeft een kleine jubileumexpositie in het vestingmuseum Naarden samengesteld.


Enkele leden tonen daar unieke voorwerpen en documenten uit hun privécollecties. De expositie duurt tot 27 oktober.


Foto rechts: het pistool in de bijbel.

De groep werd opgericht toen er in 1963 berichten kwamen over de opheffing van het Rijksinstituut vor Oorlogsdocumentatie (RIOD, nu NIOD) . De groep heeft nu 700 leden en houdt diverse bijeenkomsten per jaar: beurzen, lezingen, bezoeken.

De kleine tentoonstelling met 20 vitrines van 1,20 m geeft geen overzicht van de oorlog, maar toont bijzonder voorwerpen horend bij enkele thema's, zoals de mobilisatie 1939, dagelijks leven, de spoorwegen, verzet en Indië.


De geëxposeerde voorwerpen liggen erg dicht op elkaar en hebben niet altijd aparte etiketten, en documenten zijn niet altijd goed te zien of te lezen.

Opmerkelijke voorwerpen zijn een privé-fotoalbum van een Duitse militair die het Nederlands verzet hielp. Hij heette Joep Henneboel: de enige Duitser die het Verzetsherdenkingskruis ontving voor zijn hulp aan het verzet en aan mensen bij razzia’s in Amsterdam. 


Foto links: een vitrine met o.m. stafkaarten


Even verderop ligt een Bijbel met daarin een revolver in uitgesneden bladzijden. Een Bijbel was kennelijk niet de eerste plek waar de bezetter zou zoeken naar illegale wapens.

Ook bijzonder is een compleet uniform van een gevangen Nederlandse arts uit Auschwitz. Het dagelijks leven in de Tweede Wereldoorlog wordt geïllustreerd door poststukken met het opschrift “postverbinding tijdelijk verbroken” en post, tijdelijk bezorgd door padvinderij.

In de tentoonstelling is goed te zien dat leden vaak specialisaties hebben. De verzamelingen en kennis van de leden zijn vaak zeer uitgebreid en gedetailleerd.









Eerste officiële expositie over Auschwitz in China- met Anne Frank

BEIJING, 24-08-2013 - Voor het eerst vindt er in China een tentoonstelling plaats over de Jodenvernietiging. En zelfs in een officiële instelling: het nationale museum van de Chinese oorlog en verzet tegen Japan, in Beijing. De titel is: "Auschwitz - de Duitse vernietigingskampen".


Ook Anne Frank wordt er genoemd hoewel zij niet in Auschwitz is omgekomen. Haar dagboek is in het Chinees vertaald en heeft een zekere mate van populariteit bereikt. Er zijn zelfs ongeveer 15 edities van (foto rechts:: één), inclusief een stripversie. Haar naam wordt ook wel geschreven als 'An Ni Fu Lan Ke'.


Uit reacties  van de bezoekers, opgetekend door een Duitse verslaggever, blijkt dat veel Chinezen geen enkel idee van de verschrikkingen van de oorlog in Europa hebben. In China hebben ongeveer 20.000 Joden de oorlog overleefd.


Daarbij heeft de Nederlander Jan Zwartendijk nog een rol gespeeld, doordat hij als consul in Kaunas in Litouwen in de herfst van 1940 ongeveer 2.000 Joden een visum verstrekte, waardoor zij Litouwen konden ontvluchten. Zij kwamen toen in China terecht. De Chinese diplomaat Ho Sheng Fan reikte in Wenen in 1941 aan vluchtende Joden 1.200 visa uit, waardoor hij de enige Chinees werd die door Yad Vashem ooit is onderscheiden.

De belangstelling voor de tweede Wereldoorlog groeit in China. De China Daily, het dagblad uitgegeven door de Chinese staat, publiceerde bijvoorbeeld een verslag over het unieke eerste bezoek van kanselier Merkel aan concentratiekanp Dachau. Ook is de universiteit van Shanghai begonnen met de uitgave van de verslagen van de Tokio Tribunalen van 1946 tot hun einde in 1948. Dit is een serie van 80 boekbanden. Tijdens wat officieel het International Military Tribunal for the Far East (IMTFE) heette, werden 28 zware Japanse oorlogsmisdadigers berecht, van wie er 8, o.m. Hideki Tojo, de doodstraf kregen.

De expositie probeert een algemeen olverzicht te geven van de pogingen van de nazi's om de Joden uit te roeien. De tentoonstelling toont bijvoorbeeld ook 3 modellen van de crematieovens uit Auschwitz.


Ook is er aandacht voor de Chinese rol bij het redden van Joden, die in de Joodse wijk van Shanghai de oorlog konden overleven. Hoewel hun leven daar zeer moeizaam was, ondergingen zij daar geen vervolging, terreur of mishandeling.


Foto links: een Joodse religieuze school in Shanghai in 1944.


De Chinezen richten hun blik voorzichtig op de buitenwereld. Volgend jaar komt er in samenwerking met het Deutsches Histrisches Museum uit Berlijn, dat een goede reputatie heeft op het gebied van getrouwheid en onpartijdigheid, een expositie onder de titel 'Hitler en de Duitsers'.

De 'achterstand' in Cinese kennis is misschien verklaarbaar uit de Chinese neiging om zich op de Chinese geschiedenis te richten - en de manier waarop de Japanners  hebben huisgehouden in China in de aanloop naar de Tweede Wereldoorlog gaf daar alle aanleiding toe. Ook vanwege de ongeveer 20 miljoen Chinese doden als gevolg van de Japanse bezetting.


De Japanners startten hun bezetting in  Mantsjoerije in 1931 en richtten o.m. een grote massamoord aan in Nanking op 13 december 1937, waarbij ongeveer 250.000 doden onder de burgers vielen (volgens de Chinese lezing 300.000) plus tienduizenden vrouwen die werden verkracht. Een ander bekend voorval uit die tijd, toen de tweede Sino-Japanse Oorlog woedde (1937-1945), is de wedstrijd hoofden afhakken die twee Japanse officieren hielden, en waarvan foto's bestaan. De Japanse bezetters betoonden zich bijzonder wreed  (wat zij overigens ook aan de dag legden bij hun bezeting van Indonesië). Zij richtten ook tientallen bordelen in, waar Chinese vrouwen gedwongen werden tot prostitutie.

Hoeveel doden de Japanse bezetting van China heeft gekost, is alleen uit schattingen bekend die oplopen tot 20 miljoen doden. Dit aantal werd bereikt mede omdat de Japanners geen enkel respect aan de dag legden voor mensenlevens of mensenrechten. Ook de Chinezen betoonden overigens gaandeweg een toenemende hardheid ten opzichte van hun  eigen burgers en hun tegenstanders.

De Japanners hanteerden verder vanaf 1940 de regel 'Drie van alles': dood alles, steel alles, vernietig alles. Daarbij schuwden de Japanners ook chemische oorlogsvoering tegen burgers niet. In Japan worden nu nog altijd veel van deze gruwelijkheden door nationalisten ontkend of geminimaliseerd.

Tijdens het moorddadige bewind van dictator Mao Zedong (1893-1978) en vooral tijdens zijn 'Culturele Revolutie' (1966-1976) was de Chinese belangstelling voor de geschiedenis van het buitenland eveneens minimaal. Die periode lijkt nu definitief afgesloten.







Speelfilm over grote Warschause opstand

gebruikt oude bewerkte beelden






Foto boven: een beeld uit kennelijk de eerste dagen van de opstand: iedereen is vrolijk, en nog schoon. dat werd snel anders.


Door Arthur Graaff

WARSCHAU, 22-08-2013 - Er verschijnt volgend jaar een speelfilm over de grote Warschause opstand uit 1944. Deze bevat ook originele zwart-witte documentairebeelden, maar dan geheel bewerkt en ingekleurd.



Foto rechts: de arrestatie van Duitse militairen door de opstandelingen. Dit kwam de eerste dagen van de opstand voor, omdat de Duitsers onvoorbereid waren.


De kwaliteit van die beelden lijkt opvallend goed op de trailer, die juist is gelanceerd. In het Pools gaat het om 'Powstanie Warszawskie' (uitspr. pofstanje warsjawsjkje), en de Engelse titel is 'Warsaw Uprising'. Tijdens de opstand kwamen in twee maanden 150.000 Polen en 17.000 nazi's om.



De oude beelden kregen een digitale inkleuring en nieuw geluid. Daaruit ontstond samen m,et nieuwe delen de 90-minuten durende speelfilm die volgens de directeur van het Museum van de Warschause Opstand, één van de initiatiefnemers van het project, niet onder zal doen voor moderne oorlogsfilms. Er is ook een aparte site voor de film geopend.


Foto rechts: verdwaasde, geschokte mensen.

Tijdens de opstand hadden de Polen ook een groep eigen oorlogscorrespondenten ingezet, die o.m. 30.000 m zwart-wit film schoten. Dat vormt de basis voor de nieuwe speelfilm.


Historici, filmexperts, scenarioschrijvers en acteurs hebben er nu al 2 jaar aan het project gewerkt. Het resultaat van de bewerkingen is 'verbluffend'. volgens de NOS, die gisteren het nieuws bracht in het 8-uur-Journaal.


De eerste film over de opstand werd al in 1956 gemaakt door Polens beroemdste filmer Andrzej Wajda, onder de titel Kanał (uitspr.: Kanaw, oftewel 'riool', vanwege het uitgebreide gebruik van de riolering dat vaak als  wegenstelsel voor de opstandelingen diende). Deze film kon gemaakt worden door de communistische dooi die ontstond na de dood van Stalin in 1953. 


Foto links: geen beeld uit de film, maar één van de klassieke foto's van de opstand: wat opgeschoten jongens die hard op weg zijn hun onschuld en vriendelijkheid te verliezen. Ze zien er moe uit, de handen vand e middleste jongen zijn vies maar er zit nog leven in hun ogen.


Roman Polanksi's film 'The Pianist' uit 2002, die 4 Oscars en de hoofdprijs in Cannes won, gaat over de Joodse pianist Szpilman die zich tijdens de oorlog in de belegerde stad verbergt en door een Duitse officier gered wordt. Deze film speelt zich voor een deel af tegen de achtergrond van de opstand.

De opstand begon op 1 augustus 1944 en duurde 63 dagen Een Poolse verzetsleger, de Armia Krajowa oftewel het nationale leger, loyaal aan de Poolse regering in ballingschap, streed tegen de nazi's om Warschau te bevrijden.


De Polen rekenden op hulp van het Sowjet-leger dat de oostelijke rand van de stad bereikt had, maar niet ingreep op bevel van Stalin. Op 2 oktober 1944 gaven de opstandelingen zich aan de nazi's over.


Foto rechts: nog wel goed geünformeerd en goedgemutst - kennelijk een opname uit de eerste week.

Het kostte twee jaar om de film te maken. Overlevende verzetsstrijders hielpen bij de bepaling van de kleur van kleding en andere voorwerpen op de zwart-witte documentaire filmbeelden.


Liplezers werkten mee om de 'stomme' filmfragmenten te ontcijferen en droegen bij aan de dialogen die later door acteurs zijn ingesproken. Ook zijn er speciale geluidsopnamen gemaakt van het afvuren van originele wapens uit die tijd.

De film wordt volgend jaar uitgebracht voor de 70-jarige herdenking van de Warschause Opstand. Vanwege het feit dat Polen door de oorlog relatief het zwaarst getroffen Europese land is met 5 miljoen doden op een bevolking van 34 miljoen mensen, hebben alle evenementen die met de oorlog te maken hebben een aparte plaats.


Foto rechts: Witold Kiezun, die later als econoom aan de universiteit zou werken maar hier nog opgetogen over de vondst van een Duits machinegeweer.


De Polen hechten daarnaast, gezien de regelmatige onderwerping van het land in de afgelopen 150 jaar, over het algemeen veel belang aan hun eigen geschiedenis.

Het museum heeft een trailer op zijn website gezet met de bedoeling meer mensen te identificeren die in de oude opnamen voorkomen. Enkele verzetsstrijders hebben zich al gemeld.


Eén van hen, de nu 91-jarige Witold Kiezun, is op de oude opnamen lachend te zien met een buitgemaakt Duits machinegeweer. Hij herinnert zich hoe blij hij was met zijn trofee. "We geloofden dat het mogelijk was om te winnen. Later bleek het een gewonnen gevecht te zijn in een verloren strijd," zo zij hij gisteren in  het NOS-Journaal.

De Poolse opstandelingen waren voor het grootste deel van hun bewapening afhankelijk van het buitmaken van Duitse wapens en andere uitrusting zoals de gehate Stahlhelmen. Dat de opstand überhaupt uitbrak tegenover de Duitse overmacht, had ook te maken met de oprukkende Sowjetlegers, die toen Oost-Polen al hadden ingenomen en dagelijks enkele tientallen kilometers vorderden.


De opstand werd georganiseerd door de Armia Krajowe - het clandestiene Nationale Leger - dat loyaal was aan de democratische Poolse regering in ballingschap in Londen.



De Warschause strijd tegen de nazi's begon op 1 augustus 1944. Polen was toen al 5 jaar bezet - het was het eerste land dat de nazi's gewapend overrompelden op 1 september 1939, en vervolgens door de Sowjets op 21 juni 1941. De Sowjet-Unie had het Poolse verzet ervan beschuldigd  niet te vechten tegen de gezamenlijke vijand.

Toen in  juli 1944 het Rode Leger Warschau naderde, riep de Poolse communistische propaganda via de Sowjetradio op tot een algemene opstand in Warschau om zo de Duitse verbindingen af te snijden op de oostoever van de Wisla (spreek uit: Wiswa, Duits: Weichsel) bevonden. Op 29 juli 1944 bereikten de eerste Sowjetverkenners de oostelijke grenzen van Warschau.


Foto rechts: een gebouw in het centrum brandt.

Op 25 juli keurde de Poolse regering in ballingschap de opstand goed. Uit angst voor Duitse represailles na de mislukte geëiste opkomst van 100.000 Warschauers voor dwangarbeid aan verdedigingswerken en de veronderstelling dat het Rode Leger op het punt stond Warschau binnen te vallen, gaf generaal Tadeusz Komorowski opdracht tot volledige mobilisatie van al zijn ongeveer 50.000 strijdkrachten in de regio Warschau voor 1 augustus 1944.


Dat was inclusief minderjarige jongens vanaf zelfs 12 jaar, ook padvinders, ook ruim 4.000 vrouwen en een groep Joden die door AK-militairen gered waren na de Joodse getto-opstand in 1943.


Foto rechts: een moeder met waarschijnlijk haar dochtertje tussen de verwoestingen.


Het clandestiene wapenarsenaal bestond uit ruim 2.000 vuurwapens en een geringe voorraad munitie, en één zelfgebouwde pantserwagen op basis van een Chevrolet. De opstandelingen bezaten aanvankelijk geen antitankwapens.


Al snel zetten de nazi's hun tanks in, totaal ruim 300, plus vliegtuigen en 4 reuzekanonnen, de zg. Karl-Geräte,  enorme mortieren op rupsvoertuigen van 11 meter lang en 3 meter breed. Die verschoten granaten van 60 cm over afstanden tot 10 km,

Zonder hulp van buiten was de opstand  ten dode opgeschreven, ondanks de intensieve pogingen van de opstandelingen om zelf wapens te produceren. 


Foto rechts: de jonge koeriertjes, hier wachtend op een opdracht en bezig met een spelletje schaak. De armband van het rechterjongetje maakt duidelijk dat deze foto tijdens de opstand is genomen.


Ook de voeding werd na enkele dagen vechten een groot probleem voor de opstandelingen. Wel voerden de westelijke geallieerden ruim 200 hulpvluchten met voorraaddroppings uit, maar ze mochten aanvankelijk van de Sowjets geen gebruik maken van vliegvelden in bevrijd Polen.

De nazi's begonnen na de opstand de stad te vernietigen en slaagden daar voor 85%  in. Overlevenden van de opstand werden naar concentratiekampen afgevoerd.  Tijdens de opstand doodden de nazi's aanvankelijk al hun gevangenen, om te beginnen in de heroverde wijk Wola, waarbij 40- tot 60.000 mensen werden afgeslacht. Na begin september lieten de nazi's hun gevangen wel leven.


De Warschause opstand wordt vaak verward met de Warschause getto-opstand, de grootste Joodse opstand tegen de nazi's, die plaatsvond van 19 april 1943 tot 16 mei 1943. 


Foto rechts: één van de 4 mortieren waarmee de Duitsers Warschau tijdens de opstand bombardeerden met granaten van 60 cm doorsnee. De loop was 4 meter lang, het gehele apparaat 11 meter en heette Karl Gerät.


De nazibezetting van Polen was harder dan de ebzetting in het westen, omdat de nazi's de Polen en andere Slavische volkeren als minderwaardig beschouwden. van meet af aan werden er ook voor scherpere maatregelen getroffen tegen zowel burgers als miliatiren.


De nazi-Duitsers voerden een politiek van vernietging uit, te beginnen bij de Poolse elite en intellectuelen, militairen, geestelijken en leidende ambtenaren.

Meer foto's met Engelse uitleg zijn hier  te zien.




Gastcurator Ad van Liempt zoekt nog 5 voorwerpen  voor expo 'WO2 in 100 voorwerpen'


ROTTERDAM, 16-08-2013 - Op 4 februari 2014 opent ZICH in de Kunsthal Rotterdam de expositie  'De Tweede Wereldoorlog in 100 voorwerpen'.


Dit is het resultaat van samenwerking tussen 25 oorlogs-, verzetsmusea en herinneringscentra en het Nationaal Comité 4 en 5 mei. Ad van Liempt, schrijver vooral over WO2, en televisiemaker, treedt op als gastcurator. Hij heeft inmiddels 95 bijzondere voorwerpen geselecteerd. Het Nederlands publiek wordt opgeroepen om voor 15 september de laatste vijf voorwerpen aan te dragen. Deze zullen deel uitmaken van de tentoonstelling.


Op initiatief van het Nationaal Comité 4 en 5 mei en de Stichting Musea en Herinneringscentra 40-45 werken 25 oorlogs- en verzets musea samen aan een presentatie voor het grote publiek. De musea bezitten unieke collecties die verschillende aspecten van de Tweede Wereldoorlog vertellen. Op de website www.tweedewereldoorlog.nl is alle informatie over deze musea te vinden. Als voorproefje zijn nu al vijf voorwerpen uit de tentoonstelling 'De Tweede Wereldoorlog in de 100 voorwerpen' online te zien.

Ad van Liempt heeft de afgelopen maanden het land afgereisd op zoek naar voorwerpen met een bijzonder verhaal. In de depots van de deelnemende musea, andere musea en privécollecties heeft hij inmiddels 95 voorwerpen uitgezocht. Omdat veel mensen thuis prachtige voorwerpen uit de oorlog bewaren, roept hij hen op deze aan te melden via  www.tweedewereldoorlog.nl of www.actienietweggooien.nl. Van Liempt kiest uit de aanmeldingen vijf voorwerpen die in de tentoonstelling worden opgenomen.


Het publiek kan ook voorwerpen voordragen tijdens de lezingen die Van Liempt geeft over ‘De Tweede Wereldoorlog in 100 voorwerpen'. Deze lezingen vinden plaats op:

• 27 augustus om 14.00 uur bij het Herinneringscentrum Kamp Westerbork
• 1 september om 14.00 uur bij het Museon in Den Haag
• 11 september om 19.30 uur bij het Nationaal Bevrijdingsmuseum 1944-1945 te Groesbeek


De 25 musea die deelnemen aan de tentoonstelling zijn:



Herdenking Dodenspoorlijnen Birma & Indonesië op 17 augustus

in Arnhem



ARNHEM, 15-08-2013 - Op zaterdag 17 augustus 2013 vindt de jaarlijkse herdenking van de slachtoffers van de dodenspoorwegen WO-2 (Birma-Siam Spoorweg en Pakan Baroe Spoorweg) plaats op het landgoed Bronbeek in Arnhem.

Dit jaar is het 70 jaar terug dat de Birma-Siam-spoorweg in 1943 voltooid werd. Het Spoorwegmuseum in Utrecht besteedt ook aandacht aan de lijnen en er zijn nog enkele andere activiteiten. 

Tijdens de twee jaar van de bouw van de 415-km lange Birma-Siam-spoorweg stierven dagelijks gemiddeld 200 arbeiders; ongeveer 90.000 Aziatische dwangarbeiders en 16 000 krijgsgevangenen stierven daar aan mishandeling, uitputting, ziekte en ondervoeding.


Onder hen 7 000 Britten, 4 500 Australiërs, 131 Amerikanen en bijna 3 000 Nederlanders.  De spoorlijn moest het gevaarlijke en veel langere vervoer over zee onnodig maken, maar heeft als zodanig nooit gefunctioneerd.

De aanleg van de 220-km lange Pakan-Baroespoorweg in Sumatra kostte volgens nabestaanden 86.000 doden en eindigde in 1945. Daarbij worden gerekend de 4.000 doden vand e scheepsramp met de Junyo Maru, een japans schip met gevangenen dat op weg naar de spoorlijn werd getorpedeerd.

De Stichting Herdenking Birma-Siam Spoorweg en Pakan Baroe Spoorweg (SHBSS) organiseert de herdenking in Arnhem nu voor de 46ste keer.


Foto links: een verroeste locomotief vand e Pakan-Baroespoorlijn in Sumatra. Van de lijn is niets bewaard gebleven, ook niet als monument. Foto SHBSS.

Regiobibliotheek ZOUT in Doorn heeft nabestaande van een dwangarbeider dhr. Ed van Slooten als spreker uitgenodigd voor een lezing in het kader van het project ’70 jaar Birma-Siam Spoorweg’. Hij heeft de oorlog in Nederlands-Indië meegemaakt en met zijn moeder en zussen opgesloten gezeten in diverse Japanse kampen. Zijn vader heeft aan de Birma-Siam Spoorweg en in Japanse mijnen gewerkt. Aan de hand van uniek beeldmateriaal blikt hij terug op deze periode.

In het Spoorwegmuseum loopt tot en met 1 september 2013 de tentoonstelling 'Sporen naar het front'. Deze tentonstelling schenkt ook aandacht voor de twee dodenspoorlijnen. Op het terrein van het museum loopt nog de expositie 'Sporen van het verleden; de Birma-Siam Spoorweg 65 jaar na dato' van documentair fotograaf Raoul Kramer in het Spoorwegmuseum in Utrecht.

Tot en met 23 augustus 2013 loop een expositie over de Dodenspoorwegen in het Cultuurhuis in Doorn. 








Britse Hogerhuis akkoord met gratie voor homosexuele codekraker Turing

LONDEN, 19-07-2013 - Alan Turing, één van de belangrijkste geallieerde codebrekers uit de Tweede Wereldoorlog, krijgt waarschijnlijk een volledig eerherstel van de Britse regering. Het Britse Hogerhuis stemde gisteren in met een aparte wet voor gratiëring van Turing.

Turing werd na de oorlog gerechtelijk veroordeeld wegens zijn homoseksuele contacten met een andere volwassene en pleegde later zelfmoord. Turing droeg ook belangrijk bij aan de ontwikkeling van de eerste computers.

De Britse regering liet gisteren weten dat zij gratie niet in de weg zou staan. Turings bijdrage bij het kraken van de codes van de nazi-Duitse U-Boot-vloot wordt gezien als doorslaggevend voor het aanzienlijk verkorten van de oorlog. Tot nu toe had de regering geweigerd via het zg. 'Royal Priviledge'  Turing te gratiëren voor zijn veroordeling  uit 1952.

Ministers hadden eerder betoogd dat, aangezien Turing werd veroordeeld voor wat op dat moment een strafbaar feit was, het niet mogelijk is om hem  volledige postume gratie te verlenen.

Jarenlang hebben actievoerders de ministers opgeroepen om het besluit terug te draaien vanwege de rol die hij speelde in het winnen van de oorlog, als uitvinder van de Colossusmachine in het geheime codebrekerscentrum Bletchley Park waarmee de codes van de Enigma-codeermachines van de Duitsers gekraakt konden worden (foto onder).

Bij zijn veroordeling koos hij chemische castratie in plaats van gevangenisstraf. Twee jaar later pleegde hij zelfmoord op de leeftijd van 41. In 2009 heeft de toenmalige premier, Gordon Brown postuum excuses aan Turing gemaakt, en beschreef zijn behandeling als 'verschrikkelijk'. Afgelopen december schreven Prof Stephen Hawking en andere vooraanstaande wetenschappers aan The Daily Telegraph om aan te dringen op gratie voor Turing.

Lord Ahmad van Wimbledon zei vrijdag bij de behandeling van de Turingwet in het Hogerhuis dat de regering een wetsvoorstel van de liberaal-democratische Lord Sharkey, niet in de weg staat. Lord Sharkey zei eerder dat als de regering niet zou handelen, het parlement zou ingrijpen om ervoor te zorgen dat Turings familie de gratie ontving die hem toekomt.

Deskundigen stellen dat het werk van de codebreker de oorlog 2 jaar had verkort, wat waarschijnlijk 100.000en levens heeft gespaard - overigens zowel aan de geallieerde kant als aan de nazi-Duitse.


Foto links: de Duitse Enigma-machine van de U-Boot-dienst, die mede dankzij Turing gekraakt kon worden, na een eerste Poolse doorbraak


Lord Sharkey (foto rechts), een van de promotoren van het wetsvoorstel, zei in het Hogerhuis: "De regering weet dat Turing een held en een zeer groot man was. Zij erkennen dat hij wreed was behandeld. Zij moeten de waardering die hij hier en over de hele wereld krijgt hebben gezien..." (...)


"Het is niet te laat voor de regering om Alan Turing gratie te verlenen. Het is nog niet te laat voor de regering om een minachting voor al die homo's die veroordeeld werden onder de vreselijke (wetgeving) toe te kennen."(...) "Ik hoop dat de regering heel hard denkt over het doen van beiden van die dingen. Maar terwijl ze denken, kunnen Parlement. "

Barones Trumpington zei dat ze de oproep van de regering om verder te gaan dan de verontschuldiging uitgegeven door oud-premier Gordon Brown in 2009 ondersteunt. Ze werkte  tijdens de oorlog zelf in Bletchley Park. Ze vond dat de regering nu een standbeeld voor de codebreker moet oprichten.

Ze zei ook dat Groot-Brittannië zou zijn uitgehongerd als Turing niet de codes die van de locaties van de Duitse U-boten die in de Atlantische Oceaan voeren, had gebroken. De U-Boote vernietigden konvooien van koopvaardijschepen uit de Verenigde Staten, waarvan de oorlog in Europa geheel afhankelijk was.

Oppositie-woordvoerster Barones Hayter van Kentish Town zei dat het ironisch was dat de man die verantwoordelijk is voor het helpen verslaan van Hitler, die homoseksuelen vervolgde en vergaste, vervolgens vervolgd werd door de Britse regering.






Vrijwel alle slapende Joodse WO2-rekeningen bij Zwitserse banken nu uitbetaald



ZÜRICH/NEW YORK, 19-07-2013 - De slapende Joodse WO2-rekeningen bij de Zwitserse banken van in totaal $ 1,24 miljard, zijn nu bijna geheel uitbetaald.


Daarom heeft de toezichthouder op dit proces, rechter Edward Korman uit New York, een ontwerp-eindverslag gepubliceerd.


Foto rechts: rechter Edward R, Korman.


De gelden stonden na de oorlog op Zwitsers bankrekeningen. De banken deden aanvankelijk geen enkele moeite om deze gelden uit te betalen aan Joodse rechthebbenden of nabestaanden, die in veel gevallen niet over de gegevens beschikten die de banken eisten voor toegang tot de rekeningen.


Hierover ontstond een steeds groter internationaal schandaal in de jaren '80. Met name vanuit de VS en de staat New York werd flinke druk op Zwitserland uitgeoefend.

In augustus 1998 bereikten de advocaten van de eisers met Zwitserse banken en fondsen een overeenkomst hierover, na jarenlang onderhandelen. Het World Jewish Congres onder leiding van Edgar Bronfman sr. (foto links)speelde daarbij een grote aanjagersrol. Nu is het geld onder de nazaten van de rechtehbbenden verdeeld, of voor zover dat onmogelijk was, ten goede is gekomen aan andere overlevenden van de shoah. Eind 2012 stopte de in  Zürich werkzame "Claims Resolution Tribunal" (CRT), die het uitgebreide jarenlange onderzoek en de administratieve afwikkeling van deze gelden voor zijn rekening nam.

Volgens het rapport ontvingen 457.000 overlevenden van de shoah en hun erfgenamen geld uit het fonds. Van dit bedrag ging  $ 288 miljoen naar 199.000 voormalige dwangarbeiders en $ 11,6 miljoen naar  4.100 Joodse vluchtelingen die tijdens de Tweede Wereldoorlog door Zwitserland niet toegelaten werden.


Korman heeft ook  $ 205 miljoen laten uitbetalen aan 236.000 behoeftige nazi-slachtoffers. Zij leven voornamelijk in de voormalige Sowjet-Unie. De verdeling van de betalingen werd overgenomen door de Joodse Claims Conference (JCC) en het Joint Distribution Committee (JDC), de traditionele Joodse welzijnsorganisatie.

Korman heeft in 2006 ook ingestemd met ongeveer 12.300 betalingen van $ 5.000 voor "plausibele ongedocumenteerde  claims" . Hoewel deze aanvragers geen concrete bewijzen van het bestaan van rekeningen konden overleggen. Korman en zijn mede-beheerders achtten in deze gevallen de familiegeschiedenissen ern andere aanwijzingen toch voldoende zwaarwegend. Korman stond in 2010 een nabetaling toe aan aan eisers van 45%, aangezien er nog  $ 200 miljoen over was die niet specifiek toegewezen kon worden.

De rechtbank heeft echter tot dusver geen informatie over de kosten van het  CRT en het beheer van de overeenkomst gepubliceerd. Op basis van gerechtelijke dossiers wordt dit geschat op ongeveer $ 200 miljoen. Het CRT alleen al kost volgens Zwitserse media  tot $ 800.000 per maand. Ook informatie over de rente-inkomsten uit belegd in Amerikaanse obligaties  tot nu toe niet is verschenen.





OOK BOMMEN  IN  NIJMEGEN  EN  WESTERVOORT  GERUIMD

Meer dan 10.000 Hongaren geëvacueerd wegens opruiming WO2-bom



BOEDAPEST, 18-07-2013 - Ruim 10.000  mensen zijn vanochtend geëvacueerd in een stad in het centrum van Hongarije, nadat daar een bom uit de Tweede Wereldoorlog was ontdekt bij een basisschool. Dat maakte de lokale politie bekend.

De bom van Sowjet-makelij is relatief klein, met 100 kilo, waarvan 25 kilo springstoffen. Het springtuig is ontdekt in de stad Svekesfehervar (FOTO RECHTS: HET OUDE CENTRUM) , met iets meer dan 100.000 inwoners, op een 60 km zuidwest van Boedapest.


In een straal van 400 meter rond het springtuig is een veiligheidszone opgericht, waarmee de ontruiming van meer dan 10.000 mensen nodig werd. Het leger is ingeschakeld om de bom onschadelijk te maken.

Hongarije had zich verbonden met nazi-Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog en werd hevig gebombardeerd door de Amerikanen, Britten en Sowjets tijdens de laatste maanden van 1945. Bij bouwwerken komen nog vaak onontplofte bommen aan het licht. Woensdag werd nog een toeristische wijk van Boedapest ontruimd (1.500 personen waren betrokken), voor het ruimen van een bom van 50 kg uit de Tweede Wereldoorlog.


NIJMEGEN
Tijdens werk aan de damwand van de Waalkade in Nijmegen is woensdagmiddag een granaat uit de Tweede Wereldoorlog gevonden en onschadelijk gemaakt. Dat bevestigt de Nijmeegse politie. De Vierdaagse heeft  geen last gehad van de vondst van de granaat.

Het 30 cm lange explosief kwam naar boven door een baggerwerk. De Explosieven Opruimingsdienst Defensie herkende het als een granaat uit de Tweede Wereldoorlog gaat. Er was geen ontploffingsgevaar. Het schip voer naar de uiterwaarden aan de overkant van de Waal, waar de granaat onschadelijk werd gemaakt.

Normaal  zouden de wandelaren van de Vierdaagse woensdag langs de vindplaats van de granaat komen. Vanwege het werk aan de damwand, die nodig bleken vanwege de instabiele kade, is de route echter net als vorig jaar verlegd. Wel was de fietsbrug over de Waal enige tijd gesloten na de vondst.


WESTERVOORT
In Westervoort bij Arnhem  is zondagmorgen een zware vliegtuigbom uit de oorlog tot ontploffing gebracht. Zo'n 4000 inwoners moesten ruim 2 uur binnenblijven.

Duikers van de Explosieven Opruimingsdienst Defensie hesen rond 5.30 uur de Britse 500-ponder uit de IJssel. Het projectiel werd op een zandheuvel geplaatst en met zand bedekt, om rondvliegende scherven te beperken. Even voor 7.30 uur werd de bom op de oever van de rivier tot ontploffing gebracht. Dat was een uur eerder dan gepland.

In een straal van ruim 1.300 m rond de bom moesten zo'n 4.000 inwoners van Westervoort en Arnhem van 5.30 uur tot 7.45 uur i hun huizen blijven. Een straal van 300 m was gesloten voor alle personen. Ook wegen waren afgesloten en de treinen en scheepvaart lagen stil. De ontploffingsplek blijft de komende dagen afgezet om zo nieuwsgierigen te weren.






NIOD maakt archief Vriendenkring

Neuengamme toegankelijk


AMSTERDAM, 17-07-2013 -Het NIOD heeft een deel van het omvangrijke archief van de Stichting Vriendenkring Neuengamme ontsloten, zo meldt de instelling. 


Foto rechts: bewoners van het kamp werkend aan het Dove-Elbekanaal. Datum onbekend. Met schep links is een man geïdentificeerd:  Salo Blechner.


Neuengamme is een weinig bekend concentratiekamp, hoewel hier de meeste niet-Joodse Nederlandse verzetsmensen omkwamen.


Van de buitenkampen lager er 3 op enkele kilometers van de Nederlandse grens: Aurich-Engerhafe, Meppen-Versen en Dalum. Het merendeel van de gevangen was Russisch.

Deze vriendenkring stelt zich ten doel de herinnering aan het kamp levend houden, staat overlevenden en nabestaanden bij en herdenkt de slachtoffers te herdenken. Voorzitter is de schrijfster Martine Letterie uit Vorden, wier opa in het kamp is omgekomen.


Dit archief is één van de vele belangrijke archieven die het NIOD heeft van belangenorganisaties van oorlogsgetroffenen en verzetsdeelnemers.Het archief is in 2013 geschonken aan het NIOD. Het bestuursgedeelte van het archief is nog bij de Stichting. De Stichting Vriendenkring Neuengamme is opgericht op 23 februari 1993 en is voortgevloeid uit de Amicale Internationale de Neuengamme. Deze organisatie was een Oost-Europees initiatief en had een communistisch karakter.


Neuengamme


Neuengamme was tijdens de Tweede Wereldoorlog een Duits concentratiekamp. Het kamp ligt zo'n achttien kilometer ten zuidoosten van Hamburg in Duitsland bij het dorp Neuengamme. Het hoofdkamp heeft 106.000 gevangen gehuisvest, van wie er 55.000 in het kamp stierven.


Het kamp werd op 13 december 1938 geopend. Als dependance van Sachsenhausen was het kamp aanvankelijk bedoeld om arbeiders voor de plaatselijke SS steenfabriek te huisvesten. Juni 1940 werd Neuengamme een zelfstandig concentratiekamp.

Het hoofdkamp, dat 213.000 vierkante meter groot was, ving de meeste mensen op, maar in geheel Noord-Duitsland lagen nog 92 zogenaamde buitenkampen die bestuurlijk onder Neuengamme vielen. Zelfs op het kanaaleiland Alderney was een buitenkamp. 

Het totaal aantal Nederlanders dat in Neuengamme moest verblijven wordt geschat op 6950. Onder hen honderden vroeg in de oorlog gearresteerde communisten, anti-Duitse politiemensen en de 601 mannen van de vergeldings-razzia van Putten. Neuengamme is het kamp waar de meeste Nederlandse verzetsmensen zijn omgebracht.

Volgens de dodenboeken kwamen minimaal 3500 Nederlanders in Neuengamme om, omder hen vrijwel alle mannen uit Putten. Het werkelijk aantal doden ligt waarschijnlijk hoger.
De Erelijst van de Tweede Kasmer vermeldt bijna 1.000 namen.

De overlevenden en nabestaanden van slachtoffers van Neuengamme werden in deze internationale organisatie vertegenwoordigd door een Nederlandse communist.


Aan het einde van de Koude Oorlog is de Stichting Vriendenkring Neuengamme opgericht.


Het archief bevat voornamelijk brieven en verslagen. Ook zijn er bijzondere foto’s en audiovisueel materiaal ontsloten. Het archief is deels openbaar.
Archieven van lotgenoten

Na de Tweede Wereldoorlog hebben vele oorlogsgetroffenen en verzetsdeelnemers zich verenigd in belangenorganisaties.


Deze organisaties vormen een essentieel onderdeel van de geschiedenis van de nasleep van de Tweede Wereldoorlog. Hun archieven bevatten veel informatie over de verwerking van de oorlog in Nederland en Nederlands-Indië.

Dit belangwekkend erfgoedmateriaal is voor een groot deel ondergebracht bij het NIOD en toegankelijk gemaakt voor onderzoekers en andere geïnteresseerden.









Museum in Groningen verwerft originele Mercedes cabrio van Grüne Polizei

GRONINGEN, 15-07-2013 - Het Museum Canadian Allied Forces 1940-1945in Groningen heeft een zeldzame en originele Mercedes cabriolet uit de Tweede Wereldoorlog in zijn bezit gekregen.


Dit type auto werd veel gebruikt door de Wehrmacht, met name door officieren, en door de SS. Zowel bijvoorbeeld de hoogste SS-er in Nederland, Hans Rauter, als de hoogste SS-er in Tsjechië, Reinhard Heydrich, gebruikten cabriolets - waarin zij overigens beiden aanslagen meemaakten. De 170V was echter een bescheiden model voor lagere officieren.

Dit is de Mercedes 170V cabrio die volgens TV Noord is gebruikt door de Grüne Polizei.
Deze heette formeel Ordnungspolizei (Duits voor ordepolitie, afgekort Orpo) en was de gemeenschappelijke naam voor lokale politie-eenheden die de dagelijkse politietaken moest uitvoeren in nazi-Duitsland en de bezette gebieden tussen 1936 en 1945.


Door het gebruik van groene uniformen (net als de hedendaagse Duitse politie) stonden zij ook bekend als Grüne Polizei.


Hij heeft tijdens de Tweede Wereldoorlog vermoedelijk gereden tussen Groningen en Delfzijl. Na de oorlog heeft de auto tot 1965 gefunctioneerd als brandweerauto in 't Zandt, voor het vervoer van een mobiele motorspuit.


Daarna verwierf een particulier hem, die hem uitsluitend heeft bewaard en niet heeft gebruikt of gerestaureerd. Na veel onderhandelen heeft het museum de cabrio voor een gering bedrag aan kunnen kopen. De Mercedes zal een complete restauratie ondergaan. Of hij in een legerkleur gebracht wordt, is onbekend. .

De introductie van 'Typ 170' geschiedde in 1931 Dit model gold als vooruitstrevende doordat het bijvoorbeeld onafhankelijke wielophanging van de achteras bezat, wat het onderscheidde van de concurrentie. Ook bezat de auto een centraal smeersysteem en had hij op alle vier de wielen hydraulische remmen. Het model was relatief snel met een 1692 cc, 6-cilinder lijnmotor maar bezat slechts 32 pk, wat overigens toen ruim voldoende was. De auto bleef in productie tot en met 1936.

De hoofdproductie vond plaats in Stuttgart-Unterturkheim. Die fabriek werd in september 1944 door de geallieerd bombardement voor 70% vernield. De carrosserieafdeling in Sindelfingen was er nog erger aan toe, daar bleef slechts 15% van bruikbaar.


Het museum is alleen in het voorjaar en de zomer geopend en dan nog uitsluitend in de weekenden.





Koreaanse rechters erkennen eindelijk

recht op achterstallig loon

voor dwangarbeiders in Japan



SEOUL, 12-07-2013 - Een gerechtshof in Seoul in Zuid-Korea heeft voor het eerst een vordering tot schadevergoeding wegens dwangarbeid in de oorlog toegewezen. Een Japanse staalproducent is veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding aan 4 Koreaanse burgers.


Zij ontvingen samen ruim € 250.000 omdat zij tijdens de oorlog als dwangarbeiders bij het bedrijf moesten werken vrijwel zonder loon.. Uit de berichtgeving blijkt dat de mannen als minderjarigen onder druk werden gezet door Japanse officials, die hun land al sinds 1910 met harde hand bezetten, om bij het bedrijf te gaan werken.


Foto rechts: twee Japanse officieren bij het werven van arbeiders in Korea.

Deze uitspraak is een unicum en legt verdere druk op de verhouding tussen de twee landen. Deze verhouding stond de laatste twee jaar steeds meer onder druk vanwege de opstelling van Japanse premier Abe, ministers en andere officials zoals de burgemeester van Osaka ten opzichte van de Koreaanse dwangprostituées


De rechter gelasttevolgens de krant The Korea Herald Nippon Steel en Sumitomo Metal tot betaling van 100 miljoen Koreaanse won (€ 65.500) betalen aan elk van de 4 eisers voor onbetaald loon en psychische nood. De 4, onder wie de heren Yeo en Shin, hadden al vanaf 1997 geprocedeerd. Onduidelijjk is hoe het vonnis uitgevoerd kan worden en of het rechtskracht heeft in Japan.

De rechter zei ook dat alle dwangarbeiders het recht hebben op individuele basis vordering aan hun voormalige werkgevers te sturen. Volgesn het dagblad The Koera Herald indersteunt de Koreaanse regering deze visie, ondnkas het verdag tussen Japan en Korea uit 1965, dat formeel alle zaken uit de bezetting en de oorlog zou moeten regelen. Volgens de Koreaanse regering zouden 224.000 Korteanen hebben gemeld dat zij dwangarbeid voor de Japanse bezetter verricht hebben. ter vergelijking: in nazi-Duitsland werkten ongeveer 550.000 Nederlanders onder verschillende vormen van dwang.


De staalproducent had zich schuldig gemaakt aan "misdaden tegen de menselijkheid door de meedoen met de Japanse overheid in het inzetten van dwangarbeid omwille van de oorlog van agressie", zei het hof in zijn uitspraak.

Nippon Steel, dat vorig jaar fuseerde met Sumitomo Metal Industries tot op één na degrootste staalproducent van de wereld, had betoogd dat het niet meer dezelfde entiteit was die Koreaanse arbeiders tijdens de oorlog in dienst had genomen.

Dezelfde eisers, van wie er een 90 is, had in 1997 geprobeerd verhaal te halen bij een rechtbank in de Japanse stad Osaka, maar hun verzoek werd afgewezen op grond van het feit dat Nippon Steel niet verantwoordelijkwerd gehouden voor de acties van het bedrijf tijdens de oorlog .

Japanse bedrijven worden van tijd tot tijd op de korrel genomen door Koreaanse en Chinese arbeiders die schadevergoeding voor hun tijd als dwangarbeiders eisen.


Foto links: een staalfabriek van Nippon Steel, in Kimistu, Japan.


Japan stelt echter dat alle schadeclaims met betrekking Koreaanse burgers werden afgewikkeld toen de landen hun diplomatieke banden in 1965 herstelden. Op dat moment betaalde Japan aan Zuid-Korea een forfaitair bedrag van 500 miljoen dollar.

Nippon Steel zei dat het zou tegen de beslissing in beroep. "Wij betreuren deze onterechte uitspraak, die ingaat tegen de 1965 Japan-Korea overeenkomst - een formele overeenkomst tussen naties - die volledig en kwesties als dwangarbeid uiteindelijk opgelost," zei hij in een verklaring.

"We zullen snel een beroep instellen bij het hooggerechtshof van Korea en hopen de legitimiteit van onze positie duidelijk te maken ."

De Japanse regering herhaalt haar stelling dat claims uit de oorlogstijd "volledig en definitief" bijna een halve eeuw geleden zijn afeghandeld. De kabinetschef, Yoshihide Suga, zei dat ambtenaren de uitspraak nog aan het bestuderen waren, maar dat Japan kon die niet kon accepteren als die niet verenigbaar is met Japan's houding tegenover herstelbetalingen. "In dat geval, zullen wij samenwerken met het bedrijf om passende maatregelen op basis van het standpunt van de regering te nemen."

Shin Chan-soo, een van de eisers bij de 16-jaar durende juridische strijd, zei dat hij was aangenomen  in 1941 om te werken in een staalfabriek in Osaka gerund door Nippon Steel - destijds genaamd Japan IJzer en Staal - met de beolfte van een loon en de kans om ervaring op te doen.

Hij beweerde dat hem een schijntje betaald was tijdens zijn twee jaar in Osaka. "We hebben gevochten maanden en jarenlang gevochten," Shin, 86, zei na de uitspraak. "Ik voel me geweldig. We bleven verliezen in rechtszaken in Japan, maar nu terug in Korea,  hebben we gewonnen."

Japan wordt verondersteld ongeveer 780.000 Koreaanse dwangarbeiders  te hebben gebruikt tijdens zijn 35-jaar koloniale overheersing van het schiereiland. Dat cijfer omvat niet de tienduizenden vrouwen, voornamelijk Koreaanse, die werden gedwongen als prostituées te werken in de Japanse militaire bordelen in dezelfde periode.

Zuid-Koreaanse regeringsgegevens stellen dat 299 bestaande Japanse bedrijven Koreaanse dwangarbeid gebruikten vóór en tijdens de oorlog, zo meldt het Koreaanse persbureau Yonhap.






Europees verzet tegen nazi's was veel uitgebreider dan gedacht


BRUSSEL. 8 JULI 2013  - Hoe verzetten de mensen in bezette Europese landen zich destijds tegen de nazi's? Veel uitgebreider dan vaak gedacht, maar de bezette landen weten dat niet van elkaar. Een nieuwe expositie getiteld 'Verzet in Europa', in het Europese Parlement, biedt nu voor het eerst een overzicht van het Europese verzet. De vice-voorzitter van het parlement Miguel Angel Martínez opende maandagavond in Brussel deze reizende tentoonstelling .

"In bezet Europa zijn grote maar vrij onbekende heldendaden verricht door de onderdrukte burgers", zegt de Nederlander Piet Schouten, medeorganisator van de tentoonstelling en tevens ondervoorzitter van de internationale federatie voor verzetstrijders, de FIR.

Foto rechts: de eerste herdenking van de Februaristaking, in 1946.

 Deze organisatie heeft expositie georganiseerd samen met instellingen uit diverse landen. zoals het NIOD in Amsterdam en de Nederlandse bond van antifascisten AFVN/BvA. Deze laatste nam bijna twee jaar terug het initiatief voor deze expositie.

Schouten: "Opvallend is dat de landen vaak weinig tot niets over elkaars verzet weten. Er zijn maar een paar grote verzetsdaden uit de oorlog die in andere landen bekend zijn, zoals de onderduik in Nederland via Anne Frank. De redding van vrijwel alle Deense Joden is ook wat breder bekend is, doordat dit bijvoorbeeld verfilmd is."

Historici - ook buitenlandse - erkennen volgens Schouten dat voor deze staking geen equivalent bestaat, al werd er in een aantal landen zoals Italië, Luxemburg, Frankrijk en Denemarken ook gestaakt tegen de nazi's - maar noot tegen de Jodenvervolging.

De Februaristaking in 1941 in speelde zich af in Amsterdam, Zaandam, Haarlem, Utrecht en Hilversum, waarbij in twee dagen naar schatting 50.000 mensen de straat op gingen enkele dagen nadat de nazi's voor het eerst een razzia op Joden hielden.

De staking werd uitgeroepen door de Amsterdamse communisten maar hard door de bezetters onderdrukt - enkele organisatoren werden binnen drie weken geëxecuteerd. Jaarlijks is er op 25 februari nog steeds de herdenking bij het standbeeld de Dokwerker, naast het Waterlooplein in Amsterdam.

De nadruk ligt bij de presentatie van de ruim  40 panelen uit 21 landen in Europa inclusief Duitsland, ligt voor Nederland dan ook op de Februaristaking. Daarnaast komt Anne Frank aan bod, als ikoon van de Jodenvervolging en enorme en overigens wonderlijk succesvolle onderduik in Nederland.

De aanloop en de wortels van de nazibeweging ontbreken niet in de expositie. Uit alle Europese landen waar de oorlog woedde, is er verder informatie te vinden, inclusief uit het Duitsland van de jaren '30 en daarna. Duitsland kende overigens in de nazitijd een veel grotere verzetsbeweging dan algemeen bekend is.

Curieus was het eerste buitenlandse slachtoffer van de nazi's de Nederland Marinus van der Lubbe, die het Rijksdaggebouw in 1933 in brand stak.
Ook de grote maar noodlottige opstand van de Joden in het getto in Warschau komt aan bod. Dat er in het kleine Luxemburg ook gestaakt werd tegen de nazificering krijgt dankzij dit evenement nu eveneens meer bekendheid.

De rol van het omvangrijke Franse verzet van de zg. 'maquis' in de uitgestrekte Franse heuvels en bossen wordt eveneens uit de doeken gedaan.

Dat daar zelfs een heel Frans-Joods verzetsregiment van uiteindelijk 900 man bestond, weten weinig mensen buiten Frankrijk. Ook de toenmalige USSR, die in mensenlevens verreweg de grootste tol van de hele oorlog betaalde met 20 miljoen dode burgers en militairen, komt ook duidelijk aan bod.

Foto rechts: enkele leden de zg. 'Organisation Juive du Combat",  de Joodse afdeling van de Frans eMaquis. Ook vrouwen maakten er deel van uit.

Piet Schouten is als bestuurslid van de bond van antifascisten ook actief tegen hedendaags fascisme. Hij wijst daarom met nadruk op de moderne en gevaarlijke antisemitische en neonazistische bewegingen in o.m. Duitsland, Hongarije, Bulgarije, Griekenland, Estland, Letland en Litouwen, die allemaal hun wortels in het Duitse nazisme hebben.

De tentoonstelling gaat eerst door België reizen, waar mede vanwege de jubileumherdenking van 100 jaar Eerste Wereldoorlog  en 70 jaar D-Day, beide in 2014, extra gevoeligheid bestaat voor educatie over oorlog en vrede. Het Verzetsmuseum in Amsterdam heeft verder al via een bestuurslid interesse getoond voor overname van deze tentoonstelling.







 'Beest van Appingedam' -  zuster van slachtoffer mede-aanklaagster

SS-er Bruins in september voor Duitse rechter



HAGEN, 8-07-2013 - De Nederlandse SS-er Siert Bruins, ook bekend als 'Het beest van Appingedam,  moet zich in september voor een Duitse rechter verantwoorden voor een moord uit de oorlog. Dat maakte de rechtbank in Hagen vrijdag bekend.


Het Duitse openbaar ministerie vervolgt Bruins voor een moord in Nederland uit 1944. Bruins werd in 1949 in Nederland bij verstek ter dood veroordeeld, maar was toen al ontsnapt. Zijn doodstraf werd intussen in levenslang omgezet.


De zuster van het slachtoffer treedt bij dit proces op als zg. 'Nebenklage', mede-aanklager, een positie die het Nederlands recht niet kent. De Nebenklage heeft net als de reguliere openbare aanklager het recht om vragen te stellen, een requisitoir te houden en een strafeis in te dienen.


Bruins, geboren op 2 maart 1921 in Vlagtwedde, zou op 21 september 1944 in Appingedam de verzetsstrijder Aldert Klaas Dijkema hebben omgebracht door hem bij diens vlucht in de rug te schieten. Moord verjaart niet in Duitsland. De Duitse staat heeft altijd geweigerd Bruins aan Nederland uit te leveren. Het is onbekend hoe zijn gezondheid nu is en of hij is gearresteerd en bewaakt wordt.


De nu 93-jarige Bruins werd in november vorig jaar aangeklaagd voor de moord. Hij is niet gearresteerd.  Hij zat in de jaren 80 al 5 jaar in een Duitse gevangenis voor de moord op twee Joodse broers. Daarna woonde hij ongestoord in het dorp Breckerfeld bij Dortmund. Bruins is mogelijk sinds de Tweede Wereldoorlog Duits staatsburger mogelijk vanwege een besluit van Hitler uit 1943 dat SS-ers de mogelijkheid bood Duitser te worden. Het proces tegen Bruins begint op 2 september en duurt ruim drie weken.


Met hulp van de Nederlandse politie heeft de Duitse justitie vorig jaar onderzoek verricht op de plaats delict en is een getuige gevonden die bij de moord aanwezig was. Die getuige was nog niet eerder gehoord. Volgens het Duitse OM ondersteunt zijn verklaring de aanklacht tegen Bruins.


Foto rechts: een still uit een tv-opname eind jaren '70 in de rechtbank in Duitsland.


Over de zaak-Bruins berichtte programmamaker Gideon Levy in juli 2012 in de serie 'Levy en de laatste oorlogsmisdadigers' van de AVRO. Openbaar aanklager Brendel is al sinds maart 2012 met de zaak bezig, verklaarde Levy.

Het probleem is het vinden van getuigen of sluitend bewijs naar de normen van het Duitse recht. In feite kan bij moord alleen direct bewijs of een getuige voor de Duitse rechter de doorslag geven, en daarbij dient in principe de getuige zijn verklaring in de rechtszaal tijdens het proces af te leggen.


In Duitse rechtszaken geldt in eerste instantie het 'hier en nu' principe. Levy had in februari 2012 de zaak Bruins al opgerakeld bij de Duitse nazi-jagers van de landelijke Duitse centrale organisatie in Ludwigsburg. Volgens Levy levert dat weinig op.

Officier van justitie Brendel hoopte vorig jaar volgens Levy dat Nederlandse rechercheurs alsnog getuigen weten te vinden uit die tijd. Het onderzoek staat onder leiding van de federale recherche Nordrhein-Westfalen. Ook de journalist Arnold Karskens en de wetenschapper dr Stephan Stracke zijn bezig geweest met de zaak-Bruins. Stracke is medewerkers van de Bergische Universität in Wuppertal.


Siert Bruins is de laatste in vrijheid levende Nederlandse nazi in Duitsland na het overlijden van Klaas Carel Faber,op 24 mei 2012. Het proces beslaat 10 zittingen. Deze kunnen soms een kwartier duren, soms twee uur.




Nieuw Duits monument voor slachtoffers nazi-'euthanasie'

BERLIJN, 8-07-2013 - Duitsland richt opnieuw een monument op voor de naar schatting 200- tot 300.000 gehandicapten die door de nazi's werden vermoord. Het ging om mensen met een geestelijke of lichamelijke handicap of chronische ziekte. Gisteren legde de federale kultuurminister Bernd Neumannn de eerste steen.


Foto rechts: een fotomontage van het nieuwe monument. Het oorspronkelijke hoofdkwartier van de moordactie is afgebroken en daar bevindt zich nu de Berliner Philharmoniker.


Het monument wordt een 30 meter lange muur van lichtblauw glas. Het komt in het centrum pal voor de Berliner Philharmonie aan de Tiergartenstrasse 4, waar het hoofdkantoor van deze nazi-moordactie was. Deze instelling heette: "Gemeinnützige Stiftung für Heil- und Anstaltspflege" oftewel "Algemeen nuttige stichting voor genezende en institutionele verzorging".Het nieuwe monument vervangt een gedenksteen die er sinds 1991 ligt.


De nazi's hadden daarvor het programma 'Aktion T-4' ontwikkeld. De moorden werden gepleegd in zes speciaal aangewezen gestichten, waar de slachtoffers werden uitgehongerd, vergast of vergiftigd. De famile kreeg dan het bericht dat de persoon in kwestie gestorven was een bijv. 'longontsteking', voor de oorlog vaak een dodelijk verlopende ziekte. Het bekendste oord was
NS-Tötungsanstalt Hartheim, een kasteel bij Linz. Hier werden 18.000 mensen evrmoord.


Foto links: met deze poster trachtten de nazi's het Duitse volk ervan te oevrtuigen dat gehandicapten alleen maar geld kostten en dus wel dood konden. Het bedrag van 60.000 Reichsmark zou nu ongeveer € 1 miljoen zijn.


In Duitsland werden 70.000 mensen zo vermoord, totdat vooral door protesten van de kerken deze aktie ophield. Met name de bisschop van Münster, Clemens graaf von Galen, later kanrdinaal, leidde het protest. Officieel eindigden de nazi's het programma in 1941, maar onofficieel ging het verder. Ook in de bezette gebieden met name in het oosten, ging dit beleid echter voort. Met name de historicus Götz Aly heeft zuich inegzet voor meer bekendheid aan de nazi-'euthanasie'.

Minister van cultuur Bernd Neumann zei dat het een plicht blijft van Duitsland om mensen over de misdaden van de nazi's te informeren en de slachtoffers daarvan te eren. Hij benadrukte dat er veel mensen bij betrokken waren, die eigenlijk juist mensen moesten helpen, zoals verpleegsters en artsen.

In Berlijn zijn in de afgelopen jaren al monumenten verrezen voor andere groepen slachtoffers, zoals joden, Sinti en Roma en homoseksuelen. Het nieuwe monument kost 500.000 euro.




.



Plasterk verhoogt subsidie van

stichting Oorlogsgraven toch


DEN HAAG, 5-07-2013 - Minister Plasterk verhoogt structureel de subsidie van de Oorlogsgravenstichting. Een maand geleden nog kwam het bericht dat de stichting ernstig gekort zou worden.


Afgelopen maandag 1 juli 2013 maakte minister Plasterk tijdens een gesprek met de leiding van de stichting bekend dat de subsidie die de stichting jaarlijks ontvangt structureel omhoog gaat.


Foto rechts: het Nederlandse erevald Ancol in Noord-Jakarta, pal aan zee.De grijze strook die links vlak langs de zee loopt, is waarschijnlijk de dijk

De stichting is in 1946 opgericht op aandringen van de overheid en verzorgt ten behoeve van de overheid de 50.000 Nederlandse oorlogsgraven in 55 landen. De subsidie gaat van ongeveer 2,6 miljoen euro naar ruim 3,1 miljoen euro.


De verhoging volgt op de subsidieaanvraag 2014 van de Stichting en de gesprekken die de afgelopen drie jaar met het ministerie zijn gevoerd. Het eigen vermogen van de stichting was uitgeput door de aanleg van een dijk rond het ereveld Ancol in Jakarta, dat pal aan zee ligt in een voormalig moerasgebied.


Minister Plasterk benadrukte dat hij bijzonder hecht aan het eren en herdenken van soldaten en burgers die hun leven hebben gegeven voor de vrede en onze vrijheid. De Oorlogsgravenstichting heeft mede als gevolg van toenemende kosten bij het onderhoud van de Nederlandse oorlogsgraven in het buitenland, waaronder Indonesië, extra financiering nodig. De Stichting is zeer verheugd over deze toezegging: ‘Hiermee kan de Oorlogsgravenstichting het onderhouden van de oorlogsgraven verantwoord voortzetten en het doet recht aan de ereplicht die de overheid heeft,’ zo zei de voorzitter van de OGS, mr Robert Croll.

De Oorlogsgravenstichting onderhoudt - namens de Nederlandse overheid - 50.000 oorlogsgraven, waarvan bijna 25.000 in Indonesië, 13.000 in Nederland en 12.000 in 45 andere landen verspreid over de hele wereld. Hiervoor ontvangt de Stichting jaarlijks subsidie van het ministerie van Binnenlandse Zalen en Koninkrijksrelaties. XDit zijn voornamelijk graven van mensen die tijdens WO2 onkwamen.

Verder bracht van 2 tot 12 juni 2013 een groep van 27 nabestaanden uit Nederland in Jakarta, Bandung en Semarang bezoeken aan de Nederlandse erevelden op Java. Dat zijn Ancol en Menteng Pulo in Jakarta, de erevelden Candi (Tjandi) en Kalibanteng in Semarang, het ereveld Leuwigajah in Cimahi (Tjimahi) en het ereveld Pandu in Bandung. 


Over het ereveld Ancol was door het AD in mei 2013  bericht, dat het af en toe onder water stond vanwege de lage ligging aan zee. De OGS wijst er echter op haar site op, dat zij juist de afgelopen tijd een kostbare zeedijk bij dit ereveld heeft laten aanleggen. Dat heeft volgens de OGS het merendeel van haar vermogen opgeslokt.


Roemenië

Tijdens de Tweede Wereldoorlog verloor Roemenië door een verdrag tussen Nazi-Duitsland en de Sovjet Unie grote delen van het land.

De bevolking verweet dit de koning Carol II. Deze voelde zich zo bedreigd dat hij de macht overdroeg aan generaal Antonescu die de koning afzette en een fascistisch bewind instelde.

Hoewel de zoon van Carol II Michael I koning werd, hield generaal Antonescu de macht. Het grootste gedeelte van de oorlog was Roemenië een bondgenoot van Duitsland.

Op 23 augustus 1944 pleegde koning Michael I samen met enkele generaals een staatsgreep die lukte. Hierna capituleerde Roemenië en koos het land de kant van de geallieerden.


Roemenen
Op 8 juni 2013 heeft de OGS twee Roemeense oorlogsslachtoffers herdacht die begraven liggen op de gemeentelijke begraafplaats Rusthof in Amersfoort.

Het gaat om Constantin Bogian en Konstantin Valache. Zij zijn op het einde van de Tweede Wereldoorlog aan hun verwondingen overleden in Duitsland

Beiden zijn door het Amerikaanse leger overgebracht naar de oorlogsbegraafplaats in Margraten, Limburg.  Na de Tweede Wereldoorlog moest Margraten uitsluitend een Amerikaans ereveld worden.

 De slachtoffers met een andere nationaliteit werden opgegraven en overgedragen aan de Nederlandse autoriteiten, die hen in Amersfoort begroeven.






Nijmeegs Vrijheidsmuseum

WO2 mikt op 2015



NIJMEGEN, 27-06-2013 - Het geplande Vrijheidsmuseum WO2 in Nijmegen zou bij voorkeur in 1015 - een kroonjaar voor de herdenking van WO2 - open moeten gaan. Het jaar 2014 - wanneer het exact 70 jaar terug is dat de Operation Market Garden plaatsvond in de regio Nijmegen-Arnhem - wordt niet gehaald. Dat zegt voorzitter Louis Timmermans (foto rechts) van de Stichting Vrijheidsmuseum WO2.

Maar de provinciale afgevaardigden blijken nog eerst meer duidelijkheid over de plannen voor een WO2 Museum in Nijmegen te willen krijgen voordat er 1 miljoen euro door de provincie voor wordt gereserveerd. Dat besloot een meerderheid in Provinciale Staten woensdag volgens Omroep Gelderland. Veel partijen achten het plan voor het nieuwe museum nog te onduidelijk.


Ook vreest Provinciale Staten dat het nieuwe museum alleen met provinciale subsidie open kan blijven. Het nieuwe museum zal volgens de initiatiefnemers jaarlijks ruim 270.000 bezoekers uit binnen- en buitenland kunnen ontvangen, wat de indicatie geeft dat er een exploitatiebudget van € 2 tot € 3 miljoen zal zijn.


Foto links: het bosparcours in Oorlogsmuseum Overloon, hier tijdens het evenement Militracks 2011.

Het museum ontstaat uit samenwerking tussen drie musea in de regio: Museum  Hartenstein in Oosterbeek, gewijd aan Market Garden, het Nationaal Bevrijdingsmuseum in Groesbeek bij Nijmegen, en het grootste oorlogsmuseum, Overloon (in die plaats), dat beschikt over een park van 15 hectare.


Het nieuwe museum moet gevestigd worden in het Vasim-gebouw in Nijmegen. Volgens voorzitter Timmermans zijn er onderhandelingen met de huige huurders, die volgens Timmermans in het gebouw kunnen blijven.

Timmermans wijst erop dat de grote subsidiegevers nu allemaal positief zijn. Van de geraamde begroting van ruim € 25 zullen de provincie Gelderland, de stad Nijmegen - waar het museum moet komen - en het Vfonds ieder voor ongeveer € 5,5 miljoen mee kunnen betalen.


Echter pas eind oktober zal de stichting volgens Timmermans in staat zijn om een nauwkeurige begroting op te stellen en kunnen ook subsidieaanvragen volgen. De verbouwing van de 3 andere musea - die overigens blijven bestaan - vergt nog eens ruim € 5 miljoen.

Timmermans ziet geen problemen met de opening, volgend voorjaar, van het het nieuwe militaire museum van Defensie in Soesterberg, 80 km van Nijmegen verwijderd. Dit laatste museum heeft een budget van € 70 miljoen, en zal ook enige aandacht aan WO2 schenken. Gezien het ruime exploitatiebudget van dit museum dat als promotieobject van het ministerie van Defensie dienst gaat doen, valt enige concurrentie te voorzien. 



Buren tolereerden NSB-ers wel,
echtgenotes deden dat minder



AMSTERDAM, 26-06-2013 - Veel NSB’ers werden tijdens de Tweede Wereldoorlog getolereerd door buurtbewoners. Maar het percentage scheidingen in NSB-gezinnen lag 5 maal zo hoog als gemiddeld.

Zo lang de nationaalsocialisten zich niet te erg misdroegen, leidde het lidmaatschap van de NSB niet automatisch tot afkeuring. Een en ander blijkt uit het promotieonderzoek van Josje Damsma. Ze promoveert op 3 juli aan de Universiteit van Amsterdam op deze studie.

Foto rechts: NSB-ers marcheren over de Prins Hendrikkade bij de Schreiertoren in Amsterdam. Foto onder: Josje Damsma


Damsma (foto rechts) onderzocht 3 Amsterdamse straten: de Kromme Mijdrechtstraat in Nieuw-Zuid, de Zacharias Jansestraat in de Watergraafsmeer en de Hudsonstraat Amsterdam-W (Baarsjes). In de Kromme Mijdrechtstraat woonden relatief veel NSB-ers en veel Joden; de deportaties van Joden vonden voor de neus van NSB-ers en hun buren plaats.

Hier woont een NSB'er

Al eerder publiceerde Josje Damsma, samen drs. Erik Schumacher, in 2010 over NSB-ers het boek 'Hier woont een NSB'er'. Tienduizend Amsterdammers waren tijdens de Tweede Wereldoorlog lid van de NSB.


Over de Amsterdamse nationaalsocialisten is eigenlijk weinig bekend. Wat betekende het om in oorlogstijd lid te zijn van de partij die met de bezetter heulde? Hoe reageerden familieleden, vrienden en buren? En hoe was de sfeer binnen de beweging?


Hier woont een NSB’er gaat over het dagelijks leven van gewone Amsterdamse NSB’ers tijdens de oorlog.


Hier woont een NSB'er levert een beeld op van een beweging waarbinnen gezelligheid een belangrijke rol speelde.


Maar tegelijkertijd waren veel NSB’ers overtuigde nationaalsocialisten en werkten ze mee aan de vervolging van Joden.


In functie op straat kwamen ze regelmatig in botsing met hun tegenstanders. Toch betekende hun politieke keuze lang niet altijd het einde van hun vriendschappen en familiebanden.


Aan de hand van persoonlijke verhalen, politierapporten en dagboekfragmenten werpen Josje Damsma en Erik Schumacher nieuw licht op de geschiedenis van het Nederlandse nationaalsocialisme. Het boek verscheen bij Boom.

 
Een mogelijke verklaring voor de vele scheidingen is volgens Josje Damsma dat NSB-ers naast hun keuze voor de NSB, vaker non-conformistische keuzes maakten dan gemiddeld.

Ook al was hun achtergrond niet erg afwijkend, NSB-ers waren wel gewend afwijkende keuzes te maken (Overigens deed zich in de jaren vlak na de oorlog een grote hausse aan scheidingen voor: in 1946 4x zoveel als in 1940 - Red.).


Josje Damsma tegen het NIOD: ‘Het oordeel van de omgeving hing af van het gedrag van desbetreffende NSB-er. Er was dus een spanningsveld tussen de mening over de groep – de NSB werd gehaat – en het individu.


Pas bij verraad, provocaties of zelfverrijking werd hij volgens omstanders een ‘typische NSB-er’, en keerde men zich nadrukkelijk van hem af. De NSB-er had dus nog ruimte om banden en andere identiteiten te behouden.’


Damsma deed ook onderzoek naar de sociale omgeving van NSB-ers. Zo konden er spanningen ontstaan binnen gezinnen, op de werkvloer, in de buurt, tussen vrienden en families, tussen partijleden en binnen de partij.


Voor haar onderzoek nam Damsma een steekproef van ruim driehonderd NSB’ers in de regio’s Amsterdam, Utrecht, Hilversum, Leiden en Haarlem om de NSB-geschiedenis ‘van onderop’ te bestuderen.

De promotieplechtigheid vindt plaats in de Aula van de UvA, Singel 411, Amsterdam op woensdag 3 juli, 11.00 uur. Josje Damsma heeft in het kader van haar onderzoek samengewerkt met onderzoekers van het NIOD-onderzoeksprogramma Erfenissen van Collaboratie.


In dit NWO-project is de positie van voormalig collaborateurs in de Nederlandse naoorlogse samenleving onderzocht. Eind oktober wordt Erfenissen van Collaboratie afgerond.


Mw. J.M. Damsma: Nazis in the Netherlands: A Social History of National Socialist Collaborators, 1940-1945. Promotor is prof. dr. P. Romijn. Co-promotor is prof. dr. V.R. Berghahn (Columbia University, New York).






Ook Duitse justitie start
onderzoek naar Karkoc



LUDWIGSBURG, 25-06-2013 - De Duitse justitie is een verkennend onderzoek gestart naar  commandant Michael Karkoc  (FOTO RECHTS) van een beruchte SS-eenheid die zich schuldig zou hebben gemaakt aan gruweldaden en die sinds 1949 in de Verenigde Staten woont. Leider van het onderzoek is hoofdofficier van justitie voor nazizaken Kurt Schrimm (foto linksonder).

Schrimm is de leider van het openbaar ministerie  dat onderzoek doet naar misdaden uit het nazitijdperk. Hij bevestigde dat er een verkennend onderzoek is geopend. Hoe lang dit gaat duren is niet bekend.


Ook de Poolse justitie is met de zaak bezig en heeft al aangekondigd alle stappen te willen zetten om Karkoc uitgeleverd te krijgen. Karkoc zou betrokken zijn geweest bij de strijd in Warschau in 1944 en het vermnoorden van burgers inhet Poolse dorp Chlanow in het zuidoosten van het land.

Het openbaar ministerie van de Zentrale Stelle der Landesjustizverwaltungen zur Aufklärung nationalsozialistischer Verbrechen in Ludwigsburg onderzoekt of er bewijs is om de 94-jarige Michael Karkoc aan te klagen. dan moet het echter wel gaan om moord of hulp daarbij, want dat verjaart niet in Duitsland.


Journalisten van persbureau Associated Press ontdekten vorige week dat Karkoc  in 1949 de VS binnenkwam door te liegen over zijn rol in het door de SS geleide Oekraïense Zelfverdedigingslegioen. Dit legioen zou zich schuldig hebben gemaakt aan het in brand steken van dorpen en de moord op burgers in Polen.

Uit documenten in handen van AP, moet blijken dat Karkoc in dit gebied verbleef toen deze gruweldaden plaatsvonden. Er zouden geen directe aanwijzingen zijn dat Karkoc er zelf bij betrokken was.

Karkocs zoon zei al eerder dat zijn vader 'nooit een nazi is geweest'. Hij wees erop dat ind e documentatie van AP nergens staat dat Karkoc direct betrokken was bij wreedheden. Zijn familie wil verder niet op de kwestie ingaan, totdat zij zelf alle documenten heeft gelezen.




Santa Fe-event in Overloon dit weekend


OVERLOON, 22-06-2013 - In het weekend van 22 en 23 juni 2013 staat in het bos van het Oorlogsmuseum Overloon een  militair tentenkamp met voertuigen als deel van het evenement Sante Fe.

Dit is het jaarlijks evenement van de vereniging van eigenaren van legervoertuigen uit Noor- en Midden-Limburg.

Er staan honderden legervoertuigen van de leden van Santa Fe,  zoals parascooters, motoren, jeeps, kleine en grote transportvoertuigen van het Britse, Canadese en Amerikaanse leger, halftracks, kleine rupsvoertuigen en tanks. Ook zijn er diverse werkplaatsen ingericht.
 
Rond het militair kamp is in het bos van het museum een pad waar bezoekers de legervoertuigen in actie kunnen zien en erin kunnen meerijden. In het openluchttheater is er uitleg over de voertuigen. Ook worden in het theater demonstraties gegeven van de wapens die de geallieerden destijds gebruikten.

Vanaf de heuvels rond het openluchttheater vallen hobbysoldaten twee keer per dag als geallieerde troepen de nagespeelde Duitse bezetters aan, geholpen door het nagespeelde Nederlands verzet leveren.

Foto links: een deel van heyt kamp in Overloon vorig jaar. Foto Santa Fe.

Zittend op de tribune van het theater is de bezoeker midden in de gevechten en beleeft de strijd om Overloon, waar zich een grote tankslag afspeelde

Er is een grote militaria markt waar onderdelen, uniformen, uitrusting en gebruiksvoorwerpen te koop worden aangeboden.

Het Oorlogsmuseum omvat ruim 10.000 vierkante meter en daar staan meer dan 150 historische voertuigen, vaartuigen en vliegtuigen opgesteld, meest geallieerd, die een uitstekend overzicht geven van de militaire inzet in de Tweede Wereldoorlog.







Programma Santa Fe Overloon 22 en 23 juni 2013

Wanneer                      Wat                                 Waar

09.00 uur                Opening poorten      
10.30 uur                Parade voertuigen     Amfitheater
11.00 - 12.00 uur     Rondritten                Onverharde route over het terrein
12.00 uur                Wapendemonstratie   Amfitheater
12.30 uur                Mock battle               Amfitheater
13.00 - 14.00 uur     Rondritten                Onverharde route over het terrein
14.00 uur                Parade voertuigen     Amfitheater
14.30 uur                Wapendemonstratie   Amfitheater
15.00 uur                Mock battle               Amfitheater
15.30 - 16.30 uur     Rondritten                 Onverharde route over het terrein
17.00 uur                Sluiting poorten      







Drie Marokkaanse veteranen geridderd
met Légion d'Honneur


RABAT, 18-06-2013 - Drie Marokkaanse veteranen uit WO2 hebben van de Franse minister voor oud-strijders, Kader Arif, in Rabat het Légion d'Honneur ontvangen, de hoogste Franse ridderorde.

Foto links: de drie nieuwe ridders met hun hoge onderscheiding. Een Franse marineofficier feliciteert hen.

Eén van de ontvangers, die gewond raakte in 1943-44 bij de campagne in Corsica en in totaal 17 jaar diende, brak in trenen uit. Het gaat om Ben Abbou Jilali, Mohamed El Harim en Ali El Fatehi.

Hun leeftijden zijn niet bekendgemaakt, maar hoogstwaarschijnlijk zijn zij alle drie boven de 90 jaar. Opvallend is dat in enkele verslagen in de Marokkaanse pers hun namen niet worden genoemd.

De drie veteranen vochten mee bij de bevrijding van Corsica, het eerste stuk Europees Frankrijk, te bevrijd werd. Dat gebeurde in september 1943. In 1939 sloten de Marokkanen zich aan bij de beweging van de Vrije Fransen van generaal De Gaulle. In totaal hebben 90.000 Marokkanen meegestreden in WO2 aan de Frans-geallieerde zijde.

In Nederland zijn een tiental van hen begraven in Zeeland als slachtoffers uit de meidagen van 1940. Daarnaast namen N-Afrikanen in Franse dienst deel aan andere operaties in Nederland en op veel grotere schaal in de rest van Europa bij het verslaan van de nazi-Duitsers. De eerste dorpen in de Elzas werden bevrijd door Algerijnse eenheden. Volgens verslagen in de Marokkaanse pers zijn er nog ongeveer 20 Marokkaanse veteranen in leven die aan de bevrijding van Corsica hebben meegedaan.


De verlening van deze ridderorden is merkwaardig, omdat het 70 duurde voordat het zover kwam.

De laatste tien jaar hebben de opeenvolgende Franse regeringen in toenemende mate deze onderscheiding uitgereikt aan hoogbejaarde veteranen, meest Amerikanen, Britten en Canadezen die deelnamen aan D-Day.

De onderscheidingen worden dan ook meestal uitgereikt op 6 juni, de dag waarop in 1944 D-Day plaatsvond. Dit jaar zijn het er slechts enkele geweest.

Volgend jaar, vanwege de viering van 70 jaar D-Day, zullen dat er naar verwachting wel enkele tientallen zijn.


Na de uitreiking heeft de minister o.m. met veteranenorganisaties overlegd over de hervatting van de uitbetaling van militaire pensioenen aan Marokkaanse  veteranen. Het gaat om 8.000 gevallen, het merendeel van na WO2.

De pensioenen werden na de Marokkaanse onafhankelljkheid vaak stilgezet of bevroren op het toenmalige niveau. De afgelopen toen jaar zijn deze geleidelijk weer hersteld.

Minister Arif, lid van de Franse socialstische partij, is zelf geboren in Frankrijk uit Algerijnse ouders. Hij kondigde ook de oprichting van een Marokkaanse-Franse commissie aan die de herdenkingen van het begin van WO1 in 1914 en de start van de bevrijding van West-Europa in 1944 gaat voorbereiden. Aan WO1 namen 40.000 Marokkaanse soldaten deel.






DOCUMENTATIE-CENTRUM  OBERSALZBERG  WORDT  4X  ZO  GROOT;
INVESTERING  17 MILJOEN


Hitler trekt ruim 5 maal zoveel
mensen als verwacht

Door Arthur Graaff
BERCHTESGADEN, 17-06-2013 - De bezoekersaantallen van de plek waar vroeger Hitlers hoofdkwartier in de Beierse bergen stond, de Berghof in de grensplaats  Berchtesgaden, zijn enorm gegroeid.

Foto rechts: het documentatiecentrum Obersalzberg.

In plaats van de 30.000 bezoekers uit 1999, kwamen er het afgelopen jaar 160.000 naar het nazi-documentatie-centrum op de Obersalzberg bij de nu al 60 jaar afgebroken afgebroken Berghof.
In de maand mei 2013 alleen al werd een recordbezoek van 21.000 mensen geteld - gemiddeld 700 per dag. Hoeveel mensen er verder naar de Obersalzberg reizen met interesse voor het nazisme maar zonder het centrum te bezoeken, is onduidelijk.

De Beierse regering gaat nu 17 miljoen euro investeren in een forse uitbreiding van het centrum. Daarmee wodt het oppervlak van 650 m2 vergroot tot 2500 m2 - bijna een verviervoudiging (ter vergelijking: het Rijksmuseum heeft 12.000 m2).

Foto rechts: Eva Braun en Hitler met zijn herder Blondi op het terras van de Berghof in ongeveer 1934 voor de grote verbouwing van het hoofdgebouw.

In mei 2012 heeft het centrum van de gemeente toestemming gekregen voor de uitbreiding. Vorige week heeft de regering het bedrag gevoteerd. Ook de opzet wordt nu vernieuwd, waarvoor het centrum in 2012 een plan heeft ontwikkeld.

Daarbij zal het landschap van de Obersalzberg in samenhang met de nazihistorie een grotere rol krijgen. Voor de uitwerking van dit plan is een commissie ingesteld, onder leiding van de directrice van herinneringscentrum Dachau, dr Gabriele Hammermann (foto links), plus zes vooraanstaande professoren die nauw betrokken zijn bij de nazihistorie.

Dit centrum wordt geleid door het wetenschappelijke Institut für Zeitgeschichte uit Berlijn, dat ook een vestiging heeft in München niet ver van de Obersalberg. Het centrum zucht volgens een verklaring op zijn website onder een overmatige bezoekersdruk. Nu heeft de Beierse gereing - die verantworodelijk is voor het centrum - besloten het aanzienlijk uit te breiden.

In 2005 werd er al een conferentieruimte bijgebouwd, en in 2006 een nieuwe tentoonstellingsruimte in één van de overgebleven bunkers. Sinds 1995 is er vlakbij het centrum een vijfsterrenhotel gebouwd, het Interconti, dat echter de laatste jaren kampt met sterk tegenvallende resultaten. De regio biedt 21.000 bedden en  in
de horeca en 1.800 plekken op campings en is met bijna 400.000 gasten goed voor ruim 2 miljoen overnachtingen - gemiddeld 5 per gast.



De Dokumentation Obersalzberg is een permanente expositie op de Obersalzberg bij Berchtesgaden. De expositie is samengesteld in opdracht van de staat Beieren en werd op 20 oktober 1999 geopend.

Berchtesgaden (kaart links)  is sinds de tweede helft van de 19de eeuw een op het toerisme gericht bergdorp, waar Hitler vanaf 1923 zijn vakanties doorbracht. 

Hitler werd op 30 januari 1933 tot rijkskanselier benoemd en kocht in de zomer »Haus Wachenfeld« in de heuvels bij Berchtesgaden (nr 9 midden op de kaart), dat hij al vanaf 1928 had gehuurd. Tot 1936 liet hij het in twee bouwfases uitgebreid verbouwen tot een representatieve residentie: de Berghof. Daar bracht hij meestal maanden achtereen door.
Vrijwel alle gebouwen in een straal van 500 m werden eveneesn door nazi's gekocht of onteigend of bijgebouwd. Het grootste gebouw was de SS-kazerne. Daarvan is niets over.

Resten en monumentenwet
Intussen zijn vrijwel alle sinds 1990 nog bestaande gebouwen verdwenen. Dat is des te merkwaardiger, omdat vrijwel alle overblijfselen van Hitlers bestuurscentrum zijn afgebroken. Vanaf 1973, zo meldt de Süddeutsche Zeitung, gold in Beieren een monumentenwet, de zg. Denkmalschutzgesetz.

Foto rechts: een zeldzame originele kleurenfoto van de Berghof, rond 1940 naar schatting. De boom rechts is geplant door Hitlers assistent Martin Borman, en nog steeds groeien schuten van die lindeboom op die plek.


De officiële Beierse monumentenafdeling, Landesamt für Denkmalschutz (LfD), zette een aantal Hitler-gebouwen op en rond de Obersalzberg op de officiële Beierse monumentenlijst.

Op 25 april 1945 was er een groot bombardement van het Hitlercomplex, en in 1952 volgde een verdere afbraakfase. Daarbij werden echter niet alle gebouwen geheel afgebroken.

Opmerkelijk was, dat geheel tegen de uitdrukkelijk wettelijke voorschritfen in, de vermelding van de nazigebouwen op de Beierse monumentenlijst geheim werd gehouden, aldus de Süddeutsche Zeitung.


Foto onder: het opblazen van de resten van de Berghof op 20 april 1952, Hitlers verjaardag.

Daaronder de volgende gebouwen:

  • Hitlers gastenverblijf (nr 12 op de kaart boven)

  • de Platterhof (nr 11 op de kaart), een hotel dat later onder de naam Hotel General Walker een hotel voor geallieerde soldaten was en het werd in jet jaar 2000 afgebroken

  • resten van de SS-kazerne (nr 6 op de kaart,) de SS bewaakte het gebied van enkele vierkante kilometers zeer grondig

  • kassen (nr 4 op de kaart) die in opdracht van Hitlers secretaris Martin Bormann werden gebouwd

  • het theehuis (nriet op de kaart) op de nabije top van de Kehlstein, door de Amerikanen als Eagle's Nest aangeduid, was een cadeau van Martin Bormann voor Hitlers 50ste verjaardag. Hier komen jaarlijks ongeveer 400.000 bezoekers. Het is uitsluitend te bezoeken door wandelaren of met speciale bussen. Voor het bereiken van het theehuis moet een lift gebruikt worden. Hitler had daar een afkeer van, wegens de mogelijkheid tot storing of sabotage. Ook schijnt hij slecht tegen de ijlere lucht op die hoogte van 1834 m gekund te hebben.




Oekraïense nazi-bevelhebber door
journalisten
van AP opgespoord in US



MINNEAPOLIS, 16-06-2013 - Het Amerikaanse persbureau AP heeft een voormalige Oekraiense nazi-bevelhebber opgespoord, Michael Karkoc, die na de Tweede Wereldoorlog naar Minneapolis in de staat Minnesota is verhuisd. 


Foto rechts: de bungalow links is van het echtpaar Karkoc.

Poolse officieren van justitie van het Nationale Instituut voor de Herdenking hebben al in een reactie verklaard een onderzoek te gaan instellen. De Polen hebben gezegd in deze zaak alle mogelijk hulp aan de US te zullen geven.


Volgens AP verklaarde Karkoc bij zijn aankomst in de US in 1949 dat hij geen enkele militaire rol had gehad tijdens de oorlog. In 1959 werd hij een genaturaliseerde Amerikaan.


De gemeenschap in Minneapolis is volgens de Huffitngton Post geschokt, omdat de man al jaren een vreedzaam leven van een hoogbejaarde gepensioneerde leidde, samen met zijn vrouw in een bungalow in de buitenwijken. Daar leven veel Oost-Europeanen. De familie Karkoc is lid van de  St. Michael's and St. George's Ukrainian Orthodox Church. De pastoor van de kerk zei tegen de Huffongton Post dat hij Karkoc kende als een goed mens en de aantijgingen tegen Karkoc betwijfelde. Karkoc werkte jarenlang als timmerman.

De nu 94-jarige Michael Karkoc (foto links) zou leider geweest zijn van een onderdeel van een Oekraïense nationalistische organisatie, het Oekraïense legioen, een SS-commando dat in Polen (tegenwoordig Oekraïne) dorpen heeft platgebrand. Daarbij stierven veel burgers onder wie vrouwen en kinderen om. Hij zou ook gediend hebben als officier in de SS divisie Galicië. Hierin dienden ook Nederlanders. Deze divisie heeft een lange doopceel van verschrikkelijkheden, zo blijkt uit Wikipedia.


Het Oekraiense Legion, een nationalistische organisatie die ontstond uit de clandestiene Organisatie van Oekraiense Nationalisten, die al in de jaren '30 zowel tegen de Poolse bestuurders als tegen de Sowjets ageerde. Het Oekrainiese Legioen werd in 1941onder de SS op militaire leest geschoeid.


Vrijdagavond laat heeft zijn zoon Andriy Karkos een verklaring voorgel;ezen, waarin hij het persbureau AP beschuldigd zijn vader te willen onteren. De zoon wees verder op gegevens die AP publiceerde maar waarin geen uitdrukkelijke melding staat dat Karkoc zelf actief was in orlogsmisdaden.

Persbureau AP kreeg van een gepensioneerde Britse apotheker een tip over Karkoc. De apotheker deed in zijn vrije tijd onderzoek naar leden van de SS-divisie "Galizien" die naar Engeland waren gevlucht. Deze groep kreeg in de Uk een aparte behandeling als reguliere krijgsgevangenen, omdat zij louter tegen de Sowjets hadden gestreden, en niet tegebn westelijke gealllieerden. Hij kwam  de naam Karkoc tegen in Minnesota en lichtte AP in. Zij vonden het naturalisatieverzoek van Karkoc en traceerden ook een artikel dat hij in 1995 schreef en die online is opgenomen in een bibliotheek in de Oekraïne.

Uit documenten blijkt dat Karkoc loog om de Amerikaanse nationaliteit te krijgen. Maar de verslaggevers van AP zeggen dat ze bewijzen hebben dat Karkoc lid was van twee militaire eenheden die beschuldigd zijn van bloedbaden in Poolse dorpen.De Oekraïner blijkt commandant geweest te zijn van een SS-divisie.

De VS kan geen Nazi-oorlogsmisdadigers berechten, schrijft het maandblad The Atlantic. Maar als het bericht van AP wordt bevestigd, kan Karkoc naar Duitsland worden overgebracht om daar terecht te staan. In Duitsland verjaren oorlogsmisdaden niet meer. Karkoc, die in Oekraïne is geboren en in Minneapolis woont, weigerde een interview aan AP en andere journalisten om zijn oorlogsverleden te bespreken.




Agenten speurden maanden naar dagboekdelen van Rosenberg


WILMINGTON, 14-06-2013 - Op een persconferentie in Wilmington in de staat Delaware heeft de Amerikaanse douane verdere gegevens bekendgemaakt over de vondst van delen van het dagboek van topnazi Alfred Rosenberg.

Na maandenlang speurwerk door deze dienst, de U.S. Immigration and Customs Enforcement, en andere diensten werden de stukken uit de jaren 1936-1944 aangetroffen bij de academicus Herbert Richardson in de staat New York. Die weigert echter elk commentaar.


Foto rechts: de bladzijden in het handschrift van Rosenberg. Foto ICE/Homeland Security.


"Het US Holocaust Memorial Museum (USHMM) is zeer blij het dagboek van Alfred Rosenberg, een vooraanstaande nazi-ideoloog,  te hebben gevonden," zei de directrice Sara J. Bloomfield van het USHMM tijdens de persconferentie. "Naarmate we aan de collectie van holocaust-dcumenten verder bouwen, is het bezit van materiaal dat de acties van zowel daders als slachtoffers documenteert van cruciaal belang om wetenschappers  te helpen te begrijpen hoe en waarom de Holocaust is gebeurd. Het verhaal van dit dagboek laat zien hoeveel materiaal nog steeds kan worden verzameld en waarom het redden van dit bewijsmateriaal is zo'n belangrijke museumprioriteit is. "

Rosenberg is vooral bekend als auteur van 'Mythos des XX. Jahrhundert', een van de belangrijke antisemitische  ideologische werken waarop de nazi's hun denkbeelden baseerden. Hij benadrukte de zogenaamde meerwaarde van het zg. ' Arische ras' en kreeg daarmee vooral aanhang onder Duitse intellectuelen na de Eerste Wereldoorlog.Tijdens de oorlog was Rosenberg nauw betrokken bij de massamoord op Joden in Oost-Europa.

Mogelijk heeft Richardson de fragmenten gekregen van een medewerker van de jurist Robert Kempner, een van de aanklagers tijdens het proces van Neurenberg, waar Rosenberg in 1946 ter dood werd veroordeeld.

Op Kempner rustte al de verdenking dat hij de dagboeken had ontvreemd na het proces, waar ze als bewijs waren gebruikt. In 1956 citeerde Kempner eruit in zijn memoires. Na Kempners dood, in 1993, gaven zijn kinderen de papieren van hun vader aan het Holocaust-museum in Washington, maar de dagboeken van Rosenberg en andere documenten waren verdwenen.

Het Holocaust-museum vond later, na uitvoerig onderzoek, tienduizenden documenten, onder meer bij Kempners voormalige secretaris. Via hem zijn de dagboeken mogelijk bij Richardson terechtgekomen. Het museum zal later deze week op een persconferentie opening van zaken geven.
Nieuw inzicht

Volgens het museum geven de stukken nieuw inzicht in de Holocaust en andere thema's uit de geschiedenis van het Derde Rijk. Het zou op bepaalde punten gevestigde opvattingen weerspreken, maar ook hier wil het museum nu niet over uitweiden.





Job Cohen bij 22ste herdenking
onbekende kamp Schoorl

SCHOORL, 12-06-2013  - Bij het monument aan de duinrand is het concentratiekamp Schoorl uit de Tweede Wereldoorlog dinsdagmiddag voor de 22e keer herdacht. Er werd stilgestaan bij de mensen die in de Tweede Wereldoorlog vanuit dit kamp zijn gedeporteerd naar concentratiekampen.


Dat waren als eersten de 425 Joden die bij de eerste razzia in februari 1941 bij het Waterlooplein in Amsterdam werden opgepakt - wat leidde tot de Februaristaking.

Job Cohen, oud-burgemeester van Amsterdam, hield een toespraak. Tegenover RTV Noord Holland bekende hij tot vor kort niet van het bestaan van het kamp geweten te hebben. Rabbijn Spiero ging voor in gebed, waarna een minuut stilte werd gehouden. Kinderen legden vervolgens bloemenkransen bij het monument.

Het kamp was in 1939 ingericht als legerkamp. In de oorlog was dit het eerste Duitse internerings- en concentratiekamp in Nederland. Eind 1941 werd het gesloten. Van de 649 Joden die er verbleven overleefden er slechts twee.


Een eenvoudig monument herdenkt de slachtoffers. Het kamp geldt als een van de minst bekende van Nederland. na de Joden werden er ook veel communisten en andere politieke tegenstanders van de nazi's en ook militairen opgesloten, soms voor slechts enkele weken. Het kamp werd in eerste instantie gebruikt voor de internering van buitenlanders die ten tijde van de Duitse bezetting in Nederland verbleven.


Vervolgens werd het kamp gebruikt als doorvoerkamp voor bijna 425 Joden uit Amsterdam die op 22 en 23 februari 1941 bij razzia's waren opgepakt.


Foto rechts: een luchtfoto van het kamp tijdens de oorlog.


Vanuit Schoorl werden in totaal 649 Joden naar Buchenwald en van daar naar Mauthausen getransporteerd. Van deze 649 overleefden slechts twee de kampen.

Later kwamen daar zo'n 600 communisten bij, die door de Nederlandse politie gearresteerd waren.


Zij stonden op lijsten die door de lokale politie-inlichtingendiensten voor de oorlog aangelegd waren; ze werden op 25 en 26 juni 1941 gearresteerd naar aanleiding van de Duitse inval in de Sovjet-Unie.


De Duitsers hadden aantallen te arresteren communisten opgegeven, de politie maakte een keuze wie gearresteerd moest worden maar arresteerde vaak meer mensen.



Volgens de website www.Kamp-schoorl.nl was de behandeling er niet slecht en niet gericht op mishandeling, zoals in kamp Amersfoort.

"Gevangenen mochten post en pakketten ontvangen, hoefden geen zware arbeid te verrichten en kregen hetzelfde voedsel als de bewakers.

Daar staat tegenover dat communisten en joden soms mishandelingen en pesterijen te verduren hadden, hoewel de behandeling hier meer bedoelde te vernederen dan te pijnigen.

Zo moesten zij, 'op de knieën kruipende, een op de grond aangebracht stenen hakenkruis met een tandenborstel schoonmaken’.

Toch werden de mensen vaak mishandeld en in elk geval met ‘exercities’ op ondraaglijke wijze vermoeid," schrijft de site.

Bijna alle communisten zijn in het Duitse concentratiekamp Neuengamme terechtgekomen en de meesten daarna vermoord door vergassing in Bernburg, of om het leven gekomen door medische experimenten met tbc, uitputting in concentratiekampen of bij de ondergang van de het schip Cap Arcona, dat tegen het chaotische einde van de oorliog uit Noord-Duitsland vertrok maar werd getorpedeerd.

Begin maart 1941 werden bijna 200 jonge mannen uit Sommelsdijk in Noord-Holland er een maand geïnterneerd wegens ' belediging van de Whermacht'  en van de Nederlandse politie. In mei werden circa 300 Nederlandse luchtmachtofficieren geïnterneerd op verdenking van hulpverlening aan collega's die met een Fokker G1 jager/bommenwerper waren ontsnapt naar Engeland.

In juni 1941 werden 100 antirevolutionairen in Kamp Schoorl opgesloten. Op 18 augustus 1941 werd een groep van bijna 200 preventief gearresteerde communisten eveneens naar Kamp Amersfoort overgebracht, en daarna werden nog 250 gevangenen naar Kamp Amersfoort overgebracht.


Foto rechts: het monument ter herdenking van der slachtoffers.


De 25 vrouwen onder de gevangenen werden via Amsterdam naar Ravensbrück gestuurd. Eind oktober 1941 werd Kamp Schoorl als concentratiekamp gesloten, waarschijnlijk omdat het te klein was, te dicht bij de kust lag en bovendien te ver van een spoorweg lag verwijderd.

Tot het eind van de oorlog waren eenheden van de Wehrmacht en de Organisation Todt in het kamp gelegerd. Tussen de zomer van 1943 en 28 september 1944 waren er zogenaamde "Osttruppen" gelegerd: het 787e Turkestaanse Infanterie Bataljon dat bestond uit krijgsgevangen Turkmenen die in Duitse krijgsdienst waren getreden.


Na de bevrijding in 1945 tot eind 1946 werd het kamp, als een van de 32 kampen in Noord-Holland, gebruikt voor internering van SS-ers, NSB-ers, Jeugdstormers  en andere collaborateurs, onder hen veel NSB-burgemeesters. In totaal waren er ongeveer 2000 gevangenen. De na-oorlogse bewakers waren voornamelijk dienstplichtige soldaten. Van eind 1946 tot september 1947 heeft het kamp nog dienst gedaan als legerkamp voor het Nederlandse leger.






Eva Brauns laatste woorden ontdekt



BERLIJN, 11-06-2013 - De laatste woorden van Eva Braun, Hitlers minnares en de echtgenote van zin laatste uren, tonen haar angst voor hun zekere dood. De woorden werden aangetroffen in juist brieven. Deze worden gepubliceerd in een nieuw boek getiteld " The Women of the Nazis" door historica Anna Maria Sigmund.

Hitler en Eva Braun pleegden zelfmoord op 30 april 1945. Op 22 april, toen de Duitse troepen in Berlijn door de Sowjet-legers werden overweldigd, schreef ze: "Wij  vechten tot het laatste, maar ik ben bang dat het einde steeds dichterbij komt."

Acht dagen later werd de 33-jarige was dood, naast haar man Adolf Hitler. Het paar was getrouwd maar een paar uur. De brieven worden verondersteld te zijn geschreven door Eva Braun aan haar vriendin Herta Schneider.

De Duitse Derde-Rijk-deskundige Anna Maria Sigmund ontdekte de brieven en meent dat zij echt zijn omdat zij door nakomelingen van Schneider aan haar werden getoond.

"Ik heb geen twijfel de brieven zijn echt en Eva Braun heeft ze getypt, het corrigeren van haar fouten met de hand."
"Eva Braun weerspiegelt de verandering van stemming in de Führerbunker in vier dagen - de vage hoop op de 19e en de wanhoop op 22 april."

De brieven brengen de val van hoop in kaart. In een ervan, van 19 april, beschrijft  ze de bommen die rond haar vallen , maar zegt dat ze denkt dat alles goed zal komen.

Maar in een andere brief schrijft ze: "Groeten aan al mijn vrienden, Ik sterf hoe ik heb geleefd. Het is niet moeilijk voor mij. Dat weet je. "

Het paar trouwde op slechts 40 uur voordat Hitler zelfmoord pleegde.


Foto links: Eva Brauns verjaardag in 1943, 6 februari (gebroen 1912).


Hij had zijn jarenlange verhouding met Eva Braun, die 23 jaar jonger was dan hij, geheim gehouden voor het Duitse volk in de overtuiging dat hij 'gehuwd' was Duitsland. Slechts twee documenten bestaan waarin hij haar naam schreef .

De twee ontmoetten elkaar toen Eva Braun 17 was en werkte als assistent van fotograaf Heinrich Hoffmann, die Hitlers  persoonlijke fotograaf werd.


Hitler en Eva Braun werd minnaars in 1932. Van haar wordt gezegd dat zij twee zelfmoordpogingen zou hebben ondernomen in 1932 en 1935.




Dagboekdelen van Hitlers vertrouweling Rosenberg opgedoken



WASHINGTON, 10-06-2013 - De Amerikaanse regering heeft de hand weten te leggen op dagboekfragmenten van Alfred Rosenberg, een naaste vertrouweling van Adolf Hitler.


Rosenberg speelde in de Tweede Wereldoorlog een vooraanstaande rol bij het beramen van de massamoord op miljoenen Joden.


Foto rechts: Rosenberg in gevangenschap in Neurenberg na de oorlog.


Rosenbergwas een van de nazi's die in 1946 tijdens de Neurenbergse processen ter dood werden veroordeeld en opgehangen. Zijn dagboeken, waarvan het Amerikaanse Holocaust Memorial Museum circa 400 pagina's in bezit heeft, werden door de aanklagers als bewijsmateriaal gebruikt, maar bleken na de rechtszaak spoorloos verdwenen.

Het US Holocaust Memorial Museum in Washington heeft de opgedoken fragmenten geëvalueerd. Deze bevatten ook informatie over de Duitse bezetting van de Sovjet-Unie, met inbegrip van de plannen voor de massamoorden op Joden en andere Oost-Europeanen.


"De documentatie is van groot belang voor de studie van het nazi-tijdperk, waaronder de geschiedenis van de Holocaust," aldus de evaluatie, opgesteld door het United States Holocaust Memorial Museum in Washington.

"Uit een vluchtige inhoudsanalyse blijkt dat het materiaal nieuw licht werpt op een aantal belangrijke kwesties met betrekking tot het beleid van de Derde Rijk. Het dagboek is een belangrijke bron van informatie voor historici die complementeren, en deels in tegenspreken, wat al bekend was."

Rassentheorie
Rosenberg gold als een van de belangrijkste opstellers van de nazi-ideologie. Zijn opvattingen komen naar boven in tal van partijgeschriften, waaronder die over rassentheorie en Jodenvervolging en over de ontaarde ('entartete') moderne kunst.
Ook  zouden Rosenbergs aantekeningen details bevatten over de Duitse bezetting van de Sovjet-Unie en de plannen om ook daar te komen tot de grootschalige vernietiging van Joden en Oost-Europese burgers.

Het dagboek biedt een losse verzameling van Rosenberg's herinneringen van voorjaar 1936 tot winter 1944, volgens de analyse van het museum. De meeste aantekeningen zijn in Rosenbergs krullerige handschrift, op papier gescheurd uit een grootboek en andere op de achterkant van de officiële nazi-bnriefpapier, aldus de analyse.


Hess
Het dagboek bevat verder informatie over spanningen binnen de Duitse opperbevel - in het bijzonder over de crisis veroorzaakt door de vlucht van Rudolf Hess naar Groot-Brittannië in 1941, en de plundering van de kunst in heel Europa, op basis van de eerste analyse. De nazi-eenheid die opgericht werd voor de geplande kunstroof uit heel Europa werd naar Einsetsgruppe Rosenberg genoemd.

Rosenbergs dagboek, eenmaal in het bezit van Neurenberger aanklagers als bewijs, verdween na het proces. Een Neurenberg aanklager, Robert Kempner, werd lang door Amerikaanse ambtenaren verdacht  van smokkel het dagboek terug naar de Verenigde Staten. Geboren in Duitsland, vluchtte Kempner naar Amerika in de jaren 1930 aan de nazi's te ontsnappen.


Foto links: Rosenberg in betere tijden.

Kempner staat bekend als één van de onthullers van het bestaan van het Wannsee Protocol, de conferentie uit 1942 waarin Nazi kopstukken bijkwamen om tot de genocide tegen de Joden te besluiten, die zij aanduidden als 'Endlösung'.

Kempner haalde een paar Rosenberg dagboekfragmenten aan in zijn memoires. Maar het grootste deel van het dagboek was nooit opgedoken. Toen Kempner in 1993 overleed op 93-jarige leeftijd, woedden juridische geschillen over zijn nagelaten papieren bijna een decennium tussen zijn kinderen, zijn voormalige secretaresse, een lokale aannemer en het Holocaust museum.


Verdwenen
De kinderen besloten hun vaders papieren aan het Holocaust museum te geven, maar toen medewerkers  in 1999 arriveerden om deze op te halen, ontdekten ze dat de vele duizenden pagina's ontbraken.

Na het incident 1999, opende de FBI een strafrechtelijk onderzoek naar de ontbrekende documenten. Geen klacht  werd echter ingediend in de zaak. Begin dit jaar trachtten het Holocaustmuseum en een agent van Homeland Security Investigation opnieuw om de ontbrekende dagboek pagina's te vinden.

Ze volgden het dagboek tot in het huis van Herbert Richardson, die in de buurt van Buffalo (bij New York) woonde en met wie de voormalige secretaresse van Kempner samenwoonde. Richardson weigerde commentaar te geven. Een regeringsfunctionaris zei dat meer details deze week op een persconferentie bekend gemaakt worden.





Voorbereiding 70ste herdenking

"Market Garden" gestart

ARNHEM/OOSTERBEEK, 4-06-2013 - De Stichting Platform Market Garden (PMG) werkt aan het herdenkingsevenement "Operatie Market Garden 2014".


Tijdens dit evenement zijn herdenken, herinneren en vieren de kernwoorden die duizenden deelnemers en honderdduizenden bezoekers met elkaar verbinden. Er kotm een colonne van 600 historische militaire voertuigen bemand door 2.200 mensen. Naar verwachting trekt het gehele evenement circa 1.000.000 bezoekers uit binnen en buitenland.

Op woensdag 17 september 2014 zal het 70 jaar terug zijn dat de Operation Market Garden begon ter forcering van een doortbraak boven de Westwall langs naar Duitsland. . De luchtlandingen werden gecombineerd met de opmars van duizenden manschappen grondtroepen.

Op zondag 14 september rijden 600 militaire voertuigen uit de periode 1940-45 vanuit Leopoldsburg (B) over de voormalige Hell's Highway richting Arnhem. Op deze dag vormt Veghel de finish.

Daar herrijst van 12 tot en met 20 september een groot historisch geallieerd basiskamp. De deelnemers aan dit kamp bieden de gehele week ondersteuning aan regionale activiteiten en herdenkingen. Ook het kamp zelf is te bezoeken vanwege het educatief karakter is het geschikt voor jong en oud. Op zaterdag 20 september gaat de colonne rijden vanuit Veghel naar eindbestemming Nijmegen.

In de sfeer van vroeger wordt de geschiedenis onder de aandacht gebracht bij het grote publiek. Het geheel wordt omringd met historische militaire vliegtuigen en circo 600 parachutesprongen vanuit authentieke C47 Skytrains (Dakota's).

De PMG is opgericht door een dertigtal betrokken  verenigingen, musea, stichtingen en belanghebbenden. In 2009, in het kader van 65 jaar herdenken, hebben verschillende partijen samengewerkt om aandacht te schenken aan herdenken en herinneren langs de Market Garden-route van destijds. Deze samenwerking leidde tot dit vervolg.

Dit moet van de stichting nu structureel de aandacht vestigen op een keerpunt in de geschiedenis voor Zuid-Nederland, de bevrijding. Deze belangrijke periode trekt volgens de stichting Platform niet alleen regionale en landelijk aandacht maar steeds vaker  ook internationaal..

Met de nadering van een nieuwe mijlpaal in de geschiedenis en de wetenschap dat het aantal oud-strijders met de dag afneemt, is gehoor gegeven aan de toenemende vraag op bijzondere wijze stil te staan bij 17 september 1944. In 2011 heeft der stichting hiervoor een masterplan “Operatie Market Garden 2014” geschreven dat met enthousiasme werd ontvangen door alle Platformdeelnemers..





Laatste WO2-veteraan in US Senaat overleden

WASHINGTON, 4-06-2013 - De laatste WO2-veteraan in de Amerikaanse Senaat Frank R. Lautenberg is maandag op 89-jarige leeftijd overleden. Deze Joodse Democraat uit de staat New Jersey was tevens de nestor van de Senaat.


Hij diende in de oorlog van 1941 tot 1946 bij de Amerikaanse verbindingsdienst (Signal Corps) in de UK, België en Frankrijk. Hij had de rang van soldaat en over zijn diensttijd is nauwelijks informatie te vinden. Hij werd niet onderscheiden.

Lautenberg was Senator voor de staat New Jersey. Hij stierf aan complicaties van een virale longontsteking en had al aan bloedkanker geleden. De liberale Lautenberg was bekend om zijn strijd tegen alcohol, roken en wapenbezit en vanwege zijn steun aan Israël en Joodse vluchtelingen, vooral uit Rusland, waar zijn Joodse moeder vandaan kwam - zijn vader was een Poolse Jood.

Zijn ouders waren als arme emigranten via de dienst op het New Yorkse Ellis Island in de VS terechtgekomen. Zijn vader was een weinig succesvol arbeider, die zijn zoon bijbracht  hem nooit na te volgen.

Lautenberg kon na WO2 een opleiding aan de universiteit volgen dankzij de zg. 'GI Bill', de Amerikaanse regeling die studies voor ex-soldaten betaalde. Lautenberg was een erkend propagandist van de verzorgingsstaat.

Lautenberg werd voor het eerst gekozen in 1982, na een zeer succesvolle carrière als directeur van een bedrijf dat computerdiensten voor loonadministratie leverde. Mede door Lautenbergs toedoen kwam een wet tot stand die Amerikanen die voor huiselijk geweld zijn veroordeeld, het recht onthoudt een wapen te bezitten. Begin deze eeuw ging hij als Senator met pensioen, maar in 2003 maakte hij een comeback.

Gordon H.  Mueller, voorzitter en directeur van het National WWII Museum in New Orleans, zei dat zij die naar huis kwamen om in het Amerikaanse parlement te dienen "leiders van een ander ras waren ."


Foto rechts: Lautenberg spreekt op het slagschip New Jersey - de staat die hij al;s senator vertegenwoordigde - veteranen toe op de Amerikaanse veteranendag in 2010..


"Ze maakten de meest rampzalige en gruwelijke oorlog in de menselijke geschiedenis mee en dat verandert je leven en ik denk dat het hun opvatting van publieke ambten veranderde," zei de heer Mueller.


"Ze begrepen hoe dicht we bij het verliezen van zowel onze manier van leven, onze vrijheid als onze democratie kwamen."

Lautenberg stierf 6 maanden na de meest onderscheiden Amerikaanse Senator uit WO2, voormalig kapitein Daniel Inouye, drager van de hoogste Amerikaanse militaire onderscheiding, de Medal of Honor. Inouye raakte zwaargewond in Europa.

Lauterberg wordt begraven op Arlington, de nationale begraafplaats van de VS in Virginia tegenover Washington.






ARNHEM, 29-05-2013  - Gedeputeerde Staten (GS) van Gelderland is positief over de komst van een WO2-museum  in Nijmegen.


Het provinciebestuur meent dat een sluitende exploitatie mogelijk is.  Ook meent GS dat het museum kan bijdragen aan de groei van het 'bevrijdingstoerisme' in Gelderland.

Foto rechts: de Vasim-fabriek, beoogde huisvesting van het nieuwe museum.

Daarmee is de kans dat het museum  doorgaat, weer aanzienlijk groter geworden. Al eerder liet de voornaamste subsidiegever van oorlogsprojecten, het Vfonds, weten ook positief te staan tegenover een subsidieaanvraag. Het plan is 3 jaar terug ontwikkeld door drie oorlogsmuseum in Oosterbeek, Groesbeek en Overloon.



De oprichters van het museum vragen aan de provincie Gelderland  € 6,5 miljoen op een totale investering van € 25,7 miljoen. De gewernste locatie is het Vasim-gebouw, een oude fabriek die momenteel door een aantal kunstenaren wordt gebruikt.Al eerder verklaarden het regionaal toeristenbureau en de gemeente Nijmegen, het plan te steunen..De plek is van historisch belang: daar staken in september 1944 Amerikaanse soldaten de Waal over om de Waalbrug te veroveren.


Gedeputeerde Van Dijk, verantwoordelijk voor vrijetijdseconomie, zei tegen Omroep Gelderland: 'Internationaal is er veel aandacht voor de Tweede Wereldoorlog. Op verschillende plaatsen in Europa zijn nieuwe herinneringscentra en musea over de Tweede Wereldoorlog in de maak. In Londen, Caen, Warschau, Dresden en Berlijn zijn nieuwe instituten gesticht of in aanbouw.


De internationale aandacht voor het thema, met als bindend element de Liberation Route Europe, kan een internationaal publiek trekken met positieve effecten op de vrijetijdseconomie. De Liberation Route Europe biedt een platform voor de historische bewustwording en internationale vermarkting van de activiteiten op het gebied van bevrijdingstoerisme.'


De Liberation Route is ontwikkeld door het regionaal bureau voor toerisme en moet een route worden die de tocht volgt die de soldaten vanaf D Day in Normandië naar Berlijn volgden. Deze route heeft nu een eigen stichting.


GS denkt dat het museum grote kansen heeft als het zich ontwikkelt als eigentijds en duurzaam en zowel het verleden als de actualiteit aanspreekt.. 




Moslimleiders bezoeken eerste maal

Dachau en Auschwitz

AUSCHWITZ, 28-05-2013 UPDATE 29-05-2013 - Moslimleiders uit de wereld ondernamen voor de eerste maal sinds 2010 een reis naar o.m. Auschwitz, en Duitsland en Polen om met eigen ogen de gruwel van de Joodse Holocaust te zien, zo meldt Joods Actueel.

De 11 imams, sheiks en religieuze leraren uit 9 landen ontmoetten een overlevende van de Holocaust en Poolse overlevenden van wie de familie hun levens riskeerden om Joden van de nazi’s te redden. In 2010 bezochten andere Moslimsleiders eveneens Dachau, maar toen uitsluitend afkomstig uit de VS.

De ontmoeting vond plaats in de Nozyksynagoge in de Poolse hoofdstad en maakte onderdeel uit van de georganiseerde rondrit.

Ook bezochten ze musea, waaronder het nieuwe museum van de geschiedenis van de Poolse Joden dat zich bevindt in het voormalige Joodse getto van Warschau.


Verder bezochten ze de concentratiekampen van Auschwitz en Dachau.In Dachau zijn overigens ook moslims omgebracht.


Enkele plaquettes getuigen daar nog van. De bekendste moslim die er werd omgerbacht is de Indiase prinses Noor |nayat Khan (foto links)

“Het voornaamste doel is de moslimleiders van over gans de wereld, maar in het bijzonder die uit het Midden-Oosten de realiteit van wat zich hier afspeelde te doen inzien zodat ze dit op hun beurt kunnen leren aan de personen die ze leiden”, zei de reisleider, rabbijn Jack Bemporad die directeur is van het in de Verenigde Staten gevestigde Centrum voor interreligieuze verstandhouding.

Hij sprak van onder de uitkijktoren in rode baksteen aan de hoofdingang van Birkenau, het grootste van de veertig kampen die samen het Auschwitzcomplex vormen. Op deze plaats bouwden de nazis vier gaskamers en crematoria om het uitmoorden van mensen van over gans Europa, meestal Joden, sneller te laten verlopen.

Na het zien van slechts twee van de veertien tentoonstellingsruimtes vroegen enkelen uit de groep voor een pauze die ze gebruikten om geknield te bidden naast de terechtstellingsmuur van het kamp.Barakat Hasan, een Palestijnse imam en directeur van het Centrum voor studie en islamitische media in Jeruzalem bekende dat hij “niet veel details kende over de Holocaust” voor de reis.









Foto boven: Hitler en Franco in Hendaye in de Franse Pyreneeën, oktober 1940. Binnen drie maanden zou de Russische winter Hitlers lot bezegelen. Franco werd nooit de bondgenoot die Hitler de langdurige overwinning in Europa had kunnen bezorgen, al had hij dat zeker gekund. Mogelijk speelde Hitlers afkeer van de katholieke kerk een grote rol in Franco's beslissing - hij was juist een streng gelovig katholiek.


Inlichtingendienst:

Britten betaalden Spanje $ 10m

om neutraal te blijven


door Eddy Kokelenberg

LONDEN, 24-05-2013 -  Engeland betaalde miljoenen ponden aan militaire en politieke leiders in Spanje om ervoor te zorgen dat het land neutraal bleef tijdens de Tweede Wereldoorlog, zo hebben juist vrijgegeven Britse geheime dossiers onthuld.


Foto rechts: Franco ontmoette ook Himmler, in Madrid.


Of de steekpenningen ook het gewenste effect hebben gehad, blijft onduidelijk. Wel nam Franco tijdens de oorlog geleidelijk meer afstand van de nazi-Duitsers, na aanvankelijk een nauwe samenwerking, met uitwisseling van militairen en wederkerige militaire steun.


 
Banden

Spanje had na zijn burgeroorlog nauwe banden met nazi-Duitsland. De nazi's stelden in 1938 het zg.'Condor-Legioen' beschikbaar.

Deze luchtmachteenheid viel republikijnse stellingen aan in Spanje. De bekendste aanval was die op Guernicain Baskenland. Dit vormde de aanleiding tot Picasso's beroemdste schilderij met dezelfde naam.

Ook vocht een hele Spaanse vrijwillige divisie mee aan Duitse zijde in de nazicampagne tegen de Sowjet-Unie, de zg. 'Blauwe Divisie' (Division Azúl')). Deze diivisie reduceerden de Spanjaarden later tot een regiment - ongeveer een tiende van een divisie.  Spanje leverde ook anti-fascistische burgers uit aan nazi-Duitsland, die o.m. werdenopogesloten in concentratiekamp Mauthausen en in Flossenburg, oostelijk van Neurenberg.

Franco hield ook duidelijk afstand tot Hitler, hoewel die verowedde pogingen inhet werk stelde hem in de oorlog te betrekken en zelfs in oktober 1940 per trein naar de Franse Pyreneeën, Hendaye, reisde om Franco te ontmoeten.

Foto onder: Guernica na het nazi-Duitse bombardement





Ondanks het geld, zo schrijft verslaggever Tom Whitehead in de Daily Telegraph. verdachten inlichtingendiensten later generaal Franco ervan zijn ambtenaren geheimen te laten doorgeven aan de Duitsers.  Ongeveer $ 10 miljoen werd door de UK betaald aan een dubbelagent om te distribueren naar belangrijke Spanjaarden, onder wie generaal Franco's broer Nicolaas, in de hoop dat het land  niet mee ging doen met het conflict.


Maar ondanks het geld, verdachten inlichtingendiensten generaal Franco er later van zijn ambtenaren geheimen te laten doorgeven aan de Duitsers.


De steekpenningen veroorzaakten ook een ruzie met de VS na de Amerikanen bevroor de geplande "vrienden in Spanje" het Britse geld.


De $ 10 miljoen werd betaald aan Juan March, een contactpersoon die als  dubbelagent voor Groot-Brittannië had gediend tijdens de Eerste Wereldoorlog, volgens documenten van de inlichtingendiensten vrijgegeven door het Britse Nationaal Archief.


Het geld zou worden uitgekeerd aan vijf sleutelfiguren, waaronder Nicholas Franco, die naar Groot-Brittannië hoopte, kon zorgen dat Generaal Franco Spanje uit de oorlog hield .

De vrees bij de geallieerden bestond dat in 1940 en 1941 Spanje, dat  wel neutraal was, "op de rand van oorlog" was beland. Maar het plan van financiële steun werd bijna getorpedeerd nadat Amerika een deel van het geld bij  een Zwitserse bank in New York bevroor .

Het Britse ministerie van Buitenlandse Zaken telegrafeerde toen wanhopig naar zijn kantoor in Washington om hen druk te laten uitoefenen om de rekening zo snel mogelijk vrij te maken. De Britten vreesden dat staken van de betalingen grote gevolgen kon hebben.






Weekend oorlogsboek 25 en 26 mei bij Airborne Museum Oosterbeek

OOSTERBEEK, 23-05-2013 - Drie oorlogsauteurs komen op 25 en 26 mei naar het Airborne Museum in Oosterbeek.  Dit weekend vindt bij het museum plaats het ‘Weekend van het Oorlogsboek’. Ze geven daar interviews over collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandse collaboratie was enorm, vooral economisch. Dat werd pas decennia na de oorlog bespreekbaar.

Het weekend start op zaterdag 25 mei met een antiquarische boekenmarkt voor oorlogsboeken in het park naast het museum. De band Dutch Military Drums & Pipes treedt in de middag op en het Historisch Platform Ede verzorgt  re-enactment.

Foto rechts: Museum Hartenstein in Oosterbeek

Op zondag 26 mei zijn drie gerespecteerde auteurs zijn te gast in het museum: Ad van Liempt, journalist, publicist en programmamaker; Robin te Slaa genomineerd voor de Libris geschiedenisprijs voor zijn standaardwerk over de NSB;  Joggli Meihuizen, auteur van uitgaven over collaborerend bedrijfsleven en de colaboratie van de Hoge Raad. Zij worden geïnterviewd door Wilma Reinders (journalist van De Gelderlander).

Ad van Liempt (foto links) wordt geïnterviewd over zijn recente boek De Jacht op het verzet en het keiharde optreden van Sicherheitsdienst en leden van de Nederlandse politie. Met Robin te Slaa gaat het  over het boek dat hij samen met Edwin Klijn in 2009 publiceerde: NSB - ontstaan en opkomst van de Nationaal Socialistische Beweging. Joggli Meijhuizen vertelt over economische collaboratie van het Nederlandse bedrijfsleven naar aanleiding van zijn boek Noodzakelijk kwaad.

Op zondag 26 mei geeft Hennie Vaessen, auteur van de trilogie in stripvorm 'Slag om Arnhem, september 1944', twee stripworkshops. Vaessen geeft een kijkje in zijn keuken: hoe komt een strip tot stand? Verder kunnen bezoekers zelf een poging tot striptekenen wagen. Van 13.00 -14.00: Workshop museumstuk tekenen, vanaf 10 jaar. 14.30 -15.30: Inloop workshop, vanaf 6 jaar.

De boekenmarkt op zaterdag 25 mei is van 10:00 - 15:00 uur. De markt wordt in samenwerking met de Vrienden van het Airborne Museum georganiseerd en is kosteloos te bezoeken. Het programma op zondag 26 mei is van 13:00 - 16:00 uur en hiervoor worden geen kosten gerekend, behalve de reguliere entreeprijs. Aanmelden is niet nodig, maar vol is vol!



NIOD vraagt publiek om steun voor behoud zelfstandigheid



AMSTERDAM, 17-05-2013 - Het NIOD vraagt vandaag het publiek om steun voor behoud van zijn zelfstandigheid.


De moederorganisatie van de instelling, de Kon. Ned. Akademie van Wetenschappen (KNAW) wil het instituut samenvoegen en laten verhuizen.


Dat wil het NIOD niet omdat volgens de instelling daardoor de publieksfunctie verloren gaat. Bovendien worden dan de publieksdiensten en de onderzoekers gescheiden.


Het NIOD schrijft op zijn site dat de instelling dreigt gedwongen te worden op te gaan in een mega-instelling, het Humanities Centre.

Aan de bezwaren die de directie van het NIOD het afgelopen jaar hiertegen heeft geuit is geen enkel gehoor gegeven. Het NIOD zoekt nu de openbaarheid om de belangrijkste bezwaren tegen het voorgenomen besluit van de KNAW voor het voetlicht te brengen.

Directeur prof Marjan Schwegman wijst op het volgende:
  • Het NIOD wordt opgesplitst en op twee verschillende locaties ondergebracht. De zelfstandigheid van het instituut met internationaal gerenommeerde onderzoek expertise en documentatie op het gebied van de Tweede Wereldoorlog, de Holocaust en genociden zal zo verdwijnen.
  • De publieksfunctie van het NIOD wordt uitgehold. Het NIOD is een instelling met een eigen gezicht. Het draagt bij aan de vernieuwing van het historisch onderzoek en staat midden in de samenleving. Het vervult een maatschappelijke en sociale taak, die onder meer is gericht op de vragen van en over oorlogsgetroffenen, en vragen van hun nabestaanden.

Volgens mevrouw Schwegman moeten de zelfstandigheid en onafhankelijkheid van het NIOD behouden blijven. Zij schrijft: "Voor een adhesiebetuiging, of steunverklaring, doe ik graag een beroep op u.Ik zou het op prijs stellen als u, al of niet namens uw organisatie, uw adhesie zou willen betuigen door een bericht met als onderwerp ‘Ja ik steun het NIOD’ te sturen aan info@niod.knaw.nl of te klikken op deze link."


Verrder stekt het NIOD in een persbericht:

In plaats van zijn maatschappelijke kerntaak, wil de KNAW het NIOD een missie laten omarmen die de toepassing van digitale technologie in het onderzoek als hoogste doel heeft. Het NIOD vindt het echter niet in het belang van het publiek en van de geschiedwetenschap om zich  te richten op het speuren naar ‘ patronen en wetmatigheden’ zoals de KNAW met haar voornemen wil afdwingen.


Alle activiteiten van het NIOD staan in dienst van het produceren en verspreiden van betrouwbare kennis over oorlog, geweld en vervolging. Samenwerking tussen onderzoekers en collectie-experts is daarvoor onontbeerlijk. Het NIOD loopt nationaal en internationaal voorop als het gaat om digitale ontsluiting van oorloggerelateerde collecties en de formulering van nieuwe onderzoeksvragen. Dat doet het NIOD in samenwerking met verwante instellingen in binnen- en buitenland.


Het NIOD is een instelling met een eigen gezicht. Het draagt bij aan de vernieuwing van het historisch onderzoek en staat midden in de samenleving, in het hart van de hoofdstad. Voor zijn maatschappelijke en sociale taak, onder meer gericht op de vragen van en over oorlogsgetroffenen, en vragen van hun nabestaanden, is  eenheid van onderzoek en collecties noodzakelijk. Wetenschappelijke onafhankelijkheid, tezamen met een duidelijke uitstra




Hitler gebruikte cocaïne op doktersrecept

STAMFORD 8-05-2013 - Hitler gebruikte cocaïne op doktersrecept en bovendien ook libidoverhogende middelen. Dat  blijkt uit medische documenten die later deze week onder de hamer gaan bij Alexander Autographs in de VS.

De documenten zijn opgesteld door Hitlers doktoren. Het eerste document dat wordt geveild, bevat een compleet overz]icht van zijn fysieke en psychische gesteldheid. Ook zijn er röntgenfoto’s bijgesloten.

In het document schrijft dokter Theodore Morell dat Hitler hoogstwaarschijnlijk gemeenschap had met Eva Braun. Hij baseert dat op het feit dat de Führer extracten uit de testikelen van stieren ingespoten kreeg: een middel ter verhoging van zijn libido. Ook schrijft de dokter dat Hitler last had van winderigheid en dat het probleem bijna niet onder controle te krijgen was.

Het tweede document is van dokter Erwin Giesing. Hij schreef dit rapport toen hij door de Amerikanen gevangen genomen was. Het rapport begint met een beschrijving van 20 juli 1944 toen
Claus von Stauffenberg een aanslag op Hitler pleegde. Giesing werd bij Hitler geroepen om deze te verzorgen: hij had onder meer een bloedend rechteroor. Giesing bleef de hem verzorgen, ook later in de bunkers.

Uit zijn rapport blijkt dat Hitler aan heel wat kwalen leed en flink medicijnen slikte, o.m.  Uit het rapport wordt ook duidelijk dat Hitler last had van waanbeelden: hij verloor de realiteit uit het oog. Het tweede document gaat vergezeld door tekeningen van de bunker van Hitler.




Duitse en Israëlische vertegenwoordigers bij Russische herdenking Leusden


LEUSDEN, 7-05-2013  - De defensie-attaché van Duitsland en de politieattaché van Israel wonen overmorgen (donderdag 9 mei) de Russische herdenking op het Russisch Ereveld in Leusden bij. Het is voor het eerst dat beide landen bij de ceremonie vertegenwoordigd zijn.Rusland-correspondent Peter d'Hamecourt spreekt op zaterdag 11 mei op de jaarlijkse adoptantendag van de Stichting Russisch Ereveld.

Ook de ambassadeurs van onder meer de Verenigde Staten, Groot-Brittannië, Canada, Frankrijk en Polen zijn voor het eerst uitgenodigd voor de jaarlijkse herdenking op de Russische Overwinningsdag op 9 mei. De plechtigheid aan de Dodeweg 31 in Leusden begint om 11.00 uur en is toegankelijk voor alle belangstellenden.

De Russische autoriteiten willen meer cachet geven aan de herdenking, omdat 2013 is uitgeroepen tot bilateraal Nederland-Rusland Jaar. De toenemende aandacht past bovendien bij de wens van de Stichting Russisch Ereveld om de lang onderbelicht gebleven Sovjetsoldaten passend te herdenken. Op het Russisch Ereveld liggen 865 oorlogsslachtoffers uit de voormalige Sovjet-Unie begraven.

Bij de obelisk op het ereveld leggen de ambassadeurs, defensie-attachés en andere vertegenwoordigers kransen. Namens de gemeenten Leusden en Amersfoort is burgemeester Annemieke Vermeulen (Leusden) aanwezig. De Commandant Koninklijke Marechaussee, Luitenant-generaal dr. J.A.J. Leijtens, en plaatsvervangend Commandant Luchtstrijdkrachten, Generaal-majoor A. Tieland, vertegenwoordigen het ministerie van defensie. Voorzitter Alex Engbers en secretaris Remco Reiding leggen een krans namens de Stichting Russisch Ereveld.

De muzikale begeleiding is in handen van de Drumfanfare ‘Bereden Wapens’. Het Commando Landstrijdkrachten levert een tien man sterke erewacht. Er wordt twee minuten stilte gehouden, waarna de volksliederen worden gespeeld. Vervolgens houdt Vader Grigori een korte Russisch orthodoxe dienst.




Anders dan voorgaande jaren defileren de ambassadeurs en andere genodigden na de ceremonie op het ereveld langs de geallieerde en Nederlandse oorlogsgraven op begraafplaats Rusthof. Hier liggen ongeveer 150 Nederlandse gevallenen en 250 geallieerde slachtoffers van de Eerste en Tweede wereldoorlog begraven.

Bij de verschillende monumenten worden bloemen gelegd. Veteranen van de ‘Bond van Wapenbroeders’ staan bij het monument voor de gevallenen uit Leusden en Amersfoort opgesteld als erewacht. Bij het ‘Cross of Sacrifice’ staat een erewacht van zes man alsook Tamboers en Pijpers van het Korps Mariniers. Afsluitend passeert het defilé het ‘Nederlands monument’, waar een zogeheten ‘dubbelpost’ van de Koninklijke Marechaussee staat opgesteld.

De plechtigheid wordt op het plein voor de ingang van de begraafplaats afgesloten met toespraken van de ambassadeur van de Russische Federatie, Roman Kolodkin, en Remco Reiding (Stichting Russisch Ereveld).Voorafgaand aan de plechtigheid brengt een kleine delegatie een bezoek aan monument Koedriest, de plek waar 77 Sovjet-Russische krijgsgevangenen werden doodgeschoten.D'Hamecourt woont en werkt sinds 1989 in Moskou. Hij schreef verschillende boeken over zijn verblijf in Rusland. Hij zal onder meer vertellen over de impact van de Tweede Wereldoorlog op het land.

Ook Bé Reuvers is te gast. Hij maakte het erbarmelijke lot van Sovjet-Russische krijgsgevangenen van dichtbij mee. Gellius Flieringa, directeur van de Oorlogsgravenstichting, vertelt over het werk van zijn stichting, die het Russisch Ereveld en vele andere erebegraafplaatsen onderhoudt. De Stichting Russisch Ereveld gaf in 2010 alle 865 graven van Sovjetsoldaten in Leusden ter adoptie uit. Inmiddels zijn meer dan 360 slachtoffers geadopteerd. Op al hun graven werden vorige week bloemen geplaatst.

De adoptantendag is ook toegankelijk voor andere belangstellenden. De kosten voor lunch en programma bedragen vijftien euro. Het programma duurt van 10.30 tot 13.40 uur en heeft plaats in Restaurant Oud Leusden (Vlooswijkseweg 1, Leusden). Na afloop bestaat de mogelijkheid deel te nemen aan een rondleiding over het ereveld en bij Kamp Amersfoort.







Fotoboven: Lipschis, enkele dagen terug, nog in vrijheid. Foto Die Welt.

Ex-bewaker Auschwitz in arrest voor medeplichtigheid aan moord

STUTTGART, 7-05-2013 - De Duitse jusitite heeft een 93-jarige man uit Aalen in de staat Baden-Württemberg gearresteerd. Het gaat om een ex-bewaker van het concentratiekamp Auschwitz, op verdenking van medeplichtigheid aan moord. Dat meldt het bureau van de openbare aanklager in Stuttgart (foto rechts). Deze spreekt met zekerheid van een 'ex-bewaker'.

De politie van Baden-Württemberg heeft de  man in voorlopige hechtenis genomen na een onderzoek van zijn huis. Volgens de aanklagers is er "overtuigend bewijs" gevonden dat hij betrokken zou zijn bij misdaden in Auschwitz begaan van herfst 1941 tot in 1945. De Duitse justitie verstrekte geen informatie over zijn identiteit, maar volgens de Duitse media betreft het Hans Lipschis, geboren in Litouwen.
Het Simon

Wiesenthal Centrum, dat voormalige nazi's opspoort, plaatst Lipschis op de 4de plaats van  onberechte nazicriminelen. Het centrum bevestigt dat Lipschis tussen 1941 en 1945 voor een SS-bataljon heeft gediend en dat hij "deelnam aan massamoorden en vervolging van onschuldige burgers, voornamelijk joden." Volgens het persbureau DPA was Lipschis lid van een SS-Totenkopfverband,  de eenhied belast met kampbewaking.

Foto links: het openbaar ministerie in Stuttgart.

"De arrestatie van Lipschis is een welkome eerste stapin wat wij hopen dat u een groot aantal succesvolle juridische maatregelen van de Duitse gerechtelijke autoriteiten tegen vernietigingskamp-personeel en degenen die in de Einsatzgruppen dienden (mobiele moordeenheden) zal zijn," zegt Efraim Zuroff, hoofd van het Israëlische kantoor van het Simon Wiesenthal Center, in een gemailde verklaring.

Volgens dagblad Die Welt is Lipschis door het nazi-regime genaturaliseerd. Hij verhuisde naar de Verenigde Staten in 1956 en woonde in Chicago, waar hij werkte bij de gitarenfabriek Harmony. Daarnma volgde zijn uitwijzing naar Duitsland in 1983, aldus het blad.


Foto rechts: Volgens Die Weltis dit de originele SS-lidmaatschapkaart van Lipschis

De vervolging van Lipshis is ontstaan na onderzoek van de zg. Zentrale Stelle zur Aufklärung nationalsozialistischer Verbrechen in Ludwigsburg. Deze instelling bereidt processen voor tegen (ex-)nazi's. Er is ookeen zaak aanhangig gemaakt tegeneenman uit Weiden in Beieren.

Dat nu ook bewakers vankampen worden vervolgd resulteerde uit het proces tegen John Denmjanjuk, die wegens zijn werk als bewaker werd veroordeeld wegens medeplichtigheid aan 20.000 doden, waarvoor hij 5 jaar gevangenisstraf kreeg. Hij stierf vorig jaar, voordat het hoger beroep in deze zaak kon dienen.


Het blad Die Welt heeft met 4 mensen Lipschis opgespoord en geïnterviewd. Dat levert weinig spectaculiars op. Lipschis zegt dat hij kokin Auschwitz is geweest, en niets heeft gezien maar wel heeft gehoord. Hij leeft alleen, zijn vrouw is gestorven.Volgens het regionale radio- en tv-station SWR stelt Lipschis dat hij in Auschwitz heeft gewerkt als kok, en niet als een bewaker.

Wel beschijft Die Welt goed gedocumenteerd hoie inLipschis woonplaats Kretinga in Memelland, waar op2 5 juni 1941,  drie dagen na het begin van de Duitse aanvalop de SDowjet-Unie, een massamoord op 250 Joden encommunisten plaatsvindt.

Daarna documenteert Die Welt vrij exact wanneer Lipschis precies waar diende.


Foto onder: het huis van Lipschis. Foto Die Welt.






E-book over verzetslieden gratis

AMSTERDAM, 3-05-2013 - Het e-boek "Bescheiden helden uit de illegaliteit, Mitswa en christenplicht" kan gratis digitaal opgehaald worden bij Gibbon uitgeefagentschap. downloaden. Het boek verhaalt over twee eigenzinnige mensenredders: Max Léons en Arnold Douwes. Het is  Max Léons' grote wens om deze geschiedenis  aan zoveel mogelijk mensen berschikbaar te stellen. Het e-boek van "Bescheiden helden uit de illegaliteit, Mitswa en christenplicht" is daarom van 3 t/m 9 mei gratis te downloaden via www.gibbon.nl.

Max Léons zat tijdens de bezetting ondergedoken in het Drentse Nieuwlande - het enige dorp in Nederland dat collectief doord e staat Israél onderscheiden werd voor het redden van Joden. Maar als ‘Nico’ zat hij er ook in het verzet. Samen met domineeszoon Arnold Douwes (1906-1999) runde hij een onderduikorganisatie van de vermaarde Johannes Post. De twee wisten honderden onderduikers uit heel Nederland een veilig heenkomen te bezorgen; Arnold Douwes uit christenplicht, de joodse Max Léons in het kader van de mitswa (joodse plicht).

Het dagboek dat Douwes in fragmentjes bijhield werd door Lou de Jong beschouwd als het verhelderendste egodocument over de joodse onderduik. Samen met de herinneringen van Max Léons lag het aan de basis van dit boek. Bescheiden helden uit de illegaliteit vertelt het unieke verhaal van twee eigenzinnige mensenredders.


Aan Arnold Douwes zowel als aan álle inwoners van Nieuwlande werd na de oorlog de Yad Vashem-onderscheiding ‘Rechtvaardige onder de Volkeren’ toegekend. De gedenksteen onthulde Max Léons in 1988 samen met Ruud Lubbers. Max Léons werd – als eerste Jood buiten Israël – in 2011 onderscheiden door The Jews Rescued Jews during the Holocaust Committee en het The B’nai B’rith World Center.


Arnold Douwes overleed in 1999. Max Léons woont in Amsterdam-Zuid. Vorig jaar legde hij op 4 mei nog een krans bij het Nationaal Monument op de Dam.Hij hield op 6 mei 2012 een prachtige toespraak in de Hollandse Schouwburg te Amsterdam en op 10 mei ook in Hoogeveen.




Foutje in Normandië-promotie:

één invasiestrand overgeslagen



CAEN, 29-04-2013 - Een verhitte discussie brak vorige week uit in Normandië  als gevolg van een nieuw toeristische label genaamd "Mythische Sector".

Eén van de 5 invasiestranden, de Britse sector Sword, werd op dit label overgeslagen. Het project is nu, mede na hevige protesten van Britse veteranen, waarschijnlijk van de baan, zo meldt de Britse pers.


Foto rechts: het kaartje van het project met de omstreden omissie bij het gele vraagteken.

Sword Beach was het oostelijkste landingsstrand nabij Ouistreham en Caen. De landing op Sword Beach  viel toe aan de Britse 3de infanteriedivisie en de Britse 27e pantserbrigade. De beroemde verovering van de zg. 'Pegasusbrug'  (foto onder) in Ouistreham volgde er meteen op.


Verschillende Franse militairen dienden met de Britse 1Special ServiceBrigade, en landden daar ook. Het besluit om het strand uit te sluiten is aangevallen door de organisatie van Vrije Franse Commandoveteranen. ook door Normandie mémoire. plus verenigingen van het D-Day-Comité, alsmede door  toerisme-ambtenaren in het Sword-gebied. Hun kantoor is geen lid van de stuurgroep die de promotie verzon. Deze bestaat uit zes kantoren van de officiële regio's Manche en Calvados.


De zes nemen "nota van de opmerkingen die naar aanleiding van de presentatie van hun denken" en "merken op dat de keuze van de naam en de omvang ervan voorwerp moet zijn van aanvullende overwegingen '.


De op een na meest westelijke Amerikaanse sector,Omaha Beach.  trekt overigens nu nog steeds 85% van het bezoek, zo stelde Marc Laurenceau, uitgever van de site D Day-Overlord.com. Hij publiceert daar ook een uitvoerige encyclopedie van de invasie. Daaraan namen ook twee Nederlandse schepen deel, de HrMs Flores en de HrMs Soemba, die beschietingen uitvoerden.


Hij lanceerde ook een petitie tegen de omissie, en die werd al sinds woensdag door 2.000 mensen ondertekend. Laurenceau wijst er ook op dat nu speelt de keuze van de plaats waar in kroonjaar 2014 de internationale herdenking zal plaatsvinden. In 1984 bij 50 jaar D-Day was dat Utah-beach, in 1994 Omaha en in 2004 Arromanches.


Het controversiële idee werd ontwikkeld binnen zes VVV's die de vier andere stranden (Utah, Omaha, Gold en Juno), beheren. Deze werken al 4 jaar samen, zei de een van de leiders, die niet bij name wilde worden genoemd.


In een open brief die zij woensdag publiceerde, stelde het parlementslid van regio Calvados, Nicole Ameline (UMP) in het bijzonder aan de kaak "het ontijdige initiatief terwijl al onze inspanningen moeten worden gericht op de registrering van ons historisch erfgoed bij de UNESCO. " Dat laatste is de aanvraag die vorig jaar werd ingediend om de invasiestranden de status van Werelderfgoed te geven, wat president Hollande vorig jaar ook ondersteunde.


De bedoeling is dat deze status al in 2014 - kroonjaar voor 70 jaar herdenking - wordt bereikt. Dat is echter volgens de Unesco gezien de normale proceduretijd van enkele jaren volstrekt onmogelijk, omdat er ook al een grote wachtlijst is. Bovendien telt Frankrijk al


Laurent Beauvais, voorzitter van de regioraad van Basse-Normandie, drukte eveneens zijn sterke ontevredenheid uit met deze ongelukkige beweging. De landingsstranden willen als vijfde plaats in de wereld te worden geregistreerd op het erfgoed onder "plaatsen in verband met universele gebeurtenissen" na Auschwitz, Hiroshima,de slaveneilandengroep Goree in Dakar, en de gevangenissen van Zuid-Afrika.


Frankrijk bezit al 38 erkende plekken en gebouwen, waaronder de Mont St.-Michel in Normandié end e Seine-oevers in Parijs. Uit de 1ste en 2de WO bezit Frankrijk geen Unesco-erkennning. Nederland heeft  8 erkenningen. waaronder de Stelling van Amsterdam..


Het toerisme op D-Day en de Slag om Normandië, waarvan de 70e verjaardag volgend jaar zal worden gevierd, trekt jaarlijks in de regio meer dan 2 miljoen bezoekers uit de hele wereld. In het nabije Caen werd op 28 april herdacht dat burgers en verzetsmensen gedeporteerd werden uit de stad.Wettelijk herdenkt Frankrijk nationaal op de laatste zondag van april alle gedeporteerden.




Joodse Nobelprijswinnaar en geëerd WO2-veteraan François Jacob overleden

PARIJS, 29-04-2013 - De Franse Nobelprijswinnaar  François Jacob, tevens een hoog onderscheiden veteraan uit WO2, overleedvrijdag 19 april op de leeftijd van 92 jaar. Hij was van Joodsen huizen en raakte als militair tijdens de oorlog in 1942 en in 1944 zwaar gewond.

Jacob studeerde geneeskunde aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog, en meldde zich in juli 1940 bij de Vrije Franse Strijdkrachten (FFL) van generaal De Gaulle. Na deelname aan de Dakar-expeditie en aan het einde van de campagne in Gabon, trad hij toe tot het Regiment van Senegalese schutters Tsjaad (RTST), in september 1942.

Vervolgens nam hij deel aan campagnes Fezzan (Libië), Tripoli en Tunesië, waar hij ondanks een mortierwond in de arm, weigerde te worden geëvacueerd uit de vuurlinie als zijn vervanger niet kon komen. Hij landde met de Amerikanen op Utah Beach in augustus 1944, waar hij ernstig gewond raakte in arm en been.

Zijn moed en verdienste op het slagveld leverden hem talloze onderscheidingen op: Grootkruis van het Legioen van Eer, Companion de la Liberté (door De Gaulle ingestelde oorlogsonderscheiding) en het Oorlogskruis 1939-1945 met vijf citaten.

In 2007 werd hij benoemd tot kanselier van de Ordre de la Liberté. Zodra de oorlog voorbij was, voltooide Jacob zijn studie geneeskunde, maar was nu niet in staat om operaties uit te voeren vanwege zijn verwondingen, en hij richtte zich op wetenschappelijk onderzoek in de biologie.


Tien jaar na zijn aanstelling bij het Pasteur Instituut in 1960 werd hij het hoofd van de afdeling van cellulaire genetica. In 1964 werd hij benoemd tot professor in de celgenetica aan de Universiteit van Frankrijk. In 1965 ontving hij de Nobelprijs voor de Geneeskunde met collega's Andre Lwoff en Jacques Monod voor hun ontdekking van de genetische controle van enzym en virus-synthese. Hij werd lid van de Academie van Wetenschappen in 1977.

 



Omroep MAX stopt 'Derrick' na ontdekking SS-lidmaatschap Tappert

HILVERSUM, 27-04-2013 - Omroep MAX stopt voorgoed met het uitzenden van nog 20 geplande afleveringen de Duitse krimi Derrick.


Zelfs de Duitse pers, zoals schandaalblad Bildmeldt dat vandaag, na het bericht op de 25ste april in deFrankfurter Allgemeine Zeitungdat hoofdrolspeler Horst Tappert  diende bij de Waffen-SS vanaf 1943. Of hij grondsoldaat (infanterist) was of een luchtafweerkanon bediende, wordt nog niet duidelijk. Infanteristen waren vaak betrokken bij oorlogsmisdaden.

Derrick is de bestverkochte Duitse serie aan het buitenland.  De omroep heeft dat besloten vanwege het betwiste verleden van  Tappert (1923-2008). Hij was in de Tweede Wereldoorlog op zijn laatst vanaf 1943 lid van de Waffen-SS, dat de NOS kenschetst als 'een militaire organisatie', maar alle afdelingen van de SS, inclusief Waffen-SS, waren misdadige organisaties volgens het tribunaal van Neurenberg.

Het tribunaal
maakt echter nadrukkelijk de uitzondering dat daarmee niet individuele leden automatisch oorlogsmisdadigers zijn geweest.Zowel 'gewone' infanterie-eenheden van de nazi-Wehrmacht als van  de Waffen-SS pleegden op uitgebreide schaal oorlogsmisdaden tegen zowel soldaten als burgers, standaard in Oost-Europa en incidenteel in West-Europa. In West-Europa zijn een dozijn incidenten bekend waarbij ook vrouwen en kinderen werden vermoord.

Uit de vandaag gepubliceerde gegevens wordt niet duidelijk waar Tappert exact heeft gediend.  Tappert heeft altijd gezegd verpleger in het leger te zijn geweest. Volgens de
Duitse WO2-militaire databank WAStwas Tappert lid van deSS-Panzergrenadier-Division „Totenkopf“, in het regiment " SS-Totenkopf-Flak-Abteilung", een eenheid met luhctafweergeschut en had hij de rang van grenadier (soldaat). De kans dat hij in die positie bij oorlogsmisdaden betrokken was, is klein, maar niet zonder nader onderzoek uit te sluiten. Er is echter evenmin concreet bewijs voor.


Uit de vandaag gepubliceerde gegevens wordt niet duidelijk waar Tappert exact heeft gediend.  Tappert heeft altijd gezegd verpleger in het Duitse leger te zijn geweest. Volgens deze WASt was Tappert lid van de SS-Panzergrenadier-Division „Totenkopf“, in het regiment " SS-Totenkopf-Flak-Abteilung", een eenheid met luchtafweergeschut (foto links) en had hij de rang van grenadier (soldaat).


De kans dat hij in die positie bij oorlogsmisdaden betrokken was, is klein, maar niet zonder nader onderzoek uit te sluiten. Er is echter evenmin concreet bewijs voor.


Ook is het volgens Der Speigel onduidelijk of Tappert vrijwillig of gedwongen dienst nam. Ook geeft Der Spiegel de lezing dat Tappert lid was van de " 14. Kompanie des SS-Panzergrenadierregiments 1 "Totenkopf", een gemotoriseerde infanterististeneenheid. Deze werd ingezet bij o.m. Charkow, en was betroken bij de massamoord op 20.000 burgers en Sowjet-krijgsgevangnen in die stad

Omroep MAX is desondanks geschrokken en zendt deze zomer geen Derrick uit. Jan Slagter, voorzitter van MAX, zegt geen acteur te gaan eren die zo heeft gelogen. Dat lijkt wat hypocriet - tenzij Slagter zelf nooit heeft gelogen.

Wat Slagter betreft zit er aan de serie nu 'een luchtje' en zou het een belediging zijn voor mensen die in de oorlog hebben geleden om het uit te zenden. 'De Waffen-SS is wel van een ander kaliber dan de Wehrmacht. Het waren geen lieve jongens en ze hebben veel misdaden op hun geweten. Bovendien moest iemand zichzelf aanmelden om lid te worden bij de Waffen-SS', zegt de omroepdirecteur.

De omroep had voor de zomer nog wat afleveringen gepland, maar die worden geschrapt, zegt Slagter. 'Wat ons betreft is het boek Derrick dicht', zegt hij. Van de serie werden tussen 1974 en 1998 281 afleveringen gemaakt die in 102 landen werden uitgezonden, waaronder Nederland.

Een Duitse socioloog ontdekte het SS-lidmaatschap van de in december 2008 overleden acteur. De socioloog Jörg Becker stuitte tijdens de research voor zijn boek over de in Duitsland bekende communicatiewetenschapper Elisabeth Noelle-Neumann (" Elisabeth Noelle-Neumann - Demoskopin zwischen NS-Ideologie und Konservatismus“ - Verlag Ferdinand Schöningh) op Horst Tappert. De acteur maakt in 1947 deel uit van een theatergroep die door Noelle-Neumann was opgericht. Daarop besloot Becker in het verleden van de acteurs van die groep te duiken. Hij vroeg de gegevens van Tappert op bij de Deutsche Dienststelle  für die Benachrichtigung der nächsten Angehörigen von Gefallenen der deutschen Wehrmacht (WASt), die toegang hebben tot de archieven van de Wehrmacht.

De eigenaar van discotheek 'Aus der Reihe Derrick' in Utrecht heeft de ogen van Horst Tappert op alle posters van de acteur in zijn etablissement afgeplakt met zwarte balkjes. De discotheek stond in het teken van de acteur uit de Duitse krimi. Toen de eigenaar gisteren het nieuws hoorde, besloot hij meteen actie te ondernemen."De status van cult-held die Derrick in onze disco had, heeft hij absoluut niet meer", zegt eigenaar Richel van Heumel. De leiding denkt nu over een nieuwe naam.




Twee herdenkingen trekken recordaantal bezoekers



UTRECHT/AMERSFOORT, 22-04-2013 - De jaarlijkse herdenking van concentratiekamp Amersfoort heeft vrijdag weer meer bezoek getrokken dan vorig jaar. het aantal deelnemers stijgt de afgelopen jaren constant.


De avondwake (foto rechts) voor de 1.200 omgebrachte Utrechtse Joden trok zondagavond ruim 200 mensen, ook veel meer dan de organisatie verwachtte.

In Kamp Amersfoort werd vrijdagmiddag de bevrijding van het gevangenenkamp en de 650 doden herdacht.


Op 19 april 1945 werd het officieel overgedragen aan het Nederlandse Rode Kruis en was niet langer in handen van de Duitsers, hoewel Nederland nog niet bevrijd was. De verpleegster Loes van Overeem kreeg de leiding en heeft toen buitengewoon werk verricht

Ieder jaar wordt de herdenking druk bezocht door belangstellenden. Onder hen zijn tot nu toe ook steeds mensen die zelf gevangen zaten in het kamp. Dit jaar zelfs twee mensen van boven de 100. Verder vindt op 26 en 27 april 2013 in het kamp de opvoering plaats van een toneelstuk over de opstand in vernietigingskamp Sobibor, aanvang 20:00 uur. De toegang is gratis.

Op zondagavond vond in het Spoorwegmuseum in Utrecht een Joods-Christelijke avondwake plaats voor alle omgebrachte Joden. Via dit station werden ook de 1200 Utrechtse Joden gedeporteerd naar Westerbork en verder.


In het museum lopen nu twee exposities over de oorlog: Beladen treinen, over de deportatie, en Sporen naar het Front, over de rol van spoorwegen tijdens oorlogen.


Foto rechts: een originele Nederlandse wagon waarmee Joden werden gedeporteerd tijdens de oorlog. Deze is teruggevonden in Roemenie.


Sinds 1985 organiseren het Utrechts Beraad Kerk en Israël (waarin Joden en Christenen samenwerken) in april een Avondwake om de Sjoah gedenken. Er kwamen onverwacht meer dan 200 bezoekers naar deze avondwake.

Tijdens de avondwake ontstaken leerlingen van het St Bonifatiuscollege 6 kaarsen ter gedachtenis aan de zes miljoen Joodse doden. conservator drs Jos Zijlstra hield  een roerende inleiding waarin hij duidelijk maakte hoe emotioneel deze expositie voor hem was. Er staat nu permanent een originele goederenwagon (foto links) uit de oorlog waarmee Joden zijn gedeporteerd.

Vorden
Hoofdspreker opperrabbijn Jacobs hield tijdens de avondwake wees o.m. op de pijn die het organiseren van een herdenking van Duitse soldaten in Vorden veel mensen doet, zowel overlevenden van de oorlog als hun nakomelingen.



Foto links: een leerlinge van het Bonifatiuscollege uit Utrecht steekt een kaars aan voor de 6 miljoen vermoorde Joden tijdens de avondwake in Utrecht.


Hij acht het onacceptabel dat slachtoffers en daders tegelijk herdacht worden - dat zou nu volgens de rabbijn na de bomaanslagen in Boston ook volkomen onmogelijk zijn, zo benadrukte hij.


Lees hier zijn indrukwekkende rede>>>





Foto onder: bloemen voor de doden in de wagon die hen naar hun einde bracht.











Lou de Jong negeerde overheersende Joodse rol in Nederlands verzet



AMSTERDAM, 21-04-2013 - Dr Lou de Jong (foto links), destijds directeur van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie RIOD en staatsgeschiedsschijver, negeerde ten onrechte de overheersende Joodse rol in het Nederlandse actieve verzet. Hij deed dat in zijn 14-delige standaardwerk 'Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog'.

Dat De Jong dat deed als historicus was opmerkelijk - maar dat dit decennialang nauwelijks opgemerkt werd, is dat eveneens. Bij De Jong speelde volgens schrijfster Loes Gompes ( foto rechtsonder) in een interview met het radioprogramma OVT op zondagochtend, mee dat hij zelf Jood was, wat hij echter lange tijd niet wilde erkennen of bespreken. De Jong had de oorlog vanuit Londen meegemaakt, en zowel zijn tweelingbroer als zijn ouders bleven achter en kwamen in de oorlog om.


Ook opmerkelijk was dat De Jongs visie volkomen verschilde van die van zijn leermeester, prof dr Jacques Presser, auteur van 'Ondergang'  waarin de vernietiging van het Nederlandse Jodendom in de oorlog uitvoerig wordt beschreven. Presser stelde uitdrukkelijk in zijn werk dat de Joden een voornamere rol in het actieve Nederlandse verzet hadden dan de niet-Joden.

Verzet werd overigens door beiden gedefinieerd als actief tegen de wil en wensen van de bezetter en zijn aanhangers in gaan, en bovendien in georganiseerd verband. Zowel De Jong als Presser bezagen het onderduiken niet als 'verzet'. Tegenwoordig echter doet de opvolger van het RIOD, het NIOD dat wel. De reden voor deze verandering is o.m. dat onderduiken door de bezetters streng verboden was en dan ook streng gestraft werd.

Loes Gompes is schrijfster van het juist verschenen boek 'Fatsoenlijk land - Porgel en Porulan in het verzet', een uitgave van Rozenberg Publishers. Fatsoenlijk Land schetst een beeld van een verzorgingsgroep voor onderduikers, en bovendien van Joden in het Nederlands verzet. Vooral mensen met Joodse familieleden kwamen voglens het boek sneller in het verzet, met name in de onderduik.

Daarmee weerspreekt het boek ook volgens de schrijfster de mythe dat de Joden zich als makke schapen lieten wegvoeren. Overigens is het bekend dat er voor de tienduizenden arme Joden uit vooral Amsterdam vaak nauwelijks een mogelijkheid tot ontsnappen bestond. Hun aantal was eenvoudig te groot, hun gegevens volkomen bekend en zij misten het geld en de relaties om allerlei zaken te regelen. Vaak bovendien ook het gelof dat dit nodig was, niet zelden tegen beter weten in.

Het boek stelt als voorbeeld de PP-groep van Jan Hemelrijk en Bob van Amerongen, beiden ‘half-Joods’. Deze groep bestond voor een aanzienlijk deel uit mensen met een Joodse achtergrond, zoals overigens bij meer Amsterdamse verzetsgroepen. De moeder van Loes Gompes werd door Bob van Amerongen verzorgd, en vandaar stamt de belangstelling van de schrijfster voor het werk van de verzorgers.

Met Fatsoenlijk land krijgen niet alleen Bob van Amerongen en Jan Hemelrijk aandacht, maar ook het verzorgingsverzet. Deze vorm van verzet is volgens de schrijfster onderbelicht gebleven in de geschiedschrijving  over de Tweede Wereldoorlog. Publicaties hierover zijn schaars, en in sommge publicaties zoals het bekende maar misleidende  ' Grijs verleden', wordt het zelfs ontkend . Echter volgens het NIOD doken er in totaal 350.000 mensen in Nederland onder, en waren er minstens 500.000 mensen betrokken bij de verzorging van deze mensen. Dat betekent 10 procent van de volwassen bevolking.

Het boek verschijnt op het moment dat in Warschau wordt herdacht dat de getto-opstand 70 jaar geleden begon, op 19 april 1943, en 63 dagen duurde, waarbij 13.000 gettostrijders en andere bewoners van het getto gedood werden. Dat was de grootste slag die de Joden in bezet Europa geleverd hebben.






Poes in verdrukking en verzet 1940-1945

AMSTERDAM, 20-04-2013 -  In 1943 stelde de overheid een verbod in op het slachten van katten, wat tot dan toe niet verboden was. De reden was dat de Duitsers bang waren dat er vanuit het buitenland propaganda gemaakt zou worden met de slagzin: "Ze eten er nu ook hun poezen op." Dat vertelde Paul Arnoldussen vanochtend tijdens de TROS Nieuwsshow, waar hij sprak over zijn nieuwe boek 'Poes in verdrukking en verzet 1940-1945'.

Hoe poezen en andere dieren in Nederland de grootste ramp uit de Nederlandse geschiedenis zijn doorgekomen, is nooit degelijk onderzocht of uitgebreid aan bod gekomen. Bekend is de toestand van paarden: het Nederlandse leger, net als het Duitse en vele andere legers behalve de Amerikanen die geen paarden overzee konden transporten, gebruikte vele tienduizenden paarden. Ook honden werden militair ingezet. Maar van poezen is vrijwel niets bekend.


Wat waren hun leefomstandigheden, hoe kwamen ze aan eten en kregen raspoezen een voorkeursbehandeling? Parool-journalist Paul Arnoldussen onderzocht het en schreef er een ironisch boekje over. Volgens Arnoldussen bestond er tijdens de oorlog ook voor poezen rassenpolitiek.


Zo werd bij de rantsoenering van kattenbrokjes onderscheid gemaakt tussen raskatten en huiskatten. "Alleen mensen met een raskat kwamen voor voedselbonnen in aanmerking. Als ze twee katten hadden, kregen ze één bon. 'Joodse poezen' kregen niets," schrijft Arnoldussen. Die regel had vermoedelijk als doel om fokkers van rasdieren te  beschermen, schrijft Arnoldussen.



Citaat van de site van Paul Arnoldussen


"Volgens schattingen is de poesenpopulatie in 1941 al met tien procent gedaald ten opzichte van het jaar daarvoor. En dan moet het ergste nog komen....


Zijn er lichtpuntjes? De stichting De Groene Ster brengt identiteitsplaatjes in de roulatie zodat poesen die door oorlogshandelingen in paniek raken weer thuis kunnen komen. Er verschijnt wel eens een kattenmepper voor de rechtbank die dan vier maanden krijgt. Enkele angorapoesen vinden onderdak in circus Saltarino waar ze tijgers vervangen.


En er komen poesen in verzet... Ina Boudier-Bakkerbeschrijft in haar boek De Dierentuin uit 1941 hoe kranige poesen vreemde poesen uit hun territorium verjagen. En neem Hein, door zijn baas Damas Hoogendijk in herinnering geroepen in zijn vers Hein de Kater, Moffenhater. Een couplet:


Katers plegen te miauwen.
Maar mijn Hein, dat phenomeen,
Zong 't Wilhelmus van Nassauwe,
Uit zijn hoofd, voor mij alleen.


In Engeland krijgen dappere poesen ook postuum eremedailles. Simon bijvoorbeeld die de voedselvoorraad aan boord van het oorlogsschip Amesthyst vrij van ongedierte hield, nadat een voedselvergiftiging het leven aan elf soldaten had gekost. Maar de naam van Hein is nooit gevallen als het over Verzetskruisen gaat..."

 

Muizen

Ook voor bedrijfskatten waren voedselbonnen beschikbaar, aldus de schrijver. Een document van het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening legt uit hoe dat zat: "Zij worden gehouden als het beste middel tegen de muizen, die zo gaarne alles wat papier is vernielen of in winkels, pakhuizen enz. zich te goed doen aan onze schaarse levensmiddelen."


Volgens Arnoldussen profiteerde slechts 1 procent van de kattenbevolking in Nederland van de regel. "Voor de gewone alledaagse poes was er niks, noch voor de alleenstaande raspoes."

Arnoldussen zegt dat zijn boek een knipoog is naar de vele naslagwerken over de oorlog. "Het moet niet al te serieus worden genomen, maar het is wel leuk." Hij zegt verder:


"Het begon als grapje. Maar dat is natuurlijk moeilijk vol te houden als het gaat over katten van Joden die uit hun huis worden gehaald. Het boek heeft een ironische toon, maar ik geloof dat het me wel gelukt is om niet té ironisch te zijn."

Hij heeft echter wel degelijk onderzoek verricht gedaan naar poezen in WO2. "Alles wat in het boek staat klopt", aldus de journalist. Eerder publiceerde hij ook een boek over de horeca in de oorlog. Hoeveel katten Nederland telde in de oorlog, heeft Arnoldussen niet kunnen achterhalen, maar hij gokt op een half miljoen. "De poes van toen zal niet veel anders zijn dan de poes van nu, maar we gingen wat anders met hem om. Poezenspeeltjes - namaakmuizen en andere gekkigheid - waren er nog niet." De meeste katten, zeker buiten de steden, moesten muizen vangen.

De huidige liefdekwam later, zo rond de jaren ' 60. In die tijd stegen de inkomens en kregen mensen meer tijd voor hobby's zoals het houden van dieren. Het onduidelijk blijft wat er met de 'oorlogspoezen' gebeurde. Arnoldussen citeert in zijn boek de schilderCorneille (1922-2010): "Waar waren de katten in de oorlog? Die waren opgegeten, net als de vogels. Als je een hond op straat zag lopen dacht je: een paar kilo vlees".

De verkoop van honden - en kattenvlees was verboden en zogeheten 'kattenmeppers' moesten voor de rechter verschijnen, maar er was geen houden meer aan, beschrijft het boek. "Er werd op allerlei plekken hond en kat aangeboden, veelal onder de naam poulet en dan vooral op markten en in winkels die geen slagerijen waren en waar allerlei hygiënische eisen niet konden worden nageleefd." Aan het einde van de oorlog liepen er volgens Corneille nauwelijks nog poezen rond.

Ook om hun vacht doodden mensen katten. Om ervoor te voorkomen dat haar kat zou worden gevangen, maakte een eigenaresse haar dier expres lelijk. "Ze knipte regelmatig hapjes uit zijn vacht om hem tegen kattenmeppers te beschermen", vertelt de schrijver.
Moortje

Arnoldussen speurde ook na wat er in de oorlog moet zijn gebeurd met Moortje, de kat van Anne Frank. Die belandde aanvankelijk bij buren toen Anne en haar familie onderdoken in het Achterhuis. Maar halverwege 1944 takelde Moortje, toen Anne er nog was, af en zou ze zijn opgehaald door het asiel, waar ze waarschijnlijk is afgemaakt. 


'Poes in verdrukking en verzet' verschijnt in twee uitvoeringen: als posteditie voor abonnees van De Poezenkrant (nummer 57) en als gebonden handelseditie (geïllustreerd, 112 pagina's).






Jeugdboek over Joods jongetje gepresenteerd in Westerbork



WESTERBORK, 13-04-2013  Eind vorige maand presenteerde schrijfster Martine Letterie in het Herinneringscentrum Kamp Westerbork haar jongste boek:Groeten van Leo, een kind in kamp Westerbork . Martine Letterie schreef bijna 80 kinder- en jeugdboeken, waarvan er enkele in het Duits zijn vertaald.


De laatste jaren gebruikt zij vaker thema's uit WO2.Vorig jaar verscheen van haar het zeer goed ontvangen 'Hanna's reis', over een Joods meisje van 15 dat de ontruiming van de psychiatrische inrichting 'Het Apeldoornsche Bosch' meemaakt.


De schrijfster baseerde zich voor het verhaal op de briefjes, tekeningen en foto’s van Leo Meijer, die op 9-jarige leeftijd in Auschwitz werd vermoord. De vader van Leo wist de werkstukjes van zijn zoon uit kamp Westerbork te smokkelen. Meer dan 18.000 Joodse kinderen werden tijdens de oorlogsjaren uit Nederland weggevoerd en vermoord. Leo Meijer is een van de weinige kinderen van wie tastbare herinneringen bewaard zijn gebleven.
 
‘Lieve Sint en Piet,’ schreef Leo in december 1943 in kamp Westerbork. ‘Ik ben heel erg blij met dat rol pepermunt en ik geeft  u nu het laatste stuk roggebrood voor het paard (…) mijn vader is ziek en ik vind het in Westerbork erg naar. Weet u nog van vroeger toen ik nog in Zwijndrecht woonde en dat u mij toen een locomotief met wagens en rails gegeven heeft en ik weet dat u in Barak 66 komt en dan komt  ik ook.’


Op het tekenpapier dat hij van de Sint kreeg tekende Leo het dagelijks leven in kamp Westerbork en herinneringen aan zijn leven in Zwijndrecht. Zoals een tekening met een circus en olifanten. Het vroegere buurmeisje van Leo vertelde tijdens de presentatie over Leo’s circusbezoek en ook waren kinderen van basisschool Het Accoord uit Zwijndrecht aanwezig bij de presentatie.


Het eerste exemplaar van het boek is overhandigd aan familie van Leo Meijer. Het boek is rijk geïllustreerd met de tekeningen, briefjes, schrijfoefeningen en foto’s van Leo.  


Met het boek, een uitgave van Leopold, wil het Kamp Westerbork ook jongere kinderen vertellen over de geschiedenis van het kamp. Voor kinderen in de leeftijd van 8-10 jaar bestaan er slechts weinig jeugdboeken over dit thema.Exemplaren zijn verkrijgbaar via de erkende boekhandels, internet en Herinneringscentrum Kamp Westerbork voor € 13,95. Bij het boek wordt lesmateriaal ontwikkeld.








Prins Bernhard schoot echt op Duitse vliegtuigen





DEN HAAG - 13-04-2013 - Prins Bernhard heeft op 10 mei 1940 tijdens de Slag om de Residentie werkelijk op overvliegende Duitse vliegtuigen geschoten.

Dat zegt de 92-jarige veteraan Gerard Hillenaar uit Leiden, die destijds paleiswacht in Den Haag bij Huis ten Bosch was, zo meldt de Telegraaf. Daar woonde koningin Wilhelmina en logeerde vanwege de oorlog prinses Juliana met prins Bernhard en de prinsesjes Beatrix (geb. 31-1-1938) en Irene (geb. 5-8-1939).

Hillenaar bevestigt hiermee volgens de krant een anekdote uit de biografie van Bernhard, geschreven door Alden Hatch in 1962. De prins schoot volgens Hillenaar samen met de andere militairen op de Duitse vliegtuigen.
De militairen schoten met hun persoonlijke wapens zoals geweren op overvliegende Duitse tranporttoestellen. Bernhard schoot met een machinepistool. Het verhaal vermeldt niet welk type dit was.


Eén van de soldaten haalde wel met een machinegeweer na een salvo van 40 kogels een Duits troepentranportvliegtuig, een driemotorige zg. Ju-52,  neer. Deze kwam op de stad neer.

Volgens de Telegraaf bestond er lange tijd twijfel of Bernhard werkelijk heeft geschoten. Hillenaar zou de eerste ooggetuige zijn die het verhaal bevestigt. Hij treedt 73 jaar na dato in de openbaarheid na een oproep aan oorlogsveteranen om hun verhaal te vertellen.

Den Haag werd op 10 mei 1940 aangevallen door de Duitse 22ste luchtlandingsdivisie. Deze moest de vliegvelden rondom Den Haag, alsmede de Hofstad zelf veroveren, met als doel de oorlog met Nederland in één dag te eindigen. Dit plan mislukte echter vokomen. Weliswaar kregen de Duitsers de drie vliegvelden Valkenburg, Ockenburg en Ypenburg i bezit, maar deze werden alledrie met zware Duitse verliezen aan vliegtuigen en manschappen terugveroverd tegen de avond. Bij de Duisers raakten 1.600 man krijgsgevangen, terwijl 1.100 van hen als krijgsgevangene naar Engeland werd afgevoerd.

Volgens oud-strijder Hillenaar klopt de schietanekdote. Hij doet zijn relaas in het vandaag te verschijnen veteranenblad Checkpoint. Hillenaar werd nog dezelfde dag toegesproken door koningin Wilhelmina. „Daarbij waren ook prinses Juliana en de andere prinsesjes present. Ze zei dat we ons best moesten blijven doen en spoorde ons aan om vol te houden.”












Oorlogsauteur vindt kleine WO2-expo in Rijksmuseum 'belachelijk'



AMSTERDAM, 10-04-2013 - De bekendste actuele oorlogsschrijver van Nederland, historicus en programmamaker Ad van Liempt (foto rechts), vindt de afdeling WO2 van het Rijksmuseum 'lachwekkend'.


Het museum toont uit de oorlog slechts twee voorwerpen: een schaakbord dat Mussert kreeg van de Duitsers en een gestreept jasje uit een concentratiekamp.


Foto links: Rijksmuseum, gezien over de Stadhouderskade, met de Buitensingelgracht op de voorgrond. Foto Iwan Baan/Rijksmuseum.


Het Rijksmuseum stelt ook voorwerpen uit WO2 tentoon, omdat het museum zich opwerpt als hèt historisch museum van Nederland. Van Liempt tegen Matthijs van Nieuwkerk in DWDD van woensdag:: "Die oorlog is zo gecompliceerd en er zitten zoveel kanten aan en zoveel verhalen dat het beledigend is."  Van Liempt vindt deze presentatie absurd en lachwekkend. "De oorlog heeft ook nog iets betekend voor gewone mensen."


Ook besteedt het museum geen aandacht aan de oorlog in Nederlands-Indië. Van Liempt kreeg van het Museon een biels van de Japanse Dodenspoorlijn in Thailand, waar 2.500 Nederlanders stierven. Elke verwijzing naar onderduik of de onafgebroken luchtoorlog boven Nederland, die alle vijf oorlogsjaren duurde, ontbreekt er ook. Van Liempt zegt dat hij overigens dolenthousiaist is over het Rijksmuseum dat hij verder prachtig vindt.


Het museum zelf schrijft op zijn site:

"De nieuwe presentatie van de collectie van het Rijksmuseum is een reis door de Nederlandse (kunst)geschiedenis vanaf de Middeleeuwen tot en met de 20ste eeuw. Het verhaal van Nederland is in een internationale context geplaatst en wordt in chronologische volgorde verteld, verspreid over vier etages. Schilderijen, prenten, tekeningen, foto’s, zilver, porselein, Delfts blauw, meubels, juwelen, wapens, kostuums en andere voorwerpen uit de Nederlandse geschiedenis worden voor het eerst samen gepresenteerd."

Op de site van het Rijksmuseum staan nog andere voorwerpen, die het museum kennelijk bezit, maar niet tentoonstelt. Daaronder de revolver van minder bekende verzetsman Tonny van Renterghem, een Smith & Wesson, met in de kof gekerfd 'VRIJHEID'; terwijl de twee leidende verzetsmensen van het gewapend verzet waren Gerrit van der Veen en Johannes Post, of eventueel Erik Hazelhoff Roelfzema.


Verder biedt de nieuwe site een tekening van een razzia, een plakboekpagina met krantenfot's van de eerste Jodenrazzia in februari 1942, en een in plastic gegoten kastanje van de kastanjeboom waar Anne Frank op uitkeek. Ook bezit het museum een collectie foto's en ander beeld materiaal uit WO2.

Van Liempt, die voor zijn oorlogsboeken een eredoctoraat van de universiteit van Amsterdam kreeg, gaat voor de Kunsthal Rotterdam een expositie samenstellen van 100 voorwerpen die de oorlog in Nederland symboliseren.


Hij heeft al geselecteerd het brilletje van Hannie Schaft, 'het meisje met het rode haar' dat zij droeg als zij zich vermomde. Hij heeft ook al uit Groningen de SS-vlag die op het Scholtenhuis in Groningen hing - dat was het gruwelijkste martelcentrum van Nederland. Er blijven 5 plaatsen open voor voorwerpen die nu nog niet in museumcollecties zitten, maar bij mensen thuis.


Foto onder: in perspex een kastanje van de boom waar Anne Frank op uitkeek - dergelijke trivia, niet historisch, niet autenthiek, niet eens uit de oorlog, presenteert het grootste nationale historische museum.

Het is opmerkelijk dat de historici die de tentoonstelling in het Rijksmuseum met deze twee voorwerpen de oorlog wil afdoen. Er staat dus niets over:


  • de opmerkelijk grote prestaties van de Nederlandse militairen in mei en met de onderzeebootdienst
  • de enorme collaboratie van het bedrijfsleven
  • de vestiging van 20 grote Duitse vliegvelden
  • de enorme deportatie van Nederlandse Joden
  • Anne Frank en de recordonderduik in Nederland
  • de vijf volkomen unieke stakingen van Nederlanders tegen de deportatie en tegen de bezetters
  • de Indische Holocaust, waarbij 3 tot 4 miljoen burgers van het koninkrijk omkwamen in Nederland-Indië
  • de enorme redding van Nederlandse Joden, o.m. door 'tante Truus' Wijsmuller-Meyer
  • de vijfjarige luchtoorlog boven Nederland, waarbij 6.000 toestellen vernietigd werden en 20.000 militairen stierven
  • Nederland als slagveld waar 25.000 geallieerde en 35.000 Duitse militairen sneuvelden - meer dan waar ook in bezet West-Europa
  • dat in Nederland 240.000 burgers stierven, in absolute getallen veel meer dan in Groot-Brittannië, België, Frankrijk, Denemarken of Noorwegen.





Foto boven: de burgemeester van Wageningen ontsteekt het vuur in 2012.


Apeldoorn: 40ste keer estafette

Bevrijdingsvuur op 5 mei



APELDOORN/BEEKBERGEN, 10-04-2013 - De Stichting 4 en 5 mei Beekbergen organiseert op 5 mei voor de 40ste maal de jaarlijkse Bevrijdingsvuurestafette vanuit Wageningen naar Beekbergen

Het Vrijheidsvuur markeert de overgang van herdenken naar vieren, van 4 mei naar 5 mei. Het wordt ieder jaar om middernacht van 4 op 5 mei in Wageningen ontstoken. De ceremonie vindt plaats op het 5 Mei Plein, voor het historische Hotel De Wereld, waar de Duitsers instemden met hun overgave.

De lopers uit Beekbergen zullen in 2013 voor de 40ste keer mee lopen. Zij vertegenwoordigen de gemeente Apeldoorn. Wanneer alle loopgroepen het Vrijheidsvuur hebben ontvangen, verspreidt het zich als een 'lopend vuurtje' door heel Nederland.

Traditiegetrouw wordt het Vrijheidsvuur door enthousiaste sporters als een 'lopend vuur' door heel Nederland verspreid. Zo geven sporters van Beekbergen uitdrukking aan de betekenis van het Vrijheidsvuur, en daarmee aan het belang om in een rechtvaardige wereld in vrede en vrijheid te kunnen leven.


De geschiedenis van het Bevrijdingsvuur

Het Bevrijdingsvuur kwam voor het eerst in Wageningen aan op 5 mei 1948 na een estafetteloop van atleten uit Nijmegen. In de Capitulatiezaal van Hotel De Wereld werd het aan de burgemeester overgedragen. Ten slotte werd het vuur via Rhenen naar Den Haag gebracht. Deze vuurloop was een initiatief van een groep mensen uit Eindhoven. Zij haalden al in 1945 het vuur op in Bayeux, in Normandië. Daar hebben de geallieerden tijdens D-Day voor het eerst voet aan wal gezet.

D-day was het begin van de bevrijding van West-Europa. Bayeux was op 7 juni 1944 de eerste bevrijde stad na D-day. Van 1954 tot en met 1962 werd de fakkel opgehaald door leden van de motorclub “De Rijnridders”. Elk jaar zal het Bevrijdingsvuur worden opgehaald. Daarom liet de gemeente Wageningen een brander installeren in een ketelhok van het Gemeentelijke Gas- en Waterleidingsbedrijf aan de Mansholtlaan/Droevendaalsesteeg.

Daar wordt het Bevrijdingsvuur "eeuwig brandend gehouden". Sindsdien komen elk jaar Wageningse atleten in de late uren van de vierde mei naar het prozaïsche ketelhok om een fakkel aan te steken en deze naar de vuurschaal op het 5 Mei Plein te brengen. Tot 1967 droeg de atletiekafdeling van de gymnastiekvereniging HBS zorg voor de fakkelloop naar Hotel De Wereld. Nadat de atletiekafdeling van HBS was opgeheven, is op 1 april 1967 Atletiekvereniging Pallas '67 opgericht. Op 4 mei 1967 brachten atleten van Pallas ‘67 voor de eerste keer het Bevrijdingsvuur naar Hotel De Wereld. In diverse jubileumjaren, onder andere in 1970, 1995, 2000 en 2005 is de vlam van Wageningen „vernieuwd’’ met het originele Bevrijdingsvuur uit Bayeux.

De ceremonie in Wageningen

De jaarlijkse ontsteking in de nacht van 4 op 5 mei herinnert ons aan het feit hoe kwetsbaar en kostbaar vrijheid is. De ceremonie is ieder jaar weer een speciale belevenis. Vele groepen uit het hele land, hoogwaardigheidsbekleders, vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en de pers zijn hierbij aanwezig. Voordat het zover is wordt een theatraal programma opgevoerd. Ook staan er schermen waarop het gehele programma goed te volgen is. Zo kunnen ook alle sporters voor dat ze vertrekken hier naar kijken.


De lopers en Bevrijdingsvuur worden rond 11:30 uur verwacht bij De Smittenberg aan de Arnhemseweg in Beekbergen en worden vanaf daar muziekaal begeleid door De City of Apeldoorn Pipes and Drums en kinderen van de basisscholen en enkele oude leger voertuigen door de Dorpstraat, Loenenseweg naar het monument in het Teixeira de Mattospark.

Omstreeks 12:00 uur op 5 mei zal er een korte plechtigheid plaatsvinden bij het monument in het Teixeira de Mattospark, waarna het Apeldoornse bevrijdingsvuur wordt ontstoken.


Er is een vrijheidsgedicht, dat zal worden voorgedragen en er zullen  een vertegenwoordiger van de gemeente Apeldoorn spreekt. Een solist van de 48th Highlanders of Holland speelt een nummer. Aansluitend is er nog een Bevrijdingsconcert.




Ad van Liempt geeft 4-meilezing in Hilversum

HILVERSUM, 10-04-2013 - Historicus, schrijver  en programmamaker Ad van Liempt verzorgt 4 mei in Hilversum de tweede Bill Minco-lezing. Waarover hij zal spreken is nog niet bekend.

Burgemeester Pieter Broertjes heeft de dodenherdenking in de stad vorig jaar naar eigen zeggen ’iets inhoudelijker gemaakt’. Nieuw onderdeel was met name de Bill Minco-lezing, genoemd naar de bekende Hilversumse verzetsstrijder.


Foto rechts: de toren van het raadhuis van Hilversum was gecamoufleerd als boom omdat in het raadhuis het opperbevel van het Duitse leger in Nederland huisde; op een ander hoog deel was een FLAK-post gevestigd. Fokker bouwde in Hilversum ruim 700 vliegtuigen en de grote meerderheid van de 2.000 Joden werd uit de plaats weggevoerd.


De eerste Hilversummer, die vorig jaar over zijn eigen ervaringen tijdens de Tweede Wereldoorlog vertelde was André Roelofs (1931). De oud-journalist sprak over zijn jeugdjaren in Hilversum tijdens de bezetting en zijn eerste stappen in het verzet.

Historicus dr hc Ad Van Liempt is geboren in 1949 en werkte tientallen jaren in Hilversum. Van Liempt schreef diverse boeken over de oorlog, zoals 'Kopgeld'  en ' Jodenjacht', beide over de opsporing en deportatie van Joden, en zijn recentste: ' De jacht op yet verzet'.


Hij was oprichter en hoofdredacteur van Nova en in 1999 bedacht hij het tv-programma Andere Tijden (NPS/VPRO), waarin historisch onderwerp worden belicht. In 2009 bedacht en maakte Van Liempt de documentaire tv-serie serie De Oorlog (NPS) en schreef tevens het boek van deze serie.

Bill Minco was een Joodse verzetsstrijder uit Rotterdam, voormalig winkelier, gemeenteraadslid en wethouder van Hilversum. Op 4 mei zijn alle Hilversummers - vanaf 18.15 uur - welkom bij de herdenkingsbijeenkomst in het raadhuis.


Na de opening door burgemeester Broertjes en een muzikaal welkom door musici van het MCO volgt (om 18.45 uur) de Bill Minco-lezing door Ad van Liempt.


Het programma bestaat net als vorig jaar uit de bezinningsbijeenkomst in het raadhuis, de stille tocht naar het monument en de dodenherdenking om 20.00 uur. Het landelijk thema van dit jaar is Vrijheid spreek je af'. Alle middelbare scholen zijn dit jaar uitgenodigd om gedichten in te sturen over vier mei. De gemeente, de Gooi- en Eemlander en Henk Mreijen (voorzitter van de voormalige werkgroep herdenking mei 1940 1945) hebben gezamenlijk de meest bijzondere gedichten uitgekozen, die tijdens de herdenking worden voorgedragen.




Truppenkennzeichen der 19. Waffen-Grenadier-Division der SSWeer SS-herdenking in Letland gedoogd

RIGA, 10-04-2013 - Zoals elk jaar hielden Letse veteranen van de Waffen-SS zondag hun jaarlijkse controversiële rally in Riga. Ook dit jaar liet de overheid deze demonstratieve herdenking toe. 


Foto rechts: het symbool van de Letse SS.

De SS-ers herdachten hun gevallen kameraden uit de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de oorlog, dienden ongeveer 140.000 Letten in Hitler's leger tegen dictator Stalin en zijn Sovjet-Unie, van wie er ongeveer 45.000 in de SS op een bevolking van 2 miljoen mensen (uit Nederland waren dat er 25.000 in de SS op een bevolking van 8,8 miljoen). Onder zware politiebescherming marcheerden rond 1500 ex-soldaten en hun aanhangers door de Letse hoofdstad. Op het Vrijheidsmonument legden ze bloemen.

De zogenaamde "Dag van het Legioen," is de op de 16e maart sinds 1990 elk jaar herdacht. Daarentegen protesteren zowel Rusland als Joodse organisaties. Zij veroordelen de mars als een verheerlijking van het nazisme. Maar meer en meer Letten die vroeger de veteranen  als vrijheidsstrijders hebben beschouwd worden volgens de Duitstalige krant Baltische Rundschau langzaam kritisch.

Ooit dachten de Letten dat Hitler hen zou helpen tegen de brutale deportatie van de bevolking door de communisten. En dat Hitler zou helpen bij het herstel van de onafhankelijkheid van het land (ook in Estland en Litouwen). De Duitse massamoordenaar en dictator gebruikte de Baltische strijders voor zijn eigen doeleinden. De "leider" had nooit het voornemen  om de Letten bijstand te verlenen bij het herstel van de Republiek Letland (en Estland en Litouwen).

Reeds op 11 maart van dit jaar had in Vilnius een demonstratie die verondersteld was om te herinneren aan de Litouwse onafhankelijkheid, maar hij had ontwikkeld door de jaren heen tot een neonazistische organisatie. Het stadsbestuur zei eerder dit jaar voor deze rally van een verbod. Tot nu toe ongeveer 3.000 mensen verzamelden zich, de politie niet. Sommige deelnemers droegen borden "Litouwen voor de Litouwers", anderen droegen nazi-symbolen en hieven hun armen in de Hitlergroet, maar werden niet gearresteerd.

"Niemand heeft bezwaar als de SS-veteranen hun gevallen kameraden willen herdenken," zei Iosif Koren, voorzitter van de organisatie zei Letland tegen het fascisme, volgens Duitse krant taz. "Maar ze moeten dat doen op het kerkhof. Niet in het centrum met nationalistische muziek. Dan is het een verheerlijking van het nationaal-socialisme."





Nijmegen vlak na het vergissingsbombardement op 22 februari 1945.


Subsidieaanvraag WO2-museum

Nijmegen deze maand

NIJMEGEN, 04-04-2013 - Het gewenste nieuwe WO2-museum in Nijmegen komt weer een stapje verder. Beleidsmedewerker Wiard Molenaar van het Vfonds, die de grootste financier van het project zal moeten worden, verwacht de subsidieaanvraag voor het nieuwe WO2-museum in Nijmegen in de loop van deze maand, zo zei hij in een telefonische toelichting. Het gaat nog steeds om een bedrag rond  25 tot 30 miljoen.

Vanavond vergaderen de drie oprichtende instelling over de voortzetting van het plan voor het nieuwe museum. De oprichters zijn het Airbornemuseum Oosterbeek, het Bevrijdingsmuseum Groesbeek en het Oorlogsmuseum Overloon (voorheen Liberty Park). Hun oog is gevallen op de voormalige fabriek van de Vasim aan de Waal, vlak bij het punt waar de geallieerden de rivier overstaken in 1945.

Vreder steunt het Cultuurhistorisch Platform Rijk van Nijmegen (CPRN) de stichting Museum WO-II . Het CPRN heeft verklaard een warm voorstander te zijn van  deze plannen. Dat is opmerkelijk, omdat het CPRN tot nu toe vooral actief was met de Romeinse en middeleeuwse aspecten van de Nijmeegse geschiedenis.

Volgens het CPRN zal het WO-II museum zelf door de samenwerking van drie musea een integrale benadering kunnen bieden bij de museale presentatie van WO-II vanuit Nederlands oogpunt. Dat geldt dan voor de militaire en de civiele aspecten.


Foto links: de verniedle brug over het Maas-Waalkanaal bij Nijmegen.


Evenzeer denkt het CPRN dat er door het museum meer aandacht in Nederland voor de internationale kanten van de oorlog zal komen, welke aandacht het CPRN ook nodig acht.
 
Het CPRN verwijst ook in zijn steunbetuiging naar de moord op bijna alle Joodse Nijmegenaren ( 400 doden), het geallieerde bombardement op 22 februari 1944 ( 800+ doden), de sleutelrol in de Operation Market Garden in september 1944, daarna de frontpositie van de stad tot februari 1945 ( 800+ dode burgers). Tot slot wijst het CPRN op de uitbraak van Nijmegen en omgeving met 1.000.000 soldaten in geallieerde Operation Veritable, die de basis heeft gelegd voor de bevrijding van Oost- en Noord-Nederland en de geallieerde opmars naar Berlijn.

Een WO2-Museum in Nijmegen kan volgens het CPRN ook als “stepping stone” in de internationale Liberation Route worden.Het CPRN is blij met de keuze van het VASIM-gebouw. Het WO2-Museum kan volgens het CPRN bovendien een katalyserende rol spelen bij de  reconstructie van het Waalfront-West, waardoor binnen een beperkt gebied zowel het Romeinse als het moderne verleden aan de oevers van de Waal aandacht kan krijgen.





Vermisten uit WOII geïdentificeerd


SOESTERBERG, 21-03-2013 UPDATE 22-03-2013 - De stoffelijke resten van de twee verzetsleden Nicolaas (Niek) van der Horst (foto onder) uit Amsterdam en Nicolaas Corstanje (foto rechts) uit Den Haag zijn na 70 jaar geïdentificeerd. De identificatie werd uitgevoerd door de Werkgroep Vermiste Personen Tweede Wereldoorlog.


Beide verzetsleden werden tijdens de oorlog gefusilleerd door de Duitsers. Als extra straf voor hun families begraven de Duitsers hen naamloos op een onbekende plaats .Met DNA-onderzoek werd hun identiteit vastgesteld. Daarmee eindigt voor de nabestaanden de onzekerheid over het lot van hun vermiste familieleden.


Niek van der Horst was een reclameman die in augustus 1942 werd gearresteerd wegens spionage. Hij was toen 29. In februari 1943 werd hij door een vuurpeloton geëxecuteerd op Schiphol. Een particulier onderzoeker kwam erachter dat zijn lichaam mogelijk begraven lag in een naamloos oorlogsgraf in het nabije Hoofddorp. Het DNA bleek overeen te komen met het erfelijk materiaal van een neef.


Nicolaas Corstanje uit Goes was 25 toen hij verdween. Juist vóór de Duitse inval volgde hij de

opleiding tot vlieger bij de Koninklijke Marine. Tijdens de bezetting werkte hij in Den Haag als kantoorbediende.


Wegens zijn verzetswerk werd hij daar in oktober 1944 gearresteerd en de dag erna op de Waalsdorpervlakte gefusilleerd en begraven.


Na de oorlog kon zijn lichaam niet worden geïdentificeerd en werd hij uiteindelijk naamloos herbegraven op begraafplaats Rusthof in Leusden. Na recente opgraving en na vergelijking van het DNA-profiel van de onbekende met het DNA van de 88-jarige zuster van Corstanje, kon worden vastgesteld dat het om Nicolaas Corstanje ging.


In de Werkgroep Vermiste Personen Tweede Wereldoorlog werken enkele Nederlandse overheidsinstanties en partnerorganisaties samen om de ongeveer zeshonderd vermissingen uit de oorlogsjaren op te lossen. De Oorlogsgravenstichting verleende toestemming om de graven van Corstanje en Van der Horst te openen, in samenwerking met de gemeenten Haarlemmermeer en Leusden.



De Werkgroep Vermiste Personen Tweede Wereldoorlog roept de nabestaanden van vermisten uit de oorlogsjaren op om hun DNA-profiel door de werkgroep te laten registreren, zodat die vermissingen onderzocht kunnen worden.

Voor nadere inlichtingen kunnen zij hierover contact opnemen met het Nederlandse Rode Kruis, afdeling Oorlogsnazorg, postbus 28120, 2502 KC Den Haag, of via het e-mailadres: vermistepersonenWO2@redcross.nl

De Bergings- en Identificatiedienst van de Koninklijke Landmacht voerde de opgravingen uit en onderzocht de stoffelijke resten. Vrijwilligers van het Nederlandse Rode Kruis verrichten historisch onderzoek en legden contact met de nabestaanden.


Hun DNA werd afgenomen door politiemensen. In opdracht van het Landelijk Bureau Vermiste Personen van de Politie voerde het Nederlands Forensisch Instituut het DNA-onderzoek uit. Er zijn nog meer gevallen in onderzoek.





Europese WO2-stichting start in Den Haag onder  bescherming van voorzitter EU-parlement 


DEN HAAG, 20-03-2013 - In Den Haag is met een persconferentie het eerste Europese bureau voor toerisme en educatie over WO2 van start gegaan. Dit hanteert de naam Stichting Liberation Route Europe (SLRE). De SLRE heeft zijn hoofdbureau in Nederland en beschermheer is voorzitter Martin Schulz (Duitser) van het Europees Parlement.

De SLRE is vooral gericht op het herdenken van de strijd van de westelijke geallieerden vanaf de landing op D-Day, 6 juni 1944. Deze dag zal in 2014 uitvoerig herdacht zal worden omdat het dan 70 jaar geleden is. De bedoeling is, zo blijkt uit een toelichting van directeur Victoria van Krieken (foto rechts) , om langs de gehele route van de westelijke geallieerden nieuwe projecten te organiseren. In Nederland zijn die er voor een deel al.


De SLRE wertkt met enkele belangrijke instellingen samen, zoals hetMémorial de Caen, het grootste WO2-museum van geheel Europa, in Caen, Normandië. Ook met het Berlijnse Geallieerden Museum is een samenwerking opgezet, en met het in aanbouw zijnde Poolse WO2-museum in Gdansk..

Op de bijeenkomst in Den Haag sloten verder subsidiënt het Vfonds en de SLRE een overeenkomst. De SLRE krijgt gedurnde 3 jaar 2,5 miljoen in totaal van het fonds. Voorzitter mr Robert Croll van het Vfonds en Jurriaan de Mol, voorzitters van de SLRE zullen 3 jaar samenwerken. Bovendien fungeert Schulz als beschermheer, zo verklaarde hij in een video. "I will support the Liberation Route Europe as President of the European Parliament, as Patron of the project. I was very honoured when I was asked to be Patron."


Foto links: dr hc Martin Schulz, voorzitter van het EU-parlement..


Martin Schulz sloot zijn boodschap af met de volgende woorden: "The Liberation Route is not only an address to my generation, it is an address to my children and their generation that the history of my parents is not so far away that we should forget about this. Therefore, the Liberation Route is, for me, and I hope also for you; a wonderful and necessary project".

De SLRE verbindt  organisaties uit Nederland, Frankrijk, Groot-Brittannië, Duitsland en Polen. De bedoeling is om in 2014 allerlei activiteiten te presenteren die te maken hebben met de bevrijding van Europa vanuit Normandië. In een toelichting zegt directeur dat zij erkent dat de Sowjets in feite het grootste gewicht van het verslaan van de nazi-Duitsers hebben gedragen. Ongeveer éénzesde deel van de Westeuropese bevolking is geboren vóór mei 1945, ruwweg 40 miljoen mensen, in Nederland 2 miljoen mensen.

In Nederland bestaat de Liberation Route al enkele jaren, georganiseerd door het regionaal bureau voor toerisme Arnhem-Nijmegen naar aanleiding van de Operation Market Garden, de grootste luchtlanding uit de geschiedenis (foto rechts).


Hier zijn op ruim 100 plaatsen langs de route van de bevrijders vooral zg. 'luisterkeien' geplaatst, waar geïnteresseerden een gedramatiseerde toelichting op de geschiedenis van die plek kunnen krijgen uit een luidspreker in een kei. Het is volgens mevrouw Van Krieken niet de bedoeling langs de gehele route in West-Europa luisterkeien te plaatsen. Allerlei projecten zijn mogeljk langs de route van Normandië tot en met Berlijn.

Het Vfonds is de grote financier van oorlogsprojecten in Nederland. Door deze steun heeft de SLRE sinds begin dit jaar een eigen bureau. Directeur Ton Heerts en voorzitter mr Robert Croll van het Vfonds onderstrepen de waarde die het fonds hecht aan de Liberation Route Europe. "De Liberation Route Europe laat duidelijk zien waarin educatie, voorlichting en het samenbrengen van cultuurhistorisch erfgoed ook grensoverschrijdend kan zijn", aldus Ton Heerts tijdens de persconferentie.


Foto links: een luisterkei bij de Waalbrug in Nijmegen geeft een indruk van de plaatselijke geschiedenis.


Het hoofddoel van de SLRE is volgens de directeur het tonen en in samenhang presenteren van de laatste fase van de Tweede Wereldoorlog in West-Europa, zonder de veel grotere prestatie van de Sowjets te willen bagatelliseren.

Hierbij wil de SLRE een kans creëren om de geschiedenis vanuit verschillende nationale perspectieven te presenteren. Op nationaal niveau zal de SLRE in nauwe samenwerking met het Vfonds en haar andere partners werken aan de coördinatie van de communicatie en marketing en het vergroten van het publieksbereik.

De Liberation Route Europe wil de geschiedenis in Europa ontsluiten, onder meer met lespakketten, een interactieve website, toeristische arrangementen en Liberation Route Europe gidsen. In 2014 en 2015 herdenkt Europa 70 jaar na D-Day en het einde van WO2. De SLRE zal in 2014 onder andere de coördinatie op zich nemen van (inter)nationale Westeuropese herdenkingen in 2014-2015.


Ook bereidt de stichting in samenwerking met enkele Europese museumpartners een reizende expositie voor. De start daarvan is voorzien voor februari 2014 in het Europese Parlement in Brussel. "Europese samenwerking rondom dit thema was lange tijd niet mogelijk. Het is mijn ambitie om, bijna 70 jaar na dato, te laten zien dat dit wel mogelijk is en veel potentie heeft", aldus mevrouw Van Krieken. Opmerkelijk is, dat de SLRE ook contacten heeft met het nieuwe WO2-museum in Gdańsk in Polen, dat nog gebouwd wordt en met 7.000 m2 één van de belangrijkste geschiedenismusea in Europa zal worden. Mevrouw Van Krieken heeft een Poolse moeder en spreekt vloeiend Pools.

Na de presentatie van de plannen werd de overeenkomst van het Vfonds met de SLRE getekend. Mr Robert Croll, president van de rechtbank Zwolle/Lelystad, voorzitter van de KNAC en van het Vfonds, benadrukte daarbij de betekenis van vrijheid in relatie tot de grote offers die daar in het verleden voor zijn gebracht. Jurriaan de Mol, voorzitter van de SLRE, voegde hieraan toe: "De Liberation Route Europe is een route om te herdenken, te bezichtigen en te beleven. Een tweede Santiago de Compostella, een 'European Freedom Trail"."





Ook hobbysoldaten in nazi-uniform treden

op in Drenthe   

ASSEN, 18-03-2013 - Op  12, 13 en 14 april komen enkele honderden hobbysoldaten oftewel re-enactors, mensen die de geschiedenis naspelen, uit heel Europa naar de Drentse hoofdstad om ‘Operation Amherst’ na te spelen. Dat was de bevrijding van Drenthe, waaraan o.m. 700 Franse soldaten in Britse dienst deelnamen.

Foto rechts: de website van de organiserende ETOR40-45.

Er nemen ook als Duitse soldaten verklede hobbyisten aan deel,  voor de derde maal in Nederland. Dit is de tweede maal Baggelhuizen bij Assen en daarvoor in Bedum, door dezelfde groep georganiseerd. Of dit toelaatbaar is volgens het openbaar ministerie wegens het discriminatie-aspect, wordt nog door het openbaar ministerie bekeken.

De voorzitter van de organiserende groep, Richard Visser van de ETOR40-45, meent van wel. Hij benadrukt dat er een autenthieke interesse bij zijn groep bestaat. Hij stelt dat in de Wehrmacht mannen en jongens gedwongen in dienst moesten.Opvallend is dat in de teksten op de site er legio fouten in het Duits gemaakt worden.


De plaats is het voormalig oefenterrein Baggelhuizen. Bij het evenement gebruien de liefhebbers authentiek materiaal en schieten met losse flodders. Het evenement in wordt georganiseerd door de Re-enactmentgroup ETOR 40-45 uit Noord-Nederland. De deelnemers zijn afkomstig uit allerlei Europese landen, ook Duitsland. Er wordt zelfs met Duitse uniformen en materieel gespeeld, alles moet zo echt mogelijk lijken. Alleen het brengen van de Hitler-groet en het zingen van Nazi-liederen wordt verboden, dit ligt gevoelig.

Operatie Amherst, ook wel bekend als  'Lucky Strike' , was de codenaam van de geallieerden voor een speciale SAS-commando-actie op 7 en 8 april 1945 ter bevrijding van Drenthe. Dit als voorbereiding van de aanval van de Canadezen op Groningen.

Franse parachutisten werden ingezet als onderdeel van de SAS, de Britse Special Air Service. De Fransen moesten kruispunten en bruggen in Drenthe en Groningen innemen.  Op die manier konden Canadese troepen snel naar de stad Groningen trekken. De operatie was redelijk succesvol, al sneuvelden er 33 Franse parachutisten.

Op vrijdag 12 april begint de opbouw van het kampement. De deelnemers slapen in tentjes en gebruiken de middelen uit 1940-1945. De eerste dag is een besloten dag. Het kampement is op zaterdag 13 april om 12.00 uur open voor het publiek. Om 14.00 uur is er een grote namaak-slag, het meest spectaculaire onderdeel van het evenement. Ook op zondag 14 april is zijn de soldaten nog te zien, tot 16.00 uur.Meer informatie over ETOR: http://www.etor40-45.nl/.





Nieuw Oostenrijks monument voor nazi-slachtoffers

WENEN, 10-03-2013 - Op maandag wordt het nieuwe Oostenrijkse nationaal monument voor de slachtoffers van de nazi-onrecht ingehuldigd op de Weense Centrale Begraafplaats (Zentralfriedhof, foto rechts).

Een metalen plaquette herdenkt ongeveer 2.000 Oostenrijkers die door de nazi's daabrij werden vermoord.  Dit gebeurt ter gelegenheid van het 75-jarig jarige herdenking van de Oostenrijkse geweldloze "Anschluss" bij nazi-Duitsland

De onthulling vindt plaats om 11.00 uur met een ceremonie op de Centrale Begraafplaats in
Wenen. Uitgenodigd zijn bondskanselier Werner Faymann (SPÖ, foto links) en minister van Binnenlandse Zaken Johanna Mikl-Leitner (ÖVP). Het monument wordt gebouwd op de plek van de "Groep 40", waar de slachtoffers zijn begraven in een ruimte van 10.000 vierkante meter .

De Weense rechtbanken spraken tijdens het nazi-tijdperk honderden doodvonnissen uit. De lichamen verdwenen hetzij naar de universiteit voor anatomisch snijpraktijk in het Anatomisch Instituut van de Universiteit van Wenen of direct "informeel begraven" op de Centrale Begraafplaats van Wenen, zoals ook staat in de tekst van de plaquette.


Een metalen plaquette herdenkt ongeveer 2.000 slachtoffers van onrecht in het nazi-tijdperk. Het metalen paneel heeft teksten in het Duits en Engels.Begraven zijn hier ook slachtoffers van de schietpartij Kagran, van het militaire nazi-onrecht, van het SS-bloedbad in Hadersdorf en de slachtoffers van het concentratiekamp Hinterbrühl.  Er is ook een gedenksteen in de stad van Wenen.

Op dinsdag vindt een grote herdenking plaats in de Grote Redoutenzaal van de Weense Hofburg. De Oostenrijkse regering wil daarmee medeleven tonen met de slachtoffers van het nazi-regime. De regering heeft verklaard dat het haar lot en plicht is om te waarschuwen ter verdediging van de democratie, de rechtsstaat en de rechten van de mens.


Nationale Bibliotheek

De Oostenrijkse Nationale Bibliotheek herdenkt de "Anschluss" in 1938 met de tentoonstelling "Nacht over Oostenrijk. De Anschluss 1938 - vlucht en verdrijving " (foto rechts).


Onder andere voorname foto's, pamfletten en propaganda over de gebeurtenissen in het voorjaar van 1938. Daarnaast worden 15 individuele verhalen van mensen verlicht, die had naar Oostenrijk vertrekken in die tijd - meer lezen in tentoonstelling: 75e Verjaardag van de "Anschluss" .De exposoitie duurt van 7 maart tot 28 april 2013, dinsdag tot zondag van 10.00 tot 18.00 uur, donderdags tot 21.00 uur, toegangsprijs  7 euro.


Mislukt
Een plan voor  een groot herdenkingsproject op de Heldenplatz, het grootste plein van Wenen, is mislukt. De chef van het  Burgtheater (daar gelegen)  Matthias Hartmann, architect Wolf D. Prix en kunstenaar Erwin Wurm konden niet genoeg sponsors vinden. Dit ondanks het feit dat de kanselarij van de regering zelf - eveneens gelegen aan de Heldenplatz - trachtte sponsors te vinden.


Foto onder: Joden moeten de trappen van het parlement schoonmaken waarop  pro-Schussnig (oude kanselier) leuzen staan - 13 maart 1938.





Foto's onder: Hitlers intocht in Wenen, 14 maart 1938. Op de bovenste foto zit bondskanselier Seyss-Inquart achter Hitler; beiden zijn Oostenrijkers en Seyss zou later gouverneur van bezet Nederland worden.










David Barnouw over Vorden:

Strakkere definitie herdenking 4 mei nodig


door Eddy Kokelenberg

ARNHEM, 04-03-2013  - De overheid moet strakker definiëren wie en wat we op 4 mei herdenken. Dat zei David Barnouw, voorlichter  van het NIOD zondag in het gespreksprogramma In Gelderland Live op Omroep Gelderland.

Aanleiding voor deze uitspraak is de ophef over de herdenking op 4 mei van de in Vorden begraven Duitse soldaten. Het probleem is volgens velen bij zo'n herdenking is dat daders en slachtoffers vermengd worden, wat nooit de bedoeling van de oprichters van de oorlogsmonumenten is geweest.


Volgens Barnouw zouden we bij de nationale herdenking op de Dam alleen de Nederlandse slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog moeten herdenken. Nu worden  alle gevallenen sinds de het begin van de Tweede Wereldoorlog herdacht. Lokale comités zijn volgens de oorlogsdeskundige vrij in hoe ze de herdenking vorm willen geven. Zij leunen volgens anderen echter sterk op het voorbeeld, hulp en de adviezen van het Nationaal Comité 4 en 5 mei, dat een zeer ruime definitie van oorlogsslachtoffers hanteert, ruimer zelfs dan die van het rijk.


Wel adviseert Barnouw het comité van Vorden te onderzoeken of de graven van de Duitse militairen alsnog naar de Duitse begraafplaats in Ysselsteyn overgebracht kunnen worden. Volgens het Comité 4 mei Vorden kunnen de graven niet naar Ysselsteyn, omdat het graf in particulier bezit is.


Loonstein: mogelijk weer proces

Prof dr Herman Loonstein, voorzitter van de Joodse organisatie Federatief Joods Nederland (FJN), reageerde vrijdag verbolgen op het voornemen van het Comité 4 mei Vorden om dit jaar aansluitend op de dodenherdenking  opnieuw langs een graf met Duitse soldaten te lopen.


"Bizar dat ze nogmaals de boel op de spits willen drijven.Wij gaan zeker niet lijdzaam toezien; we overwegen een kort geding tegen het organiserend comité. Het is ook mogelijk dat we een strafklacht indienen vanwege het opzettelijk beledigen van oorlogsslachtoffers en hun nabestaanden," zei hij tegen dagblad De Stentor.


Joodse dodenherdenking Vorden

De uitgever en hoofdredacteur  van deze site, Arthur Graaff,  wil op vrijdag 3 mei 2013 een dodenherdenking voor de vermoorde Joden uit Vorden houden op de oude Joodse begraafplaats in Vorden, als B&W van de gemeente Bronckhorst, waar Vorden in ligt, toch deelneemt aan de herdenking van de Duitse soldaten. De vrijdag is gekozen omdat de zaterdag voor gelovige Joden een Sjabbat is, een rustdag, waariop de Joodse begraafplaats gesloten is.




Boek 'Scherven' behandelt 'fout na de oorlog'


AMSTERDAM, 03-03-2013 - UPDATE 05-03-2013 - Van schrijfster Bettina Drion verschijnt donderdag het boek Scherven, over de geschiedenis van foute Nederlanders na de oorlog. Haar opa, lid van de NSB, werd al op 3 mei 1945 in Kamp Vught gerechtelijk geëxecuteerd als één van de eerste Nederlanders wegens spionage en verraad.

De opa van Bettina werd opgepakt in september 1944 en berecht in het toen bevrijde zuiden, in kamp Vught. Zij is nog altijd huiverig om zijn achternaam - haar achternaam - in het openbaar prijs te geven.De vervolging van 'foute' Nederlanders vormt door de willekeur en hardheid een zeer zwarte bladzijde in de Nederlandse geschiedenis, nog overschaduwd door de behandeling van hun onschuldige kinderen.

In 'het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog' komen twee andere Drions voor, de broers J. en H. Drion, die al vroeg in de oorlog het illegale blad 'De Geus' uitgaven, vooral bestemd voor studenten zoals zij toen zelf waren, en die verder in en na de oorlog belangrijke rollen hebben gespeeld in de leiding van het verzet. De man van Bettina Drion is familie van hen. Het toeval houdt daar niet op: zij en haar gezin wonen in het huis van een vrouw die in de oorlog Joden heeft gered, mevrouw Pel, en die daarvoor dit jaar onderscheiden is door de staat Israël.

Bettina Drions vader, de eerste generatie na de oorlog, heeft vrijwel zijn hele leven over zijn vaders rol gezwegen, uit schaamte. Voor slachtoffers was er na de oorlog veel erkenning, maar niet voor kinderen van foute ouders, die zich schaamden voor hun ouders, hielden zich stil. Deze kinderen waren volgens Bettina Drion ook bang erop afgerekend te worden, wat ook gebeurde.

De laatste jaren is er volgens Bettina Drion langzamerhand wel een kentering in het zwijgen gekomen, maar dan vooral bij de kleinkinderen, niet bij de eerste generatie nazaten.


Bettina Drion kwam er zelf pas achter op haar 28ste (zij is nu 44, getrouwd en moeder van drie  kinderen), welk uitstel zij nu als positief ervaart, omdat ze er tijdens haar jeugd niet door belast werd. In 2006 kwam ze erachter maar werd toch bevangen door schaamte en schuld.

Door dat zij nu de geschiedenis kent, kon zij de teruggetrokken houding van haar vader beter begrijpen. Ze ervoer zelf angst om te gaan uitzoeken wat er precies is gebeurd. "Anne Frank kijken is niet meer leuk als je dat weet. En de Dodenherdenking is nu ook moeilijk."

Bettina Drion maakt duidelijk dat ze het verleden van haar opa moeizaam verwerkt door erover te praten. Zij  publiceerde eerder Porselein,  een roman over deze geschiedenis. Ze ervoer dat het niet zo was, dat veel mensen die na dat boek met haar spraken, makkelijk over de daden van haar opa heen stapten. Op Youtube vertelt zij in een interview hierover.

Zij heeft voor haar nieuwe boek gesproken met kinderen van NSB-ers. De enige van de vier die met zijn echte naam erin wilde staan, was Grimbert Rost van Tonningen. Zij heeft ook één verhaal over haar opa bij nader inzien niet opgenomen. Haar vader nam bij de presentatie van de roman Porselein het woord en deed daar voor het eerst zijn eigen verhaal in alle openheid. Volgens zijn dochter is hij buitengewoon opgelucht dat er nu openheid is over de familiegeschiedenis.




Foto boven: een unieke opname in kleur van de Rijksdagbrand. Of deze wel of niets zwaar geretoucheerd is, is de redactie onbekend, De waterstraal op de koepel lijkt wat overdreven.


Marinus van der Lubbe en 80 jaar Rijksdagbrand:

Eerste buitenlandse slachtoffer

van nazi's


door Arthur Graaff

AMSTERDAM, 27-02-2013 - Exact 80 jaar geleden, in de nacht van 27 op 28 februari 1933, is de Rijksdag verbrand in Berlijn. Dat was vermoedelijk een geïsoleerde daad van een jonge radencommunist uit Leiden: Marinus van der Lubbe.


Foto rechts: Van der Lubbe tijdens zijn proces najaar 1933. Hij had vijf maanden in de gevangenis geketend gezeten, zijn gezondheid was aangetast, maar hij legde op één dag tijdens zijn maandenlange proces waarin hij tot dan toe zweeg, toch nog één heldere verklaring af, waarin hij alle samenzweringstheorieën volkomen ontkende. Zijn Bulgaarse communistische medebeklaagden werden allen vrijgesproken en na maanden, na flinke druk uit het buitenland, vrijgelaten.


Een Nederlander werd daarmee het eerste dodelijk buitenlandse slachtoffer van de nazi's. Na een proces op onwettige gronden werd hij in 1934 in Leipzig gerechtelijk vermoord. Heel langzaam heeft hij, met de grootste moeite, uiteindelijk eerherstel gekregen in Duitsland.


De brand, het proces en zijn dood hadden enorme gevolgen: de nazi's wonnen daardoor de verkiezingen van 5 maart 1933 en konden meteen hun grootste tegenstanders,  de communisten, volledig uitschakelen. Alle communistische leiders in Duitsland verdwenen binnen enkele weken in concentratiekampen zoals Dachau, dat in maart 1933 geopend werd.

Historici die de brand onderzoeken, strijden nog steeds over de exacte toedracht. Kon het wel het werk zijn geweest van een eenzame Leidse
communist met weinig geld en slechte ogen? Van der Lubbe heeft dat steeds volgehouden, ook tijdens het maandenlange proces. Ook vandaag zijn er over hem en de bbrand vele honderden artikelen in de Duitse pers verschenen, en zenden radio en tv programma's over de brand uit.


Foto links: de dag erna...


De nazi's lieten er geen gras over groeien. Terwijl het gebouw nog brandde, begonnen de arrestaties van communisten, socialisten, vakbondsmensen, schrijvers en linkse intellectuelen al.


De nazi's hadden na de snelle arrestatie van Van der Lubbe in het gebouw naar Leiden gebeld en van de politiecommissaris zelf gehoord, dat Van der Lubbe en 'communist' was.


Goering, en Hitler net als hij, vreesden volgens dr Lou de Jong in zijn standaardwerk 'Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog' dat de brand het begin was van een communistische opstand. Dat bleek volstrekt niet het geval.


De haast waarmee de politieke politie en de SA reageerde op de gebeurtenis, suggereert volgens andere onderzoekers dat zij de aanstichters van de brand waren. De Duitsers geloofden de Nederlandse anarchist of radencommunist Marinus van der Lubbe niet, ondanks dat hij de misdaad bekende.

Maar hoe moet een individuele vreemdeling en ook visueel gehandicapte erin slagen om met vrijwel niets de Rijksdag op veel verschillende plaatsen tegelijk in brand te zetten binnen een paar minuten? Hert gebouw had in zijn zittingszaal een groot gordijn, dat voor een houten wand hing; ook waren flinke delen van het gebouw gelambrizeerd terwijl veel vloeren en veel trappen van hout waren.


Foto links: Van der Lubbe in betere tijden


Vanuit het buitenland is vaak gesuggereerd dat de nazi's het plan hebben gesmeed. Gebruikte Van der Lubbe "helpers" de mysterieuze gang naar het paleis van de Reichtagpresident (waar Göring als president van de vergadering woonde), zoals de Duitse zender ARD film "Night of Desire" vorige week stelde?


Dat is volgens sommigen een absurde samenzweringstheorie. Anderen vragen hoe men zo naïef kan zijn om te geloven dat de nazi's de Rijksdag niet zelf hadden aangestoken.

Onenigheid over de daad en elkaar de schuld geven  en zijn aan de orde geweest sinds de gebeurtenis zelf. 

Voor Hitler, sinds januari 1933 de rijkskanselier, was 's avonds vanwege de brand naar het huis van Goebbels gekomen. Zijn eerste reactie was dat "De Communistische afgevaardigden, moeten nog deze nacht worden opgehangen ' , schreeuwde hij kijkend naar het vuur. "Elke lid van de communistische partij moet worden doodgeschoten , waar hij ook is." Spoedig lichtte de politie en SA een aantal "verdachten" van hun bed. Van der Lubbe was in het gebouw al gearresteerd door een nachtwacht.

Sebastian Haffner, de beroemde Hitler-biograaf en kenner van de nazi's spot in ballingschap in Engeland in 1939: "Het is grappig, echter, dat de nazi's boos zijn over de Reichstag zon Tot dan toe hadden ze het altijd de ' praatwinkel'  genoemd , en nu opeens was de ontheiliging van het Heilig Sacrament, door een vuur. "



De achtergrond van de brandstichting  werd, na de oorlog,  in de jaren '50 uitgezocht door een Duitse "amateur-historicus", zoals hij het noemde: Fritz Tobias,  ambtenaar in het Neder-Saksische ministerie van Binnenlandse Zaken.

Op basis van zijn onderzoek, publiceerde Der Spiegel eind 1959 een elfdelige artikelenreeks waarin het bewijs van Van der Lubbes daderschap glashelder moet worden voor iedereen.

Ook dr L de Jong neemt Tobias'werk aan als geloofwaardig. Uitgever en hoofdredacteur Rudolf ASugstein zie wat voorbarig: 'Over de Rijksdagbrand hoeft na deze serie niet emer gedicsussieerd te worden.'

Kwam er niets van. Tobias 'resultaten werden door de deskundigen met verbazing maar toch wel gunstig ontvangen, met anme  in 1964 door de jonge historicus Hans Mommsen van het beroemde  Münchener Instituut voor Hedendaagse Geschiedenis.

Maar Mommsen uit wel een vroegere criticus van Tobias uitgeschekeld op een manier, waarvan het instituut in 2001 zei dat het volstrekt onacceptabel was. De discussie duurt voort of Van der Lubbe het nu helemaal zelf heeft gedaan. Dat blijft altijd mogelijk. Maar Van der Lubbe is nog altijd vermoord.



De volgende dag, publiceerde Hitler zelf, kanselier, met de handtekening van president Von Hindenburg een nooddecreet, dat een nooit ingetrokken een noodtoestand uitriep.


Niet alleen de communisten maar ook de sociaal-democraten en werd hun verkiezingscampagne onmogelijk gemaakt, hun kranten werden verboden en gesloten, de redactielokalen kort en klein geslagen, aanhangers gearresteerd en meerdere kandidaten gedeporteerd in de eerste concentratiekampen.

De vier communistische medebeklaagden van Van der Lubbe werden in december 1933 na een maandenlange sensationele rechtszaak, die plaatsvond in Leipzig, maar ook voor een aantal weken in een kamer van de Reichstag die niet aangetast was, allen vrijgesproken.


Maar de nazi's hadden hun gedroomde voorwendsel van de communistische medeplichtigheid om de communistische beweging te verpletteren, en kort daarna de sociaal-democratische.

Van der Lubbe werd geëxecuteerd  op 10 januari 1934, ook al was er geen wet ten tijde van de feiten, die op brandstichting de doodstraf stelde. De Nederlandse regering protesteerde en noemde ook dit argument, maar de nazi's trokken zich er niets van aan.

De uitsluiting van de communistische afgevaardigden een paar dagen na de brand uit het de nieuw verkozen parlement heeft ertoe geleid dat de NSDAP de absolute meerderheid van de zetels bereikte en veel sneller dan zij had verwacht, zodat de naziterreur ook versneld begon.





Nucleair afval uit WO2 lekt in VS


YAKIMA, 27-02-2013 - In de Amerikaanse staat Washington zijn 6 tanks nucleair afval uit WO2 gaan lekken. Dat is op één van de grootste opslagplaatsen voor dit afval in de VS.. In totaal worden er 177 tanks onder de grond bewaard op de Hanford Nuclear Reservation,

Ondanks de leken zou er volgens de NOS geen direct gevaar voor de volksgezondheid bestaan, zo stelen de autoriteiten. Er is geen verhoogde radioactiviteit gemeten buiten de ondergrondse opslagplaats. Het is echter volgens de Huffington Post de meest met atoomafval vervuilde plek van de VS.


Curieus is dat aanstaande zaterdag de inschrijving weer opent voor rondleidingen in de reactor, die de eerste was ter wereld en de eerste die in de VS gebouwd werd, en tijdens WO2. Enthousiasten werken aan plannen om van het geheel een bezienswaardigheid te maken over de geschiedenis van het Manhattan Project.

NOS- correspondent Wouter Zwart acht de problemen niet verwonderlijk. "Die tanks zijn al 60 jaar oud, maar waren bedoeld om maar 20 jaar mee te gaan. We hebben hier te maken met een ernstige vorm van achterstallig onderhoud."


Foto links: de zg. Trinity Test van de eerste atoombom, in Alamogordo in New Mexico, 15 jil 1945.


De gouverneur van Washington hoopt volgens de NOS daarom dat hij meer geld krijgt van de centrale overheid. De regio krijgt nu zo'n 2 miljard dollar per jaar voor het opruimen van het afval, maar dat is bij lange na niet genoeg. Eeneenvoudige oplossing bestaat volgens de NOS niet.


"Het schijnt ontzettend moeilijk en tijdrovend te zijn om dat spul veilig uit die tanks te halen en dan over te brengen naar nieuwe tanks of naar een verwerkingsfabriek. Er wordt een verwerkingsfabriek gebouwd, die dit jaar af zou zijn, maar die is pas in 2019 af," aldus de gouverneur.

Het afval is ontstaan bij het Manhattan Project, een nucleaire project dat de VS tijdens de Tweede Wereldoorlog opzette. Hier werd plutonium geproduceerd tijdens WO2.


Doel van het project was onder meer de atoombommen te ontwikkelen die op Hiroshima en Nagasaki werden gegooid. Sindsdien hebben mensen zich regelmatig zorgen gemaakt over de opslagplaats, meldt verslaggever van The Huffington Post: Er zijn regelmatig lekken bij opslagplaatsen van nucleair afval of bij andere nucleaire installaties, zoals in Japan of Three Mile Island.


Er wordt gebouwd aan een nieuwe fabriek die het oude vuil moet bewerken en minders chadelij moet maken. De aanleg is echter ver over zijn bouwschema en budget heen. Deze fabriek zal niet vóór 2019 in bedrijf komen.






Twee Nederlanders ontdekken POW-kampen in Z-Korea

SEOUL, 26-02-2013 - Twee Australische Nederlanders hebben in Z-Korea de verloren gegane locatie van 3 krijgsgevangenkampen herontdekt. Eén van de twee, Jacco Zwetsloot (foto rechts), woont in Z-Korea en werkt daar o.m. als journalist en vertaler Koreaans.

Hij heeft over de drie kampen vandaag voor de Royal Asiatic Society een lezing gehouden. Hij deed zijn herontdekking samen met Matthew Van Volkenburg. In 1653 leed Hendrik Hamel uit Gorcum schipbreuk en kwam terecht in Korea (dat zichzelf aanduidt als Hanguk), als eerste Europeaan. Hij bracht er 13 jaar door, en schreef het eerste Europese boek over het land.


Korea werd al in 1910 geannexeerd door Japan en volledig gekoloniseerd. Het land werd eveneens gejapaniseerd, Koreaans werd onderdrukt; Koreanen moesten Japanse namen aannemen en werden door Japanners naar het tweede plan verdrongen. Honderdduizenden Koreanen werden naar Japan gedeporteerd voor dwangarbeid in de mijnen en fabrieken.

Vele mannen werden in het Japanse leger opgenomen om tegen China te vechten, terwijl duizenden vele vrouwen tot sexslavinnen werden gemaakt voor de Japanse soldaten. Op 8 september 1945 landden de Amerikanen in Korea, en eindigde de Japanse bezetting.

Tijdens de oorlog werden er vanaf 1942 ongeveer 1.500 geallieerde soldaten krijgsgevangen gehouden in Korea door de Japanners. De eersten waren Britten en Australiërs die gevangen waren bij de verrassende en plotselinge val van Singapore. De kampen werden geleid door Japanse officieren en bemand met Koreanen.




FUSAN, KOREA. 1942-10-24. OFFICERS AND SENIOR NCOS IN A PARTY OF ENGLISH AND AUSTRALIAN PRISONERS OF WAR CAPTURED BY THE JAPANESE AT THE FALL OF SINGAPORE AND NOW TRANSPORTED TO KOREA IN THE PRISON SHIP "FUKKAI MARU" LEADING A GRUELLING FIVE MILE MARCH, CARRYING HEAVY KIT, THROUGH THE STREETS OF FUSAN. A NUMBER OF MEN COLLAPSED THROUGH SHEER FATIGUE, AFTER SIX WEEKS AT SEA IN CROWDED CONDITIONS.













Beatrix en Poetin moeten Russisch Ereveld

Leusden bezoeken




Foto boven: het monument ' Koedriest', op het Russisch Ereveld in Leusden. Foto Sticht. Russ. Ereveld.


LEUSDEN, 25-02-2013 -- Koningin Beatrix en president Poetin moeten een bezoek brengen aan het Russisch Ereveld in Leusden. Dat vindt de stichting Russisch Ereveld die de Russische begraafplaats in Leusden beheert. Daar rusten 865 Russische soldaten, die in Nederland of er vlakbij zijn gesneuveld in de Tweede Wereldoorlog.

Remco ReidingHet Ereveld raakte daarna in de vergetelheid, maar tegenwoordig stijgt het aantal bezoekers. Een lid van de koninklijke familie  is er nog nooit geweest en dat wordt wel tijd, schrijft het bestuur van de stichting in de NRC. De brief is ondertekend door de bestuursleden Hayo Bootsma, Alex Engbers en Remco Reiding (foto links), alledrie journalisten.

Een voornaam argument van de uitnodigende stichting in zijn brief is dat het westen zijn vrijheid aan de inspanningen en grote opofferingen van de Russen tijdens WO2 te danken heeft. Dat argument wordt door verschillend historici wel erkend, aangezien de Sowjet-Unie in de oorlog meer militairen en burgers verloor dan alle andere strijdende landen samen, namelijk ruim 26 miljoen.


Nederland verloor in Europa 280.000 en in Nederlands-Indië ruim 4 miljoen voornamelijk burgers; de VS verloor 150.000 manschappen en vrijwel geen burgers, de UK 200.000 soldaten en evenveel burgers. Maar in het westen is het algemene besef van de Russische offer nog gering, en ook dat wil de stichting graag veranderen.
 
Bestuurslid Remco Reiding was correspondent in Rusland en heeft vanwege zijn jarenlange inspanningen om de familieleden van de begravenen op te sporen, enkele Russische onderscheidingen ontvangen. Vrijwel alle familieleden zijn nu bereikt, en velen van hen hebben het graf van hun verloren gewaande familielid bezocht met hulp van de Stichting.

Op 8 april komt de omstreden president Poetin officieel naar Nederland. Een dag later wordt de massa-executie van 77 Russen in 1942 Leusden herdacht. De stichting vindt dat een mooi moment om een krans te leggen.

Het herdenken van wat de Russen 'De grote patriottische oorlog'  noemen is door alle lagen van de Russische bevolking een hoge prioriteit, los van de politiek. Ook president Poetin heeft zich daar steeds volledig voor ingezet.





TOTAAL  NIJMEEGSE  OORLOGSDODEN  NU  3.200

Nijmegen herdenkt doden bombardement 1944



NIJMEGEN, 23-02-2013  - Nijmegen herdacht gisteren en vandaag het bombardement van 22 februari 1944. Bij de aanval door Amerikaanse bommenwerpers vielen die dag en erna ruim 850 doden. De bommen verwoestten vrijwel de hele Nijmeegse binnenstad.


Foto rechts: het opruimen van de verwoesting in de binnenstad van Nijmegen op 23 februari 1944, een opname uit het Polygoon-journaal.

In totaal telt Nijmegen nu ruim 3.200 oorlogsdoden, inclusief de ongeveer 550 Joodse slachtoffers die gedeporteerd werden.


Dat blijkt uit de website Oorlogsdoden Nijmegen. Daarmee is de stad qua totaal aantal doden de zwaarst getroffen plaats na Amsterdam, Rotterdam en Den Haag.

Aan deze site worden nog toegevoegd de militairen die in Nijmegen stierven (de stad was ongeveer een half jaar frontstad, vanaf Market Garden op 17 september 1944 tot het begin van de Operation Veritable, de geallieerde doorsteek naar Duitsland vanuit Nijmegen). Geallieerde soldaten uit Nijmegen liggen o.m. op het Canadese kerkhof in Groesbeek met 2590 Canadezen en 1029 andere gemenebest-militairen.


Na een dienst in de Molenstraatkerk in Nijmegen startte de officiële herdenking bij hetmonument De Schommel aan de Raadhuishof. Het monument is opgericht voor de hernnering aan de kleuterschool en de 24 kleuters en 8 zusters die op deze plek omkwamen.


Foto links: het monument De Schommel in Nijmegen, tijdens de herdenking, gisteren; opname uit video van Omroep Gelderland.


Vrijdagmiddag kwamen herdenkenden bijeen op de begraafplaats aan de Daalseweg. Daar liggen zo'n 300 slachtoffers van het bombardement.


Burgemeester Hubert Bruls zei daar dat de belangstelling voor de herdenking toeneemt en dat er steeds meer mensen stil bij wat er 69 jaar geleden gebeurde in hun stad.

Lange tijd werd volgens de krant De Gelderlander aangenomen dat de Amerikaanse vliegers dachten dat ze een Duitse stad bombardeerden. Historicus Joost Rosendaal van de Radboud Universiteit concludeerde in 2009 echter dat ze niet wisten waar ze zich precies bevonden.

Toen de Amerikanen merkten dat zij de Duitse stad Gotha niet konden bereiken, besloten ze hun bommen af te werpen op een willekeurig spooremplacement, dat later Nijmegen bleek te zijn. Sinds het onderzoek van Rosendaal spreekt Nijmegen niet meer van een vergissingsbombardement.

Vandaag was er een lezing in de Mariënburgkapel door Bart Janssen, die in een boek honderden ooggetuigenverslagen verzamelde. Hij stelde in die lezing het gezin Van Dreven centraal, waarvan zoon Hansje gedood werd bij het bombardement. Na de oorlog emigreerde het gezin naar Australië. Evert, de broer van Hansje, is naar Nijmegen teruggekomen voor de herdenking en de lezing.




OPINIE - 19 FEBRUARI 2013 


Vorden negeert belang van verdwenen nabestaanden van Joodse slachtoffers

De burgemeester van de gemeente Bronckhorst negeert het belang van de nabestaanden van Joodse slachtoffers in het dorp Vorden. In hoger beroep verviel vandaag het verbod aan hem om tijdens de Dodenherdenking van 4 mei Duitse soldaten te herdenken.

Maar de burgemeester herdenkt nog steeds niet de Joodse slachtoffers uit zijn gemeente, voor hen is er in het dorp Vorden namelijk geen monument. Dat hij wel de daders wil herdenken, is treurig. Hij wenst desgevraagd zelfs niet te verklaren dat hij een eventueel SS-gedicht, zoals vorig jaar net op tijd tegengehouden werd bij de nationale herdenking op de Dam, a priori afwijst.

De burgemeester zou een voorbeeld kunnen nemen aan zijn collega uit de gemeente Midden-Drenthe, die vorige week een algeheel verbod op kleine gedenkstenen in het plaveisel, voor vermoorde Joden, weer introk.

Opvallend in het vonnis van het hof in de zaak-Vorden is ook, dat het de plaatselijke bestuurders vrij laat om de belangen van vaak verdwenen Joodse inwoners en hun verspreide nabestaanden te negeren en zodoende soms te schaden.

In Vorden bestond een Joodse gemeenschap, die bij het uitbreken van de oorlog echter al verdwenen was. Wel zijn er Joodse mensen uit Vorden door de Duitsers vermoord. Naar hen verwijst niets in het dorp. Steeds meer gemeenten werken echter mee aan monumenten voor hun vermoorde Joodse inwoners, zoals bijvoorbeeld juist ook weer Heemstede.

Het zou de gemeente Bronckhorst sieren, als zij ook voor haar vermoorde Joodse inwoners een gedenteken wilde oprichten. De burgemeester staat er voor open, maar zegt een initiatief af te wachten.

Duitse soldaten worden overigens door Duitsers herdacht op de zg. Volkstrauertag, jaarlijks rond 13 november. Op de grote Duitse militaire begraafplaats Ysselsteyn met 32.000 Duitse soldatengraven in Venray, gebeurt dat ook officieel.

Elke groep heeft in Nederland ongeveer zijn eigen datums: voor Joodse slachtoffers is dat bijvoorbeeld naast 4 mei ook Holocaust Memorial Day, 27 januari of Yom Hashoa. rond 27 april. Indische Nederlanders herdenken op 15 augustus, o.m. bij het Indische monument in Den Haag. De Amerikanen herdenken hun gesneuvelde soldaten in Margraten op 29 mei, de Britten de 19.000 hunne op de bijna 500 Gemenbest-begraafplaatsen in Nederland rond 11 november; de Polen herdenken op Oosterbeek weer op 17 september.

De gemeente Bronckhorst moet toch af en toe ook over haar grenzen kijken. Ook daar gebeurt wel eens wat.

AMSTERDAM
prof dr H. Loonstein,
voorzitter Federatief Joods Nederland
06 5494 1994   

Arthur Graaff
uitgever FP Media VOF
hoofdredacteur Nieuws-wo2.tk
06 2704 7728





VERMOORDE JODEN

GEBOREN IN VORDEN


Bertha Philips

Vorden, 16 mrt 1878 - Auschwitz, 27 nov 1942

 

Henri Hoek

Vorden, 7 apr 1889 – Auschwitz, 10 feb 1944

 

Jetje Jacobson-Wertheim

Vorden, 19 mrt 1856 – Sobibor, 23 apr 1943

 

Alexander Philips

Vorden, 26 jun 1911 – Sakrau, 31 jan 1943

 

Amon Mozes Philips

Vorden, 3 jan 1886 - Auschwitz, 12 okt 1942

 

Betsy Frouwke Philips

Vorden, 24 apr 1926 – Auschwitz, 12 okt 1942

 

Frouwke Karla Philips

Vorden, 4 jul 1927 – Auschwitz, 12 okt 1942

 

Jozeph Philips

Vorden, 26 aug 1875 – Auschwitz, 21 jan 1943

 

Philip Philips

Vorden, 26 jun 1880 – Ermelo, 3 mrt 1943

 

Bertha Stoppelman-Philips

Vorden, 3 aug 1877 – Auschwitz, 23 nov 1942

 

Rosalia Vleesblok-Philips

Vorden, 21 dec 1869 – Sobibor, 20 mrt 1943

 

Jozeph Windmuller

Vorden, 26 sept 1877 – Auschwitz, 19 okt 1942

 

Rosetta Zendijk-Wertheim

Vorden, 23 nov 1858 - Sobibor, 14 mei 1943

 

 



'Actievere rol voor gemeente bij Oorlogsmuseum in Overloon'

BOXMEER, 19-02-2013  - De gemeente Boxmeer zou een actievere rol kunnen spelen in het Nationaal Oorlogs- en Verzetsmuseum in Overloon. 


Foto rechts: in de grote hal zijn ook enkele vliegtuigen te bewonderen, zoals deze Nederlandse Spitfire. Er staat ook een tweemotorige B-25 Liberator. De kans dat er elders voor dit soort grote voorwerpen onderdak gevonden zal worden, is vrij klein.


De plaatselijke politieke partij VDB/LO stelt hiervoor vragen aan Burgemeester en Wethouders.

De raadsfractie beklaagt zich erover dat de gemeenteraad en inwoners van Overloon nauwelijks op de hoogte worden gehouden.


Het museum, dat tot voor kort Liberty Park heette, gaat deelnemen in een nieuw Nationaal Oorlogsmuseum in Nijmegen maar blijft tevens gevestigd op de oude plek.

VDB/LO wil weten wat dit betekent voor de huidige activiteiten in het museum, dat tevens beschikt over een groot bospark.


Ook wil de partij de garantie van B en W dat ze zich maximaal inzetten om het Oorlogsmuseum in Overloon te behouden en te voorkomen dat vitale onderdelen van het huidige museum verdwijnen'.

De directeur van het museum heeft twee weken terug verklaard dat het museum in Overloon blijft. Dat zeggen ook de stichters van het nieuwe museum in Nijmegen. Het museum is momenteel bezig met een verbouwing.

De partij wijst op de oorsprong van het museum, namelijk de Slag om Overloon tijdens de Tweede Wereldoorlog en de toeristische uitstraling van het grote complex.


Foto links: op het grote bosterrein van Overloon staan ook grotere installaties, zoals deze Duitse radar uit de oorlog.





Burgemeester Vorden mag op Dodenherdenking langs Duitse graven lopen


ARNHEM, 19-02-2013 -  Burgemeester Henk Aalderink van het dorp Vorden in de gemeente Bronckhorst mag tijdens de Dodenherdenking van 4 mei wel langs graven van Duitse soldaten lopen.


Foto rechts: de gewraakte Duitse soldatengraven in Vorden.


Dat oordeelt het hof in Arnhem in hoger beroep. De rechtbank in Zutphen verbood de burgemeester dat vorig jaar ten onrechte zo meent het hof.


Federatief Joods Nederland, die de vordering instelde tegen de gemeente, is  veroordeeld tot het betalen van de kosten, ongeveer € 6.000.

Volgens het hof had de Zutphense rechter niet genoeg redenen om in te grijpen in de lokale herdenking op 4 mei.


Het plaatselijke 4/5 Mei Comité in het dorp Vorden besloot vorig jaar in overleg met de gemeente om tijdens de dodenherdenking voor het eerst ook langs de graven van gesneuvelde Duitsers te lopen. De reden daarvoor bleef diffuus. Deelnemers aan de herdenking konden daarna zelf kiezen of zij dat na afloop van de officiële ceremonie ook wilden.
 
Het kerkgenootschap Federatief Joods Nederland (FJN) vond dat respectloos en spande een geding aan. De gemeente ging in hoger beroep omdat burgemeester Aalderink vond dat de rechter zich niet mocht mengen in plaatselijke aangelegenheden. Het hof deed daarover echte geen uitspraak. .
 
Foto links: burgemeester Aalderink; foto gem. Bronckhorst


Het hof erkent dat een bepaalde groep personen zich door een voorgenomen wijze van herdenken gekwetst voelt, maar acht dat is voor een dergelijk ingrijpen onvoldoende.. ,,Zeker wanneer, zoals hier, deze personen niet tot de lokale kring van mensen behoren voor wie de herdenking wordt georganiseerd.'' In een eerste reactie zegt prof H. Loonstein van het FJN dat het hof daarmee van weinig ' historisch besef'  bloijk geeft, Hij wijst erop dat er uit Vorden 11 Joden zijn vermoord, voor wie daar geen monument bestaat.
 
Het hof stelt dat plaatselijke comités veel vrijheid hebben bij de inrichting van herdenkingen, omdat er geen landelijke voorschriften voor zijn. Prof Loonstein is een sterk voorstander van een landelijk richtlijn opd at punt. De autoriteiten dienen volgens het hof die vrijheid te respecteren. Alleen als de voorgenomen wijze van herdenken  onrechtmatig is jegens derden, kan de kort gedingechter ingrijpen, aldus het hof. 



Volgens de website JHM.nl behoorde de joodse gemeenschap van Vorden oorspronkelijk tot de joodse gemeente Lochem.

In 1877 kocht zij een eigen begraafplaats aan de Wildenborchseweg nabij kasteel De Wildenborch. Vijf jaar later werd Vorden als een zelfstandige joodse gemeente erkend. De godsdienstoefeningen werden bij een van de leden thuis gehouden.

De zelfstandige joodse gemeente Vorden is slechts een kort leven beschoren geweest.

In 1930 vertrok het laatste gezin, waarna de gemeente drie jaar later werd opgeheven en officieel weer bij Lochem werd gevoegd. Sinds 1959 zorgt de plaatselijke overheid voor de joodse begraafplaats.

 


In Bronckhorst was de bijeenkomst volgens het hof zorgvuldig voorbereid. Tevens was vooraf onderzocht of er voldoende draagvlak was.


De kwestie leidde in binnen- en buitenland tot veel ophef. temeer daar op dat moment ook een rel gaande was vanwege een aangekondigd SS-gedicht dat op de nationale dodenherdenking op de Dam op 4 mei moest worden voorgelezen. Organisator het Nat. CVomit'e 4 en 5 mei trok dit na luide bezwaren uit diverse kringen terug.

De burgemeester van Bronckhorst was nog niet beschikbaar voor commentaar. Aan hem zijn de volgende vragen voorgelegd:

  • Gaat u een monument voor de vermoorde 11 Joden uit Vorden oprichten?
  • Gaat u de herdenking van de Duitse soldaten verplaatsen naar de Duitse nationale herdenkingsdag voord e olrogh, de zg. Volkstrauertag, rond 13 november, die ook op de grote begraafplaats in Ysselsteyn wordt gevolgd?




Oorlogsheld ridder MWO Giovanni Hakkenberg  (89) overleden


EDE, 16-02-2013 - UPDATE 18-02-2013 - Oorlogsheld oud-kapitein der mariniers ridder Giovanni Hakkenberg MWO is vrijdag op 89-jarige leeftijd in Ede overleden.


Hij was een van de 4 laatste levende dragers van de Militaire Willems-Orde die de Tweede Wereldoorlog nog hebben meegemaakt. De MWO is de oudste en hoogste ridderorde van Nederland.

Ridder Hakkenberg overleefde Nederlands grootste zeeslag uit de oorlog. Hij wordt deze week in Utrecht gecremeerd, zo heeft woordvoerster Lt Gelijns van het ministerie van Defensie bekendgemaakt; de exacte dag wordt nog beklendgemaakt maar is niet dinsdag. Ridder Hakkenberg krijgt daar tevens een eresaluut van de krijgsmacht zoals bij ridders MWO gebruikelijk is..


Als 17-jarige meldde Hakkenberg zich met een broer en enkele neven in Indië bij de Marine om in Europa tegen de Duitsers te vechten. Het was toen 1941, in Indië was nog geen oorlog. Na hun opleiding waren deze 11 manschappen echter nodig in Indië, dat vanwege zijn enorme olievoorraden, mijnen en zeer succesvolle landbouw bedreigd werd door Japan.


Aan boord van de torpedobootjager HrMs Kortenaer (foto links) werd hij jongste matroos en maakte op 27 februari 1942 de Slag in de Javazee mee.


De Kortenaer werd zoals vrijwel alle geallieerde schepen in die slag getorpedeerd en zonk binnen een paar minuten. Hakkenberg wist zich ternauwernood te redden en was hij een van de 104 overlevenden van de slag.


Ridder Hakkenberg werd door de Britse jager HMS Encounter opgepikt en naar Soerabaja gebracht. Daar werd hij krijgsgevangene en moest dwangarbeid verrichten aan de beruchte Japanse Burma-spoorlijn van Thailand naar Burma, ook wel bekend als de 'Dodenspoorlijn'. Daarna moest hij werken in Japan, in een mijn. na de oorlog bleef hij in dienst, tot 1971.

Ridder Hakkenberg bracht zijn laatste jaren door in Indisch verzorgingstehuis Rumah Kita in Wageningen en overleed in het ziekenhuis in Ede. Twee jaar geleden vierde hij nog zijn briljanten huwelijk. De Wageningse burgemeester Van Rumund zette zijn vrouw en hem toen in het zonnetje.


Er zijn nu nog drie levende dragers van de Militaire Willems-Orde uit de oorlog. Het zijn de Britse RAFpiloot Kenneth Mayhew (geboren in 1917), de Amerikaanse piloot Edward Fulmer (1919) en de Nederlandse liniecrosserr  Cornelis van den Hoek (1921).


Militaire Willems-Orde
Hakkenberg kreeg in zijn loopbaan veel onderscheidingen, zo meldt Defensie. Behalve de Militaire Willems-Orde Ridder vierde klasse, ontving hij de eremedaille in goud in de Orde van Oranje-Nassau, het Oorlogsherinneringskruis (2 gespen), het Ereteken voor Orde en Vrede en het Nieuw-Guinea Herinneringskruis. Zweden onderscheidde hem met de Orde van het Zwaard. Zijn Ridderschap verwierf hij voor zijn moedige daden in de zeer omstreden en verloren koloniale oorlog van Nederland tegen Indonesië, ook bekend als de 'politionele acties'.





'Ich bin doch auch ein Hitlerjude!" -

Grappen uit nazi-Duitsland: navrant


BERLIJN, 15-02-2013 - Er is een boekje verschenen met grappen over de nazi's. Onder de titel 'ich bin doch auch ein Hitlerjude' publiceerde Jan Ulrich Hasecke een schriftje met grappen die zijn tante in de nazitijd en de oorlog verzamelde.Het schriftje werd vorig jaar pas op een zolder ontdekt.
Het waren zg. 'fluistergrappen' waarin de nazi's nogal eens belachelijk werden gemaakt. Dit soort grappen werd in de loop van de jaren '30 -  hoe onschuldig een grap over de grootte van Goebbels' mond nu moge lijken - steeds gevaarlijker voor de verteller. Er zijn gevallen gedocumenteerd van mensen die maanden in de gevangenis verdwenen wegens een grap.  


De grappen werden verzamel door Annegret Hasecke (foto links). Zij werd geboren in 1913 en rubriceerde de grappen chronologisch.

Na de machtsovername van de nazi's werd bijvoorbeeld ook de Hitlergroet verplicht in het openbaar en tegen functionarissen; het niet-gebruiken van deze groet kon in de latere nazi-jaren tot straf leiden. Een priester die een grap vanaf de preekstoel vertelde, verdween naar een concentratiekamp en stierf daar.

In de grappen komen ook de twee figuren Tinnes en Scheel voor, ruige Berlijnse volkstypes, misschien te vergelijken met Sam en Moos. Die grappen zijn opvallend weinig grappig naar Nederlandse maatstaven, en bovendien navrant als zij over bijvoorbeeld Hitler in de hemel of Joden gaan. Hier enkele voorbeelden

  • »Die Kinder wollen mit dem Judenjungen Herz in Ohligs nicht mehr spielen. Der Kleine sagt: ›Ach, spielt doch wieder mit mir, ich bin doch auch ein Hitlerjude.‹«

  • Wanneer was de heetste zomer? In 1933. Toen zijn de meeste roden bruin geworden.

  • Twee vliegen doen een wedstrijd van het ene einde van Goebbels mond naar het andere. De ene wint. Waarom? Omdat hij langs het achterhoofd is gegaan.

  • Goebbels moet een operatie ondergaan. Zijn oren moeten een stuk naar achteren worden gezet. Waarom? Zijn mond wordt steeds groter.

  • Hitler, Goebbels en Göring komen in de hemel. God staat op en begroet de eerste twee. Als Göring dichterbij komt, fluistert een engel in Gods oor: Ga gauw weer zitten, anders klimt hij op de troon."

  • Hitler komt in de hemel en groet met: "Heil Hitler, lieve God." God antwoordt met: "Grüss Gott, beste Hitler".

  • Tinnes ligt in een katholieke ziekenhuis in Berlijn. De arts en zuster zijn bij hem als zijn vriend Scheel binnenkomt. Hij groet met de woorden: "Heil Hitler, Herr Doktor, geloofd zij Jezus Christus, zuster, lik mijn r... Tinnes, wat zie jij er slecht uit..."


Er bestaan overigens ook grappen die de Nederlandse smaak wel wat meer tegemoetkomen, al blijft dat altijd even de vraag:

  •     Hitler bespreekt in 1939 met zijn minister Hjalmar Schacht van economisch zaken dat de Joden weg moeten.
    Zegt Schacht: 'Laten we nog een jaartje of zo wachten. Ze hebben toch wel een zekere rol in de economie.' - 'Ach ja?', zegt Hitler. 'Wieso denn?' - 'Ik zal het morgen laten zien',  zegt Schacht.
    De volgende middag gaan ze naar een porceleinwinkel. De - Duitse - winkelier springt in de houding en roept 'Heil Hitler! Was hätten die Herrschaften gewünscht?"Schacht zegt: 'Hebt u ook kopjes met een links oor? '- 'Leider nicht!' antwoordt de man bedremmeld. De twee bezoeken nog een andere Duitse winkel: zelfde resultaat.
    Dan zegt Schacht 'Nu gaan we naar een Joodse winkel'. De ontvangst is wat minder herzlich, maar op de hamvraag zegt de winkelier meteen: 'Aber natürlich! Eine ganze Menge! Aber die Herrschaften verstehen, dass sind Spezialitäte, aber das kostet nur 30% mehr.'
    Hitler en Schacht gaan weer naar buiten, en Hitler roept geërgerd: 'Hoe is het verdammt noch mal mogelijk dat die Jood ze wel had?'


Er zijn ook grappen die tot onmiddelijke arrestatie en grote problemen konden leiden. De volgende is er een voorbeeld van, en slaat op Hitlers eigenschap zich woedend te maken. Daarbij zou hij, volgerns de overlevering, soms schuimbekkend over de grond rollen en zelfs in het tapijt bijten.

  •     Hitler wil een nieuw tapijt voor zijn enorme kantoor in de Reichskanzlei kopen. Hij gaat met enkele onderhorigen en zijn lijfwachten naar de grootste en beste tapijtenwinkel van Berlijn. Alle andere bezoekers moetebn naar buiten, en de directie persoonlijk leidt Hitler onderdanig rond. De groep kijkt 20 minuten naar de grootste en duurste stukken van de beste gekoopte zijde, en Hitler maakt zijn keuze. "Dieser will ich!'"roept hij.
    - "Aber selbstverständlich, natürlich, wie Sie wünschen," zegt de directeur meteen. "Maar staat u mij alstublieft nog een vraagje toe, bitte: Zal ik het voor u oprollen en inpakken of eet u het hier op?"

    .



Beilen: toch Stolpersteine, andere 4-mei-tekst

BEILEN, 14-02-2013  - De gemeente Midden-Drenthe staat toch het leggen van zogeheten Stolpersteine voor huizen van verdwenen gedeporteerde Joden en verzetsstrijders. Ook neemt de gemeente uitdrukkelijk afstand van de tekst van de 4-mei-herdenking van het Nationale Comité in Amsterdam.

In november besloot de gemeente een algeheel verbod voor plaatsing van deze herinneringstekenen in te stellen. Binnen de gemeente valt ook kamp Westerbork. Directeur Dirk Mulder van het kamp maakte al ernstig bezwaar tegen het algehele verbod.

Burgemeester en Wethouders weigerden  de herdenkingssteentjes aanvankelijk, omdat er volgens hen al genoeg zou gebeuren wat betreft de herdenking van de Tweede Wereldoorlog. B en W stemmen nu toch in met de plaatsing van de steentjes, om politieke onrust te voorkomen. Burgemeester Broertjes (foto rechts)  zei tegen deze site dat B&W bij nader inzien dit onderwerp niet voorwerp van een politieke discussie wilde maken.

De Stichting Stolpersteine is blij met het besluit. Er zal overlegd worden met de huidige bewoners van de huizen waar mensen zijn weggehaald, of er steentjes in de loop van dit jaar worden geplaatst. Beilen kreeg kritiek van onder meer het centrum Informatie en Documentatie Israël.

De omschrijving van de herdenking van 4 mei luidde volgens een persbericht van de gemeente Midden-Drenthe dat het hier gaat om 'allen' die vielen in WO2, dus inclusief SS-ers, NSB-ers, nazi's, verraders. Burgemeester Broertjes zegt nadrukkelijk dat dit absoluut niet de bedoeling is. Hij wil uitsluitend de slachtoffers van de Duitse en Japanse agressie uit de oorlog herdenken.

De definitie van het Nationaal Comité, zoals die wordt voorgelezen op de dam op 4 mei, luidt:


'Tijdens de Nationale Herdenking op 4 mei herdenken we allen – burgers en militairen – die in het Koninkrijk der Nederlanden of waar ook ter wereld zijn omgekomen of vermoord sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, in oorlogssituaties en bij vredesoperaties.’

Tegen deze formulering bestaat bezwaar, omdat hij ook de daders omsluit. Vorig jaar wilde het Nationaal Comité een SS-gedicht laten voorlezen op de Dam. In Vorden wilde de gemeente Duitse soldaten opnemen in de herdenking van 4 mei, waarna de rechter het aan de burgemeester verbood om daaraan deel te nemen. In Geffen ontstond vorig jaar een probleem met de vernieuwing van een oorlogsmonument, omdat een comité ook de Duitse soldaten daarop wilde vermelden.


De rijksoverheid hanteert een andere definitie en deze staat ook op enkele voorlichtingspagina's over WO2 van het Rijk:

Wat is de Dodenherdenking op 4 mei?
Tijdens de Dodenherdenking (officieel: de Nationale Herdenking) op 4 mei worden in het hele land om 20.00 uur de Nederlandse slachtoffers herdacht die sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in oorlogssituaties en bij vredesoperaties zijn omgekomen.

Enkele kerken, daaronder de Israëlische, zijn in overleg met het Nationaal Comité om hun definitie te veranderen.




Nieuw boek positief over rol Pius XII in oorlog

ROME, 12-02-2013 - Over Pius XII verschijnt  een positieve oorlogsgeschiedenis. Hij is lang afgeschilderd als 'Hitlers paus',  en beschuldigd van het niet  openbaar veroordelen van de Shoah - wat hij ook nooit gedaan. Nu heeft een Britse auteur uitgebreide materiaal opgediept dat zijn reputatie fors kan herstellen.

Uit dat materiaal moet volgens de Britse krant The Guardian blijken wat Pius XII heeft gedaan voor het redden van Joodse levens en welke tegenstand hij bood aan het naziasme.  De schrijver Gordon Thomas, een protestant, kreeg toegang tot niet eerder gepubliceerde Vaticaanse documenten en spoorde slachtoffers, priesters en anderen op die hun verhaal niet eerder hadden verteld.

Het is bekend dat met name in Rome zelf, met instemming en hulp van het Vaticaan, vele Romeinse Joden werden geholpen; van de Romeinse Joden werd volgens de auteur David Dalin  80% gered. Er blijft ook kritiek klinken uit Joodse kringen, zoals van de rechtse rabbijn Marvin Hier, voorzitter van het Simon Wiesenthal Center in Los Angeles.


Golda Meir2.jpgDaar tegenover staat de mening van o.m. rabbijn J. Stern,die paus Pius XII uitgebreid prijst. Bij de dood van deze paus op 8 oktober 1958 prees Golda Meir, (foto links) toen minister van buitenlandse zaken van Israël. de paus uitvoerig voor zijn opstelling en steun.

Gordon Thomas' boek 'The Pope's Jews' wordt volgende maand gepubliceerd, en bevat details hoe Pius zijn zegen gaf aan de oprichting van veilige onderduikplaatsen in het Vaticaan en de Europese kloosters. Hij gaf leiding aan een geheime operatie met codenamen en valse documenten voor priesters die hun leven riskeerden om te Joden schuiplaatsen te bieden , en sommigen Joden werden zelfs Vaticaans staatsburger werden gemaakt.

Thomas laat o.m. zien  dat priesters werden geïnstrueerd om de doopcertificaten van honderden Joden te verbergen in Genua, Rome en elders in Italië. Meer dan 2.000 Joden in Hongarije kregen gefingeerde Vaticaanse documenten waardoor zij als katholieken golden. Zij kregen ook hulp van een katholiek netwerk, waarin onder meer mgr Angelo Rotta, een pauseljke diplomaat in Boedapest, actief was, die Duitse Joden hielp naar  Rome te reizen. 
Nunzio apostolico per l'Ungheria Mons. Angelo Rotta.jpgMgr Rotta (foto rechts) ontving daarvoor de hoge onderscheiding 'Yad Vashem' van de Israëlische staat.  Ook mgr. Angelo Roncalli, tijdens de oorlog pauselijk nuntius in Turkije, gaf Joden veel hulp en ontving die onderscheiding. Hij werd later paus Johannes XXIII.

De paus benoemde een priester met een uitgebreide budget  om Joden voedsel, kleding en medicijnen te verstrekken. Meer dan 4.000 Joden werden verborgen in kloosters in heel Italië. In totaal werden uit Italië 12.000 Joden omgebracht - in Nederland was dat 105.000, België 35.000, Frankrijk 90.000.

Tijdens en direct na de oorlog, werd de paus beschouwd als een redder van Joden. Joodse leiders - zoals opperrabbijn van Jeruzalem in 1944 - zei dat het volk van Israël nooit zou vergeten wat hij en zijn afgevaardigden "deden voor onze ongelukkige broeders en zusters op de meest tragische uren". Joodse kranten in Groot-Brittannië en Amerika herhaalden die lof.

Echter, zijn imago veranderde in de jaren '60, dankzij de Sovjet-antagonisme in de richting van het Vaticaan en een Duitse toneelstuk van Rolf Hochhuth, Der Stellvertreter, die de paus belastert, hem beschuldigt van stilte en passiviteit aangaande de Joden. Het was een trend die versterkt met de publicatie van Hitlers Paus, een boek van John Cornwell.

Als gevolg van traditioneel diplomatieke taal van het Vaticaan, heeft de beschuldiging dat Pius XII niets tegen de Jodenvervolging deed post vatten.

Professor Ronald J Rychlak, de auteur van Hitler, the War and the Pope, zei tegen The Guardian: "Gordon Thomas is de primaire bronnen gevonden ... Hij heeft familieleden , en originele documenten opgespoord en vastgesteld wat echt een universele perceptie voorafgaand aan de jaren 1960 was.  Hij heeft aangetoond wat alle mensen destijds van de paus wisten - slachtoffers, redders en schurken: dat Pius XII was een grote helper van de slachtoffers van de Holocaust was ".


Documentaire

Het Vaticaan is zo aangenaam getroffen door 'The Pope's Jews' dat het mee gaat werken aan  een lange documentaire die gepland wordt door een Britse producer die de rechten heeft gekocht.


Dat is Allen Jewhurst, die documentaires maakt voor het beroemde programma Panorama van BBC TV. Hij zei dat, met meer dan een miljard katholieken over de hele wereld, de interesse in het verhaal enorm is .

Na een ontmoeting met twee kardinalen in het Vaticaan, hopen Jewhurst en Thomas nu op exclusieve toegang tot de archieven. "Dit wordt, hopelijk, de definitieve film," aldus Jewhurst.

Op de vraag waarom het Vaticaan het nieuwe materiaal tot nu toe niet beschikbaar had gemaakt , indien verhalen bekend waren, en dit op grotere schaal verspreid had , zegt Thomas tegen The Guardian: "De kerk denkt door de eeuwen heen. Als er een geschil 50 jaar duurt, maakt dat niet uit."

William Doino, een Vaticaanse historicus, beschreef Thomas's onderzoek als "uniek en baanbrekend".


Doino sprak van de nieuwe inzichten door het boek, bijvoorbeeld in mgr Hugh O'Flaherty, een hooggeplaatste Ierse priester: "Iedereen heeft altijd [O'Flaherty] geprezen , omdat hij Joden en ontsnapte krijgsgevangenen hielp.  Ze maakten een film over hem, The Scarlet and the Black, met Gregory Peck. Maar iedereen zegt  altijd dat hij handelde op eigen gezag en dat Pius afstandelijk was of hem niets gaf . Gordon heeft uitgebreid gesproken met familie O'Flaherty, die hem privécorrespondentie gaf en vertelde hem dat O 'Flaherty zei dat alles gebeurde  met Pius' samenwerking. "

Het boek vertelt ook het verhaal van Vittorio Sacerdoti, een jonge Joodse arts die in staat werd gesteld om te werken in een ziekenhuis in het Vaticaan. Dat verzon hij een zogenaamd  dodelijke ziekte die Duitsers afschrok. Tientallen valse patiënten werd geleerd om overtuigend te hoesten.

Het Vaticaan is zo aangenaam getroffen door 'The Pope's Jews' dat het mee gaat werken aan  een lange documentaire die gepland wordt door een Britse producer die de rechten heeft gekocht. Dat is Allen Jewhurst, die documentaires maakt voor het beroemde programma Panorama van BBC TV. Hij zei dat, met meer dan een miljard katholieken over de hele wereld, de interesse in het verhaal enorm is . Na een ontmoeting met twee kardinalen in het Vaticaan, hopen Jewhurst en Thomas nu op exclusieve toegang tot de archieven. "Dit wordt, hopelijk, een definitieve film," aldus Jewhurst.

Thomas, die
ook het boek Voyage of the Damned schreef , over Joodse vluchtelingen, zei: "Vaticaanse mensen zeiden: 'Wat geweldig, eindelijk de waarheid'."

"The Pope's Jews: The Vatican's Secret Plan to Save Jews from the Nazis"  is een uitgave van De Robson Press en verschijjnt op 7 maart.




NIOD onderzoekt rol van Nederlandse Rode Kruis tijdens oorlog


AMSTERDAM, 6-02-2013 - Het NIOD in Amsterdam gaat onderzoek doen naar de geschiedenis van het Nederlandse Rode Kruis (NRK)  tijdens en vlak na de Tweede Wereldoorlog. Dit project kost 4 jaar en moet antwoord geven op de vraag waarom  het NRK zo tekort schoot in zorg voor Joden.

Tijdens en na de oorlog was er veel kritiek op de afstandelijke houding van het NRK ten opzichte van de Jodenvervolging en na de oorlog bij de opvang van terugkerende Joden en andere gevangenen. NIOD-onderzoekster dr. Regina Grüter zal dit maatschappelijk belangwekkende onderzoek uitvoeren.Het onderzoek zal in 2017 zijn voltooid en verschijnen als boek voor een breed publiek.

Hoewel verschillende historici wel aandacht hebben besteed aan het NRK tijdens de oorlog, bestaat er volgens het NIOD bijna 70 jaar na het einde van de bezetting nog steeds geen overzichtsstudie.


Het NRK is zich er in de afgelopen jaren bewust van geworden dat een onafhankelijk studie over dit complexe onderwerp nodig is. Vorig jaar maakte de directeur Cees Breederveld (foto rechts) al bekend, dat nader onderzoek zou volgen naar de rol in en na de oorlog van zijn organisatie.

Het ledenaantal van het NRK steeg van 33.500 in 1940 naar 500.000 in 1945, maar in diezelfde periode werden met name de Joodse bevolking en politieke gevangenen door het NRK in de steek gelaten.Tegelijkertijd verrichte het Internationale Rode Kruis werk van onschatbare waarde bij het helpen van o.m. vluchtelingen in heel Europa. Dat gebeurde zowel tijdens de oorlog in Duitsland als erna..

Het NRK heeft het onafhankelijke NIOD opdracht gegeven het onderzoek uit te voeren. Dit zal zich onder andere richten op de vraag hoe het NRK als humanitaire organisatie tijdens de bezetting heeft gefunctioneerd.


Ook wordt onderzocht hoe het NRK terugkeek op zijn functioneren tijdens de bezetting, of en hoe er gezuiverd is en hoe het NRK is omgegaan met de kritiek van in de steek gelaten overlevenden. Speciale aandacht krijgt de kwestie van het ontbreken van hulp aan vervolgde Joden en politieke gevangenen, tijdens de oorlog en bij de naoorlogse repatriëring. De opvang van terugkerende Joden was slecht, overigens net als van terugklerende niet-Joodse ex-gevanagenen.

Begeleidingscommissie
Gedurende het onderzoek wordt dr. Regina Grüter bijgestaan door een begeleidingscommissie die de onafhankelijkheid en wetenschappelijke kwaliteit van het onderzoek bewaakt. (Meer weten over extern gefinancierd onderzoek? Zie: richtlijnen voor historisch-wetenschappelijk onderzoek in opdracht.)

De begeleidingscommissie bestaat uit:
Professor dr. Hans Blom, emeritus hoogleraar Nederlandse Geschiedenis Universiteit van Amsterdam (voorzitter)
Dr. Geraldien von Frijtag Drabbe Kuenzel, universitair docent Universiteit Utrecht
Professor dr. Thea Hilhorst, hoogleraar humanitaire hulp en wederopbouw Wageningen UR
Professor dr. Keetie Sluyterman, hoogleraar bedrijfsgeschiedenis Universiteit Utrecht
Drs. Hans de Vries, oud NIOD-medewerker en onderzoeker kampen en gevangenissen

Regina Grüter is historica en gepromoveerd op de affaires rond Friedrich Weinreb (Een fantast schrijft geschiedenis. De affaires rond Friedrich Weinreb, 1997). Zij werkte als onderzoeker voor de Commissie Scholten, gaf leiding aan het verificatieteam van de Individuele Maror-Gelden. Tussen 2003 en 2012 is zij als hoofd van de afdeling Oorlogsnazorg verbonden geweest aan het Nederlandse Rode Kruis. In 2010 was zij in München getuige-deskundige in het proces tegen John Demjanjuk. Zij is vanwege haar kennis van het NRK en haar onderzoekservaring uitgekozen om het onderzoek uit te voeren.





WO2-museum Nijmegen:

subsidie onzeker, bouw niet in 2014

DEN BOSCH, 5-02-2013 - Of nieuwe WO2 museum subsidie van het Vfonds zal krijgen, is nog heel onzeker. dat zegt Fokke Spoelstra  projectleider van het Vfonds, de grote subsidiegever in de oorlogsbranche.

Hij benadrukt dat een subsidiëring van het nieuwe museum nog niet aan de orde is. In de media zijn sinds oktober 2012 berichten verschenen dat het Vfonds 25 tot 30 miljoen beschikbaar zou stellen voor het nieuwe museum. 


Foto rechts: het Vasim-gebouw aan de Waal in Nijmegen, waar het nieuwe museum zou moeten komen. Het is nog eigendom van de gemeente, en nog deels in gebruik bij kunstenaren. Dinsdag 5 februari 20123 heeft de gemeente dit gebouw voor één euro aangeboden aan de sthcting die een nieuw museum wil.


Spoelstra wijst erop, dat dit in het geheel niet het geval is en nog volledig afhangt van allerlei ontwikkelingen. Dat het museum in 2014 al tot stand komt, is eveneens niet haalbaar. Spoelstra: 'We overwegen subsidie te investeren in WO2-projecten in Gelderland. Daaronder de Libertyroute en een nieuw WO2-museum. Ik kan me niet voorstellen dat we € 25 miljoen in een oud gebouw zouden investeren". Overigens is er voor het nieuwe museum nog geen subsidieaanvrage bij het Vfonds aangekomen.

Het nieuwe WO2 museum dat in Nijmegen moet komen, wordt het laatste oorlogsmuseum dat Nederland krijgt. Anders dreigt overkill. Dat is de mening van Fokke Spoelstra,

Militair museumpark Soesterberg

Spoelstra deelt wel sommige zorgen die in museumkringen worden uitgesproken over de WO2-collecties van het Legermuseum en het Luchtvaartmuseum, die in het nieuwe NMM moeten samenkomen.

Defensie heeft al aangekondigd dat de collectie van beide musea drastisch gesaneerd zullen worden.

Het luchtvaartmuseum toont ongeveer 15 toestellen uit WO2, voor de Nederlandse militaire luchtvaart een cruciale periode. In het NMM zullen daarvan hooguit 5 stuks te zien zijn, zo vrezen deskundigen.


Van de enorme collectie voorwerpen van het Legermuseum, 150.000 stuks, zal naar verwachting erg weinig tentoongesteld worden. Van de 85 voertuigen van dit museum stamt de helft uit WO2 - ook in dit geval zullen er relatief weinig in Soesterberg te zien zijn.

Spoelstra denkt dat er wellicht vliegtuigen en voertuigen uit WO2 naar het grote museum Overloon kunnen, dat een terrein van enkele hectaren heeft.


 De projectleider maakt zich niet veel zorgen om concurrentie van het Nationaal Militaire Museum (NMM), waarvoor minister Hennis twee weken terug de eerste spade in de grond stak op het voormalige vliegveld Soesterberg. Het is ook hem intussen duidelijk dat dat museum relatief weinig aan WO2 zal doen.

Er zijn vanuit de nieuwe stchting Museum WOII ook al contacten gelegd met het Openluchtmuseum in Arnhem, dat de canon van de Nederlandse geschiedenis beheert.


Tot nu toe werkten musea veel geïsoleerder, maar de Raad voor Cultuur heeft juist enkele dagen terug een nota over musea gepubliceerd. Daarin wordt vooral onderlinge samenwerking aangemoedigd.


Aanvankelijk werd het dorpje Lent tegenover Nijmegen als locatie genoemd. De gemeente mikt nu echter  op de Vasim, dat ligt pal naast de nieuwe stadsbrug. Hier begonnen de Amerikanen in september 1944 de oversteek over de Waal om Nijmegen te bevrijden. Die operatie staat volgens dagblad De Gelderlander in de top tien van de meest heroïsche daden van het Amerikaanse leger.






Nijmegen presenteert plan voor nog een oorlogsmuseum

NIJMEGEN, 5-02-2013 - De gemeente Nijmegen presenteert woensdag de voorlopige plannen voor een nieuw, nationaal bedoeld WO2-museum. In Nijmegen, de stad die door de oorlog zwaar getroffen werd,  ontbreekt dat, evenals in Arnhem, ook erg aangetast door het oorlogsgeweld.

Gelijktijdig ondertekenen de gemeente en de provincie een convenant om samen de haalbaarheid van het Nationaal WOII Museum te onderzoeken. Hoe dit plan zich verhoudt tot de attractie die Defensie net in Soesterberg laat bouwen, en waar ook een crossbaan voor tanks komt, is onduidelijk

Het Nijmeegse museum moet, zoals het er nu uitziet, in de voormalige Vasimfabriek in de stad komen, en zou ruim € 25 miljoen gaan kosten. Dit  nieuwe museum zou moeten tonen wat de oorlogsdreiging, de Tweede Wereldoorlog zelf en de opbouwperiode daarna voor gewone burgers heeft betekend.

Er is een stichting Nationaal WO II Museum, met als voorzitter Louis Timmermans (foto rechts). Hij is een gepensioneerd kolonal van de landmacht, die een aantal bestuursfuncties in herinneringsinstellingen vervult en heeft vervuld. Hij was o.m. bestuurdlid van het Nat. Comité 4 en 5 mei, en is voorzitter van de  Stichting Anjerveteranendag.

Ook zou ook plaats moeten bieden aan debat over vrede en democratie. Het Nationaal WOII Museum is een plan van drie samenwerkende oorlogsmusea: Hartenstein uit Arnhem, het Bevrijdingsmuseum uit Groesbeek en museumpark Overlooon uit de gelijknamige plaats.


Aanvankelijk was het plan dat het in  2014 zou opengaan, om samen te valen met 70 jaar herdenking van de Operation Market Garden. Die datum is echter losgelaten, omdat het crisis is en daardoor nog geen geld is en bovendien nog geen plek.

In november 2010 boden de drie musea een 'bidboek' aan, aan de gemeente Nijmegen. Toen nog was het streven dat het WO2-museum er in 2014 zou moeten komen. Intussen is duidelijk dat dat door de crisis onhaalbaar is. Directeur Erik van der Donk van Overloon zei in een toelichting dat die datum niet vastligt.

In 2010 was er nog sprake van eventuele subsidievraag aan defensie. Maar dat department is juist begonnen met de bouw van een nieuw eigen museum, voor een veel groter bedrag dan in de Nijmeegse plannen, € 90 miljoen. De vraag rijst of dit museum, waar ook aandacht voor WO2 zal komen, niet gaat concurreren.

Ook stond toen de gemeente Nijmegen nog op het lijstje van mogelijke geldverstrekkers, maar alle gemeenten zijn sindsdien aan ernstige bezuinigingen begonnen. Wel is intussen de grote geldverstrekker van de Nederlandse oorlogsbranche, het Vfonds, in beeld gekomen en steunt de ontwikkeling van het plan. Directeur Ton Heerts van het Vfonds zei echter letterlijk op 7 oktober 2012 tegen  Omroep Gelderland: 'Verder over dat museum in Nijmegen wil ik nog niet veel zeggen anders dan dat het over 10 tot 30 miljoen gaat over het totaliteit van de projecten gaat' (in de regio Nijmegen, red.). In de berichtgeving werd dit echter omschreven als een 'toezegging'.

Ook hebben de plannenmakers belangstelling voor fondsen uit Europa. Vorig jaar lukte het Nijmeegse bestuurders en mensen van de musea en de Liberation Route om een presentatie bij de EU in Brussel te doen. De provincie Gelderland heeft al in 2011 € 50.000 beschikbaar gesteld voor onderzoek naar het museum.

‘Museum WO2 legt de relatie tussen de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog en de actualiteit. Het presenteert aan een zo breed mogelijk publiek het ontstaan, het verloop, de gevolgen en de betekenis van de Tweede Wereldoorlog voor de samenlevingen individuen (burgers én militairen) , vanuit regionaal, nationaal en internationaal perspectief
aan de hand van authentieke locaties, objecten en verhalen.’






Kerken wensen zuivere dodenherdenking




AMSTERDAM, 4-02-2012 - De kerken, dat wil zeggen organisaties van christenen, Joden en moslims willen dat de Nationale Dodenherdenking zich op 4 mei beperkt tot slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog, en niet 'alle doden uit oorlogen'. Dit schrijven deze kerken, verenigd in het zogeheten Caïro-overleg, in een brief aan het Nationaal Comité 4 en 5 mei.

De afgelopen week voerden de organisaties en het Nationale Comité hierover een gesprek met bestuurslid Jacques Wallage van het comité. Hij zei  de kritiek serieus te nemen en het Caïro-overleg te betrekken in een komend vijfjarenplan.

Zoals de definitie er nu staat, valt De ergste Nederlandse nazi, SS-kolonel en moordenaar Henk Feldmeijer, eveneens, want ook die stierf tijdens de oorlog, net als zijn grote idool Hitler. Ook deze, nog juist gestorven tijdens de oorlog, valt binnen de te herdenken groep.

Er is met name vorig jaar veel ophef rond de Dodenherdenking geweest. Het begon met de aankondiging dat er een SS-gedicht zou worden voorgelezen op de Dam op 4 mei. Na een woedende reactie  van het Auschwitz-comité met de aankondiging dat dit comité dan niet meer zou deelnemen, en na veel ophef en protesten in de pers, o.m. van deze site, liet het Nat. Comité het gedicht vallen. Eerder had het kamp Westerbork het overigens al geweigerd voor zijn Dodenherdenking.

Vervolgens bleek dat in het dorp Vorden bij Zutphen het plaatselijk 4 en 5 mei comité een dodenherdenking ging organiseren, waarin Duitse soldatengraven betrokken werden. Een Joodse organisatie spande een kort geding aan en de burgemeester kreeg een verbod van de rechter om aan dat deel van de herdenking deel te nemen - al dan niet met zijn ambtsketen om. Dit om de gevoelens van slachtoffers en hun nabestaanden te ontzien .



Henk Feldmeijer en Hitler

Volgens de Raad van Kerken, het Nederlands Verbond voor Progressief Jodendom, het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap en het Contactorgaan Moslims en Overheid komt de boodschap van het comité “niet meer helder over”, zo schrijft NRC Handelsblad vrijdag 1 februari 2013.

Oorzaak is volgens de schrijvers dat tijdens de dodenherdenking ook slachtoffers worden herdacht van andere oorlogen. “Verbreding leidt tot verwatering en het wegvallen van het onderscheid tussen daders en slachtoffers.”

Een argument dat zij niet noemen is dat er talloza Nederalndse daders zijn gevallen tijdwens de orlog. Volgens de definite van de herdenking worden die ook herdacht. Daaronder vallen dus ook mensen sla de Nederlandse SS-kolonel Henk Feldmeijer,  die door de Duitsers werd gezien als hun machtigste bondgenoot in Nederland.

Hij richtte onder meer de Germaanse SS (bestaande uit voral Nederlanders) op. Hij startte ook de zg. Aktion Silvertanne, de moordpartij van een jaar onder 54 Nederlandse burgers, als represaille voor aanslagen op NSB-ers door knokploegen van het verzet. 

Feldmeijer stierf op 22 februari 1945 door een geallieerde beschieting uit de lucht. De nazi-moordenaar wordt dan óók op 4 mei herdacht samen met zijn 54 slachtoffers.

Maar ook de massamoordenaar Hitler zelf, aanstichter van de Jodenvervolging en vervolgens van de oorlog, wordt er herdacht zoals het nu geformuleerd staat, want ook hij stierf tijdens de Tweede Wereldoorlog, namelijk op 30 april 1945 en wel door zelfmoord.

Vorige week diende de bodemprocedure, en op 12 maart volgt uitspraak in deze zaak. Daar zal veel van afhangen. Het het dop Geffen wilde de gemeente een oorlogsmonument oprichten waarop ook de Duitse soldaten werden herdacht. Protesten van Joodse familieleden van vermoorde inwoners voorkwamen dat.

Het Nat. Comité weigerde op zijn site een dodenherdenking in Breda op te nemen van de slachtoffers van Nederlandse SS-er Klaas-Carel Faber, die vrij in Duitsland leefde en in 1952 uit Breda ontsnapt was. De gemeente Breda weigerde toestemming voor deze herdenking. Faber was in Nederland veroordeeld voor de moorden op 22 burgers.

Verder kwam al vroeg in 2012 de aankondiging dat de Duitse president Gauck uitgerekend op 5 mei, in Breda, juist de stad van waaruit SS-moordenaar Faber ontsnapt was, de zogenaamde bevrijdingsrede zou uitspreken.


Dat leverde een uitdrukkelijk afkeuring op van het Simon Wiesenthal Comité, het Nederlandse en het internationale Dachau-comité, de Vrienden van Mauthausen, de Israëlische ambassadeur, deze site en andere organisaties. 

Gauck kwam en sprak toch, maar in de Duitse pers en radio en tv leverde dat ruim 500 verbaasde artikelen en nieuwsitems op. Zonder het protest was het bij een klein bericht in enkele kranten gebleven.

Het Nationaal Comité 4 en 5 mei opereert op basis van een memorandum van de overheid uit 1961, waarin staat:

'Tijdens de Nationale Herdenking op 4 mei herdenken we allen – burgers en militairen – die in het Koninkrijk der Nederlanden of waar ook ter wereld zijn omgekomen of vermoord sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, in oorlogssituaties en bij vredesoperaties.’

Hanneke Gelderblom-Lankhout, oud-D66-senator en lid van het Caïro-overleg, vindt dit volgens de NRC achterhaald:  “De boodschap wordt nu zo breed opgevat dat er onduidelijkheid is of ook omgekomen Duitsers herdacht mogen worden, zoals we in Vorden zagen. Dat is nooit de bedoeling geweest.”

Het is niet bekend of de groep er ook op zal aandringen om het 'allen' in de definitie te vervangen door 'Nederlandse slachtoffers van agressors'. Zoals een aanwezige bij een dodenherdenking in 2012 het zei: 'Ik herdenk bij het graf van mijn moeder ook niet alle moeders ter wereld'.

Bij de Indië-herdenking op 15 augustus bij het Indië-monument worden uitsluitend de Nederlandse slachtoffers van de Japanse agressie herdacht.



Duitsers herdenken Hitlers aantreden waardig




De binnenplaats van het museum Topographie des Terrors (foto boven, foto Wikipedia). De muur is een deel van de echte Mauer.


BERLIJN, 2-02-2013 -  Duitsland heeft de  herdenking van Hitlers aantreden, afgelopen  woensdag 80 jaar geleden, waardig herdacht. Na Hitlers volkomen legale benoeming tot rijkskanselier op 30 januari 1933 grepen hij en zijn Nationaalsocialistische Duitse Arbeiderspartij (NSDAP) snel de alleenheerschappij.

Bondskanselier Angela Merkel opende woensdag in Berlijn een tentoonstelling over die begindagen van de nazidictatuur. Dat gebeurde in het museum Topographie des Terrors(foto rechts), op de plaats van de vroegere hoofdkwartieren van de Gestapo en de SS.

De expositie toont het einde van de zogeheten Weimarrepubliek, de democratische maar uiterst instabiele staat die kwam na het Duitse Keizerrijk. Tijdens de laatste dagen van die republiek vielen er dagelijks doden bij politieke straatgevechten tussen communisten, socialisten en fascisten.


Ook tonen  foto's en documenten de eerste maanden van Hitlers regering, waarin hij in een razend tempo de rechtsstaat afbrak. In maart openden de nazi's hun eerste concentratiekamp, Dachau (Nederland bezat al sinds 1926 een concentratiekamp voor Indonesische politieke gevangen in Nieuw-Guinea, Boven-Digoel)


Een van de levensgrote foto's laat zien hoe de SA (Sturmabtelung), de militie van de NSDAP, op 6 maart 1933 tegenstanders van Hitler dwingt met de handen omhoog tegen een muur te staan.


Foto links: de SS deporteert in 1933 socialisten en communisten uit Berlijn naar een concentratiekamp, Dachau.



De SA had geen officiële status, was geen politiemacht maar nam met grote aantallen bruin-geünformeerde schofterige en vechtlustige aanhangers de macht op straat over. Overigens gebruikten zowel de communisten als de socialisten ook knokploegen. Hoe dan ook moest de rust in het land hersteld worden. Een telegram van  de Franse ambassadeur beschrijft dat de nazi's in 120 dagen hadden bereikt, waar de Italiaanse fascistische dictator Benito Mussolini 5 jaar voor nodig had gehad. Ook herinnert de tentoonstelling aan 36 burgers die al in de eerste weken van Hitler-Duitsland slachtoffer werden van vervolging.


Regulier en officieel
Hitler (1889-1945) werd geheel regulier en officieel benoemd tot rijkskanselier door president Paul von Hindenburg. Hitlers  NSDAP (Nationalsocialistische Deutsche Arbeiterpartei) was op dat moment Duitslands grootste politieke partij.


Foto links: Nazi-jongeren halen boeken uit het instituut voor sexulogie om deze te verbranden. Berlijn, 10 mei 1933. Foto Herald Tribune.


Het land leed enorm  links en rechts politiek extremisme, honderdduizenden invaliden uit de Eerste Wereldoorlog, de enorme herstelbetalingen en de economische crsis van de 'Grote Depressie' uit 1929, met inflatie van soms wel 10.000 procent .


Staatshoofd Hindenburg, een oude oorlogsheld, had eerder Hitler als kanselier geweigerd, maar ging ondanks zijn verachting voor de oud-korporaal uit Oostenrijk overstag.

Couppoging
Hitler, die al een coup had getracht te plegen waarvoor hij in de gevangenis had gezeten, zag zijn kans schoon. Al in maart stemde het parlement, de Rijksdag na nieuwe verkiezingen in met een wet die Hitler speciale bevoegdheden gaf, hem dictator maakte. Het nazibewind zou in de komende 12 jaar in heel Europa Vooral Joden maar ook andere minderheden, politieke tegenstanders, Slavische volkeren (die als 'Untermenschen' werden beschouwd)  en gehandicapten vervolgen en op grote schaal vermoorden. Door de oorlog die Hitler ontketende, kwamen van 1939 tot 1945 miljoenen mensen om het leven.

Duitsland worstelt soms met het nazispook. na de oolrog kregen vrijwel alle overlevende hoge nazi's en SS-ers weerd aanzienlijke posten in het bedrijfsleven en bij de overheid. dat leidde in de jaren '70 tot het optreden van de terroristische Rote Armee Fraktion, die vooraanstaande Duitsers kidnapte of vermoordde.


Het land beschermde vanaf 1945 naar Duitsland gevluchte Nederlandse oorlogsmisdadigers, waarvan er slechts één ooit werd uitgeleverd.

Er loopt nog een zaak tegen de Siert Bruins, een veroordeelde oorlogsmisdadiger die bekend staat als 'het beest vabn Appingedam'.

Bij het bezoek van president Gauck aan Nederland om de bevrijdingsrede uit te spreken op 5 mei in Breda, liep een actie om de veroordeelde Nederlandse SS-oorlogsmisdaiger Klaas-Carel Faber ( daarna gestorven) uit te leveren.

Gauck kwam wel, en ging er niet op in. Een bewaker in Sobibor, John Demjanjuk, werd veroordeeld wegens medeplichtigheid aan moord op de kampingezeteten, hoewel er maar één stuk schriftelijk bewijs was dat hij bewaker was geweest .

Dit proces wachtte nog op een hoger beroep toen Demjanjuk stierf.

Opmerkelijk was in 2011 dat de Nederlandse SS-er Heinrich Boere,  door een Duitse rechtbank in Aken tot levenslang werd veroordeeld wegens 22 moorden.
 

Duitsland kent sindsdien wel een aktieve antifascistische beweging, maar ook veel neonazi's. In 2010 lukte het gewone burgers de traditionele neonazi-deomstratie ter herdenking van het bombardement van Dresden, door een menselijke keeting te voorkomen, voor het eerst.


n 2011 raakte het land in beroering door een reeks racistische moorden door neonazi's. Ook doen politici al jaren pogingen om de neonazistische politieke partij NPD te laten verbieden, tot op heden zonder succes.


Eind  oktober 2012 onthulde kanselier Merkel in Berlijn een Romamonument. In 2011 werd de Nederlandse Sinto Zoni Weisz uitgenodigd in de Bondsdag te spreken ter herdenking van de omgebracht Sinti en Roma.




Soest vreest  arena met tankshows bij militair museum


SOEST, 30-01-2013  - Ophef in Soest. Aanleiding is de komst van een arena voor ’spectaculaire tankshows’ bij het nieuwe Nationaal Militair Museum (NMM) op de voormalige vliegbasis Soesterberg. Steeds duidelijker komt aan het licht dat dit geen echt museum, maar een attractie wordt. Daardoor dreigt met name de collectie WO2 in de knel te komen.

Er is tevens onduidelijkheid over andere zaken: de publieke beschikbaarheid van de collectie, die drastisch dreigt te verminderen. Daarnaast blijkt het museum het duurste nieuwe museum van Nederland te worden.  Het zg. museum moet namelijk een prestigieus demonstratiecentrum van defensie worden, gericht op het creëren van 'maatschappelijk draagvlak'.

De fractie van GroenLinks uit Soest wil duidelijkheid over dit plan dat voor hen als een ’volslagen verrassing’ komt, zo meldt de Gooi- en Eemlander. GL stelt schriftelijke vragen over de aantasting van het beschermde natuurgebied.

Het zg. museum moet een prestigieus demonstratiecentrum van defensie worden, gericht op het creëren van 'maatschappelijk draagvlak' voor defensie.


De kosten over 25 jaar zouden volgens documenten van defensie in 2006 € 160 bedragen, waarvan € 90 miljoen voor de bowu en aanlag van het terrein. Daarbij bleek deze week nog eens € 40 miljoen te komen voor gebruikeljke museumuitgaven gedurende 25 jaar.

Foto links: een illustratie van Defensie: een tank op het terrein van het NMM.

Het  amfitheater in de openlucht wordt genoemd in een folder over het museum die de raadsleden in Soest bezitten. De arena zal dienen voor maximaal 3.000  mensen, waar ’om de twee uur demonstraties komen met ratelende rupsbanden, zwenkende geschutskoepels en opspattend zand’, zo luidt de tekst in de folder.

Die werd verspreid na een presentatie van het NMM op de nieuwjaarsreceptie van Zakelijk Zeist. Een woordvoerder zei toen dat het een gebied wordt met veel ’reuring’. Daarbij is niet vermeld de verkeerdrukte. Als het museum de beoogde 200.000 bezoekers zou krijgen, komt ruwweg de hekft daarvan met de auto. De gemeente Soest moet dan rekenen met 2 of 3 maal zoveel verkeer op de routes naar het museum, dat niet vlakbij een snelweg ligt.

In het nieuwe NMM-gebouw komen het Legermuseum van Delft en het Militaire Luchtvaart Museum Soesterberg. Minister Jeanine Hennis-Plasschaert van Defensie gaf vorige week vrijdag het startsein.

GL-fractieleider Ad van de Haar zegt tegen de Gooi- en Eemlander alle stukken te hebben doorgespit, maar heeft  niets gevonden. Hij heeft van het college de toezegging dat het NMM geen ’tweede Efteling’ wordt. VVD-leider Karel van Geet is verbijsterd door de berichten. ,,Er is mij niets van bekend. Ik geloof er niets van.’’ Van Geet verwijst naar de pleisterplaats bij de vroegere vliegbasis die ook  moet inkrimpen. ,,Dat was vanwege de beschermde veldleeuwerik. Dan kan ik me niet voorstellen dat dit wel mag.’’

Volgens een woordvoerder van de gemeente is er alleen een vergunning verleend voor het museumgebouw. ,,GL is te vroeg met de vragen. Met de inrichting van het buitenterrein zijn we bezig. De plannen voor een arena met evenementen zijn nog niet goedgekeurd. Er zal een geluidsonderzoek plaatsvinden.’’






Kamerlid CU verbaasd over hoge kosten nieuw museum

DEN HAAG, 29-01-2013 - Kamerlid Carla Dik-Faber van de ChristenUnie is verbaasd over de hoge kosten van het nieuwe Nationale Militaire Museum in Soesterberg. Ook begrijpt zij niet waarom 7 van de 8 hangars op het voormalige vliegveld worden afgebroken, hoewel 40% hergebruik van bestaande gebouwen was toegezegd. Mevrouw Dik is kunsthistorica en maakt zich verder zorgen om de publieke vertoning van de militaire collectie.

Het Kamerlid vindt dat de bestaande militaire collectie zoveel mogelijk voor het publiek beschikbaar moeten zijn, zo zegt zij in een telefonische toelichting vandaag. Nu dreigt 95% in de opslag te verdwijnen, doordat Defensie dit nieuwe gebouw wil gebruiken als promotie-instelling en het feitelijk vrijwel geen museum-rol meer geeft.

In de huidige plannen van Defensie zullen vooral de spullen uit WO2 aanzienlijk minder getoond worden. Dat komt doordat de bijvoorbeeld tanks en vliegtuigen meer ruimte krijgen dan in hun oude musea waar zij vandaan komen, en doordat de nadruk volgens Defensie ook niet meer op historie ligt.


De bouw van het nieuwe museum moet € 90 miljoen kosten, waarbij ook de exploitatie en het onderhoud komen gedurende 25 jaar, een bedrag van € 70 miljoen, samen € 160 miljoen.

Foto links: het aanzicht van het museum in een 'artist's impression'.

Bovendien komen daar nog bovenop de echte musemkosten zoals salarissen van directeur en musemstaf, onderhoud van de collectie, voor € 40 miljoen gedurende 25 jaar. Dit bedrag staat echter nergens in de stukken vermeld.

Een museumdirecteur uit de WO2-sector die niet met name genoemd wil worden, vindt deze kosten  'een ongelofelijke bedrag', vooral gezien de bedragen die andere musea kosten.

In het nieuwe museum, door critici aangeduid als 'promotie-pretpark', moeten de twee oorlogsmusea samengaan: het Legermuseum uit Delft, nu al gesloten, en het Militair Luchvaart Museum uit Soest, dat op 1 juli 2013 sluit. Beide musea behaalden de afgelopen jaren steeds stijgende bezoekcijfers. Afgelopen vrijdag trachtte minister Hennis van Defensie de eerste 'officiële' betonstorting te doen, maar dat mislukte doordat het beton bevroren was. Mevrouw Dik gelooft echter niet, dat het nieuwe museum een 'pretpark' dreigt te worden.

Toch heeft Defensie al aangekondigd dat er in de zomer ritten met tanks en pantservoertuigen voor het publiek zullen komen, om te zorgen voor een 'belevenis'.  Welke milieu-aspecten dit heeft, is nog niet duidelijk. Mevrouw Dik maakt zich sterk voor herstel van het groene milieu. Zij kent Soesterberg goed en heeft zich verdiept in de ontwkkeling van de natuur op en rond de vliegbasis als lid van de Provinciale Staten in Utrecht..

Mevrouw Dik vindt de kosten verbazend, vooral als die afgezet worden tegen het in 2009 afgeblazen nieuwe Nationaal Historisch Museum, dat € 50 miljoen moest kosten.

Foto rechts: tijdens de zomer wil Defensie op het terrein met tanks en dergelijke gaan rijden, zoals het ministerie heeft aangekondigd en in deze 'artist's impression' van de aannemer wordt uitgebeeld.

De nieuwbouw van het Groninger museum kostte in 1994 € 56 miljoen, met daarbij de aanleg van een apart eiland. Het plan voor een nieuw WO2-museum in Nijmegen is begroot op € 30 miljoen, en wordt als het doorgaat voor het grootste deel uit privémiddelen betaald.

Mevrouw Dik vindt het echter moeilijk om iets te zeggen over de kosten van museumexploiltatie, nu begroot op € 40 miljoen voor 25 jaar. Zij wijst erop dat Defensie de begroting voor het nieuwe museum heeft verlaagd door een aparte tramlijn van Den Dolder naar het museum te schrappen.

Mevrouw Dik benadrukt echter wel, dat de collecties zoveel mogelijk aan het publiek getoond moeten worden. Het nieuwe 'museum' krijgt een oppervlakte van 20.000 m2, dat is ongeveer 25% meer dan de twee andere samen.

Foto links: de 8 hangars van Soesterberg. Alleen de grote lichtblauwe blijft staan.


Toch blijkt uit de plannen dat er aanzienlijk minder stukken geëxposeerd zullen worden. De reden daarvoor lijkt de toelichting van het ministerie van Defensie, dat de nadruk op presentatie van de krijgsmacht in het heden ligt, en het creëren van maatschappelijk draagvlak met veel aandacht voor het heden (vredesmissies) en voor de toekomst, namelijk de maatschappelijke rol van de krijgsmacht.

Het Legermuseum heeft een collectie van 150.000 voorwerpen, waaronder 85 voertuigen. Daarvan stammen er 40 uit WO2. In het nieuwe 'museum' zullen ongeveer 15 legervoertuigen en kanonnen te zien zijn, en een even groot aantal vliegtuigen. Ongeveer de helft stamt uit WO2 . In het Legermuseum werd het dubbele tentoongesteld, terwijl het luchtvaartmuseum nu nog ruim 50 toestellen tentoonstelt.

Van die toestellen zijn er 15 uit WO2, die vrijwel allemaal in een aparte WO2-hal bijeen staan. Daaronder een tweemotorige Fokker G1-jager, die een grote rol heeft gespeeld bij het toebrengen van een verlies van 525 toestellen in vier dagen aan de Duitsers in mei 1940.

Foto rechts: de grote hal van de nieuwe promotie-instelling van Defensie in Soesterberg. Hier en daar hangt een vliegtuig, of zoals in dit geval, een Duitse V2-raket. Deze voorwerpen zijn wijd uit elkaar geplaatst, waardoor er veel minder voorwerpen geëxposeerd worden.


Dit verlies maakte volgens militaire historici en naoorlogse Duitse generaals het winnen van de Battle of Britain in de zomer van 1940  en de Beleg van Malta in voorjaar 1941, beide volkomen afhankelijk van de inzet van luchtstrijdkrachten, in feite onmogelijk.





Duitse soldaten herdenken op 4 mei: kan dat?


ARNHEM, 29-01-2013 - Kunnen in Nederland ook de daders uit de Tweede Wereldoorlog op 4 mei herdacht worden, tegelijk met de slachtoffers?


Dat lijkt de centrale vraag in de rechtszaak in hoger beroep van de gemeente Bronckhorst tegen Federatief Joods Nederland. Deze diende gisteren bij het gerechtshof te Arnhem.


Foto rechts: burgemeester Aalderink van Bronckhorst, tijdens de Dodenherdenking op 4 mei 2012 in Vorden. Hij mocht niet langs Duitse graven lopen. Foto uit tvopname Omroep Gelderland.

Daar behandelde het hof het hoger beroep van de gemeente Bronckhorst tegen het Federatief Joods Nederland (FJN). Beide partijen voerden dezelfde argumenten aan als in mei vorig jaar.

De rechtbank in Zutphen oordeelde op 4 mei 2012 in kort geding, maar in een zeer uitgebreid gemtoiveerd vonnis. De burgemeester van Bronckhorst kreeg het verbod om mee te doen aan een herdenking van Duitse nazi-soldaten op de begraafplaats van het dorp Vorden in zijn gemeente op 4 mei, uitgerekend de dag van de dodenherdenking.

Burgemeester Henk Aalderink klaagt in een toelichting voor Omroep Gelderland-tv  dat het allemaal over procedures en wetten gaat. Dat is opmerkelijk, omdat een groot deel van zijn dageljks werk als ambtenaar bestaat uit het opstellen van regels, het uitvoeren ervan, het hanteren van procedures of het beoordelen van het gebruik ervan.

Wellicht dat de stap van de burgemeester en het plan voor de herdenking zijn igegeven door het Nationale Comité 4 en 5 mei. Dat streeft er al jaren naar om ook de daders te herdenken. dat leidde vorig jaar tot veel ophef, omdat het comité op de dam op 4 mei een gedicht over een SS-er wilde laten voorlezen. Dat ging niet toen door.

De burgemeester van Bronckhorst wilde gisteren van het gerechtshof weten of een rechter hem kan verbieden langs Duitse graven te lopen.


Foto rechts: de begraafplaats in Vorden met de Duitse graven, 4 mei 2012. Een aantal mensen liep er demonstratief langs.


Opvallend was dat de burgemeester zich vorig jaar sterk geëmotioneerd toonde bij het verbod van de rechter vorig jaar, terwijl hij toch zelf een overheidsdienaar is en een deel van zijn taak is het toezicht houden op naleving van wetten en regels.

Burgemeester Aalderink stelde tijdens de zitting dat alleen de gemeenteraad hem mag aansturen. Dat lijkt sowieso aanvechtbaar, omdat vonnissen van rechtbanken uitwerking kunnen hebben op elke burger in Nederland, of deze nu in overheidsdienst is of niet. Alleen voor militairen bestaat een aparte rechtspraak.

Advocaat Loonstein van het FJN betreurde het gisteren dat de burgemeester zich in dit geval principieel opstelt. Hij noemde deze opstelling van de burgemeester 'bizar en treurig'.

Het principiële punt is of een Nederlandse dodenherdenking behalve de Nederlandse slachtoffers ook Duitse daders kan omvatten. De rechter heeft uitvoerig gemotiveerd waarom hij vindt dat dat juist niet kan. Hij benadrukt de uiteenlopende standpunten van de slachtoffers en daders. De slachtoffers of hun nabestaanden moeten in alle rust hun doden kunnen herdenken.


De rest van het jaar kunnen ook de andere doden herdacht worden. Dat gebeurt bijvoorbeeld rond 11 november, de nationale Duitse zg.  'Volkstrauertag'. Deze wordt ook georgansieerd op het enige Duitse militaire kerkhof in Nederland, in Ysselsteijn bij Venray, waar 32.000 soldaten uit Duitse dienst liggen, onder hen overigens ook (ex-)Nederlanders, zoals Nederlandse SS-ers.

Op 12 maart is de uitspraak.





Plaquette voor 70 jaar Trouw

AERDENHOUT, 28-01-2013 - Op 30 januari 1943 kwamen vier verzetsmensen in Aerdenhout bijeen om de illegale krant Trouw op te richten. Dat gebeurde  in het huis van juriste en journaliste prof dr Gezina van der Molen aan de Klapheklaan 14 te Aerdenhout, samen met Jan Schouten, Eb van Ruller en Sieuwert Bruins Slot.

Ter herdenking van dit feit 70 jaar geleden zal er aan het huis een gedenkplaat bevestigd worden. Deze gedenkplaat zal onthuld worden tijdens een bijeenkomst in het gemeentehuis van Bloemendaal op 30 januari 2013. Naderhand wordt de bronzen plaat aan de gevel bevestigd.

Trouw verscheen voor het eerst op 18 februari 1943, oorspronkelijk onder de naam Oranje-Bode, als illegale krant op initiatief van een groep orthodox-protestantse verzetsmensen. Enkelen van hen werkten bij de illegale krant Vrij Nederland, die al sinds 1940 verscheen.

De redactieleden verlieten VN in 1942 na een conflict tussen Bruins Slot en hoofdredacteur Henk van Randwijk over de politieke lijn. Trouw trad zo in de plaats van het gelijkgeschakelde antirevolutionaire dagblad De Standaard, waar de NSB'er Max Blokzijl ‘toezichthoudend redacteur’ was geworden.

De eerste edities va Trouw werden gedrukt bij de theologische uitgeverij Van Bottenburg aan de Prinsengracht 493 in Amsterdam, een verzetshaard. Van de verzetsmensen die het illegale Trouw maakten en verspreidden werden er 130 door de bezetter gearresteerd en gedood, onder wie een van de oprichters, de onverzettelijke Wim Speelman.


Dat was het hoogste aantal doden van de illegale pers. Tot aan de bevrijding in mei 1945 hebben de Duitsers echter de verschijning nooit kunnen verhinderen, hoewel zij dat sterk probeerden.

Het lezerspubliek van Trouw behoorde in de eerste decennia na de Tweede Wereldoorlog tot de achterban van de Gereformeerde Kerken in Nederland en de Anti-Revolutionaire Partij. De huidige krant, met een oplage van zo'n 120.000 en onderdeel van de Persgroep,  is een directe opvolger van de verzetskrant.

Het Bloemendaalse VVD-raadslid Martin van de Bunt nam het initiatief voor de plaquette. Hij zei tegen het Haarlems Dagblad:  ,,Ik las erover in een geschiedenisboek en dacht: dat kunnen we zeventig jaar na dato niet zo maar voorbij laten gaan.’’

Van de Bunt: ,,Gezina (1892-1978, foto rechts) was lesbisch en woonde vanaf 1930 samen met haar rooms-katholieke vriendin, Mies Nolte, die in de jaren vijftig de eerste vrouwelijke wethouder van Bloemendaal zou worden. Mies was ook rectrix van het Sancta Maria.’’

In het verzet gebruikte Gezina  de schuilnaam Tante Lien, waarbij ze - zich vasthoudend aan haar geloof - volgens velen onverschrokken te werk ging. Met haar vriendin Mies smokkelde ze Joodse kinderen uit de Joodse crèche aan de Amsterdamse Plantage Middenlaan. Op die wijze behoedden ze vele  kinderen voor de dood in de vernietigingskampen.

Na de oorlog kreeg ze kritiek als voorzitter van de Rijkscommissie Oorlogspleegkinderen. Gezina vond dat de Joodse kinderen in hun  christelijke pleeggezinnen  uit de oorlog moesten blijven, terwijl de Joodse commissieleden erop aandrongen dat de kinderen werden gevoegd bij hun familie als die de oorlog had overleefd. Dat leidde tot een breuk in de commissie.

De  plaquette van 2500 euro is betaald door het Abraham Kuyperfonds. De voorzitter daarvan is de emeritus hoogleraar rechtsfilosofie (VU) Arend Soeteman, die vlakbij de Klapheklaan woont. Hij benadrukt het stempel van Gezina op het ontstaan van het dagblad Trouw.


Tegen  het Haarlems Dagblad zei hij: ,Aanvankelijk had Gezina deel uitgemaakt van de redactie van het illegale Vrij Nederland, waar ze in aanvaring was gekomen met de hoofdredacteur, verzetsman Henk van Randwijk. Hun opvattingen waren niet hetzelfde, die botsten.’’ Van Randwijk was een echte socialist.

Gezina stapte op en begon Trouw. Daarom wijst de plaquette niet alleen op de oprichting van Trouw, maar ook op deze voorvechtster van vrouwenrechten.
.




Professor Wiggins, gedwongen doodgraver van Margraten, overleden

AMSTERDAM, 25-01-2013 - Toen Jefferson Wiggins 8 was, kwam de Ku Klux Klan achter zijn vader aan, een landarbeider, aan om hem te lynchen. Het gezin vluchtte. Op 9 januari 2013 stierf Jefferson Wiggins, intussen professor, in het Amerikaanse New Fairfield op 87-jarige leeftijd.


Hij was een van de dienstplichtige Amerikaanse doodgravers die maandenlang moesten spitten en met Amerikaanse lijken moesten slepen op een modderig veld in Margraten.

In november 1944 arriveerde de Amerikaanse sergeant  Jeff Wiggins in Margraten. Via Frankrijk ging hij direct naar Limburg om de vele duizenden gesneuvelde Amerikanen daar te begraven. In die jaren kwamen er op Margraten maar liefst 20.000 doden aan. Velen daarvan werden later naar de VS overgebracht om daar herbegraven te worden.

De Limburgse Mieke Kirkels zocht en vond  hem enkele jaren geleden voor een  interviewproject over het 'Ereveld'. Maar Higgins reageerde in eerste instantie woedend tegen haar - voor hem was 'de hel' van Margraten een gesloten boek, waar zijn vrouw ook nooit iets van hem over had gehoord. Mevrouw Kirkels tegen Pauline Broekema van het NOS Journaal: "Hij vond me een indringer." Maar nu treurt  Mieke Kirkels, ze raakte namelijk bevriend met het echtpaar. "Jeff heeft met zijn verhalen een extra dimensie gegeven aan Margraten."

Wiggins vluchtte voor de armoede en het racisme van Alabama waar hij geboren was en tekende in 1942 bij het leger. Negers kwamen meestal terecht in ondersteunende onderdelen, zoals de gravendienst. Margraten was gekozen als het Amerikaanse verzamelpunt voor de doden. 


Foto rechts: Mragraten nu.


Het lag ongeveer halverwege Arnhem en Bastogne, twee plaatsen waar de Amerikanen flink hadden verloren, in Bastogne zelf de meeste soldaten van hun hele campagne in West-Europa, namelijk 19.000. Wiggings was seregant  en samen met zijn mannen moest hij met de hand graven uitgraven.

"Het was ontzettend koud. Zoals dat op het Plateau van Margraten kan zijn. Die lemige bodem is dan niet om doorheen te komen. Onbegonnen werk. Terwijl er veel meer mannen gesneuveld waren dan ze hadden voorzien. Die stroom bleef maar doorgaan", vertelt mevrouw Kirkels.

Wiggins had als jong militair de leiding over de groep. "Zijn mannen gingen over hun nek van de ellende. Al die verse lijken vanuit de Ardennen. En ook uit andere plaatsen werden lichamen aangevoerd die moesten worden herbegraven," vertelt mevrouw Kirkels.

Voor de geschiedschrijving van de Amerikaanse erebegraafplaats was Wiggins van groot belang. "Door zijn bijdrage is een aspect aan de orde gekomen dat nooit was gehoord. Het verhaal van twee legers. Het zwarte en het blanke", vertelt Kirkels.

Na Wiggins terugkeeer naar Amerika kreeg hij van het leger een beurs voor een highschool. Hij zette door en na zijn studie politicologie werd hij docent aan de universiteit.


Foto rechts: een eresaluut van de Broederschap St. Sebastianus op 22 juli 19045. De klei ligt nog los.


Nadat mevrouw Kirkels hem benaderde in 2009, kwamen Wigg'ins en zijn vrouw naar Margraten - voor Wiggings een grote schok.  Maar hij bleef steun geven aan Margraten en bezocht daarna het Ereveld meerdere malen.

Mevrouw Kirkels werkt  momenteel nog aan zijn biografie. Wiggins had een kopie gekregen, maar was te zwak om het te lezen. Kort voor hij ziek werd gaf hij nog gastlessen op high schools. onder meer over Margraten en wat hij daar had gezien. De boodschap was altijd: oorlog is verschrikkelijk .




Pauline Broekema, generaal van Uhm en

ex-minister Hirsch Ballin spreken op 4 en 5 mei

https://encrypted-tbn1.gstatic.com/images?q=tbn:ANd9GcQIct8vv9XWgyyv4i4kxskKrltVoOggm_al0tsgl5MAcADNJ58faw

AMSTERDAM, 25-01-2013 - Schrijfster en journaliste Pauline Broekema en generaal b.d. Peter van Uhm spreken dit jaar tijdens de dodenherdenking op de Dam op 4 mei. Ter gelegenheid van de bevrijding geeft oud-minister Ernst Hirsch Ballin de 5 meilezing in de Domkerk te Utrecht. De Marinierskapel  van de Koninklijke Marine zal onder meer samen met het Brabant Koor optreden tijdens het 5 meiconcert op de Amstel in Amsterdam. 
 
Pauline Broekema houdt op 4 mei de voordracht in De Nieuwe Kerk in Amsterdam. Mevrouw Broekema doet onderzoek naar de Tweede Wereldoorlog en heeft een boek geschreven over het vooroorlogse Joodse leven in de Mediene oftewel provincie (‘Benjamin, een verzwegen dood’)
“Voor mij gaat het op 4 mei om de Tweede Wereldoorlog. Die oorlog heeft mijn familie die in het verzet zat gevormd en mij dus ook. Op 5 mei vier ik waar het in mijn werk als journalist over gaat: Eigenwijs kunnen zijn, voor je eigen mening kunnen uitkomen, onrecht aan de kaak kunnen stellen.”

Na de herdenking in De Nieuwe Kerk spreekt generaal b.d. Peter van Uhm bij het Nationaal Monument op de Dam. Van Uhm was als hoogste militair verantwoordelijk voor de inzet van Nederlandse militairen bij vredesoperaties over de hele wereld en verloor daarbij zijn eigen zoon.


“Ik vind het bijzonder dat ik op 4 mei op de Dam mag spreken. Vanwege mijn zoon Dennis, maar ook vanwege mijn vader die tijdens de Tweede Wereldoorlog vocht bij de slag om Nijmegen en daarbij kameraden verloor,” aldus Van Uhm. Hij benadrukt de speciale relatie tussen 4 mei en 5 mei: “Vieren is een deel van het geheel. Daaraan voorafgaand herdenken is noodzakelijk, het geeft ons tijd om na te denken.”

5 mei-lezing
“4 mei en 5 mei  hebben elk een eigen accent, maar zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden”, vindt Ernst Hirsch Ballin, die uit een Joodse familie uit Duitsland stamt. “4 mei staat voor de slachtoffers van oorlog, bezetting en vervolging, 5 mei voor de wederopbouw van de rechtsstaat. We moeten daarom ook stilstaan bij het onrecht waaruit de oorlog is voortgekomen en bij de waarde van het recht.”


Oud-minister Hirsch Ballin is nu hoogleraar Nederlands en Europees constitutioneel recht in Tilburg en hoogleraar rechten van de mens aan de Universiteit van Amsterdam. Uitgangspunt van zijn 5 mei-lezing is het jaarthema van het Nationaal Comité 4 en 5 mei: Vrijheid spreek je af. 

De viering van de bevrijding eindigt op de avond van de 5e mei afgesloten met een licht klassiek concert op de Amstel voor Carré. Dit jaar geeft  de Marinierskapel van de Koninklijke Marine onder leiding van Herman Cnossen het concert. De Marinierskapel treedt op samen met  het Brabant Koor en enkele solisten.




Defensie zet nieuwe museum in Soesterberg

in als pr-centrum


DEN HAAG, 23-01-2013 - Het nieuwe 'Nationale Militaire Museum' op de vliegbasis Soesterberg gaat vooral de krijgsmacht in heden en de toekomst promoten. De museumfunctie komt daarmee op de tweede plaats, zo blijkt uit een toelichting van Defensievoorlichter Maarten Hilbrandie voor deze site en stukken van Defensie.  


Foto rechts: een 'artist's impression' van de hal van het nieuwe museum, met prominent de V2, de eerste operationele raket ter wereld die voor het eerst vanuit Nederland werd afgevuurd. Deze is in het bezit van het Legermuseum, dat opgaat in het Nat. Milit.Museum.

Hilbrandie kan desgevraagd niet zeggen wat er met de unieke collectie WO2 van het Luchtvaartmuseum zal gebeuren, die ook in de nieuwe instelling wordt opgenomen. Op afbeeldingen die aannemer Heijmans (foto rechts) heeft laten maken, staan wel een grote hal met hangende vliegtuigen en tanks op de grond . Maar de hal doet ook sterk denken aan een vliegveldvertrekhal.

Aanstaande vrijdag steekt minister Hennis de eerste spade in de grond voor de nieuwbouw in Soesterberg. Het nieuwe gebouw zal 30.000 m2 beslaan, wat het publiek ruwweg de helft meer ruimte biedt dan in de twee musea die het gaat vervangen.


Daarnaast is er een terrein van maar liefst 45 ha beschikbaar, zodat o.m. rondrijden met zwaar materieel als tanks mogelijk zal zijn.


De totale kosten voor de bouw belopen € 160 miljoen, en dat is inclusief een vergoeding van € 70 miljoen die Defensie betaalt voor 25 jaar lang exploitatie na de bouw, ook weer door aannemer Heijmans. Dit is een nieuwe opzet om Defensie te bevrijden van taken waar de organisatie niet voor bedoeld is.

Onduidelijk is nog hoe het zit met de aankondiging uit 2006, dat de nieuwe instelling voor 40% gebruik zou maken van bestaande gebouwen. Volgens voorlichter Hilbrandie is namelijk de sloop van 7 van de 8 hangars op Soesterberg al begonnen - dan blijft niet meer dan ruim 20% over. Wel blijven een aantal andere kleinere gebouwen op Soesterberg behouden, waaronder het oudste gebouwtje van de luchtmacht in Nederland. Hilbrandie wijst erop dat nieuwbouw in die zin door Defensie als besparend wordt gezien, dat dit voorkomt dat er verbouwingen aan de twee andere musea en hun uitgebreide depots moesten plaatsvinden.

Het lijkt echter niet bijster waarschijnlijk dat die verbouwingen ooit € 90 miljoen zouden kosten voor gebouwen met resp. ongeveer 12.000 en 4.000 m2 expositie-oppervlakte, laat staan nog een € 70 miljoen over 25 jaar.


De twee hallen van het luchtvaartmuseum stammen van na de oorlog. Het legermuseum in Delft is een 16de-eeuws gebouw, dat bovendien vóór 1989 (heropening) uitvoerig verbouwd en uitgebreid werd.

Het luchtvaartmuseum  heeft aan zijn WO2-collectie een hele hal gewijd - ruwweg de 40% van het museum. Daar staan onder meer een unieke tweemotorige Fokker G1, een B-25 bommenwerper, en een replica van de verdwenen Koolhoven FK 51.


Het museum toont in de andere hal ook een Dornier 24, (foto rechts in Soesterberg - het machinegweer op de boeg van de Do 24) de driemotorige vliegboot van de Marine Luchtvaart Dienst, die naar een Nederlands ontwerp door Dornier werd gebouwd en in WO2 in Indië vlak voor en tijdens de oorlog veel goede diensten bewees. Het luchtvaartmuseum trekt jaarlijks een gestaag groeiende stroom bezoekers.

Ook het Legermuseum in Delft heeft zijn deuren moeten sluiten vanwege de komst van het nieuwe museum. Dit museum bezat een relatief wat kleinere collectie stukken uit WO2 dan het Luchtvaartmuseum. Toch bezit het o.m. een Amerikaanse Sherman tank en een opengewerkte Russische T-34 tank. Dit museum besteedde relatief minder aandacht aan WO2, wat logisch lijkt omdat de geschiedenis van de landgebonden krijgsmacht in Nederland veel langer teruggaat dan die van de luchtmacht. In totaal bezit dit museum 150.000 voorwerpen, waarvan naar schatting driekwart opgeslagen ligt.

In beide musea werd al regelmatig aandacht besteed aan de actuele activiteiten van Defensie, maar met museale of educatieve en niet met per se promotionele bedoelingen. Dat aspect zal nu echter, zo lijkt het, absolute voorrang krijgen.

In de stukken van Defensie uit 2006 waarin de beslissing tot oprichting van het nieuwe 'museum' vastligt, wordt het bedrag van € 160 miljoen al genoemd. Dat is in die zin opmerkelijk, omdat het ministerie  in de tussentijd door grote bezuinigingen is getroffen. 


Foto links: een artist's impression van de te bouwen hal in Soesterberg. Dezd krijgt een overlap zodat daaronder vliegtuigen buiten, maar toch droog staan. Foto Heijmans.


Zo werd in 2011 aangekondigd dat er bij Defensie 12.000 banen moeten verdwijnen. Niettemin bleef het budget van de nieuwe promotie-instelling gehandhaafd. Wel is er vijf jaar uitstel ontstaan in de bouw, die oorspronkelijk in 2008 zou beginnen.

Een probleem met de nieuwe instelling is, dat deze een stuk slechter te bereiken is per auto zowel als per trein dan de vorige twee musea. De nieuwe instelling ligt ongeveer 5 km van het station Den Dolder, en niet aan een snelweg.



Het Legermuseum lag op vijf minuten lopen van het station Delft. Niettemin rekent het ministerie op een bezoekersaantal op de Soester heide van 200.000 mensen, waarschijnlijk geoefende wandelaren, en dat is de optelsom van het bezoek van de twee andere musea.

De concurrent voor deze nieuwe instelling is vooral het Nationale Oorlogs- en Verzetsmuseum Overloon. Dat verkreeg in 1960 de 'nationale' status en bezit een collectie van 200 voertuigen vooral uit de Tweede Wereldoorlog, inclusief een B-25 bommenwerper, een Spitfire, een Sherman tank, een Russische T-34 tank, een Duitse Panther tank, vrachtwagens, halftracks en allerlei andere geallieerde voertuigen en wapens.

Dit museum in de gemeente Boxmeer bezit een centrale hal van 100 x 80 m plus enkele bijgebouwen. Op het bosachtige en geaccidenteerde  terrein van ongeveer 700 x 300 m zijn ruime mogelijkheden om met grote legervoertuigen te rijden, wat dan ook minstens eenmaal per jaar gebeurt. Dit museum ontvangt ongeveer 100.000 bezoekers per jaar, terwijl het vrij decentraal ligt, 40 km onder Nijmegen, niet dicht bij een station.

Overloon en twee andere musea uit Arnhem en Groesbeek willen in Nijmegen een nieuw WO2-museum oprichten, mogelijk per 2015. Voor dit plan bestaat in Nijmegen en omgeving redelijk veel draagvlak. Het toeristische bedrijfsleven, de Kamer van Koophandel, het Regionaal Bureau voor Toerisme, de gemeente Nijmegen en het bestuur de provincie Gelderland hebben zich hier al achter geschaard.  De grote geldschieter in de oorlogsbranche, het Vfonds, heeft ook al verklaard positief te staan tegenover het plan, dat ongeveer € 30 miljoen moet kosten. Maar een concurrerende instelling op 50 km afstand kan volgens kenners leiden tot overvoering van de markt, oftewel aanzienlijk minder bezoek in Nijmegen of Overloon.






Liberty Park breidt uit en verandert naam terug in Oorlogs- en Verzetsmuseum




Foto boven: Overloon in juni 1946. Waarschijnlijk een Duits 88mm kanon, achteraan een houten gebouwtje.


OVERLOON, 21-01-2013 - Het Liberty Park in Overloon, het grootste oorlogsmuseum van Nederland.  verandert zijn naam terug in zijn oorspronkelijke naam: Oorlogs- en Verzetsmuseum Overloon. Dat heeft het museum bekendgemaakt. Het museum heeft een half jaar nodig voor deze operatie. Ook start het museum een regionaal project, waarvoor een nieuw paviljoen wordt gewbouwd.

De naamsverandering hangt volgens het museum samen met het tegenvallend bezoek. Het aantal bezoekers viel in 2012 tegen. Het park ontving vorig jaar bijna 100.000 bezoekers, terwijl dat de jaren ervoor ruim 110.000 waren. De directie wijt de terugloop van 10 procent onder meer aan de warme maand augustus en de concurrentie van de Floriade inVenlo, dat

Enkele Brabantse musea zagen vorig jaar hun aantal bezoekers stijgen. Zo ging Museum De Pont in Tilburg van bijna 60.000 bezoekers in 2011 naar bijna 120.000 in 2012. Het Van Abbemuseum in Eindhoven zag ook een kleine stijging van zijn aantal bezoekers.

Hoop
De directeur van Overloon, Erik van den Dungen, houdt volgens omroep Limburg goede hoop. "We hebben vorig jaar wat tegenwind gehad, maar natuurlijk komt het allemaal goed. We zijn woensdag een nieuw project begonnen dat 'Slag om Overloon' heet. Dat is een project waarvoor wij ruim de tijd nemen. Mensen zullen het echt willen zien", aldus Van den Dungen.

Museum Overloon wil het menselijk aspect van de Slag om Overloon beter gaan verbeelden. Het museum gaat in het hart van zijn complex een nieuw onderdeel te openen: De Slag om Overloon Experience. De opening is gepland voor 26 april 2013.

Bezoekers kunnen zich in de presentatie inleven in de gevoelens van mensen uit Overloon en omgeving, die op de vlucht zijn geslagen tijdens de oorlog. Dit aspect is in de 66 jaar dat het oorlogsmuseum in Overloon is gevestigd, onderbelicht geweest, zo stelt de directeur.


Foto rechts: de hal van het zg. Marshall-museum in het oorlogsmuseum. Hier een B-25, geschilderd met de strepen van de invasie.


Het plan kost 180.000 euro, en de aanvragen voor financiële bijdragen zijn de deur uit. Commissaris van de Koningin Wim van de Donk is een van de leden van een Comité van Aanbeveling.

De gemeente Boxmeer, waar Overloon onder valt, wil ook  investeren in het project. Het idee van de parkleiding sluit aan op het voornemen van burgemeester en wethouders om het cultureel erfgoed meer uit te baten. B en W willen niet alleen de Slag om de Overloon meer aandacht geven, maar ook andere historische feiten.

Fase 1 van de vernieuwing van de  Slag bij Overloon-presentatie is van start gegaan. In deze fase wordt de fundering gelegd en een nieuw  paviljoen gebouwd. De fondsenwerving voor Fase 2 is begonnen. De laatste fase (Fase 3) moet in 2014 eindigen, wanneer het 70 jaar geleden is dat de Slag bij Overloon en de bevrijding van Venray plaatsvond. Het museum is natuurlijk al die tijd gewoon open.






Tilburg in WO2  eindelijk op Wikipedia



AMSTERDAM, 17-01 2013 - De redactie van Nieuws-wo2.tk, heeft op Wikipedia een artikel over Tilburg tijdens de Tweede Wereldoorlog geplaatst. Toevallig ontdekte hoofdredacteur Arthur Graaff dat dit artikel nog niet bestond. Dat verbaasde hem zeer, omdat over de Tilburgse geschiedenis wel veel andere zaken wel op Wikipedia vermeld worden.


Alleen bleek er tussen de Eerste Wereldoorlog en de geschiedenis van de Tilburgse parochies - die zeer uitvoerig behandeld worden - een groot gat te bestaan. De hoofdredacteur vond dat vreemd voor de 'grootste ramp in de Nederlandse geschiedenis'. Samen met de redactie van de site Nieuws-wo2.tk is dit gat nu gevuld - voorlopig dan.

De hoofdredacteur hoopt nu dat er andere Tilburgers zijn die het artikel willen verbeteren en aanvullen, en hij doet daar nadrukkelijk een oproep voor. 


Hij vindt dat de geschiedenis van Tilburg tijdens de oorlog vooral voor de jongere gebruikers van Wikipedia helder en compleet beschreven moet worden. Liefst met wat foto's, want daar beschikt de redactie van de oorlogssite niet over.

De hoofdredacteur, die zelf elke dag over de oorlog schrijft, zegt verbaasd te staan over enkele punten uit de Tilburgse geschiedenis. 


Foto rechts: de onthulling van een monument voor Coba Pulskens op 2 februari 1947 aan de Diepenstraat.


Zoals het verzet van de schoonmaakster Coba Pulskens, dat volgens hem te weinig landelijk bekendheid heeft gekregen terwijl zij toch haar leven heeft geofferd en zowel Joden als geallieerde piloten heeft helpen redden. Zij had op 18 januari 1947 de hoge Amerikaanse Medal of Freedom ontyvangen. Uit Nederland ontving zij geen enkele onderscheiding.

Ook vond Graaff de geschiedenis van de Politie Compagnie Eindhoven verbazend: de mannen die op de NSB-politieschool waren opgeleid, gingen zich steeds meer verzetten, stalen dienstwapens, verdwenen en doken onder. Uiteindelijk kreeg de hele compagnie een strafoverplaatsing naar Amsterdam en 30 leden moesten zelfs naar concentratiekampen.

Graaff pleit ervoor dat ook van verzetsvrouw Coba Pulskens een biografie wordt geplaatst op Wikipedia. Hij hoopt dat er mensen zij die zich daarvoor willen inzetten.





Spoorwegmuseum: expositie

Sporen naar het front



UTRECHT, 17-01-2013 - In het kader van 300 jaar Vrede van Utrecht organiseert Het Spoorwegmuseum in Utrecht in 2013 de tentoonstelling ‘Sporen naar het front’.

Deze tentoonstelling laat zien welke invloed de spoorwegen hadden op de manier van oorlogsvoeren en hoe treinen een rol speelden bij gewapende conflicten. De expositie omvat een groot aantal internationale bruiklenen, waaronder enkele oorlogslocomotieven, leger- en pantsertreinen. De tentoonstelling vindt plaats van 31 maart 2013 tot 1 september 2013.


Vanaf de plek waar het Spoorwegmuseum gevestigd is, het Maliebaanstation, werden circa 1200 Utrechtse Joden naar Westerbork gedeporteerd. Hier staat een plaquette die dit feit herdenkt. In een permanente opstelling geeft het museum uitleg over de deportaties per trein van Joden, Roma en Sinti in heel Europa. Deze expositie draagt als titel ‘Beladen treinen, Jodentransporten in de Tweede Wereldoorlog en wordt op 5 maart 2013 geopend.






NS 162: oorlogskind

De NS 162 is ook op de expositie te zien. Het is een echt oorlogskind: door de Amerikanen gebruikt eind 1944 en begin 1945 voor hun eigen spoorlijntje bij Nijmegen. Dit is een exemplaar uit een serie diesellocs die in 1941 voor het Britse War Department werden gebouwd door Vulcan Foundry Ltd en Andrew Barclay.


Een week na D-Day maakte de WD 70033 via Utah Beach de oversteek naar het vaste land. Het was de tweede geallieerde loc die in Frankrijk werd ingezet om de spoorlijnen te herstellen en om soldaten en goederen te transporteren.


In mei 1945 bleef de loc achter in Nijmegen. Aanvankelijk had de Westlandsche Stoomtramweg Maatschappij (WSM) interesse, maar de lage topsnelheid van 28 km/h vormde een probleem. De Nederlandsche Tramweg Maatschappij (NTM) had daar geen moeite mee en haalde de vijf in Nijmegen bivakkerende locs WD 70029, 70033, 70040, 70041 en 70045 in 1946 naar Friesland.


De NS nam in 1947 de tramlijnen en het materieel van de NTM over, inclusief de vijf ex-War Department locomotieven. Ze kregen de nummers 161-165 en werden hoofdzakelijk gebruikt op het tramnet van de voormalige NTM. Naarmate de wederopbouw vorderde groeide de behoefte aan snellere en sterkere locomotiecven. In 1956 werden de laatste locs vervangen door de nieuwe serie NS 450.


De NS 162 werd samen met de NS 165 verkocht aan de mijn Willem-Sofia. Hier bleef de loc in gebruik tot de sluiting van de mijnen in 1971. Daarna werden de locs overgenomen door aannemer Frans Vanderbossche voor het rijden van vuilnistreinen. De voormalige NS 165 werd gesloopt en met de onderdelen werd de NS 162 rijdend gehouden.


Uiteindelijk eindigde de NS 162 op een spoortje voor het terrein van de aannemer als monument. In 1996 werd de loc als laatste overlevende van de serie aangekocht door Stibans. Inmiddels wordt er hard gewerkt aan de restauratie van de loc door de Stichting 162. Met een beetje geluk is de loc over een paar jaar weer rijdend in Nederland te zien.


Grote rol
De spoorwegen vormden voor alle oorlogvoerende landen in Europa het voornaamste vervoersmiddel. Vrachtwagens werden nog minder gebruikt, en luchtvervoer was zeldzaam.


In Nederland werd de rol van de spoorwegen overduidelijk, vooral vanaf de Duitse inval in Polen op 1 september 1939. Nederland mobiliseerde de dag erna, en dat betekende dat er grote troepenverplaatsingen plaatsvonden per spoor. Al het andere railverkeer, dus ook dat van de reguliere forensen, moest daarvoor worden stilgelegd.


De spoorwegen speelden ook een grote rol bij de overval op Nederland op 10 mei 1940. De Duitsers gebruikten maar liefst 6 pantsertreinen om van noord tot zuid Nederland binnen te dringen. Dit lukte redelijk goed vanuit de Duitsers bezien.


Vooral de trein die vlak boven Venlo door kon dcringen, bracht het tot ver in Noord-Brabant, in Mill, achte de Nederlandse linies. Op de expositie is een pantsertrein te zien uit Slowakije, een bruikleen van het Museum of the Slovak National Uprising, Banska Bystrica, Slowakije.

Verder speelden de gezamenlijke Europese spoorwegen in Duitsland en bezet gebied een uiterst droeve rol bi het vervoeren van Joden naar de concentratie- en vernietigingskampen. In Vrijwel alle bezette landen hebben de nationale spoorwegen daar uitvoerig aan meegewerkt.


Hier en daar werden deze transporten gehinderd door enkele gevallen van sabotage of een enkele staking. De algemene Spoorwegstaking in Nederland, die uitbrak tegelijk met de Operatie Market garden op 17 september 1944, kwam veel te laat om voor Joden enig soelaas te bieden.


Ook de rol van de Sowjet- en Amerikaanse spoorwegen is van doorslaggevende betekenis geweest. De enorme oorlogsproductie van de VS kon uitsluitend via het enorme spoorwegnet met zijn enorme capaciteit worden vervoerd, en er wordt wel eens gezegd dat de Amerikaanse spoorwegen feitelijk de oolrog gewonnen hebben. Duidelijk is, dat zonder de Amerikaanse spoorwegen de oorlog jaren langer had geduurd en de grote industriële steun van de VS aan de Sowjet-Unie was dan vrijwel onmogelijk geweest.


Na D-Day hadden de geallieerden ook een aantal Britse diesellocomotiefjes overgebracht om de Franse, Belgische en Nederlands sporen te kunnen gebruiken. In november 1944 bouwden de Amerikaanse troepen o.m. een spoorlijntje onder Nijmegen voor het vervoer van bouwmateriaal en oorlogsmaterieel.  Enkele van die Britse diesellocjes, de vierwielige NS 162, bleef achter in Nijmegen en werd door de totaal beroofde NS ingezet.



Inhoud expositie

Om de rol van de trein bij oorlogsvoering voor de bezoekers op aansprekende wijze voor het voetlicht te brengen, worden er een aantal thema’s behandeld. Elk thema wordt met foto’s uit heden en verleden, filmpjes, voorwerpen, diorama’s en persoonlijke getuigenissen aangekleed. De thema's van de expositie zijn:


De transportpuzzel
De trein bood veel logistieke voordelen, met name als het ging om het transporteren van materieel, voedsel en paarden naar de frontlinies.

Troepenaanvoer
Niet alleen materieel, ook enorme hoeveelheden soldaten werden in treinen van en naar de frontlinies vervoerd.

Schietende treinen
Al in de Amerikaanse Burgeroorlog werden pantsertreinen en stukken spoorgeschut ingezet. In de loop van de tijd werden deze afschrikwekkende treinen steeds geavanceerder en efficiënter.

Kwetsbaar staal
Het spoor zelf speelde een strategische rol bij gewapende conflicten. Het kon snel worden aangelegd voor  een plotselinge troepenverplaatsing of juist worden gesaboteerd.

De hospitaaltrein
De hospitaaltreinen zorgden ervoor dat gewonden zo snel mogelijk van het front konden worden weggevoerd en dus geen belemmerende factor meer bij de gevechten vormden.

Oorlogslocomotieven
Niet alleen pantsertreinen en spoorweggeschut werden speciaal voor de oorlogsindustrie ontwikkeld, ook zeer veel locomotieven werden speciaal voor oorlogsvoering gebouwd.

Het thuisfront
Wat waren de consequenties van oorlogsvoering voor de ‘thuisblijvers’?






Opnieuw boete voor bisschop die Holocaust ontkent

REGENSBURG, 17-01-2013 - De rechtbank in de Beierse stad Regensburg in Duitsland heeft gisteren de Britse bisschop Richard Williamson opnieuw veroordeeld wegens Holocaustontkenning. Nu kreeg hij een boete van 1800 euro. De openbare aanklager had een boete geëist van 6500 euro, of 100 dagen hechtenis.

De conservatieve bisschop gaf 4 jaar geleden in Duitsland een interview aan de Zweedse tv. Hij zei toen onder meer dat er tijdens de oorlog geen 6 miljoen Joden zijn omgekomen, maar hooguit 300.000. Ook stelde hij dat er in de concentratiekampen geen gaskamers waren. Het ontkennen van de Holocaust is in Duitsland echter strafbaar.

In oktober vorig jaar werd Williamson ook al veroordeeld in Duitsland. Door een vormfout moest het proces nu over. In de eerste versie was niet duidelijk genoeg osmchreven waar het feit zich exact had afgespeeld, namelijk in een huis van de Piusbroederschap nabij Regensburg.

Williamson was daar overigens niet bij. Zijn advocaten accepteren de nieuwe veroordeling niet en ze benadrukken dat het ontkennen van de Holocaust in Groot-Brittannië en Zweden niet strafbaar is. Het interview was niet bedoeld voor uitzending in Duitsland. De advocaten overwegen nu een gang naar het Duitse hooggerechtshof in Karlsruhe of naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg.

Willliamson was lid van de uiterst conservatieve katholieke priesterbroederschap Pius X. Toen de Brit in oktober werd veroordeeld, werd hij door die organisatie geschorst.

In 1998 werd Williamson door paus Johannes Paulus uit de Rooms-Katholieke Kerk gezet, maar paus Benedictus hief de excommunicatie op. Op de dag dat hij dat deed, gaf Williamson het omstreden interview in Duitsland.



NIOD: nieuwe activiteiten 2013


AMSTERDAM, 17-01-2013 - Het NIOD meldt diverse nieuwe activiteiten. Het instituut organiseert een holocaust-bijscholingsdag voor leraren op zaterdag 19 januari 2013. Onderzoeker prof Peter Romijn (foto rechts) doceert een half jaar in New York. Verder is het arcief van de Joodsche Raad gedigitaliseerd, zo meldt het NIOD.

Het NIOD coördineert de landelijke activiteiten rond Holocaust Memorial Day. Het instituut is al enige jaren actief in het geven van bijscholing van docenten en opleiders op het gebied van de Holocaust en andere genociden.


Elk jaar rond Holocaust Memorial Day organiseert het NIOD een bijzondere bijscholingsdag voor docenten in het voortgezet onderwijs in het pand van het NIOD aan de Herengracht in Amsterdam. Deze bijscholing richt zich speciaal op Holocaust Memorial Day en de praktijk van (her)denken op scholen en in de klas.

In Nederland vindt Holocaust Memorial Day (HMD) ieder jaar plaats op de laatste zondag in januari; de Holocaustherdenking wordt gehouden bij het Spiegelmonument ‘Nooit meer Auschwitz’ van Jan Wolkers in het Wertheimpark in Amsterdam.

Holocaust Memorial Day Nederland wil met deze activiteiten de kennis over genociden nu en in het verleden onder jongeren verspreiden en het debat over de gevolgen van rassenhaat, discriminatie en antisemitisme stimuleren.

Peter Romijn
Peter Romijn, directeur Onderzoek van het NIOD, bezet in de eerste helft van 2013 als Visiting Professor de Queen Wilhelmina Chair in Dutch Studies aan de Columbia University in New York. Dit is een wisselleerstoel die mede wordt gefinancierd door de Nederlandse Taalunie.

Peter Romijn zal in dit semester voor studenten een werkcollege geven over de Tweede Wereldoorlog en zijn nasleep aan de hand van het voorbeeld van Nederland, onder de titel ‘The Long War of the 1940s’. Daarnaast zal hij presentaties voor de collega’s aan Columbia University en publieke lezingen geven en nieuw werk schrijven.

Voor de duur van zijn afwezigheid vervangt Dr. Ismee Tames Peter Romijn als directeur Onderzoek.

Archief van de Joodsche Raad
Het archief van de Joodsche Raad van Amsterdam (toegang 182) is gedigitaliseerd en online beschikbaar gesteld via onze website.

De Joodsche Raad werd opgericht in februari 1941 als een Judenrat, bestaande uit prominente leden van de Nederlandse joodse gemeenschap, die zelf de uitvoering van de Duitse anti-joodse maatregelen zou reguleren. Het archief van de Joodsche Raad is een van de meest geraadpleegde collecties van het NIOD en tegelijkertijd zeer kwetsbaar. Digitalisering zal bijdragen aan het bewaren van een van onze topcollecties en is daarmee een belangrijke stap in het behoud van het erfgoed van de Tweede Wereldoorlog.

Voor de online presentatie is een nieuwe viewer in gebruik genomen waardoor de documenten elk afzonderlijk bestudeerd kunnen worden. Hierdoor kan de onderzoeker voortaan gemakkelijker digitaal door de documenten bladeren. In de loop van 2013 zal het NIOD alle gedigitaliseerde archieven via deze viewer aanbieden.






 

 

                                                     

 

I  N  D  E  X

Scroll naar beneden om de artikelen te lezen



18-09-2013
Griekse oppositie eist € 40 miljard terug van Duitsland

17-09-2013
Oosterbeek en omgeving verwachten 100 veteranen

15-09-2013
Veghel volgend jaar centrum van 70ste viering Market Garden

10-09-2013

Spaans wetsvoorstel: Vaste plek voor holocaust in Spaanse onderwijs

Legermuseum verhuist laatste objecten

02-09-2013
Proces tegen Bruins start rustig

Kwart miljoen subsidie voor WOII-resten Nijmegen


30-08-2013

Grootste demonstratieveld nazi's wordt gesaneerd

27-08-2013
Nat. Geographic: Hitler gebruikte meer verdovende middelen dan bekend

Volgend jaar boek over onbekende Vughtse heldin


26-08-2013
WO2-voertuigen komen naar Twenthe voor Rolling Steel 2013

Docgroep ’40-’45 houdt jubileumexpositie in vestingmuseum Naarden

Eerste officiële expositie over Auschwitz in China- met Anne Frank


24-08-2013
Speelfilm over grote Warschause opstand gebruikt oude bewerkte beelden

Gastcurator Ad van Liempt zoekt nog 5 voorwerpen  voor expo 'WO2 in 100 voorwerpen'

16-08-2013
Herdenking Dodenspoorlijnen Birma & Indonesië op 17 augustus in Arnhem

19-07-2013

Britse Hogerhuis akkoord met gratie voor homosexuele codekraker Turing

Vrijwel alle slapende Joodse WO2-rekeningen bij Zwitserse banken nu uitbetaald

17-07-2013

Meer dan 10.000 Hongaren geëvacueerd wegens opruiming WO2-bom

NIOD maakt archief Vriendenkring Neuengamme toegankelijk

15-07-2013

Museum in Groningen verwerft originele Mercedes cabrio van Grüne Polizei

12-07-2013
Koreaanse rechters erkennen eindelijk recht op achterstallig loon voor dwangarbeiders in Japan

08-07-2013
Europees verzet tegen nazi's was veel uitgebreider dan gedacht


SS-er Bruins in september voor Duitse rechter

Nieuw Duits monument voor slachtoffers nazi-'euthanasie'

05-07-2013
Plasterk verhoogt subsidie van stichting Oorlogsgraven toch

27-06-2013

Nijmeegs Vrijheidsmuseum WO2 mikt op 2015

26-06-2013

Buren tolereerden NSB-ers wel, echtgenotes minder

25-06-2013
Ook Duitse justitie start onderzoek naar Karkoc

22-06-2013
Santa Fe-event in Overloon dit weekend

18-06-2013
Drie Marokkaanse veteranen geridderd met Légion d'Honneur

17-06-2013
Hitler trekt ruim 5 maal zoveel
mensen als verwacht

16-06-2013
Oekraïense nazi-bevelhebber door
journalisten van AP opgespoord in US

14-06-2013
Agenten speurden maanden naar dagboekdelen van Rosenberg

12-06-2013
Job Cohen bij 22ste herdenking onbekende kamp Schoorl

11-06-2013

Eva Brauns laatste woorden ontdekt

10-06-2013
Dagboekdelen van Hitlers vertrouweling Rosenberg opgedoken


4-06-2013
Voorbereiding 70ste herdenking
"Market Garden" gestart

Laatste WO2-veteraan in US Senaat overleden

31-05-2013
Oorlog komt er in Overloon en Rijksmuseum volgens museumtest bekaaid van af

29-05-2013
Ook  Gelderland positief over nieuw
WO2-museum Nijmegen

Moslimleiders bezoeken eerste maal  Dachau en Auschwitz

24-05-2013
Inlichtingendienst: Britten betaalde Spanje $ 10m om neutraal te blijven

23-05-2013
Weekend oorlogsboek 25 en 26 mei bij Airborne Museum Oosterbeek

8-05-2013
NIOD vraagt publiek om steun voor behoud zelfstandigheid

7-05-2013
Hitler gebruikte cocaïne op doktersrecept

Duitse en Israëlische vertegenwoordigers bij Russische herdenking Leusden

Ex-bewaker Auschwitz in arrest voor medeplichtigheid aan moord


3-05-2013
E-book over verzetslieden gratis

20-03-2013
Europese WO2-stichting start in Den Haag onder bescherming van voorzitter EU-parlement

03-03-2013
Boek Scherven behandelt fout na de oorlog

27-02-2013
Marinus van der Lubbe en 80 jaar Rijksdagbrand:

Eerste buitenlandse slachtoffer
van nazi's

Nucleair afval uit WO2 lekt in VS

26-02-2013
Twee Nederlanders ontdekken POW-kampen in Z-Korea

25-02-2013
Beatrix en Poetin moeten Russisch EreveldLeusden bezoeken

23-02-2013
Nijmegen herdenkt doden bombardement 1944

19-02-2013
OPINIE
Vorden negeert belang van verdwenen nabestaanden van Joodse slachtoffers

'Actievere rol voor gemeente bij Oorlogsmuseum in Overloon'

Burgemeester Vorden mag op Dodenherdenking langs Duitse graven lopen

18-02-2013
Oorlogsheld ridder MWO Giovanni Hakkenberg  (89) overleden

15-02-2013
'Ich bin doch auch ein Hitlerjude!" -
Grappen uit nazi-Duitsland: navrant

14-02-2013
Beilen: toch Stolpersteine, andere 4-mei-tekst

12-02-2013
Nieuw boek positief over Pius XII

06-02-2013
NIOD onderzoekt rol van Nederlandse Rode Kruis tijdens oorlog

05-02-2013
WO2-museum Nijmegen:
subsidie onzeker, bouw niet in 2014

Nijmegen presenteert plan voor nog een oorlogsmuseum

04-02-2013
Kerken wensen zuivere dodenherdenking

02-02-2013
Duitsers herdenken Hitlers aantreden waardig

30-01-2013
Soest vreest  arena met tankshows bij militair museum

29-01-2013
Kamerlid CU verbaasd over hoge kosten nieuw museum

28-01-2013
Duitse soldaten herdenken op 4 mei: kan dat?

Plaquette voor 70 jaar Trouw

25-01-2013
Professor Wiggins, gedwongen doodgraver van Margraten, overleden

Pauline Broekema, generaal van Uhm en
ex-minister Hirsch Ballin spreken op 4 en 5 mei

23-01-2013
Defensie zet nieuwe museum in Soesterberg
in als promo-centrum

21-01-2013
Liberty Park breidt uit en verandert naam terug in Oorlogs- en Verzetsmuseum

17-01-2013
Tilburg in WO2  eindelijk op Wikipedia

Spoorwegmuseum: expositie
Sporen naar het front

Opnieuw boete voor bisschop die Holocaust ontkent

NIOD: nieuwe activiteiten 2013